Op ronde langs de piketten: "We zullen ons niet laten doen”
Het
werk neerleggen is ook altijd een beetje werken. Staken is
bijvoorbeeld vroeg opstaan om stakingsposten te bemannen en te
bevoorraden. Klokslag zes uur klopt onze chauffeur van dienst aan
onze deur. We slaan snel een sloot levensnoodzakelijke koffie
achterover en gewapend met notitieblok, camera en een licht
ochtendhumeur gaan we op pad. De verwarming in de auto wordt volledig
opengedraaid. Het is om en bij de drie graden. Heel wat stakers staan
op dit ontiegelijke uur al twee uur aan hun piket. Onze wakkere vakbondsman geeft geen krimp en werkt onderweg wat praktische telefoontjes af.
Letterkoekjes
Onze eerste halte: het psychiatrisch centrum Gent-Sleidinge. Martine, Geert en hun collega’s staan er al sinds 5 uur op post, rode en groene jasjes broederlijk en zusterlijk rond de vuurmand:
“We willen vandaag vooral informeren en mobiliseren voor de nationale staking van 15 december. Staken in de zorgsector is sowieso niet evident. Onze mensen willen hun patiënten niet in de steek laten. En de zorg- en ziekenhuizen moeten op minimumbezetting draaien. Maar dat doen we nu al vaak, in de weekends of wanneer er collega’s ziek zijn. Er moeten maar een handvol mensen staken of we zitten al op die minumumbezetting.”
Eenzelfde geluid weerklinkt aan de ingang van de parking van het AZ Sint-Lucas. Ook daar vooral vakbondsafgevaardigden die inzetten op bewustmaking van het binnenrijdende personeel. Druppelsgewijs worden auto's binnengelaten op de parking, wat een heuse file veroorzaakt. Binnenrijdende automobilisten worden getrakteerd op een handvol letterkoekjes en een pamflet van de vakbonden. Geïrriteerde en geïnteresseerde chauffeurs wisselen elkaar af, maar de sfeer blijft vriendelijk.
Vuurkorf
Onderweg krijgen we bericht dat de studenten een solidariteitspiket opzetten aan de Blandijnberg. Wanneer we halt houden zien we een handvol slaperige studenten met dozen materiaal en vlaggen zeulen. Er is muziek en beschutting. Aan houten paletten of autobanden hebben ze niet gedacht. Maar een piket zonder vuur is een beetje als een café zonder bier. Zeker in de bittere kou van een decemberochtend. Beste studenten, moge het een les zijn voor de vijftiende: voorzie een vuurkorf.
Achter de studenten maakt een schoonmaakploeg de gevel schoon van het universiteitsgebouw. Enkele heethoofden gooiden er vannacht eieren tegenaan. “Vermoedelijk het werk van het KVHV”, zo vertrouwt één van de studenten ons toe.
Nigel Vincker, lid van Actief Linkse Studenten, licht het waarom achter het studentenpiket toe: “We willen zorgen dat studenten zich bewust zijn van wat er op hen afkomt. Deze regering treft ook jongeren ongemeen hard. Maar we komen niet alleen op voor de studenten. Ook het universiteitspersoneel willen we een hart onder de riem steken. Wij staan hier ook uit solidariteit met hen.
Later op de ochtend voegt zich ook wat academisch personeel bij de studenten en worden er speeches gegeven. Meermaals weerklinkt de leuze: Bourgeois, Crevits, van ons krijg je niks. Geen gebrek aan vuur, ondanks de afwezigheid van vuurkorven.
Frustratie
Van de Blandijnberg gaat het richting Ottergemse Steenweg, waar de vakbondsmilitanten van chemisch bedrijf Eastman sinds 4 uur vanochtend een blokkade bemannen die dwars over de weg loopt. Het verkeer zit er strop en sommige automobilisten reageren hun frustratie dan maar af op de stakers. Gevloek, scheldpartijen, auto’s die tot net voor de voeten van de stakers rijden – de arbeiders laten zich niet uit hun lood slaan en blijven er rustig onder. “Zo’n dagje in de kou, dat is niks. In de jaren tachtig heb ik eens elf dagen piket gestaan. Om uiteindelijk met niks naar huis te gaan.”
“Voor de zomer mogen we weer gaan stemmen, zeg dat ik het gezegd heb!”, beweert een van zijn collega’s. “We blijven staken tot deze regering valt. Als het nodig is, dan staken we in januari iedere week.”
Britney Spears
Next
stop: de Gentse haven. Aan de ingang van het Skalden industriepark
stijgt zwarte rook op. Er wordt duidelijk niet alleen droog hout
opgefikt. De sfeer is rustig, maar strijdbaar. “De 15de gaat niet
alleen het bedrijf, maar de regering plat”, zo verkondigt een
arbeider.
