Abdelkrim El Khattabi (1882-1963)
Boekrecensie -

“Abdelkrim El Khattabi”, eerste Afrikaanse vrijheidsstrijder 20ste eeuw

M'hamed El Abdouni schreef "Abdelkrim El Khattabi en de Riffijnse Republiek", het eerste Nederlandstalige complete boek over een groot Afrikaans leider. Het hoort thuis in elke boekenkast in Vlaanderen en Nederland, naast de levensverhalen van Che Guevara, Patrice Lumumba, Nelson Mandela en Thomas Sankara.

donderdag 7 augustus 2014 11:37

Buiten migrantenfamilies uit het Rifgebergte is Abdelkrim El
Khattabi nog steeds een nobele onbekende. In Borgerhout is men al
lang met hem vertrouwd. Daarbuiten bestaat hij voor de rest van Vlaanderen en Nederland niet.  

DeWereldMorgen.be

Wie dit boek leest, weet voortaan beter. Deze man verdient een ereplaats naast de groten
der aarde, niet die van het klassieke pantheon der klassieke ‘groten’
in de traditionele geschiedenisboeken, de keizers, de koningen, de
generaals, de machtswellustelingen, maar op het erepodium van volksleiders, die er stonden voor hun medemensen. Dit was een leider
die zijn tijd ver vooruit was, iemand om fier op te zijn.

In zeven
chronologische hoofdstukken laat de auteur ons kennismaken met een
mens, zijn volk en zijn “land”. In het eerste deel verkennen we de
regio van de Rif,
een arm gebied met primitieve landbouw en veeteelt. Het tweede deel
plaatst de regio in de ruimere prekoloniale en koloniale context van
de negentiende en begin twintigste eeuw. De bevolking van de Rif had
geen enkele zeggenschap in de beslissingen van de koloniale
mogendheden, die van Marokko een ‘protectoraat’ maakten.

Protectoraat, wat en voor wie?

Dat statuut van
protectoraat (letterlijk: ‘te beschermen gebied’) dekte wel de lading. Hier moest immers van alles beschermd worden. De vraag was
alleen, wat viel er te beschermen en voor wie? Goedkope grondstoffen
en nog goedkopere arbeidskrachten voor de Franse en Spaanse
kolonisatoren, daar ging het om. Wat de bevolking daarvan vond, was
niet relevant. Zij vielen niet onder de categorie ‘te beschermen’.

Dat
Frans noch Arabisch de moedertaal is van Marokkaanse migranten, dat deze ‘Marokkanen’ al lang
volwaardige Belgen/Nederlanders zijn, wordt nog steeds genegeerd
en/of verzwegen. Vergeten is verder dat de Rif in feite oorspronkelijk
niet door Frankrijk maar door Spanje werd gekoloniseerd.

Abdelkrim El
Khattabi groeide op onder het Spaanse protectoraat. Hij was een jonge
ambtenaar die het tot gerespecteerd rechter bracht voor de Spaanse
overheid in de stad Melilla. Hij was aanvankelijk een voorstander van
medewerking met de Spaanse autoriteiten, omdat hij hen geloofde
wanneer ze stelden dat het protectoraat aan de ontwikkeling
van de Rif ten goede zou komen.

Hij ervoer een aantal kenmerken van de moderne staat, zoals een
justitie-apparaat, administratie, overheidsdiensten, veralgemeend
onderwijs en de rol van de staat voor sociale en economische
ontwikkeling. En hij deed kennis op van wetenschappen in Europa. Achteraf gezien kan je het naïef van hem noemen,
maar hij geloofde oorspronkelijk dat Spanje goede bedoelingen had met Afrika.

De koloniale realiteit

Tussendoor leren
we dat de Alawietische dynastie, die nu nog altijd de troon bezet
in Marokko, in feite op sterven na dood was, toen Frankrijk en Spanje
het land overnamen. De huidige koning Mohammed VI heeft met andere
woorden zijn overleven aan de Franse kolonisatie te danken.

