Een Palestijnse huisvrouw overschouwt op 8 juli 2014 de beschadigingen aan haar huis, na een Israëlische luchtaanval op het huis naast het hunne (foto Ashraf Amra / APA images /ElectronicIntifada).

Gaza lijdt aan ‘neutrale, evenwichtige berichtgeving’

“Gaza haalt geregeld het nieuws, maar dat is vaak doordrongen van ‘neutrale, gebalanceerde berichtgeving’, alsof het gaat om twee gelijke partijen die elkaar met dezelfde macht en kracht bekampen.” Inge Neefs vertelt over haar ervaring met de media in haar boek ‘Gaza op mijn hoofd’.

maandag 28 juli 2014 14:42
Spread the love

De
schoenen van de waarheid

Ik
voeg papier en woorden toe aan het best gedocumenteerde conflict ter wereld. Pervers
toch, dat documenteren en verspreiden van informatie, over andermans leed,
zonder dat er iets verandert. En dat is waar veel journalisten hun kost mee
verdienen. 

Ik,
de blanke man, die een vrouw is, kwam, zag en beschreef. Klinkt dat niet
koloniaal? Schend
ik het recht op zelfrepresentatie van Palestijnen niet? Breng ik genoeg
verhalen over Palestina en de Palestijnen om ‘het enige verhaal’ te
doorprikken? Kan ik loskomen van een oriëntalistisch discours; van die
romantiserende maar neerbuigende houding ten aanzien van oosterse
samenlevingen, die vaak statisch gerepresenteerd worden, alsof ze geen
ontwikkeling doormaken? 

Mijn
waarneming wordt gekleurd door mijn achtergrond en mijn positie; hoe
etnocentrisch blijf ik ondanks dit bewustzijn? 

‘Een
leugen maakt een halve wereldreis terwijl de waarheid haar schoenen aantrekt.’ Mark Twain

Ik
heb geen sluitende antwoorden op mijn eigen bedenkingen, die me doen weifelen
en twijfelen over het nut van een boek over Gaza. Evenmin geloof ik in de
waarheid, die in het citaat van Mark Twain hierboven haar schoenen aantrekt. 

De
dingen zijn complex. Dat klinkt als een uitspraak die berustend uit
grootmoeders mond zou kunnen rollen. Maar aan berusting wil ik niet toegeven.
Ik geloof dat waarheid diverse versies kan hebben, die elkaar tegenspreken en
toch kloppen, maar ik weet ook dat waarheid gemanipuleerd kan worden door zij
die de macht aan hun kant hebben.  

En
het is net de geperverteerde presentatie van het Palestijns-Israëlisch conflict
die me ertoe aangezet heeft om zelf te schrijven. Het is een weerwoord aan de journalistiek
der neutraliteit die onbewogen blijft bij een onrechtvaardigheid die nochtans
weerzinwekkend is en waanzinnige proporties aanneemt.  

‘Neutraliteit’
is geen synoniem voor ‘objectiviteit’, of is niet het tegenovergestelde van
‘subjectiviteit’. Iemand die neutraal is, is onzijdig. Je kan objectief zijn
terwijl je partij kiest, door je kritische houding te bewaren en gefundeerd te
argumenteren. Wat mij vaak stoort aan onze media is dat het nieuws
gepresenteerd wordt op neutrale toon, terwijl er sluiks opinie in doorschemert
die beïnvloedend werkt. Berichtgeving is vaak gekleurd, ook al wordt er meestal
geen kleur bekend. 

Gaza
haalt geregeld het nieuws, maar dat is vaak doordrongen van ‘neutrale,
gebalanceerde berichtgeving’, alsof het gaat om twee gelijke partijen die
elkaar met dezelfde macht en kracht bekampen.

Alsof ook Palestijnen de
Israëli’s van hun land verdreven, alsof Palestijnen ‘Israël’ bezetten om er
kolonies, segregatiemuren en ‘apartheidswegen’ te bouwen. Alsof Palestijnen
militaire controleposten hebben die ‘Israël’ versnipperen tot gesegregeerde
bantoestans. Alsof Palestijnen de Israëlische economie wurgen door het gebied
af te zetten met een blokkade en alle goederenexport tegen te houden. Alsof de
Palestijnen duizenden Israëli’s gevangenhouden. Alsof Palestijnen Israëli’s
deporteren en hun verblijfsvergunningen intrekken. Alsof Palestijnen in de
afgelopen tien jaar meer dan vijfduizend Israëlische huizen vernield hebben.  

