Kostprijs Wereldkampioenschap Qatar: 4.000 doden

Met twaalf op een kleine kamer, werken op bouwwerven bij 40°C en na een lange werkdag bedelen om voedsel. Het zijn de condities waar de arbeiders in leven die meebouwen aan het wereldkampioenschap voetbal in Qatar 2022.

woensdag 3 juni 2015 12:17

De gemoederen bij de FIFA raakten afgelopen
dagen oververhit. Terwijl er in Zürich een dans rond de voorzittersstoel
plaatsvond met een verrassend
open einde
, stomen duizenden arbeiders onder een broeiende zon Qatar klaar
voor het wereldkampioenschap. Journalisten en mensenrechtenorganisaties noemen
de werkomstandigheden in Qatar “moderne slavernij”. Als onze Rode Duivels kwalificatie afdwingen en in
2022 naar Qatar afreizen, spelen ze op een massagraf van naar schatting 4.000
mensen. Kan de toekomstige FIFA-voorzitter een halt toeroepen aan de
wantoestanden in het emiraat?

Alexander Koch, plaatsvervangend directeur
communicatie van de FIFA, beloofde afgelopen zondag in een Duitse
talkshow
 om vanaf het
wereldkampioenschap in 2026 meer aandacht te schenken aan mensenrechten,
ecologie en corruptiebestrijding. Maar voor de arbeiders in Qatar verandert er dus niets.
“Sinds ons laatste bezoek is er weinig vooruitgang geboekt”, probeerde
ARD-journalist Florian Bauer tevergeefs.

“Je kan toch niet verwachten dat het
hele systeem op één dag aangepast wordt”, reageerde de FIFA-directeur
communicatie.

Persvrijheid onder druk

Bauer zelf werd vorige maand gearresteerd door
de Qatarese politie. Samen met zijn cameraploeg werd hij opgepakt en vijf dagen
vastgehouden. De Qatarese instanties wisten hun opnames en vernietigden hun
apparatuur.

Een BBC-ploeg onderging
enkele dagen later hetzelfde lot. Het Qatarese ministerie van
Overheidscommunicatie had hen uitgenodigd voor een geleid bezoek door de
vernieuwde ‘werksteden’. Daarmee wilde Qatar de internationale pers ervan
overtuigen dat de regering al heel wat inspanningen geleverd had. Toen de
BBC-journalisten ook buiten de werksteden poolshoogte wilden nemen, werden ze
aangehouden.

Amnesty International maakt zich zorgen over
de persvrijheid in Qatar. “Door de journalisten het zwijgen op te leggen, geeft
de regering de indruk meer bekommerd te zijn om haar eigen reputatie dan om de
vreselijke omstandigheden waarin tienduizenden arbeiders in Qatar moeten
werken”, klinkt het in hun persbericht. Naar schatting zijn er 1,4 miljoen
buitenlandse arbeiders in het emiraat. De meesten komen uit India, Pakistan en
Nepal.

Bedelen om voedsel

The Guardian publiceerde in 2013 en 2014 schokkende
cijfers en getuigenissen. De journalisten spraken van “moderne
slavernij”. Arbeiders werden bijvoorbeeld maandenlang niet uitbetaald,
om te vermijden dat ze elders zouden gaan werken of terugkeren naar hun
thuisland. Sommige werkgevers namen zelfs paspoorten in beslag.

Bovendien waren arbeiders door het kafalasysteem voor onbepaalde tijd gebonden aan hun
werkgever. Ze konden niet van job veranderen en mochten het land niet uit
zonder toestemming van hun werkgever.

