De oorlogsretoriek in de reacties op de moord in Joods Museum

De oorlogsretoriek in de reacties op de moord in Joods Museum

Bijna ongemerkt sluipt in de reacties op de verschrikkelijke moordpartij in het Joods Museum een gevaarlijk discours binnen. Veel commentaren staan bol van de oorlogsretoriek.

dinsdag 3 juni 2014 10:09

DeWereldMorgen.be

Een aantal reacties
op de arrestatie van de vermeende dader van de aanslag in het Joods
Museum in Brussel volgen een vast patroon. “Kerels zoals de
opgepakte moordenaar vormen het zichtbare topje van de ijsberg.
Daaronder ligt een monster op de loer dat alles in het werk wil
stellen om onze cultuur en maatschappij te kelderen”, zei Philippe
Blondin, directeur van het Joods Museum in De Standaard.

“Europese
overheden moeten de realiteit onder ogen zien dat de jihadistische
strijd in hun straten wordt gevoerd. Ze moeten nu proberen de
terroristen op te pakken voor ze misdrijven plegen, eerder dan te
reageren op hun daden”, zei Ronald Lauder, voorzitter van het Joods
Wereldcongres.

Een bepaalde groep
in de samenleving wordt afgeschilderd als een gevaar, als de enemy
within
en er wordt gefilosofeerd over manieren om die groep af te
zonderen. Het werd allemaal al eens eerder gedaan in de geschiedenis.
Dat gebeurde niet alleen in dictatoriale regimes maar ook in
democratische landen.

Vijfde kolonne

In 1942 werden in de
VS 110.000 Amerikanen met Japanse roots in concentratiekampen
gestopt. De meesten waren Amerikaanse staatsburgers en 80.000 van hen
waren geboren op Amerikaans grondgebied.

Ze werden kort na de
Japanse aanval op Pearl Harbour opgepakt. Een gewelddadig incident op
Hawai waarbij enkele Japanse Amerikanen een Japanse soldaat
probeerden te bevrijden had olie op het vuur gegooid.

Later kwam er nog een officiële vragenlijst die peilde naar de loyauteit van
Japanse Amerikanen. Beoefent u basketbal of judo, was één van de
vragen.

Volgens John DeWitt,
de generaal die de opsluiting van de Japanse Amerikanen voorstelde,
maakten de antwoorden op die vragen allemaal niet veel uit. “Zij
zijn gevaarlijke elementen. Er is geen enkele manier om hun loyauteit
te bepalen”, zei hij. Ze werden een vijfde kolonne genoemd, een
afdeling van de vijand die als een paard van Troje de Amerikaanse
samenleving was binnengedrongen.

Pas veertig jaar
later bood de Amerikaanse overheid haar excuses aan voor die donkere
episode. De overlevenden kregen een schadevergoeding van 20.000
dollar. Wat in de jaren ’40 gebeurde was een geval van “racisme,
oorlogshysterie en falend politiek leiderschap”, klonk het streng
in de wet die de schadevergoeding regelde.

Democratie verliest

Bij aanslagen waar
mogelijk moslims bij betrokken zijn is die retoriek over de vijfde
kolonne, het monster dat onze cultuur en democratie van binnen dreigt
op te eten nooit ver weg. Een Israëlische krant had het letterlijk
over het Trojaanse paard van Europa. Moslims worden ook uitgedaagd
hun loyauteit te bewijzen. “We zouden het ook een mooi gebaar
vinden indien de moslimgemeenschap zich zou distantiëren van de
aanslag op het Joods Museum”, klonk het dit weekend weer.

Door een dergelijk
klimaat te scheppen verliest de democratie op alle vlakken. Sommige
politici pleiten bijvoorbeeld voor een uitbreiding van de
mogelijkheden voor veiligheids- en politiediensten in de strijd tegen
terreur. Een strijd die al tot excessen leidde, denk aan het
NSA-schandaal in de VS of de manier waarop sommige activisten
aangepakt werden in België.

Sommige
geloofsuitingen dreigen gecriminaliseerd te worden. Door alles wat op
fundamentalisme of radicalisme lijkt te linken aan geweld en terreur
wordt ook op dat vlak de democratische ruimte ingeperkt. In de VS van
de jaren ’40 zagen we tot wat dat kan leiden. Zelfs de liefde voor
judo was toen verdacht.

De aanslag en het
probleem van de Syriëstrijders dat er mogelijk mee verbonden is,
smeken om een serene aanpak. Met “racisme, oorlogshysterie en
falend politiek leiderschap” komt een oplossing geen stap
dichterbij.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!