In Japan poogt men deze uitgebreide getijdevlaktes aan de zee terug te saneren na de ramp in Fukushima (foto IPS/ Aichi Fisheries Research Institute)

Klimaatwetgeving Japan botst op ‘abenomics’ van eerste minister

Voorstanders van een milieuvriendelijker Japan botsen op premier Shinzo Abe's populaire 'abenomics', een beleid dat belooft om de Japanse groei te stuwen met een combinatie van fiscale stimuli en structurele hervormingen.

dinsdag 3 juni 2014 15:33

Als een gevolg van
de kernramp in Fukushima in 2011 moest Japan meer brandstof
importeren om te compenseren voor het uitvallen van een groot deel
van zijn nucleaire energie. De derde grootste economie ter wereld,
met een bruto binnenlands product (bbp) van meer dan 4 biljoen euro,
voert nu 90 procent van zijn energie in, met een tekort van 7,7
miljard euro tot gevolg.

Ook de
CO2-emissies gingen scherp omhoog, waardoor Japan in de top 12 van
grootste uitstoters is beland. Toch krabbelt de Japanse regering
terug voor de belofte van haar voorganger om tegen 2020 de uitstoot
van broeikasgassen met een kwart te doen dalen.

Urgente
milieu-uitdagingen

Naar aanleiding
van de Globe-conferentie van 6 tot 8 juni in Mexico-Stad, waar over
een internationaal akkoord voor klimaatwetgeving zal worden gepraat,
proberen Japanse ecologisten en beleidsmakers die oude beloftes nieuw
leven in te blazen. De Global Legislators Organisation for a Balanced
Environment, kortweg Globe, werd in 1989 opgericht met als duidelijke
doelstelling nationale wetgevingen te ondersteunen om een antwoord te
formuleren op urgente milieu-uitdagingen.

Een van
Globe’s projecten dat vooral in Japan weerklank vindt, is gebaseerd
op de simpele vaststelling dat onduurzaam gebruik van natuurlijke
grondstoffen op lange termijn het bbp van een land niet verhoogt –
en sterker nog, een land armer kan maken. “We proberen met man
en macht parlementariërs te overtuigen om van milieukost een
criterium te maken bij nieuw beleid”, verklaart Jinichi Ueda,
onderdirecteur van Globe Japan.

Bij de milieukost
wordt er gekeken naar de impact van economische activiteit op de
natuurlijke rijkdom van een land, maar ook naar alle gerelateerde
kosten voor ontwikkeling, bijvoorbeeld de rekening om een vervuilde
site schoon te maken, de kosten voor afvalbeheer of milieuboetes.

Studiesessies

Het hoofd van
Globe Japan is Yoriko Kawaguchi, een gewezen buitenland- en
milieuminister die bekendstaat om haar pleidooi om de economische
waarde van ecosystemen mee in rekening te brengen. Kawaguchi, nu lid
van de Japanse senaat, heeft studiesessies voor parlementariërs
georganiseerd om hen begrip van het natuurlijke kapitaal bij te
brengen.

“De
eerste stap om milieukosten te integreren in het mainstream beleid is
de Japanse politici overtuigen via studieprogramma’s. Ze moeten
beseffen dat economische groei slechts duurzaam kan zijn als de
bijdrage van natuurlijke rijkdommen wordt berekend”, aldus Ueda.

Ook Akiri Omori,
macro-econoom aan de Universiteit van Yokohama, gelooft dat de
sleutel tot het implementeren van milieukost schuilt in het aantonen
van de economische voordelen van zo’n beleid. Hij verwijst naar de
diepgewortelde idee dat het beschermen van natuurlijke rijkdom het
Japanse bbp per hoofd zou ondergraven, een oud geloof dat in de
‘abenomics’ een goede voedingsbodem vond.

“Economische
en ecologische voordelen afwegen is niet gemakkelijk. De fundamentele
clash wordt veroorzaakt door mensen die resultaten op korte termijn
willen, en weigeren het geduld te oefenen dat nodig is om de
oneindige rijkdom van natuurlijke grondstoffen te begrijpen”,
meent Omori. Hij werkt momenteel aan onderbouwde indicatoren –
zoals het berekenen van de economische voordelen uit de verkoop van
(vanuit milieuoogpunt) duurzame goederen– die een sterk pleidooi
zijn om natuurlijk kapitaal te beschermen.

Biolandbouw

Een mooi voorbeeld
is de populaire biolandbouwbeweging in Toyooka in het westen van
Japan die samenwerking tussen voedselproducenten en lokale financiële
instellingen aanmoedigt. Hirotaka Wakamori, promotieverantwoordelijke
bij de organisatie Eco Valley, stelt dat het aantal biobedrijven in
Toyooka vorig verdubbelde tot 41.

Dat zou het
resultaat zijn van wetgeving die in 2005 in de gemeenteraad werd
goedgekeurd. Zo kan de stad jaarlijks tot 220 miljoen euro uittrekken
om samenwerkingsverbanden tussen lokale bedrijven en landbouwers te
ondersteunen. “Het project ging van start met als doel het
milieu beschermen tegen de chemicaliën die in de landbouw worden
gebruikt”, legt Wakamori uit. “De economische voordelen
voor lokale boeren en geldschieters hebben de beleidsmakers overtuigd
om sneller te handelen.” Een beweging in de richting van
organische voedselproductie is volgens experts maar een van de vele
initiatieven in Japan die de steun van een sterke nationale wetgeving
vereisen.

Climate Legislation Up Against ‘Abenomics’ in Japan

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!