‘Vreemde herkomst’ in elke gemeente per leeftijd

‘Vreemde herkomst’ in elke gemeente per leeftijd

zaterdag 8 november 2014 14:01

26,8% -25 jarigen van ‘vreemde herkomst’, 8,0% bij 50+,

in het Vlaams gewest zijn er 3,4 x meer bij -25 dan bij
50+.
 

Antwerpen: 61,3% -25 jarigen ‘vreemde herk.’, 17,% bij 50+   


Denderleeuw: 15,6% ‘vreemde herk.’ met 1/2 zwart Afrika     


Gent: 43,8% ‘vreemde herk.’ -25jarigen, 10,6% bij 50+            


Genk: 64,8% ‘vreemde herk.’ -25 jarigen, 39,2% bij 50+          


Mechelen: 44,9% ‘vreemde herk.’ -25 jarigen, 10,7% bij 50+  


Vilvoorde: 59,1% ‘vreemde herk.’ -25 jarigen, 20,8% bij 50+  


Liedekerke: 29,0% ‘vreemde herk.’ -25 jarigen, 3,2% bij 50+

Tienen: 24,0% ‘vreemde herk.’ -25 jarigen, 3,0% bij 50+        


Wortegem-Petegem: 6,4% ‘vrmde herk.’ -25 jr., 0,2% bij 50+   

Bron: ABB/Studiedienst Vlaamse regering o.b.v. Rijksregister     

  

Drie nieuwe maatstaven om ‘vreemde herkomst’ te meten:
– Verschilfactor -25.50+: (aantal ‘vreemde herk.’ bij -25/50+)     

– Belgwordingsgraad: (nieuwe Belgen/(vreemd.+nieuwe Be))
– Procreatiegraad: (Kinderen nieuwe Be/nieuwe Be)        

De drie nieuwe factoren/graden voor het Vlaamse gewest zijn:

Verschilgraad -25.50+: 3,4 x meer ‘vreemde herkomst’ bij -25 dan 50+

Belgwordingsgraad: 43%is Belg geworden op het potentieel               

Procreatiegraad: 85% nieuwe Belgen zorgden voor 0,83 kind, in
Antwerpen is dit maar 0,56% daar is nog werk aan de winkel.        

Dit alles in 4 grafieken en 1 tabelletje per gemeente: vraag ze aan.
 

Tabel:

‘Vreemde herkomst’ in gemeenten naar leeftijd , Bron

Integratiemonitor
– Tabel:


Loop van de bevolking per gemeente 1989-2013
, Bron
AD
SEI
   

 Voor het volledig bericht zie
BuG 245 on-line          

  
1. De hard core van de integratiemonitor

1.1. ‘vreemde herkomst’ bij -25 en +50 jarigen in de gemeenten: de -25.50+
factor
 
Definitie ‘vreemde herkomst’:
Voor de Integratiemonitor en de
Studiedienst van de Vlaamse Regering is ‘vreemde
herkomst’ de som van het aantal Vreemdelingen, Belg geworden vreemdelingen en inwoners met minstens één
Belg geworden ouder. De resultaten zijn gelijklopend met deze van de npdata-berekening
van inwoners met migratieachtergrond.
Verschillen kunnen bv voorkomen omdat kinderen met grootouders die Belg
geworden zijn niet worden meegeteld als van ‘vreemde herkomst’ door de
Studiedienst Vlaamse regering, of een specifieke migratiegeschiedenis in
een gemeente.
 
De uitzonderlijk interessante

I
ntegratiemonitor
Vlaamse gemeenten

laten toe voor elke gemeente het aantal en % -25 jarigen van ‘vreemde
herkomst’ te berekenen, alsmede ‘vreemde herkomst’ bij 50+. Door de twee
in verhouding te stellen kan een verschilfactor berekend, nl.
hoeveel keren meer is ‘vreemde herkomst’ terug te vinden bij de -25 jarigen
in een gemeente dan bij de 50 plussers. De integratiemonitor-rapporten
geven ook informatie over het aantal en % baby’s, peuters en kleuters (0-5
jarigen) het aantal en % in het basisonderwijs (6-11 jarigen), het aantal
en %
secundair onderwijs (12-17 jarigen) en het aantal jongeren 18-24 jaar en
ook een verder detail na 25 jaar.
 