Marokko was in de
negentiende eeuw fel verzwakt door opgelegde handelsakkoorden, die
enkel Franse en Spaanse economische belangen dienden. Dat ging
zeer ver: een verdrag van 1863 legde bijvoorbeeld vast dat
buitenlandse handelaars en hun Marokkaanse compagnons niet onder het
Marokkaans rechtssysteem vielen. (Vandaag onderhandelt de EU met de
VS om het TTIP-vrijhandelsakkoord erdoor te krijgen dat identieke
clausules bevat.)

Het Rifland was
arm en intern verdeeld. De stammen hadden permanent twisten en
uitstaande vetes. Hun gemeenschappelijke taal en cultuur was niet in
staat om hen samen te brengen tegen de gemeenschappelijke vijand. Dat
duurde tot er een leider kwam die hen wist te overtuigen dat eenheid
hen sterk kon maken.

Een leider met een ideaal

Abdelkrim was niet
de allereerste verzetsleider van de Berbers. Er waren hem al een
aantal voorafgegaan. Ze ontbeerden echter allen de globale visie en
hadden geen ander toekomstperspectief dan het in stand houden van de
oude tribale structuren.

Abdelkrim was daarentegen de
eerste leider die openlijk streed voor het afschaffen van de
destructieve traditie van gewapende vetes. Hij bepleitte moderne
rechtspraak. El Khattabi voerde niet alleen de strijd aan voor
vrijheid en onafhankelijkheid, hij moest zich ook zwaar inspannen om
alle stamleiders achter zijn moderne ideeën te krijgen. Dat liep
niet altijd van een leien dakje.

Het verzet onder
zijn leiding werd door de Spaanse media gebrandmerkt als xenofoob en crimineel. Uiteindelijk werd dat verzet een belangrijke factor
in de Spaanse politieke wereld zelf. De jonge Franco deed zijn
militaire ervaring op in de strijd tegen het Berberverzet. Zo kon hij
de jongste generaal van het Spaanse leger worden. Vanuit de Rif
organiseerde hij de contrarevolutie, die hem in 1939 uiteindelijk
dictator maakte van Spanje tot aan zijn dood in 1975.

De eerste guerrilla van de 20ste eeuw

Abdelkrim El
Khattabi had geen enkele vorm van militaire opleiding
genoten. Hij kende niets van modern wapentuig. Toch slaagde hij erin
om tegen een troepenmacht, die vele malen sterker was, overwinningen te behalen. In feite was zijn gebrek aan kennis van
klassieke militaire strategieën zijn grootste voordeel. Hij ging uit
van totaal andere concepten en ideeën.

DeWereldMorgen.be

Het Spaanse leger
zette alles in op aantallen, zwaar wapentuig en het voeren van
‘veldslagen’. De Berbers bewogen echter in kleine
lichtbewapende eenheden, die het terrein kenden en vooral gemotiveerd
waren. Tegenover hen stonden duizenden zwaarbepakte Spaanse troepen,
die vergaten hun watervoorraden aan te vullen, ongemotiveerd waren, het terrein niet kenden en ongeschikte kledij
droegen voor de hete zomers en ijzige winters.

Dat Spaanse leger
ging er bovendien van uit dat elk gebied waar ze waren gepasseerd
automatisch ‘veroverd gebied’ was. De officieren waren dan ook
stomverbaasd te moeten vaststellen dat de verzetstrijders hen
lieten passeren en kozen voor een strategie die nu ‘guerrilla’ wordt genoemd.
Abdelkrim zette zich definitief op de wereldkaart door het Spaanse
leger een verpletterende nederlaag te bezorgen bij de slag om Anoual
in de zomer van 1921.

