Russisch gas over Turkse bodem
Analyse -

Russisch gas over Turkse bodem

Turkije mag van Poetin Russisch gas via een leiding over de Turkse bodem transporteren. Maar aan die South Stream zitten haken en ogen. Door op zonne-energie in te zetten kan Turkije minder afhankelijk worden van buitenlandse energiebronnen. De economie zou ook gebaat zijn bij minder import van kolen en gas, waar de meeste elektriciteit mee wordt geproduceerd.

woensdag 10 december 2014 16:52




Onlangs bezocht de Russische president Poetin Turkije. De
meningsverschillen tussen beide landen over Syrië stonden een
positieve stemming niet in de weg. President Erdogan kan het goed
vinden met Poetin. Hij deelt zowel diens interpretatie van democratie
als zijn aversie jegens de VS en Europa. Poetin draaide om dat laatste niet heen toen hij tijdens een toespraak
op 4 december zei dat ‘het westen Rusland wil verdelen zoals het
dat met Joegoslavië deed.’

Erdogan beschouwde het protest in Istanbuls Gezipark al als een
westerse aanval op zijn Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling
(AKP) en het ‘succes van Turkije’. Op 27 november jl. zette hij
zijn retoriek tegen de VS en Europa kracht bij tijdens een
bijeenkomst van de Organisatie voor islamitische samenwerking: ‘Geloof me, ze mogen ons niet. Buitenstaanders doen zich aan ons
voor als vrienden, maar zien onze kinderen graag doodgaan.’

Ook tijdens het bezoek van paus Franciscus viel Erdogan uit tegen
westerse landen. Toen omdat zij een bezoek toestonden van de door hem
verguisde Egyptische president al-Sisi.

Poetin heette al-Sisi welkom in Sochi, maar kreeg daar opvallend
genoeg geen enkel verwijt over van Erdogan. Het was duidelijk dat de belangrijke zaken die tijdens Poetins bezoek
aan de orde kwamen door niets in de weg gestaan mochten worden. Zoals
de intentie om de handel tussen Turkije en Rusland tot 100 miljard
dollar uit te breiden in 2020.

South Stream

De verrassing kwam toen Poetin verklaarde dat Rusland zal stoppen met
het South Stream project, waarmee 63 miljard kubieke meter Russisch
aardgas door een pijpleiding onder de Zwarte Zee via Bulgarije naar
de EU zou stromen.

Poetin heeft de buik vol van de Bulgaren. Zij vertraagden het project
naar zijn zeggen met steun van de EU. Dus zette hij er een streep
door. Stevige tegenvaller voor Bulgarije, dat zich al verheugde op de
inkomsten die het als doorvoerland zou incasseren.

Om voor de hand liggende redenen wilden de Russen met het South
Stream-traject Oekraïne omzeilen. Turkije werd het alternatief.
Poetin en Erdogan kwamen overeen om Russisch gas via een leiding over
de Turkse bodem naar een transmissiestation nabij Griekenland te
transporteren.

Turkije, dat drie miljard kubieke meter extra gas zal afnemen, en zo
na Duitsland de grootste gasklant van Rusland blijft, kreeg als kers
op de taart een korting aangeboden. Aardig gebaar, al betaalt de EU
per eenheid Russisch gas al tien dollar minder dan Turkije.

Neerwaartse spiraal

Aan deze deal met Rusland kunnen politieke haken en ogen zitten. De
EU was al niet helemaal blij met South Stream; mogelijk bevalt
Turkey Stream’ nog minder. Heel voorstelbaar dat de EU er niet gerust op is om voor gastoevoer
afhankelijk te zijn van Turkije, dat niet alleen in toenemende mate
gekenmerkt wordt door antiwesterse sentimenten, maar ook aan een in
politiek opzicht instabiel gebied grenst.

Daarnaast is er de westerse boycot van Rusland. Brussel zal het niet
appreciëren dat dit land de helpende hand geboden krijgt door een
kandidaat voor EU-lidmaatschap. Een andere complicerende factor is dat de economie van Rusland in een
diep dal zit, wat consequenties kan hebben voor de aanleg van Turkey
Stream.

Turkije kan in meer opzichten meegesleept worden in de neerwaartse
spiraal van de Russische economie. Zo is er de toerismesector. Er komen veel Russische toeristen naar
Turkije. Vorig jaar 4,4 miljoen; alleen uit Duitsland kwamen er meer. De val van de Russische roebel kan leiden tot minder toerisme, dan
wel tot toeristen die minder uitgeven. Dat weegt zwaar, want vier
procent van het Turkse BNP is gebaseerd op toerisme.

Deze vrees komt boven op andere zorgen.

Lagere export

Het afgelopen jaar heerste in Ankara een optimistische stemming over
de economie. Door groeiende export en aardige cijfers over
binnenlandse vraag. Nog veel mooier leek het te worden met de lagere olieprijs. Ieder
land dat olie importeert, en als gevolg daarvan een groot
handelstekort kent, is gebaat bij goedkope olie. Dus Turkije ook.