In gemeenten met een oude migratie zullen er zowel bij de jongeren maar
ook 50+ een relatief hoog % van ‘vreemde herkomst’ voorkomen en zal de
verschilfactor -25.50+ beperkt zijn zoals in de oude mijngemeenten in
Limburg, of gemeenten met een aanzienlijke Nederlandse immigratie. In
landelijke gemeenten met een zeer beperkte immigratie in het verleden zal
het verschil groot zijn, bv in Wortegem-Petegem zijn er bij de 50
plussers 0,2% van ‘vreemde herkomst’ terwijl er nu reeds 6,4%
van ‘vreemde herkomst’ zijn bij de -25 jarigen, een verschilfactor van 29
keer
meer bij de -25 jarigen dan de 50+. En dit als gevolg van
binnenlandse verhuis, niet vanuit het buitenland.
 
Uitgezet op een gemeentekaart is er een voorzienbare gelijklopendheid
tussen ‘vreemde herkomst’ bij -25 jarigen en +50-jarigen.
De verhouding
tussen deze 2 geeft aan waar de ‘nieuwe immigratie’ pas het laatste
decennium is doorgedrongen, waar men dus voor het eerst de ‘vreemden’ in het
straatbeeld heeft zien aangroeien.

Maak zelf een kaartje of bekijk het hieronder.

Wie zelf z’n kaartjes wil samenstellen kan vertrekken van de tabel

Bevolking ‘vreemde herkomst’ in gemeenten naar leeftijd
en eerst de kolom gemeentecodes copieren en
daarna een kolom  %ges daarnaast plaatsen. Dit bestand bewaren en het
langs verkenner met de muis in het betreffende vak in de home-page van de
site www.gemeentekaart.be 
deponeren, en klaar is kees. Hier het bestandje voor
-25 jarigen
,

50+ jarigen
en de

Verschilfactor
, downloaden en het in de gemeentekaart home-page
plaatsen.
 
1.1. ‘vreemde herkomst’ bij -25-jarigen – Op het beeld klikken voor
vergroting, sluiten om terug te keren


DeWereldMorgen.be

1.2.
‘vreemde herkomst’ bij 50+jarigen –
Op het beeld klikken voor
vergroting, sluiten om terug te keren


DeWereldMorgen.be

Zoals gezegd
tonen de kaartjes met ‘vreemde herkomst’ -25 en 50+ weinig verschil. Merk
ook de uitgesproken aanwezigheid van Nederlandse herkomst in de Antwerpse
en Limburgse grensstreek. De migratie-gemeenten zijn terug te vinden in
Limburg, de Brussels rand, Antwerpen, Gent-Zelzate, Mechelen en enkele
gemeenten rond Temse (oude Boelwerf).
 
1.3. Verschilfactor ‘vreemde herkomst’ -25 jarigen tav 50+ –
Op het
beeld klikken voor vergroting.


DeWereldMorgen.be

Maar wanneer gekeken wordt naar het
generatieverschil in ‘vreemde herkomst’, dus naar het aantal x dat
‘vreemde herkomst’ méér aanwezig is bij -25 jarigen dan bij 50 plussers komen andere regio’s in beeld:
– 2de rand in Westelijke richting rond Brussel met het Pajottenland en de
streek rondom 
– Zuid-Oost-Vlaanderen
– de streek rond Leuven en vooral ook Sint-Truiden, omwille van de
uitdeining van de migratie als gevolg van de fruitteelt
– ook de Zuid-Antwerpse Kempen
Alle kregen ze het voorbije decennium in hogere mate ‘vreemdelingen’ over
de vloer.

