De federale kunstcollecties naar Antwerpen?
Opinie -

De federale kunstcollecties naar Antwerpen?

Er voltrekt zich in Brussel een heuse politieke stratego met topcollecties hedendaagse en moderne kunst. Als we het op lange termijn bekijken, past het mooi in wat een communautaire strategie van N-VA inzake cultuurpolitiek zou kunnen zijn: een transinstitutioneel cultuurcomplex als 'Vlaamse vuurtoren' rondom of zelfs op de gedempte dokken op 't Zuid? U weet wel, de toekomstige hoofdstad van de republiek Vlaanderen?

woensdag 10 december 2014 21:58

‘Citroëngarage krijgt geen moderne kunst’, kopte de voorpagina van De Standaard op 9 december, de dag na de laatste provinciale stakingsdag in Brussel, Waals- en Vlaams-Brabant. Een fait divers, zou je kunnen denken, om het toch maar niet over het sociaal verzet te moeten hebben. Toch zeggen ze er politiek-strategisch veel mee, zonder het evenwel te zeggen. Het legt zelfs een hele confederale N-VA-agenda bloot voor de volgende jaren. Een toelichting bij de kaarten die nu reeds op tafel liggen.

Kunstzwendel

Laten we eerst wat klaarheid proberen scheppen over de carrousel met kunstcollecties die zich nu afspeelt. Binnen de separatistische logica moet wat waardevol, mobiel en federaal is naar Vlaanderen verhuizen. Naar Antwerpen bijvoorbeeld, na de splitsing van België, de toekomstige hoofdstad van republiek Vlaanderen.

Het gaat om twee collecties, te beginnen bij de zowat vierduizend stukken van de collectie moderne en hedendaagse kunst. Die zijn van Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België. Deze federale collectie werd in 2011 in depots ondergebracht omdat museumdirecteur Michel Draguet in de benedenzalen het Fin-de-Sièclemuseum inrichtte. Dat was, naast het Magrittemuseum, een nieuw themamuseum. Het is voornamelijk opgebouwd rond de collectie Gillion-Crowet, een privéverzameling met Franse art nouveau en symbolisme.

Dat is die tweede collectie. Het is prachtige schenking aan het Brusselse Gewest, en ze is helemaal op zijn plaats in het thematische Fin-de-Sièclemuseum. De tentoonstelling van deze collectie was een pareltje met internationale uitstraling. Het gaat evenwel over een periode van artistieke renaissance die het Belgische Brussel vorige eeuw doormaakte, niet bepaald het lievelingsonderwerp van Vlaamsnationalisten.

De collectie Gillion-Crowet van het Brusselse Gewest zit vandaag dus in een federaal themamuseum. Ondertussen werkt het Brusselse Gewest mee aan nieuwe bestemming voor die federale collectie van vierduizend stuks moderne en hedendaagse kunst: het vatte het plan op om deze collectie de komende jaren voorlopig te presenteren in het Vanderborghtgebouw.

Dat is allemaal netjes gepland: er is een studie van 750.000 euro besteld om de aanpassingen van die infrastructuur te voorzien en een bedrag van zeven miljoen euro geblokkeerd. Dat lijkt veel, maar het gaat dan ook om erg waardevol historisch erfgoed. Ondertussen werkte het Brusselse Gewest aan de opstart van een nieuw kunstmuseum in het Citroëngebouw. De aankoop was nog voor dit jaar in december gepland.

Nu blijkt dat de federale collectie toch federaal moet blijven. Dat schrijft staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Elke Sleurs (N-VA) in haar beleidsnota. Ze verwijst daarvoor naar het regeerakkoord, dat zegt dat waardevolle infrastructuur in stand houden prioriteit heeft op nieuwe initiatieven. Maar er is momenteel geen ‘infrastructuur’ waarin de collectie terecht kan, tenzij in de kelder.

