Israël: niet het beloofde land voor Ethiopische joden

Israël: niet het beloofde land voor Ethiopische joden

Op zondag 3 mei vonden in Tel Aviv brute confrontaties plaats tussen Israëli's van Ethiopische afkomst en de politie. “We zijn Israëli’s, we zijn joden!”, riep een betoger. Het was een wanhoopskreet.

woensdag 13 mei 2015 11:03



Tel Aviv, zondag 3 mei. Bron: Activestilles (2015)

Directe aanleiding voor de protesten in Tel Aviv was een filmpje
dat op zondag 26 april  opdook. In het filmpje zijn twee blanke Israëlische
politieagenten te zien die de Ethiopisch-Israëlische soldaat Demas
Fekadeh flink afranselen. “Denigrerend.” Zo beschreef 21-jarige soldaat de persoonlijke aanval.

Aan CNN vertelde Fekadeh dat hij met zijn fiets een
straat wilde oversteken om naar huis te gaan. Hij woont in Holon, een
buitenwijk in Tel Aviv. Een politieagent hield hem tegen,  pakte zijn fiets en telefoon af en begon hem
te slaan. Fekadeh maande de agent aan tot kalmte. Toen de tweede agent eraan kwam kon
de soldaat alleen nog maar weerloos de schoppen en stoten opvangen.

Black Lives Matter

Het opgedoken filmpje van de mishandelde Ethiopische soldaat is geen
geïsoleerd incident. Er zijn precedenten.

In maart 2014 zaten Salamsa en zijn
vrienden in een parkje in de Israëlische stad Zikhron Ya’akov toen agenten hem
aanspraken. “Wie is Yoassef Salamsa?”, vroegen ze. Al grappend stak Salamsa zijn handen omhoog.
Onmiddellijk begonnen de agenten te schoppen en stroomstoten te geven aan de 22-jarige
Ethiopische Israeli . Na op de grond te zijn gewerkt, werden
zijn handen en voeten geboeid. Bewusteloos werd hij in het politiebusje
gegooid.



Oudere broer en moeder van Salamsa. Bron: Twitter via @yomgashum

Aangekomen bij het politiebureau werd Salamsa enkele uren
geboeid achtergelaten, zonder iemand te kunnen spreken. Zijn familie mocht hem niet zien. Uiteindelijk kon hij de
nodige medische zorg in het ziekenhuis krijgen en mocht hij daarna naar huis.
Na een maandenlange zware depressie overleed Salamsa in juli 2014.

Sinds hun ingediende aanklacht ontvangen de ouders nog steeds bedreigingen
van de politie. Terwijl ze weigeren het stoffelijk overschot aan de familie
over te dragen, verklaren autoriteiten dat het om zelfmoord ging. De  ouders van Salamsa geloven dat
de dood van hun zoon gevolg was van marteling en verwaarlozing door de politie.

Sinds zijn overlijden wordt Salamsa de Michael Brown van Israël genoemd. Op deze manier
hebben Ethiopische Israëli’s hun strijd verbonden met die van de Amerikaanse
burgerbeweging Black Lives Matter.



Baltimore, mei 2015. Bron: Twitter via @Suspect_OTB

 Ethiopische Israeli’s hebben de gelijknamige campagne “Hands Up Don’t Shoot” gelanceerd. Op
Facebook en Twitter plaatsten zwarte en blanke Israeli’s  foto’s waarop ze met handen omhoog staan.

Bloedbanken

Journalisten en mensenrechtenorganisaties hebben vaak geschreven over
het racisme tegenover de zwarte gemeenschap in Israël. In 2011 heeft die gemeenschap al luid laten horen dat er een einde moet komen aan het alledaagse
racisme. 

Als zelfbenoemde joodse staat heeft Israël Ethiopische joden vaak onder
dwang gesteriliseerd. In 2012 heeft Israëlische overheid toegegeven dat ze
Ethiopische migrantenvrouwen anticonceptieprikken van het merk Depo-Provera
heeft toegediend. Minister van Volksgezond Ron Gamzu gaf vervolgens de opdracht hiermee te
stoppen.