Dit goede nieuws werd getemperd door het terugvallen van de export
met 6,4 procent in november. Vooral naar het geplaagde Europa werd
minder geëxporteerd. Eerder daalde vooral de export naar landen in
de regio, maar nu dus ook naar Europa.

Of die daling zich voort zal zetten moet afgewacht worden, maar
uitgesloten is het niet. De Turkse doelstelling om te profiteren van
de westerse boycot van Rusland zou dat kunnen compenseren, al
moet door de Russische crisis afgewacht worden in hoeverre dat gaat
lukken. In ieder geval exporteerde Turkije de eerste drie maanden van
dit jaar minder naar Rusland dan in dezelfde periode vorig jaar.

Renteverhoging

Een extra tegenvaller volgde toen deze week bleek dat de
industrieproductie in oktober met 1,8 procent daalde. Bijna een
procent meer dan verwacht. De lira viel er pardoes door naar de
laagste waarde in twee maanden ten opzichte van de dollar.

Verder benadrukken nieuwe optimistische cijfers over het herstel van
de economie in de VS de kans op een Amerikaanse renteverhoging, wat
kan leiden tot een voor Turkije lastige krimp van de kapitaalstroom
uit het buitenland.

Het op de lagere olieprijs volgende optimisme verdween door dit
nieuws uit de VS als sneeuw voor de zon. Voor economieanalist Erdal
Saglam toont dat de kwetsbaarheid van de Turkse economie. En hoe
weinig die voorbereid is op de negatieve impact van externe
ontwikkelingen.

Die kwetsbaarheid werd eerder al door verschillende
economen
onderkend, om door het nieuwe jaarrapport
van het IMF over Turkije in veel opzichten bevestigd te worden. De
voorstelling van zaken daarin is nog aan de zonnige kant, met een
verwachte groei van drie procent. Deze week werd bekend dat het BNP
in het derde kwartaal van dit jaar maar met 1,7 procent toenam.

Babacan

In tegenstelling tot sommige partijgenoten blijft vicepremier Babacan
realistisch. ‘We kunnen niet altijd afhankelijk blijven van dalende
olieprijzen’, zei hij.

Babacan dringt aan op diversiteit in de energiewinning. Dat wil
zeggen, op meer duurzame energie. Klinkt een beetje vreemd, aangezien
slechts een klein deel van de elektriciteitswinning in Turkije op
olie draait, terwijl de rest wordt opgestookt door de vervoersector.
Duurzame energie is daar geen alternatief voor.

Toch heeft Babacan een punt,. De economie zou ook gebaat zijn bij
minder import van kolen en gas, waar de meeste elektriciteit mee
wordt geproduceerd. Daar is duurzame energie wel degelijk een
alternatief voor.

Zonne-energie

Andere landen zijn verder met duurzame energie dan Turkije. Zoals
Duitsland. Zonne-energie leverde daar vorige zomer 39.000 megawatt. Ter
vergelijking: eind 2012 bedroeg de capaciteit van Turkse gas- en
kolencentrales 35.027 megawatt. Door op zonne-energie in te zetten kan Turkije dus minder afhankelijk
worden van buitenlandse energiebronnen. Dat heeft niet alleen een
positief effect op het handelstekort, maar is ook goed voor het
milieu.

Natuurlijk, Duitsland heeft een voorsprong met zonne-energie. Maar
wat daar kan, moet in Turkije ook kunnen. Duitsland beschikt niet
over technologie waar Turkije geen toegang toe heeft. Bovendien is
Turkije veel geschikter voor zonne-energie dan Duitsland. Naast
Spanje leent geen Europees land zich daar beter voor. Omdat de zon
tijdens de zomermaanden vaak en intens schijnt en er veel ruimte is
voor photo-voltaic panels

Plannen

In de economische plannen die de regering vorige maand bekendmaakte, werd geanticipeerd op de groeiende energiebehoefte van Turkije. In
deze plannen stond ook een clausule over duurzame energie. Een goede
zaak, al is er nog veel werk aan de winkel.

Momenteel liggen honderden aanvragen voor vergunningen om
zonne-energie te winnen bij de Turkse Autoriteit voor de regulering
van de energiemarkt (EPDK). Vooralsnog krijgen echter maar 27
aanvragers een vergunning. Om twee redenen.

De eerste is dat aanvragers niet alle vereiste documenten kunnen
overleggen, wat in een aantal gevallen zo is, maar lang niet in alle. Het tweede argument is dat de infrastructuur nog niet geschikt is
voor de transmissie van zonne-energie. Dat zal best, maar met de
aanleg van de infrastructuur voor de geplande kerncentrales wordt
veel meer haast gemaakt.

In 2050 hoopt Duitsland volledig op duurzame energie te zijn
overgegaan. De Duitse kerncentrales die nu nog elektriciteit
produceren, zijn tegen die tijd al jaren geleden op non-actief
gegaan. Turkije heeft dan minstens twee kerncentrales, die zoals de
regering onlangs bekendmaakte honderd jaar zullen functioneren. Dat
blijven toch heel verschillende benaderingen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!