Boedelscheiding

Met haar beslissing trekt Sleurs een vette zwart-gele streep door zowel het gevoerde federale cultuurbeleid als dat van het Brusselse Gewest. Het betekent dat de complexe nieuwe organisatie in thematische musea die de voorbije jaren werd uitgewerkt, nota bene een samenwerking tussen de Federale regering en Brusselse Gewest, integraal op de helling komt te staan. Het moet nu allemaal herbekeken worden. Wat nu met het Fin-de-Sièclemuseum, het Vanderborghtgebouw en de Citroëngarage? Waarheen dan, die kunstcollecties?

Welke poker spelen de separatisten nu? De artistiek directeur Michel Draguet, tevens ULB-professor met een PS-signatuur, werd in het verleden door N-VA met spot overladen voor zowat alles wat aannemers in de bestaande infrastructuur verkeerd doen of wat er op federaal niveau inzake cultuurpolitiek fout loopt. Het zou allemaal een illustratie zijn van hoe rot België toch wel is. Vanwege de PS natuurlijk, dat spreekt.

Stel u nu even een boedelscheiding voor. De collectie Gillion-Crowet is inhoudelijk allesbehalve interessant voor Vlaamsnationalisten. Als die in een federale instelling zit, dan zit ze voor hen in de weg. Als daarentegen een federale collectie van moderne en hedendaagse kunst naar het Brusselse Gewest afdaalt, dan kunnen ze die niet naar het Vlaamse achterland halen. Ondertussen heeft het Brusselse Gewest tevergeefs een zware financiële inspanning gedaan voor een tijdelijke opvang van de federale collectie in het Vanderborghtgebouw.

Met dit schaakspel zet Sleurs zowel de socialisten als de liberalen in de Brusselse regering onder druk. Zullen ze nu open staan voor een noodoverleg? De liberale familie spelen hier op drie niveaus, federaal, Brussels Gewest en Vlaamse gemeenschap. Het zou hun collega Open VLD, Vlaams Cultuurminister Gatz, eventueel goed kunnen uitkomen.

Want die doet naar eigen zeggen aan expectation management: hij houdt de Vlaamse cultuursector een wortel in de verre toekomst voor. Stel u voor dat hij binnen twee jaar kan zeggen: kijk eens, (een groot deel van) deze grote federale collectie komt erbij voor Vlaanderen. Minister Gatz koos voor Eva Vanhengel als woordvoerder, de dochter van zijn collega Guy Vanhengel, de Brusselse liberale minister van Financiën. Als het Brusselse Gewest een cultuurdeal zoekt, dan is die in partijpolitiek opzicht snel gemaakt.

Atoma-schriftjes

Nu zou je kunnen denken, och ja, dit is toch maar een zoveelste partijpolitiek spelletje binnen Brussel? Helaas is de kunst en dus de cultuurliefhebber weer het kind van de rekening. Toch zit er meer achter, anders zou N-VA het niet zo hard spelen. Op federaal niveau geldt de afspraak dat het even communautaire vrede moest zijn en nu voert N-VA al meteen een communautaire aanval uit op het Brusselse Gewest, waar hun regeringspartners, de liberalen en christendemocraten met de socialisten besturen?

Dat N-VA uitgerekend tijdens de hete herfst hier met de voetjes vooruit gaat, wijst op een geheime agenda. Ook al beweren de mandatarissen van N-VA – van Elke Sleurs tot Cathy Coudyser en Cieltje Van Achter – in koor dat ze het ‘onvoorstelbaar’ zouden vinden dat de federale kunstcollecties gesplitst worden, het klinkt behoorlijk vals uit de mond van separatisten. Wat ze natuurlijk bedoelen is dat ze niet naar Brussel mogen gaan, ze zijn voor Antwerpen bestemd.

Wat zijn daar de aanwijzingen voor? Die vinden we om te beginnen bij vicepremier en minister van Binnenlandse zaken Jan Jambon die vandaag werkt in wat hij ‘het sterfhuis’ noemt: de federale regering. Hij liet tijdens een lezing van het KVHV horen dat er “naast het regeerakkoord Atoma-schriftjes in de kluizen liggen van de vier regeringspartijen. Daarin staan afspraken over grondwetsartikelen die voor herziening vatbaar verklaard zullen worden. Ik denk dat we zelfs artikel 195 over de procedure van staatshervormingen zullen kunnen pakken.”

