Irak: jezidi's, ISIS en propaganda
De situatie van de jezidi's in Irak is sterk vertekend door oorlogspropaganda. VS-president Obama, bijvoorbeeld, sprak over een “nakende genocide in Sinjar’". Maar dit beeld dient genuanceerd te worden. Er bleken volgens de meeste waarnemers 500 slachtoffers te zijn gevallen.
Volgens Judit Neurink, correspondente van De Standaard,
blijkt zelfs dit
aantal fel overdreven. Zij ziet niet zozeer humanitaire overwegingen achter het militaire ingrijpen van de VS, als wel strategische en militaire motieven:
"De VS bombarderen omdat de strijd iets te dicht bij Erbil plaatsvond, waar een kleine Amerikaanse basis ligt. Het argument van de bescherming van de jezidi's is niet veel meer dan een humanitair sausje. Er zijn immers ook christenen op de vlucht. Maar als je alleen voor de christenen zou optreden, dan zou de wereld over je heen vallen. Nu kwam het politiek goed uit en zijn de verhalen aangedikt."
Ook internationale media relativeren de noodtoestand van de jezidi's. Op
14 augustus meldt The Guardian bijvoorbeeld dat de reddingsoperatie op Mount
Sinjar voorbij is omdat de toestand niet zo dramatisch was als initieel gedacht. Dit wordt beaamd door de persverantwoordelijke van het Pentagon, admiraal
John Kirby: “Toen de VS haar gevechtsvliegtuigen voor het eerst sinds 2011 terug naar Irak stuurde, vond het reddingsteam op de berg Sinjar een
situatie die minder verschrikkelijk is dan de administratie en
internationale organisaties in eerste instantie dachten".
De vluchtelingencrisis
De eenzijdige focus op de situatie van de jezidi's leidt de aandacht af van een vluchtelingencrisis die reeds veel langer gaande is in Irak. Sinds begin dit jaar hebben 900.000 mensen in Irak hun huizen ontvlucht. De eerste oorzaak waren de gevechten in Anbar. Die gevechten begonnen toen premier Nouri al-Maliki besloot om, eind december 2013, de vreedzame protestmarsen aan te vallen. Het zomeroffensief van het verzet dat daarop volgde en dat leidde tot de val van Mosul en ongeveer de helft van de Salahaddin- en Kirkuk-provincies in juni 2014, heeft geleid tot een nieuwe golf van vluchtelingen.
Van 1 januari tot 31 mei 2014 telde de International
Organization for Migration (IOM) 79.627 families die hun
huizen hadden verlaten, of 477.762 intern ontheemden. Dit zijn alleen
de gezinnen die door IOM werden geregistreerd. De feitelijke aantallen liggen waarschijnlijk hoger. Bij de tweede
golf zijn opnieuw bijna 300.000 Irakezen gevlucht. Het is deze nieuwe
golf die de wereldgemeenschap zorgen baart, terwijl het grootste
gevaar nog steeds komt van Maliki’s milities en veiligheidstroepen.
De verantwoordelijke van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR in Jordanië, Daubelcour, zei in juni: "We hebben weinig asielaanvragen van Irakezen ontvangen als gevolg van ISIS-gerelateerde ontwikkelingen. Grote groepen Irakezen, meer dan 40 procent, ontvluchten eigenlijk het gegeneraliseerde en sektarisch geweld in Bagdad."
In maart van dit jaar kondigde de Europese Commissie aan dat de humanitaire hulp in 2014 aan Irak met 3 miljoen euro (4,1 miljoen dollar) zal toenemen als gevolg van de volksverhuizing in Anbar. Dit gebeurde nadat Kristalina Georgieva, Europees commissaris voor internationale samenwerking, humanitaire hulp en crisisbestrijding, had verteld dat een tiendaags bezoek aan Irak een eye-opener geweest was. "Wat we toen beseften, was dat onder de radar 370.000 mensen zijn ontheemd, als gevolg van de uitbreiding van de gevechten in Anbar, terwijl 220.000 Syrische vluchtelingen oorspronkelijk het belangrijkste doel van onze reis waren."
Het valt op dat deze vluchtelingencrisis onderbelicht is gebleven en dat de situatie van de jezidi's daarentegen overbelicht wordt. Die scheeftrekking in de berichtgeving doet propaganda vermoeden. Ook opmerkelijk is dat het aandeel van de Iraakse premier Maliki in de humanitaire crisis lang buiten beeld kon blijven.
Democratie à l’Américaine
We weten ondertussen dat de VS allesbehalve de democratie naar Irak hebben gebracht. Wat ze deden was slachtpartijen aanrichten onder de bevolking, doodseskaders loslaten op de Irakezen om deze te terroriseren en tot onderwerping te dwingen en om de banden met het volksverzet af te snijden.
