Onbeperkte vrije meningsuiting maar niet voor iedereen
“Je suis Charlie Coulibaly”, had Dieudonné op Facebook gepost. Hij haalde het bericht al snel weer weg en deed een poging zijn woorden uit te leggen. “Men beschouwt me als een Amedy Coulibaly terwijl ik eigenlijk niets anders ben dan Charlie.”
Toch werd hij woensdag opgepakt. De beschuldiging luidt: goedpraten van terrorisme. Dieudonné was één van de 54 personen die in de nasleep van de aanslagen in Parijs het gerecht achter zich aan kregen voor ongepaste uitlatingen op sociale media.
Journalist Glenn Greenwald – de journalist die de NSA-files van Snowden naar buiten bracht – haalde eerst op Twitter en daarna in een artikel op de site The Intercept scherp uit naar die arrestaties.
“Vrij meningsuiting betekent in de handen van vele Westerlingen eigenlijk: het is belangrijk dat de ideeën die ik leuk vind, worden beschermd en dat het recht om groepen te beledigen die ik niet leuk vind, gekoesterd wordt; de rest maakt niet zoveel uit”, schreef hij.
Je suis confused
Greenwald
was niet de enige die het contrast zag tussen de uitbarsting van
sympathie voor de vrije meningsuiting op zondag in de straten van
Parijs en de arrestatie van mensen die op Facebook iets gezegd hadden
dat ongepast was.
Komiek Jon Stewart wijdde er in The Daily
Show een item aan. “Je suis confused”, zei hij. En hij besloot
met een advies voor de Fransen: “Hou het bij kaas en blijf ver van
comedy”.
Frankrijk worstelt trouwens al langer dan vandaag met de grenzen van de vrije meningsuiting. Op 20 januari bijvoorbeeld moeten de zanger Saïdou van de groep Z.E.P (Zone d’expression populaire) en de in en buiten Frankrijk geprezen socioloog Saïd Bouamama voor de rechter verschijnen. Hun vermeende misdaad? Anti-blank racisme.
Samen schreven ze het boek “Nique la France – Devoir à l'insolence”. In vertaling klinkt dat als 'Fuck Frankrijk, de plicht tot vrijpostigheid'. Saïdou zingt in een gelijknamig lied:
“Nique la France
et son passé colonialiste, ses odeurs, ses relents et ses réflexes
paternalistes / Nique la France et son histoire impérialiste, ses
murs, ses remparts et ses délires capitalistes”
(Weg met Frankrijk
en zijn koloniaal verleden, zijn paternalistische geuren, vlekken en
reflexen / Weg met Frankrijk en zijn imperialistische geschiedenis,
kapitalistische muren, burchten en waanzin)
Bouamama en Saïdou leggen ook uit waarom ze die straatuitdrukking gebruiken. “Wij willen begrijpen wat jongeren willen zeggen als ze die uitdrukking gebruiken. Wat ze zo uitdrukken is het gevoel geminacht en beledigd te worden. Achter die uitdrukking zit een vraag naar gelijkheid.”
Het mocht niet baten. De organisatie Agrif diende klacht in en de twee staan voor een lange juridische lijdensweg. Agrif staat voor Alliance Générale contre le Racisme et pour la défense de l'Identité Française et chrétienne.
De rapgroep La Rumeur zat acht jaar gevangen in een juridische mallenmolen nadat de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken Sarkozy klacht had ingediend tegen een tekst van de groep. Daarin had de groep gezegd dat de rapporten van het ministerie van Binnenlandse Zaken zwijgen over hun honderden broeders die vermoord werden door de politie. Onderzoekers schatten het aantal doden door politiegeweld in de afgelopen 40 jaar op 500 tot 1000. Pas in 2010 werden de rappers vrijgesproken door het Hof van Cassatie.
Na de aanslagen in Parijs schreef diezelfde Saïd Bouamama die binnenkort voor de rechter moet verschijnen: “Die ongelijke verontwaardiging ligt aan de basis van een proces dat een reële kloof producteert binnen de bevolking. En net die kloof is drager van alle gevaren.”
Etnische kloof
Sommige meningen worden verdedigd. Andere meningen worden gecriminaliseerd. Maar volgens sommigen zit er ook een etnische kant aan die verontwaardiging. De dichter André Breton noemde Frankrijk ooit een 'natie van varkens en honden'. Léo Ferré zong lang geleden: "Le temps que je baise ma Marseillaise”, wat bijna letterlijk hetzelfde betekent als Nique la France. Zij werden voor die teksten nooit verontrust
Dat geldt ook voor de filosoof Jean Baudrillard die na de aanslagen van 11 september in de VS sprak over 'wonderbaarlijk gejubel om de wereldwijde supermacht vernietigd te zien worden”. Wat goedpraten van terrorisme betreft, gaat dat een stuk verder dan de wansmakelijke grap van Dieudonné.
Net de manier waarop de maatschappij met censuur en vrije meningsuiting omgaat in de nasleep van 7 januari, lijkt volgens de socioloog Saïd Bouamama een kloof uit te diepen die mee het klimaat geschapen heeft voor de gruwel in Parijs.