Repeat after me: “I am free!”

vrijdag 5 december 2014 03:06

Het beleid vandaag is misschien wel
het meest paternalistische beleid dat ik in mijn nog korte levensperiode
heb meegemaakt. Mij lijkt het, op basis van wat historische kennis, een
voorbode voor een meer dictatoriaal beleid, maar dan ééntje dat
gebaseerd is op “vrijheid” in plaats van “gelijkheid”; zoals ik al eens
zei, is er geen contradictie in het spreken over een liberaal
totalitarisme. Dé hoeksteen van het beleid vandaag is
responsabilisering. Dat is natuurlijk gewoon een iets liberaler woord om
‘paternalisme’ mee te omschrijven. Daarnaast staat het perfect in het
verlengde van het vrijheidsideaal (want vrijheid impliceert
verantwoordelijkheid enzo). In de praktijk wijzen zijons op onze verantwoordelijkheden; wij zijn verantwoordelijk voor alle keuzes die wij maken. Zij zijn niet onze voogden; wij hebben ons eigen leven in de hand. Ja, het heeft bijna iets existentialistisch.

Uiteraard is hier een erg voor de hand liggend probleem: als jullie (de politici) ons (het volk) niet helpen, wat zitten jullie dan te doen op de IJzeren Troon? Waar halen jullie het recht dan nog vandaan om ons te commanderen? Wat heeft het nog voor zin om politicus te zijn als jullieons voortdurend wijzen op onze
verantwoordelijkheden? Het is net in die antipolitieke politiek waar
het paternalisme opnieuw binnen treedt. Zoals dat conservatieve en
liberale politici typeert, gaan zij uit van de slechtheid van de mens:
“De mens is in essentie een gemakzuchtig en lui wezen; dus wij zijn er om jullie eindelijk eens wat verantwoordelijkheidszin bij te brengen. Want als wij
het niet doen, zal niemand het doen. Kijk maar naar waar het
hangmatsocialisme en de bepampering hebben geleid! Iemand moet het vuile
werk doen. Dus in plaats van te klagen, zou jij er beter aan doen jouw eigen verantwoordelijkheid op te nemen en ons met rust te laten.” Bizarre opvattingen over democratie hebben die politici…

Heb je last van discriminatie? Gedraag je gewoon normaal en dien
desnoods een klacht in (lees: pleidooi voor sociaal en cultureel
conformisme; de assimilatie van de eigen identiteit). Ben je werkloos?
Zoek gewoon wat harder (lees: wie geen job heeft, is lui en een
profiteur). Depressief? Doe wat meer moeite om gelukkig te zijn (lees:
geluk is een state of mind, onafhankelijk van de materiële en
sociale omgeving). Ben je het niet eens met het huidige beleid? Richt
zelf een partij op (lees: wij doen lekker onze zin, ongeacht wat het
volk zegt). Afijn, u kent het wel, het is gewoon je standaard blame game waarin de totalitaire aard van menig huidig politicus vervat zit.

Dit is paternalisme ten voeten uit. Maar dat kan je natuurlijk van een
beleid verwachten. Van élk beleid. Dit ‘harde’ paternalisme (“wij weten
hoe het moet, luister naar ons”) vertoont echter steeds meer
dictatoriale neigingen (“wie niet luisteren wil, moet voelen”) en dat
was toch alweer enkele decennia geleden. Vrijheid is dus zéér
voorwaardelijk voor onze aanwezige heren en dames politici; aangevoerd
door twee liberale partijen. Liberazi’s, quoi.

De vraag die ik me tegenwoordig steeds meer stel: waarom pikken er nog
zoveel mensen dit beleid? Mijn antwoord heb ik deels gevonden in de
gedisciplineerdheid waarmee mensen herhalen, bevestigen en verdedigen
wat onze huidige beleidsmakers verkondigen. Niet noodzakelijk
rechtstreeks, maar minstens op indirecte wijze. In reacties op wat door
de media verspreid wordt. In gesprekken met familieleden, vrienden en
collega’s. In het (ver)oordelen zonder te willen (!) begrijpen. Dat
‘niet willen begrijpen’ wordt overigens steeds meer geëxpliciteerd, niet
in de minste mate door het verkondigen van het “geen begrip hebben”
voor bepaalde uitspraken of handelingen. Daarmee ga je dialoog uit de
weg en blijf je in het Eigen Grote Gelijk zitten. Het is
micro-dictatuur: “ik luister niet meer naar jou, wat jij zegt is
irrelevant.” Die micro-dictatuur heeft nu een politiek beleid gekregen
dat op dezelfde wijze te werk gaat. Het paternalisme komt dus van beide
kanten (top én bottom) en heeft een wederzijds versterkend effect – net
daarom blijven zovele mensen dit pikken.