En
toch zijn de Palestijnen de terroristen in het verhaal. Ik herinner me niet of
ik de foto zelf zag of dat ik me er een beeld van heb gevormd door de
beschrijving van Noam Chomsky over een oude man uit Gaza die een plakkaat
draagt waarop staat: 

‘Je neemt mijn water, verbrandt mijn olijfbomen,
vernielt mijn huis, neemt mijn job, steelt mijn land, sluit mijn vader op,
vermoordt mijn moeder, bombardeert mijn land, hongert ons allen uit, vernedert
ons allemaal, maar ik ben schuldig: ik schoot een raket terug.’ 

Het
is niet alleen dat de vergelijking niet opgaat, de rollen worden zelfs
omgekeerd. De krampachtige evenwichtsoefening van ‘het nieuws’ versluiert de
werkelijkheid voor veel mensen die geloven dat de waarheid der werkelijkheid
gedrukt staat en dat het nieuws altijd gelijk heeft, ‘omdat het zo objectief
is’. Maar zoveel verhalen blijven onverteld. 

Kan
men objectiviteit verwachten van iemand die haar echtgenoot verloor in het
bloedbad van München? Tijdens de Olympische Zomerspelen van 1972 werden daar
elf atleten en vertegenwoordigers van de Israëlische ploeg gegijzeld en
vermoord door de Palestijnse paramilitaire organisatie Zwarte September.  

Een
van de dodelijke slachtoffers van deze gruwel was de echtgenoot van Ankie
Rechess. Haar kent u waarschijnlijk wel van de VRT; op openbare radio en
televisie bericht ze vanuit ‘Israël’ over het Palestijns-Israëlische conflict.
Kan Ankie Rechess nog onafhankelijk verslag geven na zo’n traumatische
ervaring? Misschien wel, maar ze doet het niet. Haar berichtgeving stemt vaak
sterk overeen met die van Israëlische regeringsleiders en woordvoerders van het
leger.  

Het
spreekt voor zich dat dit geen objectieve bronnen zijn, maar dat zij hun eigen
belangen propaganderen. Zo worden Palestijnse verzetsbewegingen automatisch
‘terroristen’, terwijl het Israëlische leger zich enkel verdedigt. Erger nog:
Palestijnen die door het Israëlische leger beschoten en gebombardeerd worden,
krijgen evenwel het label ‘militanten’ of ‘terroristen’. Dat journalisten
informatie van dergelijke bronnen overnemen zonder kritische zin is deontologisch
onverantwoord.  

In
november 2012 werd ik zelf opgebeld door de VRT. Reyers
Laat zou die avond aandacht besteden aan Gaza. Het regende namelijk al een week
lang Israëlische bommen, maar er leek een staak-het-vuren in de maak. Dat of er
zou een Israëlische landinvasie in de Gazastrook volgen.  

Of ik
in de studio toelichting zou kunnen geven over het dagelijkse leven in Gaza?
Het zou een kort gesprek zijn met iemand die het Israëlische standpunt zou
komen vertegenwoordigen. Maar deze keer nodigde men voor één keer eens
niet  Michael Freilich uit, de
hoofdredacteur van het zionistisch maandblad Joods Actueel.  

Sommige
medewerkers van dat blad, zoals Guido Joris en Hugo Van Minnebruggen, zijn erg
bedreven in onlinepropaganda: ze schuimen het net af om de Israëlische zaak te
verdedigen. Daarbij wordt het begrip ‘antisemitisme’ gretig misbruikt: iedere
kritiek op ‘Israël’ krijgt de stempel van Jodenhaat. En voor activisten die
zich inzetten voor Palestijnen is men allesbehalve mals. Dat heb ik zelf
meermaals mogen ondervinden.  

Toen
ik een blogbericht postte over Viks moord, was Van Minnebruggen er bijvoorbeeld
snel bij om zijn condoleances over te maken: 

‘Vittorio, “A True Looser” zou beter klinken. Enfin, de
extreemlinkse terroristenverafgoders hebben er weer een shaheed bij. Een
Italiaan deze keer. Wat denk je, zouden die 72 maagden die jouw Italiaanse
shaheed verwelkomen, van Palestijnse of Italiaanse origine zijn? Of misschien
wel dwaze sukkels zijn uit een of ander klooster in Vlaanderen zoals jij? Pathetisch.
Je zou beter een artikel wijden aan de vijf doden van het gezin Fogel uit
Itamar dan aan die bombastische Italiaanse macho uit spaghettiland. Het zou je
geloofwaardigheid bij je extreemlinks lezerspubliek beslist ten goede komen.’ 