Dat artikel 195 bepaalt dat enkel die artikels van de grondwet aangepast mogen worden die de vorige regering vatbaar voor verandering verklaarde. Het belet dus elke grondwetsherziening, tenzij de uittredende regering daar de deur voor open zou gezet hebben.

Het wijst allemaal op de communautaire strategie die N-VA nu in stilte voorbereidt, en de uitlaat van Jambon diende om de N-VA-achterban gerust te stellen dat over vijf jaar wel een grondige nieuwe stap kan gezet worden in de richting van volledige autonomie. “N-VA moet artikel 195 laten opnemen in het ‘Zweedse’ regeerakkoord”, zei professor Bart Maddens in september, zodat een grondwetsherziening in 2019 niet op voorhand onmogelijk wordt gemaakt. De separatistische achterban zal niet aanvaarden dat het confederalisme voor minstens 10 jaar opgeborgen wordt”. 

Het protest van de N-VA-achterban is beperkt. Die leek er zich bij neer te leggen dat de N-VA geen communautaire eisen kon stellen, omdat de partij niet onmisbaar was. De schrik om op alle niveaus opzij te worden geschoven zat er diep in. Toen dat niet gebeurde, was de opluchting zo groot dat men er de communautaire knieval maar bijnam. Het alternatief was geweest: vijf jaar oppositie. Maar daarna zou het N-VA-momentum misschien voorbij zijn.

Belangenconflicten

Maar er is “hoop” voor de toekomst. Nu de Vlamingen de macht grijpen in België, via Michel I, zullen de Franstaligen mogelijks zelf vragende partij worden voor confederalisme (en dus voor het opnemen van artikel 195), zo hoopt men in die kringen.

Volgens sommigen zal deze coalitie het federale systeem ontwrichten, want er is geen enkele partij die een brugfunctie kan vervullen tussen de federale regering enerzijds en de Waalse en de Franstalige regering anderzijds. We krijgen dus vijf jaar vechtfederalisme. Als de PS-deelregeringen stokken in de wielen steken met belangenconflicten, dan is meteen het bewijs geleverd dat ‘het federale België niet werkt’.

En nadien ligt de weg naar het confederalisme breed open. Communautaire provocaties zijn dus nodig voor N-VA, want er moet aan Franstalige kant een draagvlak komen voor een splitsing. De PS-zwaargewichten Marcourt, Magnette staan al langer op een regionalistische lijn. De clan-Reynders binnen de MR beweegt ook. Zij zoeken toenadering tot de PS, zegt Le Vif en leggen daar ook contacten voor. Om de volgende stap voor te bereiden: confederalisme. “Ze willen de spanningen verlichten, samenwerken waar mogelijk, discussiëren over de toekomst van de regio’s en … de confederale bocht voorbereiden die de N-VA zonder twijfel tijdens het tweede deel van de legislatuur zal op tafel leggen.”

Kortom, wil N-VA slagen in de opzet die Jambon aangeeft, dan moet die partij het debat rond alle belangrijke concrete dossiers communautariseren. Hervormingen die aansturen op privatisering van instellingen zijn voor separatisten ook wenselijk, want dan zijn ze alvast niet langer federaal. Ook de aanval op de vakbonden kadert in een strijd tegen federale instellingen (zoals de NMBS en Bpost). Evenzo de bovenvermelde politieke zwendel met kunstpatrimonium.

Regeerakkoord

Nog aanwijzingen? Al wat niet in Atoma-schriftjes staat, vinden we misschien wel in het regeerakkoord zelf. U weet wel, de stenen tafels waarmee de nieuwe Vlaamse Mozes van de berg kwam deze zomer: de Antwerpse burgemeester, tevens schaduwpremier van België. Die houdt er stellig aan dat alle oplossingen vandaag in het regeerakkoord te lezen zijn. In dat geval wordt een en ander duidelijk.

