Taks shift? Ja, maar niet om het even welke

Taks shift? Ja, maar niet om het even welke

maandag 1 december 2014 16:08

De jongste weken is het debat over een tax shift sterk
aangewakkerd. Alles zou beter zijn dan de huidige hoge belastingen op arbeid. Daarbij
lijkt er een keuze te zijn voor drie mogelijke alternatieven: verschuiving naar
BTW en accijnzen, naar milieubelastingen of naar (inkomsten uit) vermogen.

Vooral de verschuiving naar BTW en accijnzen is allesbehalve een zeer sociale oplossing. Indirecte belastingen (zoals de BTW) zijn immer
zoals dat heet regressief. Dat is een moeilijk woord om te stellen dat deze
belastingen inkomen herverdelen van rijk naar arm.

Wat is de verklaring hiervoor? Op het eerste zicht klopt dat
niet, want uit onderzoek blijkt dat hoge inkomens meer BTW betalen dan lage
inkomens. Doordat rijken meer verdienen, kunnen ze immers ook meer uitgeven en
dus betalen ze meer BTW. Dat is echter alleen het geval wanneer we het
benaderen in centen.

Als we gaan kijken naar de procenten, zien we een heel ander
verhaal. Wie arm is, kan immers niet sparen en consumeert bijgevolg zijn of haar
hele inkomen. Het gevolg is dat armen in verhouding tot hun inkomen erg veel
indirecte belastingen betalen. Van zodra mensen wat minder arm worden, kunnen ze
beetje bij beetje een deel van hun inkomen sparen. Op hetgeen je spaart betaal
je uiteraard geen BTW. Hoe meer je verdient, hoe groter deel van het inkomen
dat gespaard kan worden. Bij de allerhoogste inkomens wordt zelfs het overgrote
deel van het inkomen gespaard. Het gevolg is dat een steeds kleiner deel van
het inkomen wordt uitgegeven aan BTW naarmate het inkomen stijgt. Op deze
manier wordt een deel van de herverdelende werking van de belastingen teniet
gedaan.

Wat zou het effect zijn van BTW-verhogingen in ons land op
de armsten en op de ongelijkheid? Laat ons eerst eens kijken naar het inkomen
van Jan modaal. In principe zou hij daar weinig last van hebben. De indexering
van lonen en uitkeringen beschermt modale inkomens in ons land tegen het
verlies aan koopkracht. Voor de laagste inkomens hangt het er een beetje van
af. Stel dat men de 6 procent BTW op voeding, drinkwater, elektriciteit, etc.
ongemoeid laat, dan zou het nogal meevallen. Deze producten vormen immers een groter
deel van de uitgaven van de armsten in vergelijking met hogere inkomens. Als
men ook het laagste tarief optrekt zal de impact groter zijn. Toch zal de index
de pil in grote mate verzachten. Niet echt een groot probleem dus.

Alleen, veel voorstellen willen de indexering eventjes
uitzetten bij een taks shift. Ieders koopkracht gaat dan naar beneden. Dat zal
een zware impact hebben op hen die het nu al moeilijk hebben. Als de opbrengst
gebruikt wordt om de werkgeversbijdrage op de lonen te verminderen, krijg je een
verschuiving van de belastingdruk van de werkgevers naar de gezinnen, ook de
armste gezinnen. Niet echt een voorbeeld van een sociale maatregel. De
ongelijkheid in onze samenleving neemt dan zeker toe.

Voorstanders zullen aanvoeren dat die armste groep zal
profiteren doordat ze makkelijker een job zullen vinden. Het goedkoper worden
van arbeid zal het creëren van  jobs
aantrekkelijker maken en leiden tot tienduizenden jobs. Dat valt echter nog
maar af te wachten. Als de zogenaamde lastenverlaging wordt geconcentreerd op
de laagste lonen, zal er zeker een gunstig effect zijn. Het beste voorbeeld dat
dat werkt zijn ongetwijfeld de dienstencheques. Los van het feit of dat nu een
ideaal systeem is en of de tussenkomst van de overheid niet te groot is, zie je
wel het tewerkstellingscreërend vermogen van gerichte lastenverlagingen. Je blijft
echter zitten met de inkomens van invaliden, personen met een (ernstige)
handicap, ouderen en anderen die moeten leven van een uitkering en dus niet
arbeidsgeschikt zijn. Voor hen bieden de nieuwe jobs geen soelaas. Zij verarmen
zonder alternatief.