Hier is de stakingsgraad zo goed als 100 procent. De bedrijfsleiding zorgde ervoor dat de belangrijke toeleveringen voor het weekend gebeurden, zo vernemen we. Een file auto’s en vrachtwagens rijdt traag voorbij, opgehouden door twee wagens van vakbondsmilitanten die luid toeterend met vakbondsvlaggen uit hun ramen langsrijden. Er wordt gejoeld en geroepen. Vakbondskleuren lijken er maar weinig toe te doen: de solidariteit tussen de verschillende vakbonden is groot.
Bij Arcelor Mittal klinken The Doors uit de luidsprekers wanneer we parkeren. Hier zijn ze opmerkelijk goed georganiseerd en voorbereid. Een discobar die nu eens Britney Spears en dan weer AC/DC uit de boxen laat knallen, genoeg boterkoeken voor een heel leger, sloten koffie en soep, en rond de middag komt er nog een rijdend frietkot langs. Die frieten zullen we moeten missen, maar een boterkoek en een hete kop koffie slaan we niet af. “Ja, we zijn heel goed voorbereid,” zegt afgevaardigde Martine, “Maar volgende keer kies ik de playlist.”
"Dat het toch wel koud is, en dat ze misschien eens in de zomer kunnen staken.", grappen we flauw. "Tja, we hopen dat het tegen de zomer niet meer hoeft.", bekennen de dames die de catering voor hun rekening nemen. "Zo'n dag staken kost je een stuk van je loon. Niet iedereen kan zich dat zomaar permitteren. Voor een alleenstaande ouder is dat meteen een flinke hap uit het maandbudget. Dus we staken echt niet voor de lol."
Daglicht
Even verder bij Volvo arriveert de solidariteitsbus samen met ons. Journalisten en fotografen van De Morgen en een aantal sympathisanten stappen uit. Ook vakbondsboegbeelden Rudy De Leeuw en Jan Vercamst komen hun steun betuigen. Vercamst toont zich tevreden over het vreedzame karakter van de acties en noemt de staking geslaagd. De Leeuw wordt meteen omsingeld door pers, dus wij kunnen ongestoord een praatje slaan met een paar arbeiders.
Een havenarbeider uit zijn ongenoegen wanneer een aantal fotografen hem willen kieken. “Geen foto’s! De eerste die hier een foto van ons neemt, die pak ik z’n camera af! Jullie stellen ons toch alleen maar in een slecht daglicht en als jullie foto’s van ons nemen, dan is het om ze aan de politie te bezorgen.” De negatieve aandacht van de afgelopen weken zit de man duidelijk erg hoog.
Kort daarna trekken de stakers de Kennedylaan op, de hoofdweg doorheen het Gentse havengebied, en zetten blokkades op. Er komt geen auto of vrachtwagen meer door en de immer drukke verbindingsweg wordt herschapen in een desolate asfvaltvlakte. De politie laat betijen en sluit uit voorzorg de zijwegen van de Kennedylaan af. Een vakbondsman grapt: “Niet wij maar de flikken sluit deze weg af.”
Een vakbondsmilitant gaat aan het raampje van een nietsvermoedende truckchauffeur hangen om de vertwijfelde man van de nodige duiding en informatie te voorzien. Hij nodigt hem uit voor een kop soep en een boterkoek om het wachten te verlichten. De truckchauffeur twijfelt even, maar maakt dan wijselijk rechtsomkeer, op zoek naar een alternatieve route.
Indexsprong
Laatste halte; het CAW op de Oude Houtlei. Het sociaal restaurant is nog niet open, dus de militanten die er piket staan vervelen zich een beetje. Tijd dat er iemand langskomt. Er wordt druk gepraat en gepland wat ze de vijftiende zullen doen. Mee op fietstocht met Hart boven Hard langs de piketten, dat zeker. Een gepensioneerde passant onderbreekt het gesprek met een dringende vraag: “Die indexsprong, is dat nu goed of slecht voor de uitkeringstrekkers?”
Onze vakbondsman antwoordt dat dat nog helemaal niet duidelijk is, maar dat er wel sociale correcties zijn beloofd. Vervolgens steekt de man vurig van wal over vroeger en nu, en hoe de middenklasse zo’n indexsprong wel overleeft en dat ze vroeger al zo’n indexsprongen hebben meegemaakt. Maar ook dat hij de indruk heeft dat het de laatste tijd toch wel achteruit gaat met onze sociale zekerheid. Iedereen beaamt.
Hij neemt afscheid en wenst ons nog een prettige
dag. Wij trekken huiswaarts, waar de warme kachel en een pot soep
wachten.