Over gezinnen, schooldagen en werkweken

Over gezinnen, schooldagen en werkweken

donderdag 25 juni 2015 01:36

’s Morgens vroeg heb ik meestal een half uurtje de tijd om
naar de radio te luisteren. In die periode tussen het ontwaken van mezelf en
het moment dat mijn kinderen hun ogen openen en stembandjes opwarmen, heb ik
even de tijd om weer even mee te zijn met de actualiteit.

Meestal kan ik alles wel plaatsen, maar deze week hoorde ik
een paar dingen die me verontrustten. Nee, niet verontrustten. Schokten. Ja,
dat is het juiste woord. Ze schokten me omdat ik me niet kon voorstellen dat er
zulke ideeën opkomen in mensen, laat staan dat ze uitgesproken worden.

Het eerste wat ik hoorde was Caroline Gennez die pleitte
voor een schooldag van 10 uur. Want dan is er geen huiswerk thuis en dan blijft
school en thuis netjes gescheiden.

Het tweede waar ik mijn wenkbrauwen bij optrok was socioloog
Ignace Glorieux die stelde dat we meer vrije tijd hebben dan vroeger en toch
luider zeuren. De oorzaken daarvan liggen – volgens hem – onder andere bij het
feit dat we het te druk hebben in onze vrije tijd. Zijn pasklare oplossing is
dan ook: gewoon fulltime blijven werken en je weekend minder vol plannen.

Verdrinken

Toegegeven, het is heel fijn dat er nagedacht wordt over
oplossingen voor een generatie die al jaren aangeeft dat we onze grenzen
bereikt hebben. Maar wat me zorgen baart is het volgende.

In mijn praktijk als draagconsulente, en als eindredactrice
van Houvast Magazine, kom ik dagelijks in contact met jonge gezinnen. Gezinnen
van alle soorten en maten. Tweeverdieners, thuisblijfmoeders, gezinnen die
moeten krabben om rond te komen, gezinnen die er warmpjes in zitten, gezinnen
van verschillende afkomst. Ieder met zijn eigen verhaal. En toch is er één rode
draad die door al deze verhalen loopt: àl deze jonge mensen hebben het gevoel
dat ze verdrinken.

Ze voelen aan dat ze er moeten zijn voor hun kinderen en dat
lukt niet. Die reden ligt niet bij hen, maar wel bij de maatschappij die steeds
meer pleit voor nog meer afstand tussen ouders en hun kinderen. Steeds meer
maatregelen worden genomen die er voor zorgen dat kinderen niet de warme,
hechte band krijgen met hun ouders die ze nodig hebben om op te groeien tot
stabiele volwassenen. En die evolutie baart me ernstig zorgen.

Ontspannen

Sta me toe even terug te gaan naar de basis: hechting met de
ouders. Waarom kom ik daar nu mee aandraven? Simpelweg: omdat hechting met de
ouders in het leven van een kind zo ongelofelijk belangrijk is. Dat zeg ik niet
zomaar, maar steeds meer onderzoek wijst dit uit.

Een veilige hechting zorgt er
niet alleen voor dat een kind opgroeit tot een stabiele volwassene, het zorgt
ook voor de hersenontwikkeling van een kind (uit onderzoek is gebleken dat
kinderen die veilig gehecht zijn veel hogere IQ-scores halen dan kinderen die
onveilig gehecht zijn), het zorgt ervoor dat een kind kan ontspannen na een
stressmoment, het zorgt ervoor dat een kind leert om andere mensen te
vertrouwen, kortom: het zorgt ervoor dat kinderen uitgroeien tot volwassenen
die psychologisch, lichamelijk en intellectueel een flinke voorsprong hebben
meegekregen.

Dat heeft iedereen toch voor ogen voor zijn nageslacht?

Economisch model

Wat heeft Caroline Gennez nu te maken met de hechting
van een kind? Wel, een kind moet bij zijn ouders zijn om zich veilig te kunnen
hechten. Kind en Gezin (en de politiek) wil stimuleren dat kinderen naar de
opvang gaan in plaats van thuis te blijven bij hun ouders (of om hun website
te citeren: “Kinderopvang is goed.”). In ons economisch model wordt verwacht
dat kinderen rond de leeftijd van 12 weken naar de opvang gaan in plaats van
bij hun ouders te blijven.