Joods Actueel poogt zich intussen te
distantiëren van Hugo Van Minnebruggen en zijn website brabosh.com, waar hij
onder de noemer ‘Vlaamse Vrienden van Israël’ schrijft. Plots wordt hij
extremistisch, militant en nijdig genoemd. Hij zou ‘een zelfverklaarde vriend
van Israël’ zijn, die ‘niet gelieerd is aan Joods Actueel (zoals
vaak door Israëlbashers wordt beweerd)’, zo staat het op de website van het
maandblad. Maar in het artikel ‘E-mail aan Vlaamse Joden’ verwijst Joods
Actueel zelf naar Van Minnebruggen als een medewerker, neen als redacteur!  

Niemand van Joods Actueel dus in Reyers
Laat, maar wel Noémi
Schlosser, een Antwerpse actrice
met Joodse wortels die vaak naar ‘Israël’ reist. Het gesprek zou over de
bevolking gaan; over het leven in Gaza versus het leven in ‘Israël’. Ondanks
het polariserend karakter van het format, zag ik er wel iets in; de
discrepanties in levensstandaard in Gaza en ‘Israël’ zijn enorm. Mijn deelname
zou de mogelijkheid bieden om het gevaar- en veiligheidsdiscours van ‘Israël’
te counteren met cijfers en om vraagtekens te plaatsen bij het discours over
Palestijns terrorisme.  

Aan de telefoon werd me gezegd dat er een
kort introductiefilmpje over mezelf zou getoond worden en een tweede over de
andere gastspreker. Of ze de beelden die Vranckx in Gaza draaide, konden
gebruiken? Vijf minuten voor ik de studio inging, overliep een stagiaire
haastig de debatinhoud. Ze zouden beginnen met een filmpje over de bomaanslag
in Tel Aviv die dag. Het tweede filmpje zou beelden tonen uit Gaza: over hoe er
koekjes werden uitgedeeld om de aanslag in Tel Aviv te vieren. 

Toen
had ik moeten vertrekken. Ik dacht nog even dat het een misplaatste grap was,
maar er werd niet gelachen. De stagiair-productieassistente zat nerveus op haar
stoel te schuifelen, maar keek me vooral extatisch aan. Dit kan niet echt zijn,
dacht ik. Ik denk wel vaker dat de realiteit waanzinniger is dan de verbeelding
kan bedenken. 

Een
halfuur eerder had ik Anaah aan de lijn.  Dat ze niet wist of deze wapenstilstand wel écht is. Die van
gisteren sneuvelde ook.  Dat
‘Israël’ nog steeds een landinvasie kon doen.  Dat de drones nog luid zoemden. Dat er vijf mensen in haar
straat vermoord waren. Tussen iedere zin in weerklonken lange stiltes, waarin
haar pijn lag die ik radeloos om de ontroostbaarheid beluisterde. 

Op
acht dagen tijd vermoordde het Israëlische leger 156 mensen in de Gazastrook.
De meesten van hen waren burgers, 103 om exact te zijn. In ‘Israël’ werden op
diezelfde acht dagen vier mensen vermoord door raketaanvallen uit Gaza. Dat is
een verhouding van 39 versus 1. Bij de aanslag op een bus in Tel Aviv stierf
niemand, gelukkig. Maar diezelfde dag werden er in Gaza niet minder dan 21
mensen vermoord. 

Levens
vallen niet te bagatelliseren, maar hoe hallucinant groot is de discrepantie?
En hoe wansmakelijk degoutant is de berichtgeving daarover? Waanzinnig maar
waar: Reyers Laat serveert de onmenselijke wreedheid van de terroristische
Palestijn.  

Lieven
Van Gils opent met de woorden: ‘Ja, een bomaanslag in Tel Aviv vandaag en dan
later in de namiddag dan toch nog een wapenstilstand.’ ‘Dan toch’, alsof
‘Israël’ zich ondanks alles barmhartig opstelt. Vervolgens verwijst hij naar de
filmpjes vol paniek in Tel Aviv en het grootse feest met koekjes in Gaza.
Gedurende het hele interview rept hij met geen woord over de doden in Gaza.
Eenentwintig diezelfde dag nog. 

Hij
kent geen schaamte, hij vraagt me of ik dat kan uitleggen, dat van die koekjes,
want dat ‘wij dat hier toch niet kunnen begrijpen’. 

