foto: groundviews.org

Radicale boeddhisten vallen moslims aan in Sri Lanka

In een kustplaats in het zuidwesten van Sri Lanka hebben radicale boeddhisten een moslimenclave aangevallen. Bij de rellen vielen minstens twee doden en werden talrijke huizen en winkels vernield.

vrijdag 20 juni 2014 14:55

Onder
de oppervlakte broeide het al een tijdje in de stad Aluthgama, zestig
kilometer ten zuiden van Colombo, maar wanneer het zou uitbarsten,
wist niemand. Ruim een maand geleden werd de winkel van een moslim nog
bestormd door een menigte, omdat zijn broer was opgepakt wegens
seksueel misbruik van een Singalees meisje.

Vlam
in de pan

Op
15 juni 2014 sloeg de vlam in de pan na een bijeenkomst van de
hardliners van Bodu Bala Sena (BBS – ‘de Boeddhistische Macht’).
Een aantal BBS-leden liepen in optocht door de moslimenclave Dharga
naar de moskee, waar gevechten uitbraken met bewoners die zich er
hadden verzameld. Ondanks de inderhaast ingestelde avondklok braken
daarop rellen uit. Winkels en huizen werden in brand gestoken en
gezinnen moesten vluchten naar scholen in de buurt.

Nog
drie dagen bleef het onrustig in Aluthgama en in het naburige
Beruwela. Volgens de politie zijn er officieel twee doden gevallen,
maar volgens bewoners zijn het er acht, plus nog tachtig gewonden. Er
zijn vijftig mensen opgepakt, van wie er nog dertig in hechtenis
zitten. Het waren de eerste dodelijke rellen sinds het einde van de
burgeroorlog in 2009.

Geen
halal meer

De
BBS had eerder dit voorjaar een winkel aangevallen en een groep
moslims en boeddhisten die samen een persconferentie hielden. Het
doel van de beweging, die zich sinds vorig jaar manifesteert, is het
boeddhisme weer zijn “gerechtigde” plaats geven in Sri
Lanka. Met een tienpuntenplan maakte het duidelijk wat dat betekent:
onder andere geen halalcertificering meer, een einde aan de
werkvergunningen van Singalese vrouwen die in het Midden-Oosten
willen werken en een verbod op geboortebeperking.

“Moslimextremisme”
is het grootste gevaar voor het land, zeggen BBS-leiders, ook al
maken moslims slechts tien procent uit van de bevolking van twintig miljoen.
Volgens de BBS-leiders hebben ze goede banden met de regering, maar
die ontkent dat. Direct na de rellen van 15 juni, twitterde president
Mahinda Rajapaksa vanuit het buitenland de volgende boodschap: “De
regering zal niet toestaan dat iemand het recht in eigen hand neemt.
Ik druk alle partijen op het hart om beheerst te handelen.”
Zodra hij terug was, bezocht hij het gebied en beloofde hij een
onpartijdig onderzoek.

Laks

Maatschappelijke
leiders en mensen van zijn regering vinden de reactie te laks. “De
hele machinerie van de rechtsorde faalde”, gaf Rauf Hakeem toe,
de minister van Justitie en hoofd van de grootste moslimpartij van
het land. “72 uur lang hebben we de regering gevraagd om de
demonstratie te verbieden, uit angst voor rellen. Ik schaam me. Ik
kon mijn bevolking niet beschermen.”

“De
politie deed niets om het geweld te voorkomen”, zegt bewoner
Iqbal Asgar ter plaatse. “Ze waren overdonderd, of bang, maar ze
deden niets.” De meeste gebouwen van moslims zijn afgebrand,
inclusief een kleine fabriek, zegt hij. De mensen durfden bijna niet
uit de scholen te komen, vanwege geruchten dat er nog steeds groepen
rondliepen, zelfs nadat het leger het stadje had schoongeveegd.

Verschillende
organisaties, ook boeddhistische, kwamen de dag erna al met
hulpgoederen, maar toch is het kwetsbare vertrouwen in de overheid en
in elkaar geschonden. De regering moet publiek verklaren dat alle
minderheden volwaardige burgers zijn, vindt Jehan Perera, hoofd van
de Nationale Vredesraad, en ze moet verder de aanstichters vervolgen
en de slachtoffers compensatie betalen. President Rajapaksa heeft
beloofd om alle beschadigde gebouwen te laten herbouwen. Of hij die belofte
kan waarmaken, moeten de komende weken en maanden uitwijzen.

Anti-Muslim Violence Reaches New Heights in Sri Lanka

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!