The Guardian ging langs op de verblijfplaatsen van de migranten.
Soms sliepen twaalf mannen in één kamer. Ze werden dikwijls ziek door een
gebrek aan hygiëne. Sommige arbeiders kregen geen toegang tot gratis drinkwater
en konden geen voedsel kopen, omdat ze niet uitbetaald werden. “We werkten op
een lege maag: twaalf uur lang werken en ’s avonds geen eten”, vertelde Ram
Kumar Mahara aan The Guardian.
“Toen ik daarover klaagde, gooide mijn baas me uit het werkkamp waar ik woonde.
Hij weigerde om me uit te betalen en ik moest om voedsel bedelen bij andere
arbeiders.”

Complete nonsens?

Tussen december 2010, toen het WK aan Qatar
toegekend werd, en februari 2014 vielen er volgens de Indische autoriteiten 717
Indische doden. Over de doodsoorzaak was het rapport onduidelijk. Daarnaast
waren er honderden Nepalese slachtoffers. Twee derde van de Nepalezen stierf
aan een hartaanval of tijdens een werkongeval. “Mensen die lang werken bij hoge
temperaturen zijn extra gevoelig voor een fatale zonneslag”, verklaarde
Nicholas McGeehan, onderzoeker bij Human Rights Watch.



Een vrouw rouwt om een familielid dat stierf door een arbeidsongeval in Qatar (still uit een reportage van The Guardian)

Het Internationaal Vakverbond (ITUC) waarschuwt dat de dodentol nog voor de aftrap in
2022 op 4.000 zal staan. Volgens schattingen van ITUC zijn er op vier jaar tijd
1.200 gastarbeiders omgekomen. Vorige week publiceerde The Washington Post de cijfers opnieuw met een
veelzeggende grafiek. “Complete nonsens”, klonk het meteen daarna vanuit Qatar.
“Na meer dan vijf miljoen werkuren op de WK-bouwwerven is er is nog geen enkel
mensenleven verloren gegaan. Niet één.”

Nochtans reageerde het
Qatarese ministerie van Arbeid bij de eerste publicatie van de cijfers
gematigder: “Een dode in Qatar is een dode te veel.” Het ministerie wilde
echter de aantallen nader onderzoeken.

Volgens Qatar zouden er in de statistieken van
ITUC, The Guardian en de Indische overheid ook
natuurlijke overlijdens en verkeersslachtoffers opgenomen zijn. “Het aandeel
overlijdens door arbeidsongevallen is veel kleiner dan de statistieken
suggereren”, klonk het in hun verklaring begin vorig jaar. Dat argument wordt
telkens opnieuw opgevist, maar het emiraat heeft tot nu toe nog geen nieuw
verklarend rapport voorgelegd.

Beloftes Qatar

Toch bleek uit de verklaring van begin vorig
jaar dat Qatar inspanningen wilde leveren om de arbeidsomstandigheden te
optimaliseren. Zo beloofde Qatar om het kafalasysteem op termijn af te
schaffen.

Verder legde de Qatarese overheid de nadruk op
hun realisaties van de afgelopen maanden. “We hebben het aantal
arbeidsinspecteurs met 25% uitgebreid. Zij voerden de afgelopen drie maanden al
11.500 onverwachte controles uit.” De overheid voerde daarnaast een striktere
regelgeving in rond de veiligheid van arbeiders en het uitbetalen van loon.
Verder werd Qatar lid van de Internationale Arbeidsorganisatie.

Bovendien werd beloofd om extra verblijfsplaatsen
voor migrantenarbeiders voorzien. De oude verblijfsplaatsen zouden op hun beurt
meer gecontroleerd worden, opdat ze aan de standaarden zouden voldoen. Tot slot wilde de
overheid alle inwoners van Qatar toegang verlenen tot een kwalitatieve
gezondheidszorg.

Weinig veranderd

Volgens Amnesty International is er, ondanks
de beloftes van de overheid, bitter weinig veranderd aan de arbeidsrechten van
migranten in Qatar. “We twijfelen sterk aan de wil van Qatar om uitbuiting van
arbeidsmigranten aan effectief aan te pakken”, zegt Mustafi Qadri, die voor
Amnesty onderzoek doet rond arbeidsrechten in de Golfstaten. “De beloftes die
Qatar vorig jaar deed, lijken meer een pr-stunt om te garanderen dat ze de
Wereldbeker 2022 in handen kunnen houden.”