Een voorbeeld: Liedekerke

Op plaatsen waar ze decennialang geen gekleurde mens gezien hebben zitten
deze nu in grote getale op de schoolbanken, zoals in het Pajottenland.
Niet omdat migratie of asielzoekers vanuit het buitenland nu het Vlaamse
platteland ontdekt hebben, maar omdat de reeds aanwezige
migranten(families) het er rustiger wonen vinden, vooralsnog niet te veel
andere migranten, de verbindingen met grotere steden er goed is, de
huizenmarkt goedkoper en er plaats in de scholen is. Met de speciale betoelaging
kunnen de scholen ook gepaste aandacht geven aan deze nieuwkomers, maar die
toelage dreigt te sneuvelen als Crevits haar beleid kan doordrukken. Kijk
bv naar Liedekerke, een gemeente van 12.610 inwoners in
2012.

 
DeWereldMorgen.be

Met 15,2% inwoners van ‘vreemde herkomst’ scoort
Liedekerke hoog in het Pajottenland. Het betreft een recente migratie te
zien aan de 29,0% -25jarigen en ook de 17,8% van tussen 25 en 49 jaar.
Slechts 3,2% van de 50plussers is van ‘vreemde herkomst’, of
een verschilfactor -25.50+ van 9,0. Het detail per
leeftijdscategorie laat zien dat deze evolutie in de gemeente niet meer
terug te draaien valt, integendeel jaar na jaar, decennium na decennium zal
het aantal inwoners van ‘vreemde herkomst’ groeien. 35% van
de inwoners  tussen 0 en 11 jaar is van vreemde afkomst in Liedekerke.

DeWereldMorgen.be

Uit de tabel

Loop van de bevolking per gemeente 1989-2013
 kan eenvoudig
onderstaande grafiek gedistilleerd (de gemeente kiezen en naar de bladen
‘grafieken gaan’, met het samengeteld natuurlijk, migratie en verhuis- en
bevolkingssaldo tussen 1989-2013, dat is al over 25 jaar:

DeWereldMorgen.be

Sinds 1998 heeft Liedekerke een negatief natuurlijk saldo, dus meer
overlijdens dan geboorten. Vanaf 1992 wordt de groeiende leegstand in
Liedekerke meer en meer opgevuld door ‘binnenlandse immigratie’, dwz
verhuis vanuit andere gemeenten of regio’s. Deze instroom neemt een hogere
vlucht vanaf 2006 en zet zich ook de laatste jaren verder door.
Buitenlandse immigratie komt pas vanaf 2007 een beetje op gang, maar is
amper genoeg om het negatief natuurlijk saldo op te vangen. Het is door de
verhuis naar Liedekerke, allicht vanuit Brussel en met een goed deel
inwoners van ‘vreemde herkomst’ dat de bevolkingsgroei in Liedekerke een
stevige drive krijgt, +1.352 op 24 jaar tijd, waarvan 898 na
2006.

Alle grafieken zijn voor elke gemeente in Vlaanderen op een wip te
betrekken uit tabel:

Bevolking ‘vreemde herkomst’ in gemeenten naar leeftijd en tabel


Loop van de bevolking per gemeente 1989-2013
.

Gemeente in volgorde van hoge en lage verschilfactor -25 en 50+

Ter illustratie een lijst van gemeenten in volgorde van de hoogste
Verschilfactor -25 tav 50+
. Liedekerke springt er naar % uit, maar ook
Tienen, dat bekendheid geniet omdat Ben Crabbé er van afkomstig is, op
termijn is dat dus ook een aantrekkingspool geworden, maar ook Aalst vangt
ondermeer Brusselaars op, 27% van de Aalstenaars is minder dan 25
jaar, 34,5%, dus meer dan 1/3 is tussen 0 en 5 jaar.


Alfabetische lijst gemeenten
met -25 jarigen, 25-49 en 50+ en factor
-25.50+. Hieronder volgt de kop en de staart van deze lijst gesorteerd
naar hoge en lage verschilfactor.
 