12 weken. Moeilijk moment. Laat dat nu net het moment zijn
waarop een mensenbaby heeft kunnen wennen aan het leven buiten de baarmoeder.
Dat is net het moment waarop een baby zich gewaar wordt van de omgeving en zich
volop stort in het hechtingsproces met zijn moeder. Net op dàt moment wordt
verwacht dat de zorg voor het kind uit handen gegeven wordt aan een vreemde.
Bij veel gezinnen moeten vader en moeder fulltime aan het werk om de rekeningen
te kunnen betalen en niet onder de armoedegrens te belanden. Dat wil zeggen dat
hun kinderen dus meer tijd doorbrengen in de opvang dan bij hun ouders. Geen
wonder dat een kind zich moeilijk kan hechten op deze manier.

Dan spoelen we een paar jaar door in het leven van het kind.
Stel dat Caroline Gennez haar plan er door krijgt. Dat wil dan zeggen dat
kinderen tijdens hun schoolloopbaan 10 uur per dag niet bij hun ouders zijn.
Dat ze 10 uur per dag onder druk staan. Dat ze 10 uur per dag in het lawaai
zitten van andere kinderen, zonder enig moment voor zichzelf (tenzij op de wc.
En dan nog). Waar in die 50 uur per week is er ruimte om bij de ouders te
zijn? Waar in die 50uren-werkweek heeft hij plaats om te praten met zijn
ouders, te leren van hun leven en hun werken, te leren van het leven an sich?
Waar in die 50uren per week dat een kind op school doorbrengt, leert het kind
dat als hij een probleem heeft, dat zijn ouders er dan voor hem zijn? Dat hij
hen om hulp kan vragen, dat hij een vangnet heeft? Juist.

Bolwerken

En dan is daar meneer Glorieux. Of moet ik doctor zeggen? Ik
heb duidelijk mijn research naar hem niet goed gedaan, maar dat is ook niet
belangrijk in mijn betoog. Wat hij stelt, is dat we gewoon minder moeten
plannen in ons weekend zodat we tijdens de week 38uren of meer volledig onze
energie kunnen richten op onze werkgever. Beste meneer Glorieux, dat vind ik nu
eens een rotslecht idee.

Want daar zijn we weer bij de vaststelling dat de jonge
gezinnen aan het verdrinken zijn. Ze hebben geen tijd voor elkaar, geen tijd
voor hun kinderen, geen tijd voor ontspanning. Ze proberen een balans te vinden
tussen gezin en werk. Een balans tussen gezin, werk en een sociaal leven. Een
balans tussen gezin, werk, een sociaal leven en gewoon gillend gek worden.

Dat mijn generatie klaagt dat het niet meer te bolwerken is,
dat is niet iets om naast je neer te leggen. Wij zijn niet lui. Wij willen niet
minder werken om op ons achterwerk te zitten. Wij willen minder werken om er te
zijn voor onze kinderen. We willen meer vrije tijd om te kunnen ontspannen en
om onze verantwoordelijkheid op te nemen die onze eerste prioriteit is: onze
nakomelingen veilig grootbrengen. Dat gebeurt niet in de opvang. Dat gebeurt
thuis, terwijl ouder en kind knuffelen, spelen, met elkaar bezig zijn.

Hoeksteen

Wat beide ideeën gemeen hebben, is dat ze beide aangeven dat
er wat moet veranderen. Dat is zo. We zitten al zo lang in een crisis en iedere
keer zeggen we tegen onszelf “vanaf nu kan het alleen maar beter gaan.” Maar
dat doet het niet. Dat zal het niet doen tot er echt iets fundamenteels
verandert. Iets fundamenteels veranderen doe je niet met terugkeren naar oude
systemen of uithollen van bestaande systemen. Verandering doe je door
zelfreflectie, goed informatie en vernieuwende ideeën.

Daarom pleit ik net voor
het omgekeerde dan wat mevrouw Gennez en meneer Glorieux vertellen: laat ons
minder werken, parttime-arbeid toegankelijk maken (ook voor mensen met een
hoger diploma), langer thuisblijven rond de geboorte van een kind, minder lange
schooldagen. Laten we genieten van het leven, van onze kinderen, van ons gezin.
Laten we door te genieten van elkaar en het gezin weer te installeren als
hoeksteen van de maatschappij, investeren in de toekomst en écht iets wezenlijks
veranderen.

Om u ook wat hoop te geven: uit onderzoek is gebleken dat er één generatie nodig is om van ratten die geen interesse hebben in babyratten
volledig “zorgende” ratten te maken. Laten we die kans aangrijpen en van onze
maatschappij een zorgende maatschappij maken. Want we hebben het nodig.
Allemaal. Jong en oud. Onze grens is bereikt maar we hebben de oplossing in
handen. Doe er wat mee.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!