Een gastarbeider in Qatar (still uit de reportage van The Guardian)

Ondanks de belofte van Qatar is het kafalasysteem nog steeds niet afgeschaft. De
overheid heeft alleen een wetsvoorstel gedaan om de contracten te beperken in
de tijd. Als die wet doorgevoerd wordt, zou een arbeider maximum vijf jaar aan
dezelfde werkgever gebonden zijn. Mensenrechtenorganisaties zijn niet te spreken
over dat voorstel en pleiten voor een volledige afschaffing van het kafalasysteem.

Verder staat de invoering van een minimumloon
niet op de agenda van de regering en de lonen van de arbeiders op de WK-sites
worden nog steeds niet of laattijdig uitbetaald. Bovendien mogen gastarbeiders
in Qatar geen vakbonden oprichten. De mensenrechtenorganisaties zijn wel
voorzichtig optimistisch over de wet die werkgevers verbiedt om de paspoorten
van hun arbeiders in beslag te nemen.

Kleine verbeteringen?

Zonder toestemming van de werkgever mogen
arbeidsmigranten echter het land niet uit. Zelfs na de aardbeving in Nepal
mochten werkkrachten niet naar hun familie terugkeren. Tek Bahadur Gurung, de
Nepalese minister van Arbeid, zei: “Na de aardbeving op 25 april hebben we aan
alle Qatarese bedrijven gevraagd om Nepalese arbeiders op uitzonderlijk verlof
te sturen en hun vliegtuigticket naar huis te betalen. Sommige Qatarese
bedrijven gaven daarvoor hun toestemming, maar Nepalese arbeiders die op
bouwsites van het Wereldkampioenschap werken, mochten niet naar huis.”

Voor het eerste bekritiseerde de Nepalese
overheid de FIFA. Ze dringen aan om meer druk uit te oefenen op Qatar: “Er zal
niets veranderen voor de migranten tenzij de FIFA en zijn sponsors Qatar onder
druk zetten. Wij zijn slechts een klein, arm land. Die grote, machtige
bouwfirma’s luisteren zelfs niet naar ons.”

Volgens Amnesty International en The Guardian zijn
er slechts kleine verbeteringen rond de rechten voor gastarbeiders te
bespeuren. Zo is de regelgeving voor rekruteringskantoren strenger geworden.
Hoewel de kantoren wettelijk geen honoraria meer mogen aanrekenen, gebeurt het
in de praktijk nog dikwijls.

Wat betreft gezondheid en veiligheid is er ook
een stap in de goede richting gezet. Zo moet elke verblijfsaccommodatie
wettelijk één verpleegster per honderd werkkrachten voorzien. Bovendien heeft
Qatar inderdaad nieuwe verblijfplaatsen gebouwd.

Werksteden

Op uitnodiging van Qatar mocht de
internationale pers de nieuwe werksteden bezoeken. “De nieuwe woonwijken zien
er indrukwekkend uit”, schrijft een journalist van The Guardian. “De arbeiders slapen in ruime kamers
voor vier personen die van airconditioning voorzien zijn. In de kantine worden
Arabische, Aziatische en Filippijnse gerechten aangeboden.” Arbeiders kunnen
zich ontspannen in speciaal voorziene televisieruimtes. Of in het gloednieuwe
cricketstadion van Doha. “We hopen dat de benaming ‘werkkampen’ verdwijnt en er
in de toekomst over ‘werksteden’ gepraat wordt”, aldus Abdulla al-Khulaifi, de
Qatarese minister van Arbeid.