Werd zijn verzet
in Spanje nog afgeschilderd als ‘barbaars’, het waren de Spaanse
soldaten die verontwaardiging en ontzetting veroorzaakten in de
wereld met beelden van onthoofde gevangenen, bombardementen van
dorpen en kuddes en de inzet van gifgas.

De Riffijnse
Republiek

Abdelkrim en zijn
medestanders riepen de Riffijnse Republiek uit op 1 juli 1923 en
richtten onmiddellijk een verzoek aan de Volkenbond – de
vooroorlogse voorloper van de Verenigde Naties – om hun land te
erkennen. De Republiek verklaarde zich niet gebonden door het
verdrag van Algeciras, dat Marokko als protectoraat van Frankrijk en
Spanje aanduidde. De Volkenbond werd echter gedomineerd door Europese
koloniale machten. Dergelijk openlijk opstandig gedrag konden ze niet
tolereren. Dit was een te gevaarlijk precedent.

DeWereldMorgen.be

De Riffijnse
Republiek had naast een verkozen parlement een door dat parlement
benoemd staatshoofd, een territorium, een vlag (zie foto hierboven), een nationale hymne
en een eigen munt (zie foto). Alle formele eisen voor de erkenning als staat
waren aanwezig. De in Groot-Brittannië gedrukte munten zijn echter
nooit in omloop geraakt.

Abdelkrim wilde
onder meer een moderne interpretatie geven van het islamitisch recht.
Moderne wetenschappen behoorden daar volgens hem toe. Hij maakte
komaf met tribale tradities van vete en bloedwraak. In de
plaats moest een moderne rechtsstaat komen, waar de regels voor
iedereen hetzelfde waren. Zijn ideeën konden op veel bijval rekenen
in de andere Afrikaanse kolonies. Het maakte hem daarentegen tot een
vijand van de feodale Marokkaanse monarchie.

Een te vroege revolutie

Uiteindelijk heeft
zijn vrije republiek slechts vier jaar standgehouden. De koloniale
grootmachten hadden niet bepaald een hoge dunk van de Spaanse
kolonisatie, maar het precedent van de Riffijnse Republiek was te
gevaarlijk. Na een dappere maar zeer ongelijke strijd moest Abdelkrim
zich overgeven. Daarbij werd onder meer gifgas ingezet, geleverd aan
het Spaanse leger door Duitse experten.

DeWereldMorgen.be

Spanje kon het
echter niet zonder Franse assistentie bolwerken en zelfs de Fransen
moesten vervolgens zware verliezen incasseren. Ze maakten immers dezelfde
fouten als de Spanjaarden. Ook zij konden zich er niet toe brengen de
strategie van het Berberverzet ernstig te nemen en te bestuderen. Het
racistische Europese superioriteitsgevoel zat te diep verankerd
in de geesten van de Franse officieren. De onverzettelijkheid van het
verzet bracht Abdelkrim wel op de voorpagina van het Amerikaanse
tijdschrift Time (zie foto).

Verbannen maar nooit vergeten

Uiteindelijk
haalden de Europese grootmachten het met hun verpletterende
overmacht. Abdelkrim was zo verstandig om zich aan de Franse troepen
over te geven. De Spaanse troepen zouden hem immers zonder meer
standrechtelijk hebben geëxecuteerd. De Fransen autoriteiten
verbanden hem daarop naar het Franse eiland La Réunion, ten oosten
van Madagascar. Dat deden ze niet uit een of ander verheven
principe of uit respect, maar om de Spanjaarden een neus te
zetten en hem achter de hand te houden.

Abdelkrim toonde
zich echter een onverzettelijk, waardig en gewiekst tegenstrever.
Toen Frankrijk hem in 1947 naar het zuiden van Frankrijk wou
overbrengen, moesten zij vaststellen dat de Berbers hem helemaal niet
waren vergeten en dat Abdelkrim niets van zijn principes verloochend had. Ze hoopten dat hij tweedracht kon zaaien in de onafhankelijkheidsstrijd van Marokko en Tunesië. In
feite hoopten ze zo vooral Algerije te behouden als onderdeel van
Frankrijk.