Gemeente 0-24 jr 25-49 jr 50+ jr Totaal Fact. 25/50
PEPINGEN 9,9% 6,2% 0,3% 1,8% 30,6
WORTEGEM-PETEGEM 6,4% 4,8% 0,2% 1,5% 27,8
LIERDE 6,8% 4,2% 0,3% 1,5% 26,7
INGELMUNSTER 9,7% 7,4% 0,5% 3,1% 18,7
NEVELE 6,9% 5,4% 0,5% 2,5% 14,0
OOSTERZELE 6,4% 4,5% 0,6% 2,3% 11,6
HOOGLEDE 4,4% 5,3% 0,4% 1,9% 9,8
KORTENAKEN 9,3% 6,5% 1,0% 4,9% 9,1
LIEDEKERKE 29,0% 17,8% 3,2% 15,2% 9,0
GLABBEEK 6,6% 4,8% 0,8% 3,4% 8,0
TIENEN 24,0% 15,9% 3,0% 12,5% 8,0
WICHELEN 8,9% 6,1% 1,1% 4,9% 7,9
LEBBEKE 15,7% 10,0% 2,1% 8,6% 7,3
RUISELEDE 7,5% 6,2% 1,1% 4,6% 7,2
OPWIJK 13,0% 9,0% 1,9% 7,5% 7,0
MEULEBEKE 11,0% 9,6% 1,6% 7,0% 6,9
HERZELE 7,2% 4,6% 1,1% 4,0% 6,8
DENDERLEEUW 28,1% 17,3% 4,2% 15,6% 6,7
NIEUWERKERKEN 12,7% 7,6% 1,9% 6,6% 6,6
AALST 27,0% 17,8% 4,2% 14,9% 6,4
LANDEN 18,8% 12,4% 3,0% 10,3% 6,3
TIELT 13,2% 10,0% 2,1% 7,7% 6,3
HAMME 17,8% 12,4% 2,8% 10,4% 6,3
ARDOOIE 8,5% 5,8% 1,4% 4,7% 6,2
DEERLIJK 8,6% 6,0% 1,4% 4,9% 6,2
OOSTROZEBEKE 7,9% 6,2% 1,3% 4,9% 6,1
GOOIK 11,1% 7,4% 1,8% 6,3% 6,0
PUTTE 10,2% 7,2% 1,7% 5,7% 6,0
HOREBEKE 6,2% 3,0% 1,0% 3,1% 6,0
GALMAARDEN 11,4% 7,3% 1,9% 6,4% 6,0
AARSCHOT 11,7% 8,7% 2,0% 6,6% 6,0
HARELBEKE 14,6% 10,5% 2,4% 8,5% 6,0

 

Gemeenten met een lage verschilfactor zijn ook interessant omdat het duidt
op een oude migratie en/of ook op een hoge aanwezigheid van Nederlandse
migratie.
  

