De mythe van de 1-euromaaltijden en de realiteit van forse daling van Antwerps OCMW personeel

Teaser fallback community afbeelding

Vlaams minister van Armoedebestrijding Homans wil in Vlaanderen 1-euromaaltijden invoeren, wat ze destijds als OCMW-voorzitter in Antwerpen doorvoerde als aanpak tegen armoede. “Structurele maatregelen”, beweert ze. De mythe van Homans’ 1-euromaaltijden  Op de gemeenteraad van 26 mei 2014 interpelleerde ik bij de  aanpassing van het meerjarenplan en de jaarrekening 2014 van het Antwerps OCMW over dit onderwerp. De 1-euromaaltijden zijn weinig meer dan een caritatieve druppel op de hete plaat. Voorgesteld als ‘structurele armoedebestrijding’ staan ze in schril contrast met de forse daling van OCMW personeel die men invoert, het  menselijk kapitaal dat nodig is om echt structureel te kunnen werken aan armoedebestrijding.

 In de aanpassingsnota lezen we bij Armoedebestrijding: Accent op kinderarmoede. -1 euro maaltijden Target: 3.000 / behaald: 3.576

3500 maaltijden over 50 weken verspreid, dat zijn er 70 per week. 70 kinderen die wekelijks één 1-euromaaltijd krijgen. Over hoeveel gezinnen gaat het hier? Twintig, dertig? Maar hoeveel kinderen bevinden zich in armoede in Antwerpen?

Volgens een studie uit 2013 van de provincie ‘Kinderen in armoede, lokale verschillen’ leven er in de grootstad Antwerpen 34.891 kinderen en jongeren in een gezin in armoede. D.w.z. meer dan twintigduizend kinderen onder de 12 jaar die in armoede leven. 70 ervan genieten wekelijks van een 1-euromaaltijd. De vraag is wat er aan "structureel" zit in het verstrekken van 1-euro-maaltijden. Er zijn in Antwerpen vijf sociale restaurants die elk tussen de 100 en 200 maaltijden per dag aanbieden. Dat zijn er per restaurant 600 à 1200 per week, 200.000 per jaar in totaal. Daarvan zijn er gemiddeld per restaurant 12 (!) 1-euro-maaltijden voor kinderen onder de 12 jaar, of 1 à 2% van het totale aanbod. Structureel betekent dit veel geblaat en weinig wol.

Afbouw van structurele kerntaak OCMW

Maatschappelijk werkers klagen steen en been over de hoge werkdruk en overbelasting met sociale controles, waardoor er noch tijd, noch energie overblijft voor echte menselijke bijstand.

Wat dan echt structureel betekent voor een kerntaak van het OCMW is de maatschappelijke en menselijke bijstand van de mensen in nood. Maar die wordt alsmaar afgebouwd en dat zie je weerspiegeld in het  personeelsbestand.

In de Jaarrekening 2014 lezen we p. 57: “De afbouw van het personeel gebeurt conform de saneringsnorm goedgekeurd door het College. Het personeelsbestand van OCMW daalt met 80 VTE (voltijdsequivalenten).Gemiddeld aantal VTE in 2013: 1041 naar gemiddeld 961 VTE in 2014.”

Vooreerst is dat niet volgens de saneringsnorm, want het target voor het personeelsbestand in 2014 bedroeg 1013 VTE. In de feiten zijn het er nog slechts 961 VTE.

Ten tweede is die afbouw verontrustend:  7,6% op één jaar tijd !!! Zeker wanneer we weten dat de armoede in deze stad toeneemt en dat de maatschappelijk werkers steen en been klagen van de werkdruk, van de overbelasting met sociale onderzoeken en controles, waardoor er noch tijd, noch energie overblijft voor echte menselijke bijstand.

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?