Tot nu toe zien we vooral dat een aantal uitkeringen fors dalen als gevolg van de federale besparingen.
Vorige week kwam er, na maanden van niet gehoord sociaal protest, dan toch ‘een signaal’ vanuit de wetstraat. In die mate dat de vakbonden minstens voor even opnieuw on speaking terms zijn met de federale regering en de werkgevers. Ze waarschuwen wel dat er nu resultaten moeten komen.. Het Netwerk tegen Armoede is niet optimistisch. Wil deze regering armoede bestrijden dan zal er veel meer nodig zijn dan wat vorige week werd meegedeeld.
Stippen we even aan dat armoede niet enkel om een lege portemonnee draait. Mensen moeten zich ook kunnen ontplooien, waardig kunnen ‘participeren aan de maatschappij’. Daarvoor heb je diensten en goederen, zoals huisvesting, energie, gezondheidszorg, onderwijs, vervoer… nodig die niet alleen betaalbaar moeten zijn maar ook toegankelijk. Discriminatie tegengaan, drempels wegwerken, extra ondersteuning en hulpverlening bieden… Een beleid dat succesvol armoede voorkomt en bestrijdt, investeert ook daarin. Die investeringen staan overal onder druk. Door budgettaire moeilijkheden, maar ook door verkeerde keuzes. Gemeentebesturen die wel een zwembad zetten, maar tegelijk de dotatie van hun OCMW bevriezen, een (vorige) Vlaamse regering die werkwinkels afschafte of die knipt in de middelen van CLB’s voor het opvolgen van kinderen uit kansengroepen (huidige regering), dat soort zaken. Ook de nieuwe federale regering maakt er zich schuldig aan: de toegang tot pro deo advocaten die wordt beperkt, een ‘aanpak’ van dakloosheid die vertrekt vanuit ordehandhaving en zich verder beperkt tot wat winteropvang in Brussel…
Op een ogenblik dat mensen die al in armoede leven het steeds moeilijker krijgen en nieuwe groepen mensen in armoede verzeilen als gevolg van de economische crisis, is dat een bijzonder pijnlijke vaststelling.
Gebrek aan inkomen
Maar ook het gebrek aan inkomen zelf blijft uiteraard essentieel en een bijzonder schrijnend probleem. Maar liefst 1 op 10 Vlamingen en 1 op 7 Belgen kampt ermee. En laat nu net dat de inzet zijn van het sociaal overleg dat vorige week weer werd opgestart.
Beginnen we met de welvaartsenveloppe. De federale regering maakte zich vorige week sterk dat met het budget dat zij daarvoor vrijmaakte de laagste sociale uitkeringen aan het einde van de legislatuur ‘tot net boven de armoedegrens’ zullen stijgen. Het zal er maar van afhangen.
Keuze maken
Eerst en vooral moet men de keuze willen maken het beschikbare geld voor te behouden voor het optrekken van de minimumuitkeringen die nu nog onder de armoedegrens liggen. Als men het geld voor loonsverhogingen of het optrekken van sommige pensioenen ook uit dit potje haalt lukt het al zeker niet. Waarmee we niet gezegd hebben dat dat geen legitieme doelen zouden zijn, heel wat senioren met klein pensioen flirten met de armoedegrens, met een minimumloon is dat hetzelfde verhaal. Dat laatste optrekken is trouwens ook verstandig om werkloosheidsvallen te vermijden. Maar dat geld komt wat ons betreft dus beter elders vandaan. Een strijd die nog niet gestreden is, zo vernemen we.
Belangrijk is ook dat men los komt van ideologische fetisjen. Langdurig werklozen krijg je niet aan het werk door hen een werkloosheidsuitkering te geven die hen in armoede houdt. Integendeel, je veroordeelt hen tot overleven en hypothekeert hun zoektocht naar werk. We horen dat een aantal partijen in de regering het daar moeilijk mee heeft en de werkloosheidsuitkeringen niet zou willen optrekken. We raden hen aan de recente studie van het onderzoekscentrum OASeS daarover eens te lezen. Ook een onderscheid maken tussen de uitkeringen van alleenstaanden en gezinshoofden, een ander idee dat wij hoorden opperen, vinden wij onaanvaardbaar. Alleenstaanden in armoede houden is minder erg?