Egypte

Op zaterdag 31 mei
1947 stapte Abdelkrim met zijn familie zonder bagage af van de boot
die hem via het Suez-kanaal naar Frankrijk zou varen. Hij heeft
Egypte nooit meer verlaten. Ook een aanbod van koning Mohammed V
sloeg hij af. Die kwam hem in Caïro bezoeken in de hoop hem te
paaien met een aanbod voor autonomie van de Rif.

Het is dan ook
geen toeval dat de Marokkaanse koning die lastige Berbers liever
kwijt dan rijk was. Een groot deel van
de Marokkaanse migratie vanaf de jaren 1960 naar Frankrijk, België,
Nederland en Duitsland waren Berbers uit de Rif. Zij namen in hun gedachten Abdelkrim met hen mee.

DeWereldMorgen.be

Op 14 juni 1959 vereerde niemand minder dan Che Guevara hem met een bezoek in Caïro.
Che was door een Spaanse oorlogsveteraan ingewijd in de Riffijnse
guerrillatechnieken en stond erop Abdelkrim persoonlijk te
ontmoeten. Op 6 februari 1963 kreeg Abdelkrim El Khattabi een
staatsbegrafenis in Egypte (zie foto).

Zijn gedachten
leven voort en zijn aan een renaissance toe. Enkele uitspraken van
hem tonen aan hoe modern en relevant hij nog is: 

“Als er een doel
is voor ons in dit leven, dan is het dat alle mensen, ongeacht hun
overtuiging, religie en etniciteit, in vrede leven”

“Een overwinning
van het kolonialisme is waar dan ook een nederlaag voor ons, en een
overwinning van de vrijheid waar dan ook is een overwinning voor ons
…”

“Zij zeiden dat
ze zijn gekomen om ons te civiliseren, maar dan met gifgassen en
massavernietigingswapens …”

Dit boek is geen
gratuite hagiografie maar een evenwichtig huldebetoon. El
Khattabi was een mens en had zijn kleine kanten. Hij was een kind van
zijn tijd (ook al was hij in gedachten en ideeën die tijd ver
vooruit). Ook zijn twijfels, zijn vergissingen en zijn koppigheid
komen in dit boek aan bod. Evenmin worden de interne spanningen
en twisten tussen de Berbers onderling verdoezeld.

In het voorwoord
van zijn boek vat de auteur het zo samen: “Het is (…) niet
verwonderlijk dat het gedachtegoed van Abdelkrim El Khattabi in de
huidige tijd een inspriatiebron vormt voor jonge generaties, die naar
verandering, naar democratie en vrijheid snakken.” Dat kan
iedereen beamen die dit boel leest en koestert. 

Er staat zoveel meer in dit boek, dat op degelijk onderbouwd bronnenonderzoek kan bogen. Wie uitgebreid met de erfenis van Abdelkrim El Khattabi wil kennismaken, heeft met dit boek alle elementen in
handen.  

Het boek Abdelkrim El Khattabi en de Riffijnse Republiek kan worden besteld bij elkhattabi.abdelkrim@gmail.com.

Auteur M’hamd El Abdouni (1973) werd geboren in de Marokkaanse havenstad Al Hoceima waar hij middelbare school liep. Na zijn medische studies in Rotterdam bleef hij in de stad hangen, waar hij nu werkt op de afdeling cardiologie van het Maasstad Ziekenhuis. Hij is een drijvende kracht achter de Berberbeweging in Nederland en heeft meerdere publicaties op zijn naam staan. 

De Spaanse documentaire Arrhash/Veneno (Vergif) van Javier Rada en Tarik El Idrissi hieronder gaat over het gebruik van gifgas door Spanje tegen de Riffijnse Republiek (Spaans/Berbers gesproken met Spaanse ondertitels, 44″)

take down
the paywall
steun ons nu!