Hij begrijpt het inderdaad niet, dat die Palestijnse
raketten en bomaanslagen een wanhoopskreet zijn, een schreeuw waarmee
Palestijnen hun bestaan uitroepen, een schreeuw die exclameert dat ze niet
zullen sterven zonder zich te verzetten tegen het geweld en het onrecht dat de
Israëli’s hen aandoen. Die koekjes komen luguber over, maar zijn ze luguberder
dan de kreten ‘Dood aan alle Arabieren!’ op een Israëlische betoging? Hoe komt
het dat indien de koekjes wel getoond worden, deze betogingsbeelden niet
getoond worden? 

In de luttele spreektijd
die ik heb, probeer ik mijn woorden te wikken en te wegen, maar ze worden
futiel in Van Gils’ handen. ‘Iedereen vertelt het verhaal uit zijn eigen
standpunt’, zegt hij. Daarmee extraheert hij het Israëlische militaire
machtsoverwicht uit het verhaal en laat hij het publiek kijken naar twee
gelijke partijen, die te koppig zijn om vrede te bewerkstelligen. Nochtans stak
David Ben-Gurion, de eerste Israëlische premier, het zelf niet onder stoelen of
banken:  

‘Laten
we de waarheid niet negeren onder ons… Politiek gezien zijn wij de agressors en
verdedigen zij zichzelf. Het land is van hun, omdat ze het bewonen, terwijl wij
ons hier willen komen vestigen. In hun ogen willen we hen het land ontnemen.’ David Ben-Gurion 

Noémie
Schlosser en ik zitten in deze show bij de gratie van onze jonge
vrouwelijkheid, want ‘oude mannen, professoren of ander volk, dat werkt niet
meer op tv’, vertelt een productieassistent me. Zonder blikken of blozen word
ik herleid tot mijn verpakking. Zonder schaamte etaleert hij Reyers Laat als
een oppervlakkig lay-outproduct dat kijkcijfers moet kopen. ‘Maar twee jonge
vrouwen, ik blijf erbij, dat is een geweldig format!’ Het gaat niet om inhoud,
maar om visualisatie. Daarom mocht ik ook geen spiekbriefje met cijfers bij me
houden tijdens de opnames, ‘dat oogt écht niet mooi.’ 

De
presentatie van het conflict in de media wordt echter door meer misvormd dan de
neutraliteit en vermeende objectiviteit van sommige journalisten. Wanneer het
om de illegale nederzettingen gaat in bezet Oost-Jeruzalem en op de bezette
Westelijke Jordaanoever, wordt ‘Israël’ wel vaak bekritiseerd in de media. Dat
is omdat die nederzettingen niet passen in het plaatje van de
tweestatenoplossing en de vredesonderhandelingen, die als ijkpunt voor de
analyse van het conflict genomen worden. ‘Het conflict escaleert’, zo zeggen de
krantenknipsels en nieuwslezers. Terwijl het een oprisping is van een
systematische escalatie.

Eigenlijk escaleert het al decennia (te) lang,
sinds de bezetting van 1967. Eigenlijk gaat het terug tot 1948 en vroeger, maar
dat wordt dikwijls weggelaten in de mediaberichtgeving.

Daarmee snijden journalisten een principieel
stuk weg uit de tijdslijn van het conflict, terwijl die
gebeurtenissen noodzakelijk zijn om het heden te begrijpen. In de optiek van de vredesonderhandelingen
begint het conflict pas in 1967, toen ‘Israël’ de Westelijke Jordaanoever en de
Gazastrook bezette. In die optiek wordt de etnische zuivering, die aan de basis
van het conflict ligt, genegeerd.  

DeWereldMorgen.be

De zionistische droom ging voor anker in
Palestina, dat echter een inheemse bevolking had, maar die niet langer welkom
was, op de joodse Palestijnen na. De oorlogen van 1948 en 1967 hebben een
immense vluchtelingenproblematiek gecreëerd. Zo is meer dan zestig procent van
de bevolking in de Gazastrook vluchteling. En wereldwijd loopt het aantal
Palestijnse vluchtelingen zelfs op tot zeven miljoen! Door het conflict te
bekijken door de lens van de vredesonderhandelingen verdwijnen deze zeven
miljoen mensen uit het vizier, samen met hun recht op terugkeer. 

Inge Neefs

Dit is een uittreksel uit het boek ‘Gaza op mijn hoofd’. © 2013 Inge Neefs en uitgeverij EPO. Overname enkel met toestemming van de uitgever

take down
the paywall
steun ons nu!