Het schooljaar loopt op z’n eind. Welke leerlingen zitten na de zomervakantie opnieuw op de schoolbanken en welke zijn met de noorderzon vertrokken? Hoe vergaat het de kinderen die afgelopen schooljaar van de ene dag op de andere de het lokaal moesten verlaten? Scholen en leerkrachten maken zich ernstig zorgen over het welzijn en de toekomst van een deel van hun leerlingen.
De school is zowat de enige plek waar kinderen van asielzoekers en mensen zonder papieren op een normale manier kunnen omgaan met leeftijdsgenoten. Op school leren ze de taal van hun nieuwe woonomgeving, leren ze zich uitdrukken, vriendschap sluiten, conflicten oplossen. Ze worden er gewapend voor het leven en winnen er aan zelfvertrouwen.
Onderwijs is een grondrecht en heeft als taak kinderen ontwikkelingskansen te bieden. Dat geldt voor alle kinderen, ongeacht hun situatie of toekomstperspectief. Zo’n langetermijnperspectief staat lijnrecht op de onzekere vooruitzichten van kinderen op de vlucht. Een aantal schrijnende gevallen waarbij kinderen of jongeren onverhoeds van de schoolbanken werden geplukt en werden uitgewezen, haalden de afgelopen jaren de grote media. Het publiek reageert doorgaans verontwaardigd. Het beleid verschuilt zich steevast achter de letter van de wet.
Dat het niet om anekdotische en sporadische gevallen gaat, bewijst het toenemende aantal vragen en klachtentelefoons die het kinderrechtencommissariaat binnenkrijgt. Voor elk gemediatiseerd geval zijn er honderden waar geen haan naar kraait. Het is voor het eerst dat de grote onderwijsverstrekkers een unaniem en duidelijk signaal geven aan het beleid wat betreft de rechten van kinderen op de vlucht.
Zonderwijs
Jeroen De Wolf is een van de leerkrachten die niet langer passief en machteloos wilden toekijken hoe steeds weer kinderen en jongeren zonder enige begeleiding van de schoolbanken verdwijnen. Daarom startte hij samen met een aantal collega’s ‘Zonderwijs, leerkrachten voor kinderpardon’ op. Met een emotioneel geladen open brief roepen de leerkrachten het beleid op om het belang van hun leerlingen mee te nemen in hun beleidskeuzes.
“Leerkrachten gaan een engagement aan met en voor hun leerlingen. Zij die geconfronteerd worden met OKAN-leerlingen (Onthaalonderwijs Anderstalige Nieuwkomers) ondervinden aan den lijve met hoeveel onzekerheid hun situatie gepaard gaat, voor hen, maar ook voor hun leerkrachten en medeleerlingen. Kinderen verdwijnen soms heel abrupt. Soms sleept de onzekerheid lang aan."
"Maar met elk kind en elke jongere die wordt teruggestuurd, gaat er talent verloren voor onze samenleving. Kinderen mogen niet de dupe zijn van de keuzes van hun ouders. Er moeten uitzonderingen gemaakt worden wanneer de situatie daar menselijkerwijs om vraagt. Wij vinden het onaanvaardbaar om geïntegreerde kinderen terug te sturen naar een land van herkomst waar ze geen toekomst hebben.”
Kinderrechtencommissariaat
Kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen: “Scholen zenden steeds vaker signalen uit dat ze niet weten wat ze moeten doen wanneer ze geconfronteerd worden met leerlingen die plots uitgewezen worden. Vooral bij de niet-begeleide minderjarigen zien ze vaak schrijnende en frustrerende situaties. Jongeren die op het punt staan om hun diploma te behalen worden van de ene op de andere dag uitgewezen of naar een gesloten asielcentrum gebracht.”
“Als men dan toch kiest voor een actief terugkeerbeleid, iets waar vragen bij te stellen zijn, dan moet men er op z’n minst voor zorgen dat kinderen en jongeren sterker en gewapend kunnen terugkeren. Een diploma is zo’n wapen.”
Bij kinderen die samen met hun ouders in ons land belanden, zien we veel uiteenlopende situaties. Zo werden we onlangs geconfronteerd met een gezin dat in ons land verblijft sinds 1999. In 2006 kregen de ouders een verblijfsvergunning. Ze kregen twee kinderen, in 2000 en 2003. Later bleek dat de ouders bij hun aanvraag een verkeerde naam hadden opgegeven. In 2011 werd beslist het gezin uit te wijzen. Het gezin ging in beroep. De oudste van de twee kinderen is hier intussen al veertien jaar. De kinderen hebben geen enkele band met het land van herkomst.”
“Wij pleiten ervoor om het belang van het kind te laten doorwegen en voorrang te geven op procedures. Door kinderen en jongeren zomaar uit te wijzen stuurt men ze terug naar af, en dat nadat ze al een lang een moeizaam traject hebben afgelegd. Heel wat onderzoek wijst ook uit dat een dergelijk beleid nefast is voor kwestbare kinderen en jongeren. Het belang van kinderen en jongeren moet sterker wegen in beleidskeuzes.”
Tijd voor een federaal kinderrechtencommissariaat
Ook Mieke Van Hecke (VSKO, Vlaams Secretariaat van het Katholiek Onderwijs) stelt vast dat er zich te vaak schrijnende toestanden afspelen. “Niet alleen de uitgeprocedeerde kinderen, maar ook hun medeleerlingen ervaren een gevoel van onveiligheid en onzekerheid wanneer een kind plots weggehaald en uitgewezen wordt. De bereidheid om dergelijke maatregelen op een empathische en zachte manier uit te voeren is de laatste drie jaar afgenomen.”
“Ik vind het ook onbegrijpelijk dat de federale regering geen kinderrechtencommissariaat heeft. Wanneer het Vlaamse beleid maatregelen neemt die kinderen aangaan, dan wint men advies in bij het kinderrechtencommissariaat. Dat gebeurt dus niet wat het federale beleid betreft. Men maakt op federaal niveau ook geen gebruik van de expertise van dit instituut. Dat vind ik betreurenswaardig.”
“Het humane aspect moet zwaarder doorwegen in de beslissingen. Ik stel vast dat er nu ook angst heerst bij gezinnen, angst die hen ervan weerhoudt hun kinderen naar school te sturen omdat ze vrezen dat ze via de school makkelijker detecteerbaar zijn. Op deze manier veroordelen we kinderen en jongeren om op straat te leven, zonder enige vorming en ondersteuning, wat maatschappelijk niet aanvaardbaar en ook niet wenselijk is.”
Garanties nodig
Raymonda Verdyck (Go!, onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap) benadrukt het engagement en de doorgedreven inspanningen van heel wat leerkrachten om kinderen kansen te geven, "iets wat verre van evident is wanneer het gaat om kinderen uit heel diverse achtergrond en met diverse rugzakjes. Dit betekent een zware extra belasting voor de onderwijsverstrekkers. Die inspanningen mogen niet voor niets zijn. De school moet een veilige leeromgeving zijn die alle kinderen kansen biedt. Heb respect voor het recht van elk kind op onderwijs. Garandeer kinderen en jongeren dat ze hier hun studies kunnen afmaken.”
Een heldere en niet mis te verstane boodschap voor de nieuwe regering dus. De signalen en klachten bij het kinderrechtencommissariaat en vanuit de onderwijswereld tonen aan dat de praktijk vaak tekortschiet. De toekomst en de kansen van kinderen en jongeren moeten mee aan de basis liggen van een humaan asielbeleid.