In het Vlaamse regeerakkoord lezen we bijvoorbeeld: We blijven investeren in het eigen cultuurpatrimonium. De grondige renovatie van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen (KMSKA) wordt afgerond. We investeren in de vernieuwing van het Kasteel van Gaasbeek, de Singel, het M HKA en de stedelijke operagebouwen in Gent en Antwerpen.“ (p. 134) Maar wat dan bijvoorbeeld met het museum SMAK in Gent? Mu.ZEE in Oostende? Museum M in Leuven? Vergeten we die even? Dat zijn weliswaar stedelijke musea, maar moeten we dat dan letterlijk opvatten: iets dat op termijn simpelweg van stedelijk niveau is? Is het toeval dat net in al deze steden een socialistische burgemeester op post is? Opvallend ook dat er geïnvesteerd wordt  in beton, op een moment dat er de drastisch bespaard wordt op kunstenaars en organisaties.

In de beleidsnota van Cultuurminister Gatz lezen we nog heel wat dat weinig aan de verbeelding overlaat. Het begint onschuldig: “De grondige renovatie van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen (KMSKA) zal ertoe leiden dat het KMSKA in de beste omstandigheden haar collectie kan beheren en tonen. (…) De renovatie gaat ook gepaard met een aanzienlijke uitbreiding van de bestaande museale ruimte om zo het KMSKA te laten uitgroeien tot een museum van de toekomst.” Dat er plannen waren met het KMSKA is niets nieuws natuurlijk, maar hier klinkt toch wel veel goesting door.

Blijkt echter dat Gatz ook de functie van de grote instellingen van de Vlaamse Gemeenschap (IVG) wil herbekijken. Hij wil ‘heldere ambitieniveaus en duidelijke en meetbare doelstellingen’. Deze instellingen werden nota bene het minst zwaar getroffen bij de sanering: slechts 2,5 procent in vergelijking met 7,5 procent voor de andere instellingen.

Hertekening

De minister schrijft: “De rol van de kunstinstellingen in het landschap zal in functie van een evaluatie van deze groep (IVG) bepaald worden in de visienota kunsten. Op die manier wordt duidelijk welke opdracht de kunstinstellingen moeten opnemen voor het ruime kunstenveld. Ook voor het M HKA en KMSKA zal de Vlaamse overheid hun rol en ambitie bepalen.” Er wordt dus een grote hertekening van het veld aangekondigd. Bij toeval krijgt Antwerpen hier een sleutelrol. In de strategische doelstelling 9.2.Het KMSKA en het M HKA uitbouwen als expertisecentra en motoren voor een inhaalbeweging in het Vlaamse erfgoed- en museumveld lezen we:

Het beeldende kunstenveld is cruciaal voor de Vlaamse profilering en is ook toeristisch en economisch van groot belang. De twee Vlaamse musea zie ik als expertisecentra en motoren voor een inhaalbeweging in het Vlaamse erfgoed- en  museumveld. Beide musea vormen de basisinstrumenten voor het Vlaamse collectiebeleid en voor de samenwerking van Vlaanderen op het vlak van patrimonium met de talrijke stedelijke en privémusea. Door de aanwezigheid van topstukken in zijn collectie en zijn rol als wetenschappelijke en collectie beherende instelling geeft het KMSKA invulling aan de rol van topambassadeur.

Door de grondige renovatie van het KMSKA worden het beheer en de ontsluiting van de collectie geoptimaliseerd, wat het museum de mogelijkheid biedt om uit te groeien tot een museum van de toekomst. Als wetenschappelijke instelling zal het KMSKA zijn positie en internationale reputatie versterken, wat de samenwerking met vooraanstaande buitenlandse musea zal stimuleren.

