JeSuisLibre

JeSuisLibre

zaterdag 10 januari 2015 18:55
Spread the love

Stel dat ik u zeg dat we woensdag jongstleden een goed voorbeeld hebben gekregen van hoe onze vrijheid
van meningsuiting de dag van vandaag wordt bedreigd. U zou me wellicht
verwijten dat ik u niets nieuws vertel. Maar sta me toe u te vragen uw oordeel
even uit te stellen; misschien kan ik u nog verrassen. Want hoewel ik de
publieke opinie bijtreedt in haar analyse dat onze vrijheden onder druk staan,
ben ik van mening dat de aanval uit een meer onverwachte hoek komt dan die van
de terroristen. Het gevaar schuilt niet in de aanslag op de redactie van
Charlie Hebdo zelf, maar in de manier waarop wij erover denken en praten.

Om duidelijk te maken wat
ik bedoel, is het nuttig om vooraf even te verzekeren dat we het allemaal over
hetzelfde hebben en eerst stil te staan bij enkele centrale begrippen,
begrippen als ‘geweld’, ‘macht’ en ‘vrijheid’.

Laten we beginnen bij het
meest voor de hand liggende: geweld. Hoewel we ongetwijfeld lange avonden
zouden kunnen vullen met diepe discussies over wat een gewelddaad precies is,
kunnen we ons hier beperken tot een zeer eenvoudige invulling van het begrip: geweld
is elke vorm van intentionele fysieke agressie, onafhankelijk van enige context
of rechtvaardiging. Simpel.

Minder eenvoudig wordt
het, indien we ons buigen over de soms verwante, maar tegelijk steeds sterk
verschillende notie van macht. De discussie over wat macht precies is heeft,
naast lange avonden, menige academische turf gevuld en het begrip is en blijft
problematisch. Maar ook hier stel ik voor dat we ons beperken tot een
eenvoudige definitie, meer hebben we in dit geval niet nodig. We definiëren
macht als elke relatie die wordt gekenmerkt door onevenwicht en maatschappelijk
wordt gelegitimeerd. De staat heeft macht over een onderdaan, een agent over
een burger, een ouder over een kind, een werkgever over een werknemer. Deze
macht heeft nog enkele andere kenmerken. Zo heeft elke vorm van macht één of meerdere
middelen ter beschikking om zich te bestendigen: consensus, rechtsmiddelen,
manipulatie, dreiging en ja, soms zelfs geweld. Daarnaast is macht in de regel
begrensd. Staat, agent, ouder of werkgever, allen zijn ze beperkt in de
modaliteiten van hun macht. Overschrijden ze deze grenzen, dan verliezen ze de
maatschappelijke legitimering van hun overwicht. Ze verliezen hun macht.

Wat ons bij ons laatste
begrip brengt. Want daar waar macht ophoudt, daar begint vrijheid. Onderdaan,
burger, kind of werknemer, allen vervullen ze een ondergeschikte rol in een
onevenwichtige relatie, maar tegelijk worden ze allen geacht beschermd te zijn
tegen een ongeoorloofde machtsuitoefening. Ze hebben allen rechten, vrijheid.
Vrijheden – zoals de vrijheid van meningsuiting – zijn garanties tegen macht. Ze
zorgen ervoor dat macht enkel legitiem kan zijn binnen bepaalde grenzen.

De relatie tussen
vrijheid en geweld is echter moeilijker. Vrijheid is immers geen garantie tegen
geweld. In het beste geval werkt een bestaande vrijheid ontradend door een
potentiële geweldenaar te waarschuwen dat zijn of haar daad geen legitimiteit
heeft en dus zal worden bestraft, maar het effect zal altijd na de feiten komen
en kan nooit preventief zijn. Het bestaan van een recht of een vrijheid sluit
geweld dus nooit uit, maar voorkomt dat ongeoorloofd geweld legitiem deel gaat
uitmaken van het maatschappelijk weefsel. Vrijheid beschermt de samenleving,
niet het individu.

