Thailand en Maleisië pingpongen met bootvluchtelingen

Volgens de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) dobberen er al sinds maart duizenden bootvluchtelingen rond voor de kusten van Thailand, Indonesië en Maleisië. Ze hebben dringend hulp nodig, "anders krijgen we binnenkort te maken met een drijvend kerkhof."

dinsdag 19 mei 2015 14:02



Men vermoedt dat er zich meer dan 6000 vluchtelingen bevinden op de Andamanse Zee. (afbeelding: International Organization for Migration)

Een boot met honderden wanhopige migranten uit de Rohingya-gemeenschap in Myanmar en Bangladesh werd vorige week wereldnieuws. De Thaise autoriteiten hadden hen – met nauwelijks water en eten aan boot – verder de Andamanse Zee in gestuurd. Eerder al had Maleisië hen de toegang geweigerd.

De bootvluchtelingen zijn het gezicht geworden van het harde migratiebeleid dat enkele Zuidoost-Aziatische landen voeren, maar ze zijn niet de enigen. De Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) schat dat zesduizend van de achtduizend migranten die begin maart per boot zijn vertrokken, nog ronddobberen voor de kusten van Thailand, Indonesië en Maleisië.

De landen hebben een verschillende aanpak van de vluchtelingencrisis. Volgens de IOM konden ongeveer 1500 mensen aan land gaan in Maleisië en Indonesië, terwijl duizenden anderen weggestuurd werden. De zeemacht van deze landen heeft zelfs eigenhandig enkele boten verder in zee gesleept.

Internationale verplichtingen

Een woordvoerder van VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon riep de regeringen in de regio op om hun internationale verplichtingen te vervullen. Ze mogen mensen die in hun land van herkomst worden vervolgd, niet zomaar terugsturen. Het hoofd van de VN vroeg ook aan de regeringen om hun grenzen en havens open te houden om kwetsbare mensen in nood te helpen. Voorlopig zonder gevolg.

Gealarmeerd door het lot van deze migranten, maakte de IOM vrijdag 1 miljoen dollar vrij voor de hulp aan gestrande vluchtelingen en anderen die nog op zee verblijven. Deze noodhulp kan honderden mensenlevens redden, “maar uiteindelijk is het aan de nabijgelegen landen om in actie te komen”, zegt Leonard, Doyle, communicatiedirecteur van IOM.

Hij zei dat het noodfonds zal dienen om wanhopige bootvluchtelingen te helpen, al moeten ze eerst aan land worden gebracht. “We hebben geen vloot om hen op zee te gaan zoeken, maar veel landen in de regio wel. Als ze niet te hulp schieten, krijgen ze binnenkort te maken met een drijvend kerkhof.”

Als absolute minimum zouden machtige groeilanden die binnen het bereik van de crisis liggen, hun schepen moeten inzetten om al wie medische hulp nodig heeft, veilig aan land te brengen, vindt Doyle. Er zouden zich ook zwangere vrouwen onder de vluchtelingen bevinden.

Exodus

Volgens de VN-Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen zijn er ongeveer 25.000 mensen illegaal vertrokken vanuit de Golf van Bengalen in het eerste kwartaal van 2015 – dubbel zoveel als in dezelfde periode in 2013 en 2014. Het agentschap schat dat er sinds oktober 300 mensen op zee zijn gestorven van honger, dorst of nadat ze stevig geslagen waren door de bemanning.

Dat er plots zoveel meer migranten hun koffers pakken, heeft verschillende oorzaken. De belangrijkste is de harde levensomstandigheden in de vluchtelingenkampen van Myanmar, waar meer dan 140.000 intern ontheemden leven.

De meerderheid van hen zijn Rohingya-moslims die bijna drie jaar geleden het communautaire geweld in de westelijke staat Rakhine zijn ontvlucht. Economische crisis en etnische vervolging zijn volgens de VN andere redenen voor de exodus.

Regionale top

De IOM gaf vrijdag uitleg over het lot van de vluchtelingen in hun thuislanden. “De afgelopen drie jaar zijn er naar schatting 160.000 migranten vanuit Myanmar en Bangladesh per boot naar Thailand gesmokkeld, en vervolgens over land naar Maleisië gevoerd.”

De ontdekking begin mei van massagraven in kampen van mensensmokkelaars heeft gemaakt dat Thailand en Maleisië veel harder zijn gaan optreden tegen migranten, met als gevolg de ‘maritieme pingpong’ met bootvluchtelingen.

Deze en andere kwesties zullen naar verwachting centraal staan op een regionale top later deze maand. VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon noemt het een opportuniteit voor alle Zuidoost-Aziatische leiders om meer inspanningen te leveren om deze zorgwekkende situatie en haar achterliggende oorzaken aan te pakken.

Anderen geloven dat een regeling, als die zou getroffen worden, te laat zal komen. “Deze mensen houden het niet zo lang vol”, verklaart Doyle van de IOM. “We roepen op om hen nu te redden. Deze mensen zitten al maanden op een boot. Dat is een zeer schokkende behandeling van mensen.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!