Hoe dat te doorbreken? Misschien met sensibiliseringsacties. Liefst zou
ik die zien vanuit autonome (minderheids)groepen, maar ik zal niet
onmiddellijk elk overheids- of bedrijfsinitiatief zomaar afschieten.
Zolang er overheden en bedrijven zijn, lijkt het mij productief om via
sensibiliseringsacties mensen te empoweren die anders geen
platform hebben. Op voorwaarde dat er geen enkele partij het boeltje
kaapt uiteraard, noch dat er wordt gesproken “in naam van” (wil je de voiceless
een stem geven, geef ze dan een micro in plaats van zelf het woord te
voeren!). Voor bedrijven geldt hetzelfde: geen ranzige sluikreclame of
opportunistisch financieel gewin (wie de voiceless op
voorwaardelijke wijze een podium geeft, oefent macht uit en mag
bijgevolg oprotten!). Wat, naast sensibiliseren, een belangrijkere rol
moet spelen, is ludieke, creatieve en radicale agitprop – in woorden én
daden. Daar zijn al veel minder voorstanders van, maar het is net die
tegenstand die moet doorbroken worden. Agiteer mensen door hen uit te
dagen via provocatieve uitspraken en daden, door zaken te laten zien die
ze niet willen zien of die hun verbeelding te boven gaan, door acties
te voeren die een puberale geestdrift belichamen, door conflictueuze
discussies leuk te maken met zelfspot, meta-opmerkingen en de nodige
dosis hartelijkheid. Op internet zou men spreken van trolls. Wel, waarom niet? Ook trolls hebben een doel voor ogen (al was het maar uit puur amusement): elke vorm van paternalisme op zijn knieën brengen, by any means necessary
(zelfs paternalisme met paternalisme bestrijden, want op die wijze kan
je de totalitaire houding van je ‘tegenstander’ in de verf zetten).

Sensibilisering en agitprop zijn maar twee manieren om paternalisme te
doorbreken. Of ze zoden aan de dijk gaan zetten, durf ik niet te
garanderen. Wat ik echter wel durf garanderen, is dat je het niet
doorbreekt via het goedbedoelde paternalisme van de huidige oppositie en
traditionele linkerzijde. Hun paternalisme is de ‘zachte’ variant die
schuil gaat in uitspraken als “vroeger was ik ook zo”, “dat groeit er
wel uit” en “in jouw situatie is dat normaal”. Het is het begripvolle
paternalisme, maar het impliceert nog steeds de banalisering, en in
sommige gevallen zelfs negatie, van de verzuchtingen van de ander. Wat
in dat zachte paternalisme eigenlijk gebeurt, is conformiteit aan de
politiek correcte burgerlijkheid en een projectie van die waarden en
normen op de ander. Het zou namelijk ondenkbaar zijn dat iemand zo
wezenlijk anders is of denkt, dus moet het maar gereduceerd
worden tot een extern probleem (leeftijd, opvoeding, gender,…). Dat
die externe problemen net onderdeel zijn van de burgerlijke constructie,
wordt daardoor niet meer begrepen. U bent ook een deel van het
probleem. Het is dergelijk goedbedoelde paternalisme dat ik nog steeds
merk bij progressieven, linksen en idealisten. Omgaan met dissidentie en
diversiteit gebeurt ter linkerzijde dus op een begripvolle, maar
volstrekt ontoereikende wijze. Men projecteert als het ware een
burgerlijk ideaalbeeld op de ander en gaat alles wat niet in dat plaatje
past op vriendelijke wijze banaliseren of ontkennen.

Concluderend wil ik stellen dat ‘de burger’ een construct is dat altijd
conservatief is. Paternalisme is het middel waarmee men mensen in die
burgerlijke identiteit dwingt; de harde variant door te sanctioneren als
er niet gehoorzaamd wordt, de zachte door diversiteit te accepteren
maar de dieperliggende problemen te verwaarlozen. De burgerlijke
identiteit is uiteraard erg dynamisch en zelfs relatief inclusief.
Radicale handelingen, ideeën of uitspraken kunnen dus perfect
‘verburgelijken’ (wat – jammer genoeg – vaak gepaard gaat met politiek
en/of financieel gewin) door middel van sensibilisering; dat dit beter
werkt in tijden van zacht paternalisme, spreekt voor zich. De agitprop
behoudt in de tussentijd de ziel van al die radicale zaken die
‘verburgerlijkt’ zijn. Sensibilisering is dus nodig omdat het
paternalisme op diplomatische en pacifistische wijze poogt van antwoord
te dienen: het is burgerlijk qua methode, maar radicaal qua boodschap.
Agitprop is echter nog onontbeerlijker omdat de burgerlijkheid nooit
gaat veranderen door diplomatie en pacificatie alleen: conflict is
onontbeerlijk voor verandering omdat het problemen klaar en duidelijk op
de kaart zet. Wie die problemen dan gaat negeren of banaliseren,
belichaamt de ‘zij’ waarmee het ‘wij’ in conflict gaat.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!