Als Britse prinsessen een dag na hun bevalling pront en elegant op een balkon kunnen staan om het volk toe te wuiven, dan kan iedereen dat.
Of hoe prestatiedruk en rendementsdenken ons achtervolgen tot in het kraambed. Kersverse moeders moeten niet flauw doen. Bevallen is toch een normaal fysiologisch proces?
Alsof wij niet weten dat prinsessen een leger aan nanny’s, huishoudsters en verplegend personeel achter zich aan hebben lopen. Alsof er iemand gelooft dat prinsessen zelf even de vaat doen en een wasje draaien na een slapeloze nacht met huilende baby.
Het spreekt vanzelf dat een geboorte een
normaal fysiologisch proces is. Maar dat is doodgaan ook. Na de normale en
ongecompliceerde geboorte van mijn eerste kind duurde het 5 dagen voor ik tot
aan het eind van de straat kon wandelen met de hond. Nu ja, strompelen is een
accurater bewoording. Na die wandeling van 10 minuten moest ik lijkbleek en met
puddingbenen gaan liggen. Zes volle weken duurde het, voor mijn kind en ikzelf begrepen hoe
dat drinken aan de borst precies werkte. Ik bespaar jullie de details over
pijnlijke tepels, naweeën en kraamverband. Na de geboorte van de jongste diende er tussen het voeden, verschonen en wassen door ook nog een kleuter geanimeerd en gesust te worden.
Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat er
een soort dubbele moraal zit achter de bevallingsindustrie. Enerzijds kunnen
zwangerschap en bevallen niet genoeg gemedicaliseerd en geproblematiseerd
worden. Elke vier weken een echo in 4d is een minimum. Bevallingen worden
gretig ingeleid zodat de baby er is voor de gyneacoloog met vakantie gaat of voor de schoonzus trouwt.
Ziekenhuizen spelen graag in op de stijgende vraag naar luxe-bevallingssuites
voor the happy few. Thuisbevallen wordt ontraden of meewarig gedoogd.
Tegelijkertijd sturen we pas bevallen moeders met een kluitje in het riet wanneer het aankomt op gepaste postnatale zorg.
Natuurlijk bestaat er zoiets als kraamzorg. Maar de erkende zorgverstrekkers kunnen de vraag nu al niet bijhouden. Sommige moeders wachten minstens een week op thuiszorg. Bovendien is de kwaliteit van de postnatale thuiszorg verre van optimaal, alle goede intenties ten spijt. De expertise van de gemiddelde kraamzorg overstijgt nauwelijks het koken, wassen en plassen. Waardevol, dat zeker. Maar onvoldoende om aan de noden van kersverse ouders en pasgeborenen te beantwoorden. Thuiszorg is dan ook verre van rendabel, en dus onderbetaald en vaak matig van kwaliteit. Waarom de moeite nemen om thuiszorgers op te leiden als je er niets aan kan verdienen.
Hulp en advies bij borstvoeding, verzorging van mogelijke bevallingskwetsuren, daar heb je geschoold personeel voor nodig, of je nu in een ziekenhuis, thuis of poliklinisch bevalt. Dat geschoolde personeel, de vroedvrouwen en lactatiekundigen, rennen zich intussen de benen van onder het vermoeide lijf voor een schamel loon, als ze al niet opgeslorpt worden door de dagelijkse strijd met misprijzende, maar royaal verdienende gynaecologen die hun expertise in twijfel trekken.
Wie geld heeft vindt altijd wel een oplossing. Wie hoger opgeleid is, blijkt beter geïnformeerd over de mogelijkheden en kan zich doorgaans vlotter voorzien op mogelijke problemen. Wie zich wat lager op de sociale ladder bevindt, die vindt moeilijker haar weg naar gepaste en professonele hulp en ontbeert de nodige middelen om ervoor te betalen. Hoeft het gezegd dat de zwaksten alweer de rekening zullen betalen?
Een kind krijgen is een fysiek en mentaal ingrijpend proces in ieder vrouwenleven. Daar zorgzaam en geduldig mee omgaan is een investering in de toekomst van mensen.