Waarheid of leugen? Een hermeneutische benadering van het cannabisbeleid in de VS vanaf 1930. Deel II

Teaser fallback community afbeelding

3) Dissidente stemmen.

Drie van de anders gestemde zullen we hier kort bespreken. De eerste in het rijtje is de sociaal psycholoog Alfred Lindesmith. Deze professor sociologie aan de universiteit van Indiana publiceerde wetenschappelijke artikelen die ingingen tegen de terreur van Anslinger. Hij maakte een onderscheid tussen fysische en psychische afhankelijkheid en zei dat het belachelijk was om te stellen dat alleen abnormale mensen verslaafden konden worden. Dat ook normale mensen drugsverslaafd konden worden maakte het moeilijker voor Anslinger om zijn repressief beleid op te leggen (Elsner et al., 1998: 663-664). Volgens Lindesmith zou een adequaat cannabisbeleid de gebruikers moeten behandelen als zieken en niet als criminelen. Anslinger was furieus en bracht Lindesmith in diskrediet door een bevriende rechter te laten stellen dat Lindesmiths bevindingen geen steek hielden. De rector van de universiteit van Indiana schreef hij een brief om hem te melden dat hij een drugverslaafde, Lindesmith, onder zijn werknemers had (Elsner et al., 1998: 667-668).

Een tweede dissonante stem betreft de toenmalige burgemeester van New York, Fiorello La Guardia. Hij bestelde een onderzoek dat in 1944 gepubliceerd werd. Dit objectief rapport, dat gebaseerd was op vijf jaar interdisciplinair onderzoek, kwam tot heel andere conclusies dan de angstaanjagende besluiten van Harry Anslinger die door de media massaal werden verdeeld. Zo zou cannabis niet verslavend zijn, ook was er geen relatie tussen cannabis en zware misdaad of seksuele losbandigheid (Bewley-Taylor et al., 2014: 20-21). Omdat hij de publicatie van dit rapport niet kon tegenhouden ging Anslinger de onderzoekers die aan het rapport deel hadden genomen afschilderen als 'gevaarlijk' en 'vreemd' (Gerber, 2011: 13).

Tenslotte bespreken we de Mexicaanse psychiater Leopoldo Salazar Viniegra. Hij publiceerde verschillende artikels waarin hij de 'marijuana psychose[1]' als een mythe beschreef. Voor hem was de link die er tussen het gebruik van marijuana, geestesproblemen en/of geweld gelegd werd het resultaat van de sensationele media en andere rapporten maar steunden op geen wetenschappelijk onderzoek. Dezelfde dokter Salazar werd later het hoofd van het Mexicaanse federale drugsagentschap. In deze hoedanigheid toonde hij zich een fervent voorstander van de decriminalisering van cannabis. Hij wou cannabis legaliseren en er belastingen opheffen. Maar omdat hij hiermee de plaatselijke autoriteiten en Harry Anslinger te fel tegen te schenen schopten werd hij later, na een publieke discreditering  in de kranten, ontslagen en vervangen door iemand die wel de 'juiste' boodschap kon uitdragen (Bewley-Taylor et al., 2014: 19-20).

Al deze rapporten en artikelen ontmantelen één voor één de argumenten van Anslinger en zijn trawanten maar de politieke macht van Harry Anslinger was dermate groot dat de dissidente stemmen niet werden gehoord of als onwetenschappelijk, onjuist of gevaarlijk afgedaan werden en soms, zoals in het geval van Salazar, uit de weg geruimd. Naast de drie hier besproken personen waren er nog tal van andere dissidenten.

4) Een hermeneutische benadering.

In onze korte weergave van het cannabisbeleid in de VS hebben we kunnen zien dat het een figuur als Harry Anslinger van de media gebruikt maakt om een negatief beeld te scheppen van de cannabis en de cannabisgebruiker. Men zou met Foucault  kunnen stellen dat de voorgestelde en enige waarheid van Anslinger een 'waarheidsregime' ging vormen. Waarbij men onderzoeken die vertelde wat men wou horen, cannabis is slecht, ging financieren en andere onderzoeken die het tegendeel beweerden ging saboteren of als onjuist ging bestempelen (Elsner et al., 1998: 666)

Onze filosofisch hermeneutische oefening verplicht ons echter om Anslingers visie in vraag te stellen.  Klopt het geschepte beeld wel met de werkelijkheid? Of moeten we de waarheid eerder vinden bij de dissidente stemmen? Of zijn beide verkeerd?

In Waarheid en methode zegt Gadamer "Elke goede uitleg moet zich hoeden voor de willekeur van invallen en de beperktheid van ongemerkt ingesleten denkgewoonten en de blik 'op de zaken zelf' richten [...] omdat men de tekst al vanuit bepaalde verwachtingen met het oog op een bepaalde betekenis leest. Begrijpen wat daar staat, bestaat in het uitwerken van zo'n voorafgaand ontwerp, dat evenwel voortdurend wordt herzien vanuit dat wat bij het verder doordringen in de betekenis aan de dag komt (Gadamer, 2014: 256, mijn onderlijning).