Gemeente 0-24 jr 25-49 jr 50+ jr Totaal Fact. 25/50
HAMONT-ACHEL 52,8% 52,4% 39,8% 47,3% 1,3
RAVELS 48,0% 44,0% 35,3% 41,8% 1,4
BAARLE-HERTOG 78,4% 68,5% 54,3% 66,3% 1,4
HOOGSTRATEN 43,8% 40,2% 30,2% 37,6% 1,5
OUD-TURNHOUT 23,5% 19,0% 16,0% 19,0% 1,5
NEERPELT 34,0% 31,3% 21,1% 28,0% 1,6
VOEREN 53,4% 47,6% 32,4% 42,8% 1,6
GENK 64,8% 60,0% 39,2% 53,8% 1,7
ESSEN 40,9% 35,5% 24,2% 32,9% 1,7
MAASMECHELEN 66,7% 59,9% 39,1% 54,1% 1,7
KINROOI 39,5% 34,5% 22,8% 31,4% 1,7
WUUSTWEZEL 20,1% 17,8% 11,1% 16,1% 1,8
KALMTHOUT 26,2% 20,9% 14,0% 19,8% 1,9
LANAKEN 54,1% 45,5% 28,7% 41,0% 1,9
KAPELLEN 24,4% 19,1% 12,6% 17,8% 1,9
KRAAINEM 56,3% 52,4% 28,9% 44,7% 1,9
SCHILDE 22,0% 16,8% 11,1% 15,6% 2,0
HEUVELLAND 18,5% 15,3% 9,2% 13,8% 2,0
STEKENE 16,9% 12,8% 8,2% 12,1% 2,1
HOUTHALEN-HELCHT. 54,5% 45,9% 26,4% 41,5% 2,1
HECHTEL-EKSEL 25,2% 20,2% 12,2% 18,7% 2,1
ZUTENDAAL 33,1% 26,8% 16,0% 24,2% 2,1
DE HAAN 12,1% 10,9% 5,8% 8,5% 2,1
BOCHOLT 25,7% 22,6% 12,3% 19,5% 2,1
LOMMEL 34,9% 28,7% 16,6% 25,7% 2,1
RETIE 17,7% 15,2% 8,4% 13,4% 2,1
OVERIJSE 41,2% 33,8% 19,3% 30,4% 2,1
TERVUREN 47,0% 39,2% 21,9% 35,2% 2,1
MOERBEKE 13,3% 10,1% 6,1% 9,5% 2,2
MAASEIK 35,0% 28,4% 16,1% 25,4% 2,2
ARENDONK 33,3% 27,2% 15,3% 25,0% 2,2
KEERBERGEN 16,8% 12,1% 7,7% 11,5% 2,2
WEZEMBEEK-OPPEM 48,4% 44,6% 21,9% 37,1% 2,2
AS 29,5% 26,5% 13,2% 22,5% 2,2

Na de ‘Nederlandse’ gemeenten komt Genk in beeld met 64,8%
jongeren van ‘vreemde herkomst’ van -25 jaar en 39,2% bij de 50+, dat
is een verschil van 1,7. Verder ook Houthalen-Helchteren,
Overijse
, Tervuren, Keerbergen en ook Wezembeek-Oppem
met 48,4% ‘vreemde herkomst’ van -25 jarigen en 21,9% van 50+.
Alle hebben ze maar een verschilfactor van minder dan 2,2. Vraag is
welke impact deze aanwezigheid van oudere migranten heeft op de jongere
generaties, ook al kan de nieuwe migratie uiteraard verschillen van de
oude.

De spankracht tussen de generaties, ook in het verder detail naar
leeftijd, geeft hier essentiële informatie en maakt van de
integratiemonitor een gedroomd instrument om de ideeën meer te conformeren
met de werkelijkheid zoals ze in de gemeenten aanwezig is. Aangevuld met
de Loop van de bevolking tussen 1990 en 2013 geven ze een bijzonder en
nergens anders aanwezige inkijk in de samenstelling én demografische
evolutie in de gemeente zoals in de voorbeelden Denderleeuw en
Antwerpen
verderopzal geïllustreerd worden.
 
2. De Belgwordings- en procreatiegraad van alle gemeenten

Een andere maatstaf om na te gaan wat het potentieel is van vreemdelingen
die desgevallend nog Belg kunnen worden is de Belgwordingsgraad. Om
de procreatie, dwz het nageslacht na te gaan van
wie al Belg geworden is, kan de Procreatiegraad berekend worden.

Belgwordingsgraad: uit de integratiemonitor is voor elke gemeente
het % vreemdelingen bekend, het % dat Belg geworden is en het % kinderen
van wie één van de ouders nieuwe Belg is. Door het aantal Belgwordingen te delen door
het totaal vreemdelingen +nieuwe Belgen krijgen we een
factor die aangeeft in welke mate vreemdelingen al
Belg geworden zijn.

Procreatiegraad: Als we het aantal kinderen van nieuwe Belgen delen
door het aantal nieuwe Belgen krijgen we de mate
waarin deze nieuwe Belgen zich al geprocreëerd /voortgeplant
hebben.

