Opinie - Maarten Van den Bussche

Het gevaar van de ‘ware islam’ en ons taalgebruik over ‘de moslim’

Over de recente aanslag op het satirische blad Charlie Hebdo, een afschuwelijke daad van geweld die op geen enkele wijze goedgekeurd kan worden, zijn de voorbije dagen reeds talloze opiniebijdrages verschenen. Hier nog enkele bedenkingen, meer bepaald over de verwerking van de aanslag in praat- en duidingsprogramma's binnen de media en het taalgebruik binnen die opinies.

woensdag 14 januari 2015 13:23

In
naam
van
de
islam
worden
wereldwijd
wandaden
gepleegd,
van
terroristische
aanslagen
in
westerse
grootsteden
als
Parijs
en
New
York,
tot
de
dagdagelijkse
terreur
van
onder
andere
IS
en
Boko
Haram.
‘Gelukkig’,
dixit
Bart
De
Wever
in
Reyers
Laat
,
nemen
spontaan
moslims
en
moslimorganisaties
her
en
der
ter
lande,
alsook
wereldwijd,
publiekelijk
afstand
van
deze
praktijken.
Sommigen
excuseren
zich
zelfs
persoonlijk
voor
wat
in
naam
van
hun
geloof
plaatsgevonden
heeft.
Zo
komen
ze
tegemoet
aan
de,
eveneens
in
Reyers
Laat
,
door
Mia
Doornaert
gestelde
vraag
of
‘de
echte
Islam
wil
opstaan’.

Doornaert
vergelijkt dit met de discussies die in het verleden reeds gevoerd
werden rond politieke ideologieën zoals het communisme. Concreet
vertaalt deze vergelijking zich als volgt:

In
naam
van
het
communisme
werden
binnen
landen
als
de
Sovjet-Unie,
China,
en
ook
nu
nog
in
Noord-Korea, misdaden
tegen
de
menselijkheid
gepleegd.
Willen
alle
hedendaagse
communistische
partijen
hier
publiekelijk
afstand
van
nemen
en/of
zich
er
voor
verontschuldigen?
Wil
het
echte
communisme
opstaan,
alstublieft?

Een
soortgelijke vraag zou je over talloze religies, ideologieën,
waarden en ideeën kunnen neerpennen. Om slechts drie voorbeelden
te geven:

In
naam
van
het
christendom
worden
onder
andere
in
landen
als
Oeganda
en
Rusland
holebi’s
tot
tweederangsburgers
gedegradeerd
die
mogen
vrezen
voor
hun
leven,
wordt
vrouwen
het
recht
op
abortus
ontzegd,
wordt
het
gebruik
van
condooms
en
andere
voorbehoedsmiddelen
ontmoedigd,
worden
door
organisaties
als
de
Westboro
Baptist
Church
begrafenissen
onteerd,
en
worden
kinderen
opgezadeld
met
opvattingen
over
seksualiteit,
zondeval
en
eeuwig
branden
in
de
hel.
Willen
alle
christenen
hier
publiekelijk
afstand
van
nemen
en/of
zich
er
voor
verontschuldigen?
Wil
het
echte
christendom
opstaan,
alstublieft?

In
naam
van
het
kapitalisme
worden
consumptiegoederen
geproduceerd
in
lageloonlanden
waar
men
het
maar
al
te
vaak
niet
nauw
neemt
met
veiligheidsvoorschriften,
correcte
verloning
en
menswaardige
arbeidsomstandigheden.
Zo konden we vorig jaar nog in alle kranten lezen over de rampen die
plaatsvonden in sweatshops en fabrieken in Bangladesh.
Willen
alle
ondernemers
hier
publiekelijk
afstand
van
nemen
en/of
zich
ervoor
verontschuldigen?
Wil
het
echte
kapitalisme
opstaan,
alstublieft?

In
naam
van
het
recht
op
vrije
meningsuiting
werd
reeds
opgeroepen
tot
haat
en
geweld,
werd
aan
laster
en
smaad
gedaan
en
werd
de
holocaust
ontkend.
Wil
iedereen
die
het
recht
op
vrije
meningsuiting
verdedigd
hier
publiekelijk
afstand
van
nemen
en/of
zich
er
voor
verontschuldigen?
Willen
de
echte
aanhangers
van
de
vrije
meningsuiting
opstaan,
alstublieft?

Satire

Ik
hoop
dat
duidelijk
is
dat
bovenstaande
oproepen,
Charlie
Hebdo

indachtig,
met
enig
gevoel
voor
satire
dienen gelezen
worden.
Eenzelfde
boodschap
zou
snel
te
schrijven
zijn
over
hoe
de
Verenigde
Staten
meerdere
oorlogen
aangingen
in
naam
van
de
democratie,
of
over
de waarden
die
Anders
Breivik
meende
te
verdedigen.
Voorvechters
van de westerse waarden en normen hoeven zich niet te
verontschuldigen voor de gewelddadige wijze waarop Breivik
deze normen wou beschermen. Net zoals een partij als de Nieuw-Vlaamse
Alliantie geen afstand hoeft te nemen bewegingen als Gouden Dageraad
in Griekenland, het Noord-Ierse Sinn Féin, of de Koerdische PKK.
Want hoewel al deze bewegingen binnen het idee ‘nationalisme’ vallen,
weten we hoe onderling divers ze zijn. De recente hetze rond de
uitspraken van bischop Bonny en de reactie daarop van het KVHV, maakt
duidelijk hoe normaal we het bestaan van uiteenlopende visies vinden.
Zelfs de rooms-katholieke Kerk, reeds een deelgroep van het
christendom op zich, is intern niet homogeen. We weten dat termen als
‘islam’, ‘christen’, ‘nationalist’, ‘socialist’, etc. overkoepelende
begrippen zijn die op een scala aan uiterst diverse praktijken
geplakt kunnen worden.

