Overheidsvakbonden trekken opnieuw de straat op

Teaser fallback community afbeelding
De vakbonden van de privésector hebben besloten enkele weken lang de strijdbijl te begraven en de onderhandelingen met de regering en vooral met de werkgevers af te wachten. De werknemers van de openbare diensten zijn minder tevreden over de resultaten van de stakingsacties van de voorbije herfst. Zij kwamen woensdag opnieuw op straat. “Vergeet de openbare diensten niet”, was hun boodschap.

De vakbonden van de overheidsdiensten trokken naar het kabinet van de minister van Pensioenen Daniel Bacquelaine. Enkele vertegenwoordigers hadden daar ook een onderhoud met de minister. “Het sociaal overleg liep tot nu toe voor geen meter. Het is een lege doos. We kregen de regering wel te zien, maar we hebben niks bekomen. Wij willen dat de regering de sociale dialoog ernstig neemt. Dat betekent dat de ministers niet alleen moeten luisteren maar ook dat ze rekening moeten houden met onze wensen”, zegt Luc Hamelinck van ACV Openbare Diensten. 

Na de acties van de voorbije herfst met onder meer de grootste algemene staking sinds lang kwam er een sociaal overleg op gang tussen de regering, de vakbonden en de werkgevers. Maar daar hebben de vakbonden van de openbare diensten weinig aan.

“Dankzij de acties verkregen de vakbonden dat sectorakkoorden over bijvoorbeeld brugpensioen voorrang krijgen op de maatregelen van de regering. Er wordt ook opnieuw onderhandeld met de Groep van 10 (een overlegorgaan met alle vakbonden en de werkgeversorganisaties, nvdr). Maar de overheidsvakbonden komen er bekaaid vanaf. Er vallen bijvoorbeeld 40 naakte ontslagen bij Fedasil maar daarover is geen overleg”, zegt Chris Reniers van de socialistische vakbond ACOD.

Deur open

Minister van Pensioenen Daniel Bacqelaine opende een deur. “Hij zal nieuwe voorstellen voorleggen. Wij gaan nu afwachten of dat overleg er komt en of er iets in zit voor ons”, zegt Hamelinck.

Tijdens de voorbije maanden was er heel wat animositeit bij de werknemers van de openbare sector. “De leraars bijvoorbeeld hebben volop meegedaan aan de staking. En ook vandaag hadden we weinig moeite om mensen mee te krijgen naar Brussel”, zegt Raf De Weerdt, algemeen secretaris van ACOD Onderwijs.

Leerkrachten ondervinden een grote impact van de pensioenhervormingen van de regering. Ambtenaren die een diploma nodig hebben om benoemd te worden, mogen hun studiejaren meetellen voor de toegang tot het pensioen en voor de berekening van hun pensioen. Die zogenaamde diplomabonificatie wordt door de regering geleidelijk afgeschaft.

“Onderwijzers en leerkrachten hebben sowieso een diploma nodig om les te geven. Zij zien hun pensioenleeftijd op termijn met 2, 3 tot zelfs 4 jaar opschuiven. Nu al heeft een groep mensen het moeilijk om tot 60 aan de slag te blijven. Dat lukt nog net dankzij enkele eindeloopbaansystemen die het mogelijk maken om vanaf een bepaalde leeftijd wat minder te werken. Maar deze regering zet ook in deze systemen het mes. Het is die dubbele aanslag die voor veel onrust zorgt”, zegt De Weerdt.

De vakbonden trokken al die maanden in gemeenschappelijk front op. “Ik vrees dat we als openbare diensten nu ook zelf een aantal dingen zullen moeten afdwingen”, zegt De Weerdt. 

Op 10 februari volgt er wel nog een globale evaluatie van de toegevingen van zowel de regering als de werkgevers. Als de vakbonden die toegevingen als te weinig inschatten, komen er mogelijk nieuwe acties.

Ook Reniers van ACOD sluit nieuwe acties niet uit. “We wachten nu het overleg af, maar ons geduld zal niet eindeloos zijn.”

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?