Om bij Liedekerke te blijven zien we een hoge Belgwordingsgraad,
58%
, meer dan de helft van de potentiële groep vreemdelingen + nieuwe
Belgen zijn
Belg geworden. Daarbij hebben ze een vrij hoge graad van procreatie, nl
83%
. Het
betreft allicht gezinnen die in de migratiecontext gevormd zijn en dan met het ganse gezin naar
Liedekerke verhuisd zijn. Gemeenten waarnaar verhuisd wordt vanuit
het binnenland gebeurt allicht meer na de gezinsvorming, gemeenten en
steden naar waar geïmmigreerd wordt vanuit het buitenland, hebben een lagere graad van
gezinsvorming, dwz zij moeten nog kinderen krijgen en verhuizen uit de
‘migratiegemeente’ om zich elders in nhet land te vestigen. Antwerpen is
daar een
voorbeeld van zoals we verder zullen zien..

DeWereldMorgen.be
   

    LIEDEKERKE Vlaanderen          
Belgwordingsgraad: 58% 43%          
Procreatiegraad: 83% 85%          
                 
Belgwordingsgraad: het aantal nieuwe Belgen op
het toaal Vreemdeling+Belggewordenen
 
Het geeft aan wie al de stap heeft kunnen/willen zetten naar de Belgwording
worden in een gemeente.
 
In de grafiek: het middenblauw gedeeld door de som van donker en
middenblauw.
   
                 
Procreatiegraad: het aantal kinderen bij nieuwe
Belgen (een van de ouders) op Belggewordenen
Het geeft aan in welke mate Belg geworden inwoners al kinderen
gekregen hebben.
   
In de grafiek: het lichtblauw gedeeld door het middenblauw.        

Liedekerke,
geeft dus een beeld dat redelijk overeenstemt met het Vlaamse, dwz een oudere
en gestabiliseerde migratie onder de 50 jaar, voortkomend uit binnenlandse verhuis
(vanuit Brussel). Ook Denderleeuw geeft daar een meer uitgesproken
beeld van.
 
3.
Denderleeuw
 

Alle grafieken, zoals voor elke gemeente trouwens, kunnen betrokken worden
uit de tabellen:
 

Bevolking ‘vreemde herkomst’ in gemeenten naar leeftijd en


Loop van de bevolking per gemeente 1989-2013
.

DeWereldMorgen.be

DeWereldMorgen.be
 
DeWereldMorgen.be
  

    DENDERLEEUW Vlaanderen
Belgwordingsgraad: 56% 43%
Procreatiegraad: 78% 85%

 
Met een verschilfactor -25.50+ van 6,7, dwz  in Denderleeuw
zijn er 6,7 keer meer -25 jarigen van ‘vreemde herkomst’ dan bij
50plussers. Dat duidt er op dat Denderleeuw een jonge binnenlandse
immigratie (verhuis) kent, met relatief veel Belg geworden. Tevens is er
ook een hoge
procreatiegraad, dwz gezinnen met kinderen die naar Denderleeuw verhuizen. Denderleeuw
is zo uitgegroeid tot een gemeente met 15,6% ‘vreemde herkomst’ waarvan de helft zwart-Afrikanen zijn. Voor een gemeente die tot voor
een decennium nog geen zwarte mens gezien had kan dat tellen.

Deze
demografische verandering, die mooi in beeld gebracht werd door Lieselot
Terryn op het videoverslag in

De Redactie 04/11/2014
(de achtergrond is hier interessanter dan de
voorgrond), zegt alles over het aan de gang zijnde de bestuursconflict, maar
blijkbaar zijn ook de media kleurenblind, al gaat het over wit en zwart.

Het natuurlijk, migratie, verhuis- en bevolkingssaldo 1990-2013 in
Denderleeuw

Een grafiek uit de loop van de bevolking doet deze evolutie beter
begrijpen:
   

DeWereldMorgen.be

Denderleeuw wordt vanaf 2004 uit haar slaap
gewekt, langs de spoorverbinding die vroeger talrijke Oost-Vlamingen naar
Wallonië bracht om er het zwarte goud te ontginnen. Nu komt het zwarte goud langs de spoorweg
van Brussel, de valiezen in de ene, de kinderen aan de andere hand, naar Denderleeuw afgezakt. Na een
stabilisatie van de bevolking met een groei van 500 tussen 1990 en 2004,
komt er ineens een boom met 1.700 bijkomende inwoners op 10 jaar tijd, voor
een gemeente van 17.110 inwoners in 2004 kan dat tellen. Zoals in Denderleeuw betreft
de bevolkingsgroei in hoofdzaak
een verhuis uit andere gemeenten. Daarnaast is er een erg langzaam stijgende immigratie vanuit het buitenland.
In tegenstelling tot wat men kan fenken is het niet de gezinshereniging
met immigratie vanuit het buitenland die hier voor de bevolkingsgroei en
de groei ‘vreemde herkomst’ zorgt.

