Eindeloze creativiteit in verjagen daklozen

Teaser fallback community afbeelding
Dit weekend ontstond er veel ophef rond de zogeheten 'anti-homeless spikes'. Via sociale media circuleerde een foto waarop te zien was hoe metalen pinnen op de grond van een Londense portiek geplaatst waren. Kwestie van daklozen het comfort van een mogelijke slaapplaats te ontzeggen. Toch betreft het een ook in ons land erg wijdverbreide praktijk.

De Londonse burgemeester Boris Johnson deelde de verontwaardiging van vele Britten omtrent de 'anti-homeless spikes'. Op twitter gaf hij te kennen dat de pieken lelijk, zinloos en stom zijn. Hij riep de projectontwikkelaar op om ze onmiddellijk te verwijderen.

Van pinnen tot paaltjes

Maar de oproep van Johnson klinkt behoorlijk hypocriet. De gefotografeerde pieken zijn immers slechts het topje van de ijsberg als het om architecturale ingrepen gaat om daklozen te weren. Te Londen zijn nog voldoende locaties waar dit soort interventies te vinden zijn. Aan de uitgang van een Tesco-supermarkt in Regent Street, bijvoorbeeld, zijn dezelfde pieken te zien. (foto 1)

Zelfs naast de ingang van het Labour hoofdkwartier te London zijn oneffendheden in het asfalt aangebracht om daklozen te weren. (foto 2)

Dit soort ingrepen blijft lang niet beperkt tot Londen. Je vindt ze terug in alle wereldsteden. In Parijs bijvoorbeeld tref je op bepaalde trappen exact dezelfde pinnen aan als in London. (foto 3) Deze reeks foto's toont dan weer aan hoe Frankrijk via een heel arsenaal van architectonische middelen daklozen weert. Pinnen, traliewerk, ruwe ingemetseld stenen of betonnen paaltjes – alles is goed genoeg.

Subtiel

De reden waarom de pinnen in Londen zoveel aandacht kregen, was omdat ze opzichtig en agressief waren. Maar het kan – en gebeurt ook – veel subtieler dan dat. Een hele rits ruimtelijke interventies draagt ertoe bij dat daklozen maar ook zogenaamde hangjongeren systematisch uit de publieke ruimte worden geweerd.

Steeds meer steden vervangen de klassieke banken bijvoorbeeld door eenpersoonsstoeltjes of door banken waarop een metalen leuning het liggen of hangen onmogelijk maakt. (foto 4)

Ook in ons land zijn dergelijke ingrepen courant. De Antwerpse Keyserlei werd verfraaid met stenen stoeltjes waarop slechts één persoon kan zitten, terwijl op het Astridplein en rond het station de banken het liggen onmogelijk maken.

In Brussel treft men dit soort ingrepen evenzeer aan. Vooral in de metro's zien we dat banken en zitplaatsen zodanig worden ingericht dat ze ongeschikt zijn om op te gaan liggen. De creativiteit kent duidelijk geen grenzen als het aankomt op het verjagen van daklozen. (foto 5, 6, 7)

Waar een vraag is, is algauw een aanbod. Ook de markt speelt in op de vraag naar straatmeubilair- en architectuur die daklozen weert. Sommige adverteerders hebben het openlijk over zogenaamde 'stedelijke realiteiten' waardoor 'comfortabele overnachtingen' moeten gemeden worden. Ook architecten en stedelijke ontwerpers komen graag tegemoet aan de vraag van stedelijke overheden of privé-investeerders om landloperij op architectonische wijze te ontmoedigen. "De één zijn dood, is de ander zijn brood" wordt hiermee een zegswijze die wel erg letterlijk kan genomen worden. (foto 8)

Ruimtelijke uitsluiting

Ingrepen op vlak van ruimtelijke vormgeving om bepaalde sociale groepen uit de publieke ruimte te zijn vormen van ruimtelijke uitsluiting. Het publieke aspect van de publieke ruimte wordt steeds verder beperkt, waardoor het publieke zelf een steeds nauwere invulling krijgt. In combinatie met opgedreven repressiemaatregelen en toenemende macht van private ontwikkelaars leidt dit tot een steeds exclusiever worden van de publieke ruimte.

We hebben hier te maken met een vorm van architecturaal geweld, waar zowel overheden, architecten als private investeerders een verantwoordelijkheid in dragen. Dit geweld treft de allerzwaksten in de samenleving en ondergraaft één van de beginselen van een vrije samenleving, namelijk: de publieke dimensie van openbare ruimtes.

De pinnen van Londen zijn een symptoom van een algemene evolutie.

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?