In San José del Progreso in de Mexicaanse deelstaat Oaxaca werden twee dorpelingen vermoord door bewakers van het Canadese mijnbedrijf Fortuna Silver Mines. De Mexicaanse politie weigert de zaak te onderzoeken en laat de daders ongemoeid (foto www.massicotteresearch.com)

Canada laat misdaden mijnbedrijven ongemoeid

Canada neemt geen verantwoordelijkheid voor misbruiken door Canadese mijnbedrijven in Latijns-Amerika, stellen organisaties op het mensenrechtentribunaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten.

maandag 3 november 2014 11:15

Meer
dan 40 procent van alle mijnen in Latijns-Amerika is Canadees, in
totaal zo’n 1500. De betrokken bedrijven schenden massaal de
mensenrechten van de lokale bevolking.

“Alleen
al de afgelopen jaren zijn er bij conflicten rond Canadese projecten
vijftig doden en driehonderd gewonden gevallen, blijkt uit voorlopige
cijfers,” zegt Shin Imai, advocaat bij het Justice and Corporate
Accountability Project. “Daar is niet of nauwelijks rekenschap
van afgelegd.”

Het
gaat om doodslag, misbruik en verkrachting door veiligheidspersoneel
dat voor Canadese mijnbouwbedrijven werkt. Daarenboven gaat het om
problemen zoals milieuschade, illegale onteigeningen en verstoring
van democratische processen.

“Canada
heeft zich geëngageerd met vrijwillige afspraken over
maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar heeft geen enkele
regeling voor mensen die schade ondervinden van Canadese mijnbouw,” zegt Jen Moore van Mining Watch Canada. “Canada zou bijvoorbeeld
een onafhankelijk bureau kunnen instellen dat beschuldigingen van
misbruik in andere landen kan onderzoeken.”

Hoorzitting OAS

Moore
is een van de mensen die op 31 oktober 2014 hebben getuigd op een
hoorzitting van de Inter-American Commission on Human Rights (IACHR)
van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS). Dertig ngo’s hebben
samen daarover het rapport Human Rights, Indigenous
Rights
and Canada’s Extra Territorial Obligations
 opgesteld.

Al
in 2005 heeft het Canadese parlement hier aanbevelingen over gedaan.
“In tien jaar tijd is er echter niets gebeurd,” aldus
Moore. “Ze hebben de vrijwillige afspraken uitgebreid, maar doen
niets aan het feit dat er talloze zaken aan ontsnappen.”

De
IACHR is een van de oudste multilaterale mensenrechtenorganisaties
ter wereld. Deze commissie heeft zich meermaals gebogen over
mijnbouw, maar nooit eerder over het gevoelige thema van de
verantwoordelijkheid van het ‘thuisland’, dat wil zeggen, over de
vraag of bedrijven kunnen worden vervolgd in het land waar ze vandaan
komen.

Dit
is van belang in een economie waar de productieketens uitgebreid zijn
en bedrijven in rijke landen activiteiten ontplooien in arme landen
met een zwakke regelgeving. Door dit te erkennen en te bespreken
heeft de IACHR al een grote stap vooruit gemaakt, vinden de betrokken
ngo’s.

Papieren beloftes

De
Canadese regering hield deze week vol dat het “een van de
sterkste juridische kaders voor de mijnbouwsector ter wereld”
heeft. In 2009 heeft het land een vrijwillig beleid voor
maatschappelijk verantwoord ondernemen opgesteld voor
grondstofbedrijven.

Daarnaast
heeft het twee klachtenmechanismes opgericht over buitenlandse
projecten, al hebben die geen echte bevoegdheden om op te treden. Het
grootste argument tegen de kritiek van de ngo’s op de zitting was
echter dat lokale klachten, volgens de Canadese regering, in de
rechtbanken van het betrokken land zelf moeten worden behandeld, en
dat Canada zelf niet verplicht is om Canadese bedrijven op het matje
te roepen voor schendingen van de mensenrechten.

“Het
feit dat ze ingeschreven zijn in Canada schept geen voldoende band
met Canada om de in Canada geldende verplichtingen te laten gelden,”
zei Dana Cryderman, vertegenwoordiger van Canada, op de hoorzitting.
Ze verwees daarvoor naar de mensenrechtenverklaring die ten grondslag
ligt aan het werk van de IACHR.

Legalistische argumenten

Deze
redenering ergerde sommige commissieleden van de IACHR, inclusief de
voorzitter, Rose-Marie Antoine. “Ondanks de verzekering van
Canada dat ze een degelijk beleid willen voeren, blijven we ernstige
schendingen vaststellen […] dus schiet het beleid tekort,” was
haar reactie.

“Aan
de ene kant zegt Canada: ‘Ja we zijn verantwoordelijk en we willen
mensenrechten versterken.’ Aan de andere kant houdt Canada zijn handen
ervan af. We mogen dit niet zo legalistisch benaderen als we echt
bezorgd zijn om mensenrechten.”

Voorzitter
Antoine kondigde aan dat het volgende rapport van de commissie zal
gaan over de effecten van de mijnbouw op de inheemse bevolking. Ze
verklapte alvast dat het voor het eerst een hoofdstuk zal bevatten
over, wat ze noemde, “de zeer netelige kwestie van
extraterritorialiteit*”.

Canada
Accused of Failing to Prevent Overseas Mining Abuses
 

Human Rights, Indigenous Rights and Canada’s Extra Territorial Obligations

*Extraterritorialiteit is het juridische concept dat stelt dat voor bepaalde zaken personen kunnen worden vervolgd in een land voor misdaden begaan in een ander land, ook als de rechtbanken in het andere land niet of onvoldoende optreden en ook als de personen in het eigen land geen misdaden hebben gepleegd.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!