Zal
Denderleeuw de eerste zwarte burgemeester kennen in Vlaanderen, daar

mogen de inwoners al aan wennen. Met 28,1% inwoners van -25
jaar, en 33% tussen 0 en 11 jaar,  waarvan een meerderheid met roots
in Zwart Afrika, zal de Leeuw pas echt zwart kleuren op de gele vlag in
Denderleeuw..

4.
Antwerpen

Buiten
enkele gemeenten met veel Nederlandse immigratie springt Antwerpen er fors
bovenuit wat aandeel van ‘vreemde herkomst’ van -25 jaar betreft, 61,8%
of 93.460 van de 150.730 -25 jarigen zijn van
‘vreemde herkomst’, en dit op een totale bevolking van 506.208
inwoners in Antwerpen. Als ingezoomd wordt op de 0 tot 5 jarigen zijn er
dat 68,3%.

DeWereldMorgen.be
 
DeWereldMorgen.be
  
DeWereldMorgen.be
   

    Antwerpen Vlaanderen
Belgwordingsgraad: 44% 43%
Procreatiegraad: 57% 85%

 
Ook hier springt Antwerpen er bovenuit, dwz
weinig mensen die al Belg geworden zijn, nl 44% of nog veel in wacht door
enerzijds de instroom van nieuwe vreemdelingen en de beperktere uitstroom
langs de Belgwording. Voor een stad met een belangrijke groep oudere
migratie is een positionering op het Vlaamse gemiddelde laag, dwz er is
nog een groot potentieel om langs de Belgwording in een gelijke
rechtspositie te komen.

En dan is er nog de lage procreatiegraad, dwz de transfert van autochtoon
naar allochtoon zal in Antwerpen nog decennialang worden verder gezet.
De procreatiegraad in Antwerpen is 57% terwijl die voor Vlaanderen
83% is, dwz voor elke Belg geworden vreemdeling in Vlaanderen is er
al 0,83 kind van een ouder die Belg geworden is, is Antwerpen is
dat nog maar 0,56 kind.

Deze twee factoren, lage Belgwordingsgraad en lage Procreatiegraad duiden
op een aanzienlijk transformatiepotentieel van autochtoon naar allochtoon,
en dit in een situatie waar reeds 61,3% van de inwoners tussen 0 en
24 jaar van ‘vreemde herkomst’ zijn.

Verschilfactor -25 en 50+ 3,6

De verschilfactor is met 3,6 relatief hoog, gezien het grote volume van
‘vreemde herkomst’ bij -34 jarigen, tot die leeftijd is meer dan de helft
van Antwerpen van ‘vreemde herkomst’. De oudere migratie met 17,0% is
wel degelijk aanwezig, maar deze heeft, in de specifieke situatie van
Antwerpen geen tegengewicht kunnen vormen voor het ontstaan en de
uitdeining van een extreem rechtse politieke verzameling tav de migranten
en hun nakomelingen.
 
