Een van de vele zandgroeves in de Keniaanse provincie Nakuru. Vele jongeren komen er werken, ondanks het permanente levensgevaar van instortende zandmuren (foto Robert Kibet/IPS)

En dan vind je ‘de job van je leven’ in een Keniaanse zandgroeve

De verstedelijking in Kenia leidt tot een snelle groei van de bouwsector. Zand voor de bouw komt onder meer uit de zandmijnen van Rhonda in de provincie Nakuru, waar jongeren werken in levensgevaarlijke omstandigheden voor zeer weinig geld.

donderdag 7 augustus 2014 13:19

Allan Karanja (22) werkt in een
zandafgraving. Het is zwaar en moeilijk werk, waarbij hij in diepe
groeves moet werken, uitgerust met een schop en een breekijzer. Zelf heeft hij geen enkele bescherming, noch aangepaste kledij, noch een stofmasker. 

In Rhonda, gelegen ten zuiden van Nakuru,
hoofdstad van de gelijknamige provincie en naast het nationale park
Nakuru in de Riftvallei, zijn talloze geïmproviseerde nederzettingen
te vinden. Daar leven honderden jongeren die werken in de zandmijnen.

Karanja zegt dat hij al een
aantal mensen heeft zien omkomen, toen steile zandwallen instortten
tijdens werkzaamheden. “Honger drijft ons naar deze mijnen. We
verdienen nauwelijks iets, ondanks de risico’s. We hebben zelfs geen
veiligheidshelm op”, zegt hij.

In 2010 werd Nakuru, 160
kilometer ten noordwesten van de hoofdstad Nairobi, door het
VN-Programma voor Menselijke Nederzettingen verkozen tot de snelst
groeiende stad van Oost en Centraal-Afrika. Dat trok nieuwe
investeerders en leidde tot een sterke groei van de bouwsector –
een grote afnemer van zand. Rhonda heeft de belangrijkste
zandafgravingen in de Riftvallei.

Dagloners

Jackson Kemboi is eigenaar van
een zandgroeve van twee hectare waar vorige maand twee arbeiders, een
vader en zijn zoon, omkwamen door een instortende zandmuur. Na het ongeval werd de
zandgroeve tijdelijk gesloten. Kemboi vertelt dat
er ongeveer drieduizend mensen werken in de zandgroeves in Rhonda.

“Deze groeve bestaat al
sinds begin jaren tachtig. We hebben niet de capaciteit om mensen op
basis van een maandsalaris te laten werken. Ik moet mijn inkomsten
delen met iedereen die bij de groeve betrokken is. Deze jongeren
werken op dagbasis. Aan het einde van de dag krijgen ze uitbetaald
voor hun werk.”

Kemboi zegt dat hij iets meer
dan 43 euro voor een truck met zeven ton zand betaald krijgt. Twintig
procent van dat bedrag wordt verdeeld onder de mijnwerkers, laders en
chauffeurs.

Jack Omare, een vader van twee kinderen die al sinds 1992
in de zandmijnen werkt, zegt dat hij op een normale dag minimaal 2,25
euro verdient. Dat is niet veel, net genoeg om eten te kopen voor
zijn gezin. Drie keer is hij bij instortingen al aan de dood ontsnapt.

Economische groei

Zand is nodig voor de
bouwsector in Kenia die snel groeit als gevolg van verstedelijking.
De Keniaanse overheid verwacht dit jaar een economische groei van 6,3
procent. Vorig jaar was dat 5,5 procent en in 2012 4,6 procent. De
bevolking in de steden groeit met zo’n 4 procent per jaar. Die groei
komt deels door de plattelandsvlucht voor het geweld na de verkiezingen in 2008 en door
migratie van het platteland naar de stad, omdat mensen hopen er werk te
vinden.

De zandmijnen zijn een
gemakkelijke manier voor jongeren om geld te verdienen, ondanks de
dodelijke risico’s. In 2013 gaf de Keniaanse Nationale Autoriteit
voor Milieubeheer (NEMA) opdracht alle zandmijnen in Nakuru te
sluiten, omdat ze schade aan het milieu zouden veroorzaken.

De
zandafgravingen in Nakuru leiden volgens de NEMA tot afzetting van
erosiemateriaal in de rivier Ndarugu en vormen ook een bedreiging
voor de openbare infrastructuur, zoals wegen en scholen. “Het
verbod geldt nog steeds. We kunnen het handhaven, maar we moeten ook
denken aan de werkgelegenheid voor duizenden jongeren”, zegt
Wilfred Osumo, de directeur van de NEMA in Nakuru. 

The
Deadly Occupation Attracting Kenya’s Youth

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!