Voorpagina samenvattingsdocument over het detentie- en verhoorprogramma van de CIA

CIA verschuilt zich achter Israëlische jurisprudentie bij martelpraktijken

De CIA verwijst herhaaldelijk naar uitspraken van het Israëlische hooggerechtshof in haar verdediging van haar martelmethoden. Dit stelt het Amerikaanse Senaat vast in een rapport over het detentie- en verhoorprogramma van de inlichtingendienst. De eerste reacties zijn vernietigend.

donderdag 11 december 2014 19:16

Op dinsdag 9 december verscheen een 525 bladzijden tellende samenvatting van het rapport Committee Study of the Central Intelligence Agency’s Detention and Interrogation Program, geschreven door het Senate Intelligence Committee, de Inlichtingencommissie van de Amerikaanse Senaat. Het volledige rapport dat 6.700 bladzijden telt, is nog niet verschenen.

Na de ontdekking dat de CIA 92 videobanden had vernietigd waarop verhoren staan van terrorismeverdachten, startte het onderzoek in 2009. Los daarvan was enkele maanden geleden ontdekt dat de Obama-regering in uitspraken van het Israëlische hooggerechtshof naar gerechtelijke redenen zocht voor het doden van Amerikaanse burgers zonder proces.

Rechtsstaat

De CIA heeft naarstig geprobeerd om martelmethoden binnen de kaders van de wet te plaatsen. Herhaaldelijk heeft de CIA hiervoor uitspraken van het Israëlische hooggerechtshof moeten raadplegen. Bijvoorbeeld een rechtelijke uitspraak uit 1999 die juridisch veel ruimte zou geven voor het gebruik van martelmethoden.

In november 2001 dacht de CIA over de mogelijkheden van het juridisch legitimeren van specifieke martelmethoden die doorgaans gebruikt worden in landen waar geen democratie of een rechtsstaat regeert. De samenvatting van het Amerikaanse Senaat vermeldt hierover dat in de Algemene Raad van de CIA een juridisch ontwerp werd besproken dat CIA-agenten toelaat om martelmethoden te gebruiken:

“De CIA zou mogen stellen dat marteling noodzakelijk was om dreigende, significante, fysieke schade aan personen te voorkomen, als er geen andere beschikbare middelen zijn die de schade kunnen voorkomen.” 

Het document vervolgt dat de CIA het voorbeeld van Israël als mogelijke basis voor dit juridisch ontwerp wilde gebruiken. Een jaar later, op 1 augustus 2002, diende Israël wederom als voorbeeld in een officieel bericht voor het Witte Huis. De tekst bevatte een beschrijving van een “noodzakelijke verdediging tegenover mogelijke beschuldigingen van marteling”.

Gelogen

Het rapport van het Amerikaanse Senaat is “een krachtige aanklacht tegen het systematische en extensieve gebruik van marteling door de inlichtingendienst”, stelde mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch vast op woensdag 10 december. Alleen al de samenvatting geeft een lange opsomming van onjuiste uitspraken van de CIA over haar werkzaamheden. De inlichtingendienst heeft vaak geen waarheid gesproken en bleef publiekelijk volhouden dat ze altijd op een effectieve en rechtmatige manier te werk gaat. 

In de samenvatting staat verder te lezen dat de CIA gelogen heeft over de effectiviteit van haar martelprogramma. De inlichtingendienst beweerde door marteling waardevolle informatie over terroristische aanslagen te hebben ingewonnen, waaronder het verhaal dat terroristen in Saoedi-Arabië een terroristische aanval op Israël hebben gepland. Dit verhaal bleek door de inlichtingendienst verzonnen te zijn.

Het dikke rapport geeft een overzicht van de momenten en manieren waarop de CIA geprobeerd heeft om wandaden te verhullen en democratische procedures te belemmeren. Zo heeft ze aan Justitie, het Witte Huis en het Congres valse beweringen gedaan over de omvang, aard en noodzaak van het martelprogramma. Maar functionarissen van het Witte Huis blijken al vanaf het begin te hebben geweten dat het martelprogramma onwettig was. De regering hield de Nationale Veiligheidsraad en het ministerie van Defensie in onwetendheid. 

Verhoormethoden zoals water boarding, seksuele marteling, slaaponthouding, bedreiging met verkrachting of moord van dierbaren, elektrocutie en gedwongen “anale voeding” waren in de praktijk excessiever en gruwelijker dan wat wettelijk is toegestaan. “We hebben hoummous in iemands rectum gestopt”, zei VOX-journalist Ezra Klein op 9 december. “Hoe slecht je over Amerika’s martelprogramma dacht, het blijkt erger te zijn. Wat ze [Inlichtingencommissie van het Amerikaanse Senaat] in detail beschrijven is zo ongelofelijk grotesk en gruwelijk. En zo beschamend, voor een Amerikaan.”

Verbeterde verhoortechnieken

Kenneth Roth, voorzitter van Human Rights Watch, zei: “Het rapport van het Senaat mag niet op een plank verstoffen. Het moet een basis zijn voor een strafrechtelijk onderzoek naar de martelgebruiken van Amerikaanse ambtenaren. (…) Omdat de Obama-regering er niet in is geslaagd om de verantwoordelijken te berechten, bestaat het risico dat marteling een politieke beleidsoptie kan worden bij de komende veiligheidsdreigingen.”

In januari 2009, op zijn tweede dag als president, ondertekende Barack Obama het besluit om CIA’s geheime detentiecentra te sluiten en om “verbeterde verhoortechnieken” niet meer te gebruiken. Deze technieken bleken een eufemisme voor marteling en andere gruwelijke of onmenselijke behandeling, concludeerde Human Rights Watch.

Hoewel marteling en andere vormen van mishandeling van mensen in hechtenis een schending is van de nationale wetgeving en het Internationaal Recht, is geen enkele Amerikaanse functionaris berecht die verantwoordelijk is voor de ontwikkeling of uitvoering van het martelprogramma.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!