Natuurlijk, migratie, verhuis en bevolkingssaldo in Antwerpen 1990-2013

Het historische beeld van natuurlijk, migratie, verhuis- en
bevolkingssaldo tussen 1990 en 2013 verduidelijkt de specifieke situatie in
Antwerpen:
  

DeWereldMorgen.be
 

In de
periode 1990-2013 zijn er 100.000 inwoners langs immigratie uit het buitenland
bijgekomen in Antwerpen, dit is een saldo van immigratie uit en emigratie naar het
buitenland. Het natuurlijk saldo, en dat zal verwondering wekken, is pas in
2004 positief geworden. Tot 2004 waren de overlijdens en geboorten gelijk,
vanaf 2000 zijn de overlijdens gelijk gebleven maar zijn de geboorten
toegenomen met een saldo van +20.000 tussen 2004 en 2013. Maar tussen 1990
en 2013 zijn er ook meer dan 100.000 inwoners uit Antwerpen naar andere
gemeenten verhuisd. De migratie vanuit het buitenland is dus niet
voldoende gebleken om de emigratie naar het binnenland (de verhuis uit
Antwerpen) op te
vangen. Enkel door een stijging van het natuurlijk saldo is in
Antwerpen de bevolkingsevolutie vanaf 2007 positief geworden. Maar merk
dat pas in 2000 de neergang van de bevolking sinds 1921 is kunnen gestopt
worden in Antwerpen.

Een nieuwe bevolkingsboom in Antwerpen

Alle elementen wijzen er op dat Antwerpen voor een bevolkingsboom staat. Antwerpen zal pas het komende decennium een échte wereldstad worden, mét wereldhaven én multicultureel
van samenstelling, zoals nergens
anders in de Wereld, op Brussel na.

Antwerpen komt dan,
met 15 jaar vertraging,
op dezelfde bevolkingslijn als Brussel, die zulk een evolutie van verre
niet heeft zien aankomen. Antwerpen wel en dat zal de zwarte erfenis
van Vlaams Blok/Belang en hun recyclage in de N-VA zachtjes doen
wegdeemsteren. District Antwerpen heeft trouwens nog leefruimte zat om de
halvering van haar bevolking op 80 jaar tijd tussen 1920 en 2000 te
herstellen. In 2013 is er nog plaats voor 100.000 nieuwe inwoners om op hetzelfde
bevolkingsniveau
te komen als in 1920.
  

DeWereldMorgen.be
 

5. Vraag
deze gegevens voor je gemeente aan bij npdata.be

Wie graag de 4 grafieken eneen  tabel voor een Vlaamse
gemeente in z(n bus krijgt kan de vraag langs
E-mail stellen
aan npdata.be. Het is slechts 3 minuten
werk om hiervoor een antwoordmail gereed te maken.

6. Uitleiding:
Het einde van een tijdperk –
Hoe groter het % van ‘vreemde herkomst’ bij
de -25jarigen hoe belangrijker de verschilfactor met ‘vreemde herkomst’ van
50+.  Het meest opvallende en een boks in de maag zijn de
cijfers voor Antwerpen. 61,3% van de -25 jarigen in Antwerpen is
van ‘vreemde herkomst’, 68,3% van de peuters en kleuters. Bij de
Antwerpse 50 plussers is dit 17,0% en nemen we de 65+ apart dan is
dit 9,8% van ‘vreemde herkomst’. Voor iemand als De Wever is het
een uitgemaakte zaak dat het de laatste maal is dat hij z’n kruid kan
verschieten, in Antwerpen, in Vlaanderen, in België. Ook dat hij in schoonheid
wil eindigen in de ogen van de economische en financiële macht en haar
politieke vertegenwoordigers. Voor hem is als intellectueel en
wetenschapper duidelijk dat het alternatief in de toekomst ligt, met de
nieuwe gezamenlijkheid van Belgische- en Migratieachtergrond
en de
vakbonden die hun 3de adem terugvinden. Zij zullen de
bevolking verder
mobiliseren rond belastingen op de meerwaarde van aandelen, op
andere
vermogenswinsten en uiteindelijk ook op het vermogen. Niet alleen
voor Piketty maar ook voor de gewone (nationalistisch) denkende man en
vrouw
mag er een einde komen aan het al decennia durende rijk van
politici die
het belang van de goed- en extreem verdienenden laten voorgaan op
dit van
het algemene belang. De Wever, spraakmakend, maar op het einde van
een tijdperk.

Voor het volledig bericht:
BuG 245 on-line   
 
Jan Hertogen
, socioloog
www.npdata.be

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!