Eén van de grote bouwwerven in Qatar (still uit de reportage van The Guardian)

Ngo’s zijn voorzichtig optimistisch over de
stappen die Qatar gezet heeft, maar ze zijn teleurgesteld over het trage tempo.
Bovendien zijn er op wetgevend niveau op een jaar tijd nauwelijks maatregelen
getroffen. Buiten de werksteden verandert er bijvoorbeeld weinig. “Acht mannen
zitten op elkaar gepropt in een kleine kamer. De airconditioning is al dagen
stuk. Over de hele keuken hangt een dikke korst vuil en ook de toiletten zijn
smerig”, beschrijft een journalist van The Guardian.

“Ik betwijfel of er ook maar een land ter
wereld is dat een wet op twee à drie maanden kan doorvoeren”, reageerde
Khulaifi in een interview met The Guardian. “We voeren de aanpassing zo
snel mogelijk door. Arbeidsvoorwaarden zijn een prioriteit voor onze regering.”

Sponsors

Intussen worden de grote sponsors van de
Wereldbeker onder druk gezet. Internetactivisten hebben de logo’s van onder
andere McDonald’s en Sony bewerkt tot anti-logo’s.

Daarnaast nam het Business & Human Rights Resource Centre, een organisatie die zich wereldwijd
inzet voor mensenrechten in bedrijven, vorige maand contact op met de
hoofdsponsors – waaronder Hyundai Kia Motor, Gazprom, McDonald’s en Budweiser
– van het Wereldkampioenschap. Alleen Adidas, Coca-Cola en Visa reageerden
intussen op hun vragen. De drie multinationals vragen de FIFA om de nodige
acties te ondernemen en samen te werken met de Qatarese autoriteiten.

Verklaringen voorzitterskandidaten

De grote afwezige in heel het verhaal is de
Wereldvoetbalbond zelf. In 2010 besliste de FIFA om de wereldkampioenschappen
in 2018 en 2022 door Rusland en Qatar te laten organiseren. Met mensenrechten
werd daarbij geen rekening gehouden. Sepp Blatter gaf eerder dit jaar toe dat
Qatar een verkeerde beslissing was. Desondanks zei de – gisteren afgetreden –
FIFA-voorzitter dat hij zich niet verantwoordelijk voelt voor de situatie in Qatar.

De vraag is of de toekomstige voorzitter meer
berouw zal tonen. De Jordaanse Prins Ali bin Al Hussein, UEFA-voorzitter Michel
Platini, ex-international Luis Figo en de Nederlandse bondsvoorzitter Michael van Praag worden als grootste kanshebbers getipt.

Bij de vorige voorzittersverkiezingen vroeg de Sport
and Rights Alliance 
(SRA) – een coalitie van
ngo’s waaronder Human Rights Watch, Amnesty International en het Internationale
Vakverbond – de kandidaat-voorzitters naar hun ideeën rond mensenrechten.

Alleen Van Praag legde een gedetailleerd plan
voor om de problemen in Qatar aan te pakken. De verklaring van Luis Figo was
minder gedetailleerd. Hij benadrukte wel dat hij inbreuken op mensenrechten,
corruptie en andere arbeidskwesties niet tolereert. Prins Ali reageerde niet op
de vraag van de Sport and Rights Alliance. Eerder had hij wel aan de Associated
Press
gezegd dat hij nieuwe regels wilde invoeren om de veiligheid en het
welzijn van arbeiders op WK-bouwwerven te garanderen.

De SRA reageerde voorzichtig optimistisch op
die verklaringen. “Als de kandidaten deze agenda ernstig nemen, dan is er
eindelijk een kans op verbetering bij de FIFA. De volgende voorzitter moet
ervoor zorgen dat mensenrechten en transparantie de kern van hun missie zijn”,
aldus Eduard Nazarski, directeur van Amnesty International Nederland. Het
Internationaal Vakverbond (ITUC) heeft daarnaast een e-mailactie gelanceerd
om de FIFA onder druk te zetten. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!