Het M HKA wordt mijn kerninstrument voor het beheer en onderzoek van het hedendaagse kunstpatrimonium van de Vlaamse Gemeenschap. Het M HKA heeft een museale toekomst. Ik verwacht dan ook dat het een permanente collectie uitbouwt die de landelijke ontwikkelingen in hun internationaal perspectief toont. Daarnaast zullen de dimensie van onderzoek en de archiefwerking i.h.b. op vlak van kunstenaarsarchieven een focus blijven en geïntensifieerd moeten worden.”

Vlaamse vuurtoren

Het staat er zo: ‘mijn kerninstrument’. In Antwerpen dromen ze al eens van grootse dingen. Een tweede toren op de kathedraal. Een brug over de Schelde. En waarom niet, een groot nieuw kunstcomplex op de gedempte zuiderdokken? Dat zou toch wel wat zijn, in het licht van die beoogde ‘kracht van verandering’? Bart De Wever, plots de vriend van de kunst, zorgt na het geknoei met De Lange Wapper dan toch voor wat internationale grandeur voor de Antwerpenaar? Meteen een oplossing voor die strijdbare foorkramers? Ideaal bovendien voor de havenbonzen en betonboeren van de club Oosterweel. En op de koop toe mooie statements om in 2019 mee naar de kiezer te trekken, toch?

In retrospectief wordt het ook duidelijk welk faustiaans pact de algemeen directeur van M HKA, Bart De Baere, mogelijks heeft gesloten. In het werkjaar 2012 hing zijn positie intern aan een zijden draaitje wegens wanbeheer. Minister Schauvliege kwam bemiddelen met de Raad van Bestuur. Koen Kennis (N-VA), Antwerpse Schepen voor onder meer financiën en mobiliteit en tevens de rechterhand van Bart De Wever, daalde in 2010 al neer in die Raad van Bestuur. Hij hield De Baere op post.

Na de verkiezingsoverwinning in 2012 mocht de nieuwe burgemeester in het voorjaar 2013 al meteen een nieuwe collectietentoonstelling in M HKA inleiden. Het was een symbolisch moment  deze essayist die de cultuurstrijd met ‘de culturo’ voerde, plots een ode aan de kunst te horen opdragen. Het verliep allemaal in grote nederigheid: hij kende er naar eigen zeggen niet veel van, zou er wel veel respect hebben, en beloofde iets te betekenen voor de kunst ‘in de toekomst.’ Een mooie cliffhanger.

It’s about me, stupid!

Natuurlijk, zo zouden we kunnen denken, op zich doet de directeur van M HKA hier toch gewoon zijn job? Enkele maanden later schreef hij in het cultuurtijdschrift rekto:verso echter zijn sollicitatiebrief bij Bart De Wever: it’s about content, stupid! Plots komt hij met een tekst die op ramkoers met minister Schauvliege gaat. Vreemd toch, als die net zijn intern conflict mee in zijn voordeel had beslecht? Het gaat om een pleidooi voor ‘visie’ en vooral meer ambitie: in Vlaanderen moeten we verticaal durven denken, een grote vuurtoren neerpoten, anders zouden we de internationale boot rateren. In datzelfde stuk verwijst De Baere tussendoor even naar Edmund Burke, intussen de huisfilosoof van t‘ Schoon Verdiep in Antwerpen. Mooie knipoog naar de burgemeester toch?

Dat de andere musea in Vlaanderen, die binnen deze visie dan gedegradeerd worden naar een ‘tweede klasse’ van provinciale spelers, het zou volgens De Baere niet zo’n drama zijn. Hij stelt ‘vouchers’ voor, waarbij de cultuurliefhebber dan gewoon de Eurostar naar Tate London kan nemen. Think Big, weet je wel. ‘Vouchers’, het is nochtans het favoriete idee van de neoliberale grootmeester Milton Friedman die het te onpas vermeldde wanneer er ergens protest tegen de privatisering van een openbare dienstverlening liep: geen nood, geef de klant gewoon een cadeaubon. Het ‘voucher’-voorstel is ook een favoriet in menig N-VA-beleid.

