Boorplatform Deepwater Horizon (2010)

Rechter verwijt BP “grove nalatigheid” bij olieramp

Een Amerikaanse rechter oordeelt dat de olieramp in de Golf van Mexico het gevolg was van een roekeloze werkwijze door oliebedrijf BP. De uitspraak kan een miljardenboete opleveren voor het bedrijf. Het deed de aandelenkoers al met 6 procent dalen.

vrijdag 5 september 2014 13:00

Federaal rechter Carl
Barbier in New Orleans windt er geen doekjes om in zijn 153 pagina’s tellende
vonnis. BP is de hoofdschuldige voor de ramp, stelt hij. BP heeft zich
schuldig gemaakt aan door winstbejag ingegeven beslissingen, en “de
verschillende gevallen van nalatigheid getuigen van een extreme afwijking van
de standaarden en van een moedwillig negeren van de risico’s”, schrijft
hij.

Monsterboete

De woordkeuze in het vonnis is cruciaal,
omdat bij “grove nalatigheid” de maximumboetes verviervoudigen. De rechtbank
moet zich nog bezinnen over de strafmaat, maar de Amerikaanse krant Wall
Street Journal
berekende al dat BP tot 18 miljard dollar veroordeeld kan
worden.

BP liet al weten het niet eens te zijn met het vonnis en in
beroep te gaan. “BP is van mening dat het oordeel “grove nalatigheid” en
“moedwillig misdragen” over de activiteiten bij de Macondobron niet door
bewijzen gestaafd is”, stelt het oliebedrijf in een
verklaring.

Blijvende gevolgen

Na de ontploffing op het
olieplatform Deepwater Horizon in 2010, die aan elf mensen het leven kostte,
stroomden maandenlang miljoenen vaten ruwe olie in zee. De gevolgen voor het
milieu en de economie zijn niet te overzien.

Niet alleen de olie op zich
heeft een zware impact op het milieu. Ook de chemicaliën die massaal werden
gebruikt om de olie te verdunnen, eisen een bijzonder zware tol en blijven nog steeds het water vervuilen.

Ook de kustbewoners en de lokale economie werden zwaar
getroffen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!