Waarom
sluiten
we
ons
dan
zo
makkelijk
aan
bij
dat
woordje
‘gelukkig’
van
Bart
De
Wever?
Organisaties
links
en
rechts,
aanhangers
van
het
volledige
politieke
spectrum
vinden
het
een
positief
gegeven
dat
moslims
openbaar
afstand
nemen
van
deze
feiten.
Zelfs
al
vindt
niet
iedereen
publieke
excuses
en
distantiëring
even
noodzakelijk
als
De
Wever,
toch
juichen
we
toe
dat
dit
zo
wijdverspreid
en
spontaan
gebeurt.

Ik
ontken
niet
dat
discussies
over
wat
de
‘ware’
islam
inhoudt,
of
opiniebijdragen
zoals
die
van
Mark
Van
de
Voorde

(waarin
onderzocht
wordt
waarom
moslims,
in
tegenstelling
tot
christenen
het
zo
lastig
hebben
met
satire
en
spot),
mogelijks
interessante
inzichten
kunnen
opleveren,
maar
ze
gaan
voorbij
aan
de
vraag
waarom
we
de
islam
nog
steeds
als
een
homogene
identiteit
beschouwen,
of
versterken
soms
zelfs
het
idee
dat
er
zoiets
bestaat
als
‘de
islam’,
een
en
ondeelbaar.

Verscheidenheid

Als
student
Taal-
en
Letterkunde
werd
me
ingeprent
dat
taal,
en
ons
taalgebruik,
helemaal
niet
zo
neutraal
en
onschuldig
is
als
je
zou
denken.
En
laat
er
nu
net
een
opmerkelijk
verschil
bestaan
tussen
de
taal
die
we
hanteren
met
betrekking
tot
de
islam
en
de
taal
die
we
hanteren
wanneer
we
spreken
over
een
andere
religie,
zoals
het
christendom,
of
een
politieke
ideologie,
zoals
het
nationalisme.
Wanneer
hoorde
u
voor
het
laatst
een
nieuwsbericht
over
‘het
christendom’?
We
krijgen
berichten
over
het
Vaticaan,
de
paus,
protestante
christenen,
koptische
christenen,
etc.
Men
spreekt
over
de
Westboro
Baptist
Church, niet
over
radicale
christenen.
We
krijgen
nieuws
over
chassidische
joden,
over
Koerdische
onafhankelijkheidsstrijders,… Steevast
wordt
niet
de
overkoepelende
term ‘christenen’, ‘joden’
of ‘nationalisten’ gebruikt,
maar
wordt
zo
specifiek
mogelijk
genuanceerd
tot
welke
deelgroep,
welke
concrete
praktijk
van
de
religie
of
ideologie
de
personen
en
gebeurtenissen
behoren.
Dat
dit
gebeurt
beschouwen
we
zelfs
als
evident,
het
zou
absurd
zijn
de
informatie
enkel
tot
‘christen’
te
beperken
aangezien
we
allemaal
weten
wat
voor
een
diversiteit
er
binnen
het
christendom
heerst.

Vergelijk
dit
met
het
taalgebruik
over
moslims
en
de
islam.
Verdere
nuancering
over
welke
groep
binnen
de
islam
precies
van
tel
is, komt
haast
enkel
voor
bij berichten over burgeroorlogen
tussen
sjiieten
en
soennieten,
of
bij
een
radicale
strekking
als
het
salafisme.
In
het
eerste
geval
is
deze
verdere
precisering
noodzakelijk
omdat
twee
partijen
die
elkaar
bevechten
niet
dezelfde
naam
kunnen
dragen,
in
het
tweede
geval
wordt
net
een
stroming
binnen
de
islam
aangehaald
die
de
heersende
opvattingen
en
vooroordelen
over
het
overkoepelende
begrip,
de
islam,
bevestigd.
Nochtans
is
aan
een
vluchtige
blik
op Wikipedia
genoeg
om
in
te
zien
dat
er
binnen
de
islam
een
even
grote
verscheidenheid
aan
vertakkingen
en
deelgroepen
heerst
als
binnen
het
christendom.
Toch
blijven
we
spreken
over ‘de
islam’, ‘de
moslim’.

Dat
moslims
zich
nu
geroepen
voelen
zich
te
distantiëren
en
te
verontschuldigen,
mag
dus
niet
op
gejuich
onthaald
worden.
Het
bevestigt
enkel
de
opvatting
dat
moslims
een
homogene
groep
zouden
zijn.
Dat
willekeurige
moslims
zich
voor
dit
soort
daden
zouden moeten
excuseren, is
een
even absurde
gedachte
als vinden dat elke christen zich persoonlijk aangesproken moet
voelen door de acties van een organisatie als Westboro Babtist
Church, of vinden dat elke ordernemer zich publiekelijk moet
distantiëren van de sweatshops in Bangladesh.
Willen we dit als maatschappij alstublieft beginnen in te zien, en
ons taalgebruik over ‘islam’ en ‘moslims’, zowel binnen als buiten de
media dan ook aanpassen aan de realiteit? Er is slechts één
gemeenschap die dit geweld expliciet moet veroordelen: de
mensengemeenschap.

Maarten
Van
den
Bussche
is
student Taal- en Letterkunde aan Universiteit Antwerpen.
Hij
schrijft
deze
bijdrage
in
eigen
naam.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!