Als je de lastenverlagingen gaat uitsmeren over alle lonen, krijg je heel andere effecten. Arbeid is immers geen eenheidsworst. Er zijn
veel soorten jobs en ook heel veel verschillen qua opleiding en ervaring op de
arbeidsmarkt. Niet iedereen is even gegeerd. Waar er nu al onderlinge
concurrentie is bij werkgevers om schaars talent, zal de lastenverlaging ertoe
leiden dat de werkgevers meer koopkracht krijgen om tegen elkaar op te bieden.
Dat zal vrijwel automatisch leiden naar een stijging van de lonen voor deze
groep. Effect op de concurrentiepositie van deze bedrijven: quasi nul. Het geld
dat beschikbaar is voor lonen wordt gebruikt om aan te trekken wie men absoluut
nodig heeft. Als deze bedrijven niet (meer) investeren is dat niet omdat arbeid
hier te duur is maar eerder omdat de arbeidskrachten die men zoekt niet te
vinden zijn, toch niet tegen de prijs die men bereid is te betalen.

Heeft een loonlastenverlaging dan geen impact op de competitiviteit?
Dat hangt natuurlijk integraal af van de kost in onze buurlanden. Als men de
lasten verlaagt en de buurlanden verlagen de loonkost evenveel als wij, dan is
het voor de competitiviteit een nuloperatie. Alle berekeningen die men doet
over de opbrengst van zo’n maatregelen op de tewerkstelling, gaan ervan uit dat
men in de buurlanden totaal onwetend is wat wij doen en dus niet gaat reageren.
Dat klopt natuurlijk niet. Als we de loonkost maar een klein beetje laten dalen, zal er uiteraard weinig reactie zijn maar zullen ook minder jobs worden
gecreëerd. Als we ze echter fors verlagen, zal de tewerkstelling bij ons wel
verbeteren. Maar dat zal de buurlanden dwingen te reageren en het verschil weer
goed te maken.

Dergelijke maatregelen zijn echter een zeer slecht idee want
ze ontketenen een neerwaartse spiraal. Het is niet zo dat die geen effect
heeft. Dat is er wel. Er zijn allerlei herverdelingseffecten in elk van de
samenlevingen waar men maatregelen en tegenmaatregelen neemt. Meestal neemt de
ongelijkheid toe. Als er een negatieve impact is op de gezinsinkomens, dan daalt
overal de vraag in de economie en gaan er eerder jobs verloren in plaats van
dat er bijkomen. Het gaat bovendien bijna altijd om het proberen afsnoepen van
jobs van andere landen. Erg fraai is dat niet. Willen we echt jobs creëren door
die elders in Europa weg te snoepen? Niet echt een voorbeeld van Europese
samenwerking en solidariteit.

Afschaffen dan maar die taks shift? Toch niet. Een verlaging
van werkgeversbijdragen gericht op de laagste (helft van de) lonen gefinancierd
door een meerwaardenbelasting en een belasting op de grote vermogens (laat ons
zeggen op vermogens boven de 1 miljoen, eigen woning niet meegerekend) is de
aangewezen weg. Aan de inkomstenkant wordt zo eindelijk werk gemaakt van meer
rechtvaardige belastingen, doordat de grote vermogens ook hun steentje bijdragen.
Aan de andere kant wordt de lastenverlaging volledig ingezet op jobcreatie.

Waarom lukt het bij lage lonen wel om jobs te creëren? Ik
verwees al naar de dienstencheques. Waarom werkt die maatregel? Wat zou er
gebeuren als we dit systeem afschaffen en tegelijkertijd veel controle doen op
zwartwerk (zodat gezinnen geen alternatief hebben via de zwarte markt)? Veel
gezinnen zouden gedwongen zijn opnieuw zelf te poetsen en te strijken – doodeenvoudig
omdat ze pakweg 25 of 30 euro per uur niet kunnen betalen. Deze jobs zouden
voor een groot deel verloren gaan. Het gaat bij de dienstencheques immers niet
alleen om ‘verwitting’ van zwartwerk. Er zitten ook veel volledig nieuwe jobs bij.
Er is immers vraag genoeg in onze samenleving naar laaggeschoold en
arbeidsintensief werk. Alleen kunnen veel mensen de volledige kost van het werk
niet betalen. In die zin zijn de hoge bijdragen op arbeid te hoog.

Als je de kost van arbeidsintensieve diensten in onze land
verlaagt, dan zullen veel van deze diensten betaalbaar worden voor een grotere
groep mensen en dan zal de vraag ernaar toenemen. Dat is het gevolg van simpele
wetten van vraag en aanbod. Bijgevolg zal de tewerkstelling in deze sectoren
toenemen waardoor de werkloosheid, vooral bij kortgeschoolden zal afnemen en de
algehele welvaart zal toenemen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!