Veel vraagtekens voor de toekomst?
Het zijn al behoorlijk wat horden die moeten worden genomen. Maar klopt het rekensommetje ook? De bedragen die worden genoemd zouden in 2015 en 2016 toelaten om een jaarlijkse verhoging van 2% bovenop de indexering aan te houden en zelfs lichtjes te verhogen (tot 3%?). Maar is dat ook nadien nog zo? Zal er in de volgende welvaartsenveloppe zitten wat men nu begroot? Zal men er dezelfde doelstellingen blijven aan koppelen? Om in de buurt te komen van de armoedegrens, zoals de federale regering vooropstelt, moet daarna bovendien ook nog de welvaartsenveloppe van 2019-2020 worden ingeschakeld. Deze regering is tegen dan al afgezwaaid.
Cruciaal is daarnaast hoe groot de ‘sociale correctie’ op de indexsprong zal zijn van zodra die er komt. Met de 127 miljoen die de regering daarvoor opzij zet maken alle laagste uitkeringen nog altijd een indexsprong van 1%, de uitkeringsgerechtigde werklozen (inclusief de laagste uitkeringen van de langdurig werklozen die nu nagenoeg even hoog liggen als het leefloon) zelfs van de volledige 2%. Dat is dus een koopkrachtverlies van 1 tot 2%. Doe je 3 stappen vooruit, om er weer 1 of 2 achteruit te zetten. Of, in het slechtste geval voor de werklozen, geen stappen vooruit, maar wel 2 achteruit.
Prijzen stijgen sneller dan laagste uitkeringen
Intussen is ook al duidelijk dat een aantal zaken door de federale regering zelf duurder worden gemaakt, denken we bv. aan de verhoging van de remgelden bij de specialist. Zaken die zich niet noodzakelijk vertalen in een hoger indexcijfer want niet altijd in dezelfde mate worden meegerekend in de index. De laagste uitkeringen stijgen dus een beetje, de prijzen wellicht een stuk méér!
Ook de Vlaamse regering doet hier trouwens meer dan haar ‘duit in het zakje’: hogere maximumfactuur in het lager onderwijs, stijging van de persoonlijke bijdrage in de kinderopvang voor de laagste inkomens, niet-indexering van de kinderbijslag tot die hervormd is, verhoging tarieven De Lijn,… Dat zal nog aantikken als binnenkort de huurprijzen in de sociale huur worden geïndexeerd, de distributienettarieven voor energie opnieuw stijgen… Het wordt hoog tijd dat de ‘sociale correcties’ waar de Vlaamse regering al een tijd over spreekt concreet worden gemaakt, zo niet neemt zij weer af wat de federale regering eerst gaf (en zelfs nog veel méér)!
Uitkeringen verlaagd in plaats van verhoogd
Tot slot. Vorige week vernamen we niets meer over de (hier en daar drastische!) verlaging van een aantal uitkeringen waartoe nu al beslist werd: vernieuwde berekening ziekte- en invaliditeitsuitkeringen, de ‘bijpassing’ van de RVA voor onvrijwillig deeltijds werkenden (IGU)… Geen woord ook over de massale uitsluiting van bepaalde rechthebbenden uit de verschillende stelsels van sociale zekerheid en bijstand door de verstrenging van de toelatingsvoorwaarden: de inschakelingsuitkeringen voor jongeren, gemeenschapsdienst en ‘passende dienstbetrekking’ in de werkloosheid, nieuwe richtlijnen voor adviserend geneesheren in de invaliditeit, gemeenschapsdienst en uitbreiding van het GPMI bij het leefloon… Ook die zaken moeten wat ons betreft opnieuw op de onderhandelingstafel.
Moet het gezegd dat wij de federale regering en de sociale partners in de komende weken met argusogen zullen volgen?