In zijn opinie, waar De Baere de minister als een domme gans wegzet, filosofeert de directeur van het M HKA over een toekomst voor Vlaanderen. Cultuur is belangrijk voor ‘de gemeenschap’, Vlaanderen riskeert de kans te missen internationaal betekenis vol te zijn. ‘We zouden voor een tweesprong staan’: Grofweg gezegd, is het de vraag of Vlaanderen een stedelijke dimensie zal hebben of een banlieue van Brussel zal worden.” Met de cultuurstrijd die zich nu rond de federale kunstcollecties afspeelt, wordt een en ander duidelijk wat er precies met die tweesprong werd bedoeld. De Baere eindigt visionair, het zal zijn De Wever allicht in de oren geklonken hebben:  

“Ofwel focust Vlaanderen verder op een gespreide lokale culturele dienstverlening die centraal gemanaged wordt. (…) Ofwel kiest Vlaanderen voor minstens enkele instellingen die staan voor een grote ‘I’, die fungeren als internationale decision makers van eerste rang. (…) Die instellingen zouden zo representaties worden van hét Vlaamse, overkoepelende cultuurproject, dat dan elders lichter, bewegelijker en punctueler kan worden. Zo’n omslag impliceert wel dat het politieke bedrijf weldoordachte, gerichte en drastische keuzes maakt, ambitieus maar haalbaar. (…) Waarvoor kan Vlaanderen staan, waarvoor wil het instaan? Die keuzes zouden voor een nieuwe culturele blauwdruk voor Vlaanderen kunnen zorgen: een Vlaanderen-in-actie voor 2020 en verder, en niet enkel voor hier en nu. Met aandacht voor verleden, heden en toekomst, en met internationale allures.”

His master’s voice

Zo een plan – Antwerp Art International, zeg maar – veronderstelt een masterplan waar we op termijn toch aanwezigen van moeten zien? Op t ‘Schoon Verdiep komen we nu al een en ander te weten. Blijkt bijvoorbeeld dat het havenbedrijf zijn businessplan aan wat zo mooi ‘bedrijfsmecenaat’ heet aan het heroriënteren is. De Filharmonie en De Singel krijgen plots geen subsidies meer. Volgens radio trottoir zou er meer ingezet worden op instellingen beeldende kunst. Zou het kunnen dat de havenbonzen getipt zijn door his master’s voice? Het is speculatie, dat klopt, maar laten we het toch maar goed in het oog houden.

Nog eentje: heel wat kunstenaars hebben stukken in de collectie van het M HKA zitten, dat strategisch investeerde (en tentoonstellingen plande) waardoor sommige mondige kunstenaars vandaag iets minder geneigd zijn van zich te laten horen. Maar de veelstemmige macht zit natuurlijk rondom dit instituut: het galerijleven op ’t Zuid met enkele grote spelers zoals Zeno X. Wat blijkt? Antwerpen stad, die nochtans heel hard op cultuur bespaart, komt nu wel met 30 000 euro subsidies voor de ‘vzw’ Antwerp Galleries. De galerijen beogen hiermee naar eigen zeggen een grootste reorganisatie. De toelage zal dienen om de digitale aanwezigheid bij te sturen en de verspreiding van de gedrukte folder uit te breiden.

En ook voor het catchy Antwerp Art weekend, een nieuw evenement aan citymarketing dat nocturnes organiseert voor de galerijen. Bart De Wever weet zijn stratego te spelen, zo blijkt, de rest van de sector is nu aan zet. Tot slot, het is natuurlijk een goede zaak dat er nagedacht wordt over een toekomstig kunstbeleid. Maar dan kan onmogelijk democratisch, efficiënt en kwalitatief verlopen als het de speelbal is van een allerhande persoonlijke en politieke agenda’s, die niets met de liefde voor kunst en cultuur te maken hebben. Voila, nu hebben zovele cultuurliefhebbers er weer een reden bij om Hart Boven Hard en de nationale staking maandag met nog meer warmte te steunen. 

http://atv.be/nieuws/2013-06-07/bart-de-wever-opent-karakter-van-een-collectie/#.VIhntl5PrgJ

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!