Omgekeerd heeft geweld
evenmin een directe impact op vrijheid. Een loutere gewelddaad kan vrijheid
nooit ontmantelen, enkel macht kan dit doen. Een praktisch voorbeeld
verduidelijkt dit. Stel dat ik ruzie heb met mijn vriendin en dat ik het
tirannieke type ben en niet vind dat een vrouw een man zomaar kan tegenspreken.
Overtuigd van mijn gelijk, vermoord ik haar. Zo, ruzie gewonnen. Betekent dit
nu dat het recht op leven van vrouwen in België in gevaar is? Uiteraard niet.
Mijn gewelddaad kent geen enkele legitimiteit en al wat dit betekent, is dat ik
de rest van mijn leven terecht achter tralies doorbreng. Iets wat ik overigens
had kunnen weten, de bestaande rechten en vrijheden van mijn vriendin waren een
duidelijke waarschuwing.

Stel nu echter dat de
politie ter plaatse komt en vaststelt dat het inderdaad nogal kort door de
bocht is voor een vrouw om een man tegen te spreken en de rechter dit bevestigt
door mij vrij te spreken. Gevolg? Alle vrouwen in dit land kunnen maar beter
maken dat ze wegkomen, want van hun recht op leven is geen sprake meer. Niet
omdat ik geweld heb gebruikt tegen een vrouw, maar omdat mannelijke dominantie
en de mogelijkheid die af te dwingen via geweld maatschappelijk werden
gelegitimeerd. Omdat mannen nu een middel hebben gekregen om de vrijheden en
rechten van vrouwen uit te wissen: macht.

Wanneer we dezelfde
redenering toepassen op de aanslag op Charlie Hebdo, moeten we concluderen dat
hier geen sprake kan zijn van een aanval op onze vrijheid van meningsuiting.
Deze terroristische daad was een vorm van geweld, maar zonder enige
legitimiteit. Het was geweld zonder macht. De fundamenten van onze samenleving
zijn ongeschonden en de daders hadden ook nooit de mogelijkheid om ze te
beschadigen. Toch is dit niet de narratief die we vandaag hanteren. Charlies
aller lande gaan er prat op dat we nu nog zoveel meer dreigen te verliezen dan
we al hebben verloren. En dit heeft enkele kwalijke gevolgen.

Ten eerste wordt terroristen op die manier een impact toegedicht die ze simpelweg niet hebben.
De mannen met Kalasjnikovs hebben het maximum behaald van wat ze konden
bereiken: het zinloze verlies van twaalf mensenlevens. De juiste reactie hierop
is verdriet, niet angst. Maar als we deze twee idioten opblazen tot mythische
reuzen die onze vrijheden kunnen vertrappelen, is angst moeilijk te vermijden.
En dan klinken zelfs andere idioten die het leger de straat op willen sturen
als redelijke staatsmannen.

Een tweede gevolg is dat
de menselijke tragedie die werd aangericht niet naar waarde wordt geschat. In
plaats van empathie en medeleven te tonen met de slachtoffers, maken we onszelf
ook tot slachtoffer. Ook wij verdienen nu aandacht. Hoe goedbedoeld deze
reactie ook moge zijn, ze is inherent narcistisch. Wij zijn niet Charlie. Wij
zijn medemensen van zij die werden gedood, van zij die geliefden zijn verloren,
maar niemand heeft ons persoonlijk aangevallen. Het verdient aanbeveling dit
niet te vergeten.

Maar het meest nefaste
gevolg van onze houding wanneer we met dergelijk terrorisme worden
geconfronteerd, is dat we niet alleen de daders uitvergroten, maar in één
beweging ook onze vrijheden bagatelliseren. Vrijheid is niet broos of kwetsbaar,
mensen zijn dat wel. Er is dus meer nodig om de fundamenten van onze
samenleving te doen wankelen dan om een mensenleven te verwoesten. Wanneer we dit
echter ontkennen, stellen we onszelf bloot aan allerhande gevaren. Zo leren we
vrijheid zien als tijdelijk en vluchtig. Zo zullen we sneller geneigd zijn toegevingen
te doen om onze vrijheid te beschermen. En zo dreigen we onze vrijheid te
grabbel te gooien voor de enigen die haar echt kunnen afnemen: niet de daders
van geweld, maar de houders van macht. Ook dat is iets wat we beter niet te
snel vergeten. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!