Israëls “betuttelende en onmenselijke behandeling van Ethiopische vrouwen
is niets nieuws”, schreef Haaretz-columnist
Efrat Yardai in december 2012. Verder weigert de overheid huwelijken te sluiten
met Ethiopische joden omdat ze niet echt joods zouden zijn. Bloedbanken
blijven vaak achter met voorraden bloed die Ethiopische donateurs hebben
afgegeven.

14.500

De discriminatie waar Ethiopische Israëli’s mee geconfronteerd worden is
opmerkelijk, omdat “geen enkele staat meer geïnvesteerd heeft in de migratie en
vestiging van een gemeenschap dan Israël in de Ethiopische gemeenschap”,
schreef journalist Larry Derfner voor +972Magazine.

Vanaf halverwege de jaren tachtig kwamen de eerste Ethiopische joden in
Israël aan. In 1984 werden ongeveer 16.000 Ethiopische joden in het geheim naar
Israël overgevlogen. Het doel was alle joden uit Ethiopie naar het land te
halen, meldde The New York Times op 26 mei 1991. Maar naar de precieze motieven achter deze operatie blijft het gissen.In 1989 en 1990 werden ongeveer
8000 Ethiopiers naar Israel overgebracht.

Een redelijk gedocumenteerd moment uit de migratiegeschiedenis van de
Ethiopische gemeenschap is Operatie Solomon. In 1991 werden ruim 14500
Ethiopische joden in 36 uur via een noodluchtbrug geëvacueerd. De meerderheid
was afkomstig uit het rurale Gondar-gebied. Op die manier konden Ethiopische joden de gevaarlijke omstandigheden ontvluchtten die
ontstaan waren na de opmars van rebellen.

Euforische momenten voor de Israëli’s die op het vliegveld hun nieuwe
landgenoten verwelkomden. “We deden onze verplichting en hebben de operatie
afgerond om alle joden hier naar toe te brengen”, zei een trotse premier Yitzhak
Shamir.

De voormalige premier zorgde ervoor dat elke familie voor een appartement
slechts 2 procent van de prijs in maandelijkse termijnen hoefde te betalen. De
rest betaalde de staat.  Dankzij
de sterke relaties tussen Israël en joodse liefdadigheidsorganisaties in het
buitenland bestaan er voor Ethiopische joden tientallen verschillende
hulpprogramma’s.  

Onderklasse

Na sterke sociale
verbeteringen gekend te hebben in de jaren negentig, is de Ethiopische
gemeenschap in een diep dal van werkloosheid en sterke
armoede terechtgekomen. Het ontstaan van deze onderklasse heeft te maken met het feit
dat de eerste lichting Ethiopische immigranten van het platteland kwamen, en
zonder middelen of kennis een bestaan moesten opbouwen in een land als Israël. De
gemeenschap moest nog een grote inhaalslag maken.

Uit onderzoeksrapporten van het Meyers-JDC Brookdale Instituut blijkt dat in 2011
ongeveer 65 procent van de Ethiopisch-Israëlische kinderen in
armoede leeft. Dit in tegenstelling tot kinderen uit migrantengezinnen uit
Oost-Europa (15 procent) en kinderen uit zogenaamde veteranengezinnen (23
procent).

Een belangrijk deel van Ethiopische gemeenschap leeft in
verpauperde (en soms illegale) woonwijken. Ethiopische Israëli’s zijn ook sterk vertegenwoordigd in criminaliteitscijfers. Tien procent van de jeugdgevangenen is
van Ethiopische komaf. Slechts vijfenvijftig procent van alle Ethiopisch immigranten hebben een
baan.

Vinger op de wonde

De recente protesten tegen deze sociaaleconomische verschillen en het
dagelijkse racisme hebben politieke en intellectuelen aangezet tot
denken over het onderling racisme binnen de joodse bevolking van Israël.

Ayman
Odeh, parlementslid en leider van de communistische partij Hadash, liep
mee met de demonstratie in Tel Aviv. De Arabische politicus is één van de
weinigen die de vinger op de wonde durfde te leggen:

“Als iemand van de Arabische  gemeenschap die onder racisme en geweld van
de politie lijdt, wil ik mee strijden voor een gelijkwaardige en
rechtvaardige samenleving waarin geen verschil bestaat tussen zwart en blank, man
en vrouw, jood en Arabier.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!