Dat is overigens allemaal goed gedocumenteerd. "Several of Iraq's minorities risk being wiped out as they face unprecedented levels of violence", schreef Minority Rights Group International reeds op 27 februari 2007, maar dat was vrijwel aan dovemansoren gezegd. De Iraakse killing fields, gecreëerd door het Amerikaanse imperium, werden door massamedia nauwelijks in beeld gebracht. De totale ontmanteling en de omschakeling van de economie richting neoliberalisme, de massale roof van de olie: we hebben er niet veel over gelezen.
Maliki’s veiligheidstroepen, die opgeleid werden door de Amerikanen, arresteren en doden elke maanden een veelvoud van 500 Iraakse burgers. Maliki's troepen bombarderen ziekenhuizen, scholen, moskeeën, openbare gebouwen en viseren de burgerbevolking. Opnieuw: weinig verontwaardiging bij de VS, UNAMI en massamedia, zelfs wanneer mensenrechtenorganisaties alarmerende rapporten de wereld insturen. Maar Maliki’s aanslagen op de Iraakse bevolking worden dan ook een ‘oorlog tegen het terrorisme' genoemd. In een 'oorlog tegen het terrorisme' is alles toegelaten en tellen de Conventies van Genève niet.
ISIS en de Iraakse opstanden
Er moet een duidelijk onderscheid worden gemaakt tussen het Iraakse verzet en ISIS. Het Iraakse verzet heeft niets te maken met de ‘mad people’, zoals ISIS door verzetsmensen wordt genoemd. ISIS heeft de controle verworven over olievelden en pijpleidingen en verkoopt olie op de zwarte markt aan waanzinnig lage prijzen: tussen 25 en 30 dollar voor een vat (marktprijs: 100 dollar en meer). ISIS terroriseert de bevolking en probeert het te vervreemden van het verzet.
De Amerikanen willen dat het verzet tegen
ISIS zou vechten, zodat de Iraakse veiligheidstroepen de opstand
kunnen bedwingen. Maar het verzet weigert om in die val te trappen,
omdat ze hebben geleerd uit de ervaringen van het verleden. Overigens
bevindt ISIS zich voornamelijk in het Noorden van het land, terwijl
het verzet Bagdad
volledig heeft omsingeld en afgesneden.
De meeste bronnen zeggen dat het aantal ISIS-strijders niet meer bedraagt dan 5 à 7 procent van het totaal aantal opstandelingen en dat het verzet niet wordt aangevoerd door ISIS. De meerderheid van de strijders zijn stamleden, voormalige Iraakse legerofficieren en verzetsgroepen. Alle fracties zeggen dat ze uiteindelijk ISIS zullen moeten bestrijden, maar niet nu. Ze hebben Al Qaeda al verdreven in de periode 2005-2007. Om het terrorisme te bestrijden, moesten ze niet op de steun van Maliki rekenen.
De sektarische politiek van Maliki
Op 12 juli 2014 werden tientallen vrouwen en mannen afgeslacht in Zayounah, Bagdad, door de sektarische militie Assayeb Al-Haq, bondgenoten van Maliki. Veel meer slachtpartijen vonden plaats in Bagdad, zoals het rapport van Human Rights Watch nog op 31 juli beschreef: Iraq: Pro-Government Militias’ Trail of Death.
De huidige jezidi-crisis is een voetnoot in vergelijking met het bloedbad dat werd veroorzaakt door Maliki’s SWAT-teams en veiligheidstroepen, bewapend en getraind door de Verenigde Staten. In geen geval mogen de gebeurtenissen in Sinjar worden geminimaliseerd. Maar hebben we eigenlijk al iets gehoord over de aanslagen van de Koerden op Tuz Kurmatu of Kirkuk, allebei betwiste gebieden? Zijn er Westerse journalisten die weten wat er echt gaande is in de belegerde provincie Anbar? Heel weinig.
Dit verwrongen beeld dient dringend bijgesteld te worden. Temeer omdat nu op onterechte gronden de wereld wordt klaargestoomd voor een nieuw militair ingrijpen in Irak. Maar een militair ingrijpen zal ISIS enkel doen groeien. Sheikh Al Faidhi: “ISIS is zoals een boom. Als je hem water geeft, groeit hij. Als je hem geen water geeft, verdort hij.
Dat is het geval met de nieuwe Amerikaanse bombardementen, die nu al burgerslachtoffers hebben geëist. Sindsdien hebben zich ook meer strijders aangesloten bij ISIS. Het verzet kan dit probleem oplossen, maar dan moet de buitenlandse inmenging stoppen."