Men zou dus moeten nagaan wat er van de gestelde beweringen waar is. Is cannabis zo gevaarlijk als Anslinger zegt? Leidt het gebruik van cannabis tot misdaad? Zijn cannabisgebruikers criminelen die gestraft moeten worden? Is cannabis verslavend en leidt het tot het gebruik van hard drugs? Heeft het beleid andere doelen waar niets over gezegd wordt? Wat zijn de gevolgen van het beleid?

Dit zijn allemaal vragen die door de geïndoctrineerde publieke opinie gemakshalve niet of weinig gesteld werden/worden maar die noodzakelijk zijn bij onze hermeneutische oefening. Het is sowieso moeilijk om onbevooroordeeld een mening te vormen. Maar in een context waar iedereen, of de grote meerderheid, door toedoen van de media telkens weer hetzelfde verhaal als waarheid voorgeschoteld krijgt is het bijna onmogelijk om er een andere mening op na te houden dan degene die aan de 'mainstream' toebehoort. Gadamer is hiervan bewust en waarschuwt hiervoor "Het is daarom maar goed dat de uitleger niet direct, vertrouwend op de vooropgezette mening waarover hij beschikt, op de tekst afgaat, maar de vooropgezette meningen die in hem leven uitdrukkelijk op hun legitimiteit, en dat betekent op hun herkomst en geldigheid, toetst" (Gadamer, 2014: 256). Het is dus bijzonder hermeneutisch om zich af te vragen of onze mening over iets wel juist is. Daarnaast moet men durven openstaan voor andere nieuwe meningen. Dit is een loodzware opgave voor mensen die dag in dag uit dezelfde mening op hun afgevuurd krijgen of die overtuigd zijn van een bepaald feit[2]. We mogen ons met andere woorden niet als een kudde dieren laten leiden maar moeten de autoriteiten, wie spreekt, of in ons voorbeeld het politieke beleid in vraag durven stellen. Autoriteit wordt door kennis over de materie verworven en heeft niets met blinde gehoorzaamheid te maken (Gadamer, 2014: 268).

Met deze hermeneutische wijsheden bewapend zullen we het cannabisbeleid van Harry Anslinger en het hedendaagse beleid onder de loupe nemen.

5) Cannabis en cannabisgebruik de waarheid voorbij. De 'echte' waarheid.

Harry Anslinger ging als hoofd van het FBN cannabis en het gebruik ervan demoniseren. Of dit terecht is of niet zullen we toetsen aan hedendaags wetenschappelijk onderzoek. We herinneren de lezer eraan dat ten tijden van Harry Anslinger er vele dissidente stemmen waren die zijn bevindingen in twijfel trokken of tegenspraken. Dat hij hier geen aandacht voor had is zijn verantwoordelijkheid. Maar het mag duidelijk zijn dat hij niet open stond voor een dialoog. Laat staan een hermeneutische open dialoog.

We vervolgen met een klein onderzoek. We gaan onderzoeken of de drie meest gehoorde stellingen van cannabis en cannabisgebruikers kloppen. Bestaat er een relatie (1) tussen cannabisgebruik en gek worden, (2) tussen cannabisgebruik en misdaad en tenslotte (3) tussen cannabis en verslaving en de stap naar hard drugs[3].

Het huidige politieke beleid gaat ervan uit dat er een oorzakelijk verband is bij deze 3 stellingen en gebruikt deze om hun repressief beleid te legitimeren. De hier volgende feiten steunen op wetenschappelijk bevindingen en mogen dus als 'tijdelijke' waarheden aangenomen worden. Dit wil zeggen tot ze weerlegt worden.

Een eerste zaak dat we controleren is of cannabis gek maakt zoals door Anslinger werd aangegeven. Dit is een moeilijke opgave want wat is gek? We gaan er voor dit onderzoek vanuit dat schizofrene[4] mensen, mensen zijn die aan het stereotiepe beeld van 'gek' beantwoorden. Een in 2013 gepubliceerd wetenschappelijk artikel onderzocht of er een relatie bestond tussen cannabisgebruik en schizofrenie. Het onderzoeksteam geleid door Lynn Delisi, professor psychiatrie aan de Harvard Medical School, komt tot de volgende conclusie "The results of the current study suggest that having an increased familial morbid risk for schizophrenia may be the underlying basis for schizophrenia in cannabis users and not cannabis use by itself" (DeLisi et al., 2013). Het besluit van dit onderzoek weerlegt de stelling van Anslinger dat men gek wordt door cannabis te gebruiken.

Een Noors onderzoek van 2009 besluit het volgende na de causaliteit tussen cannabisgebruikers en misdaad te hebben onderzocht "The main finding of the study is that the use of cannabis does not seem to represent a risk factor for a general criminal involvement but that it may be associated with a considerable risk of receiving a drug-specific, criminal charge" (Pedersen en Skardhamar, 2009:116). Voor hun onderzoek gebruikten de onderzoekers 1353 Noorse jongeren tussen de leeftijd van 13 en 27 jaar die ze 13 jaar lang (tussen 1992 en 2005) volgden en bestudeerden. Ze weerlegden het voorgelegde verband van Anslinger en anderen tussen cannabisgebruik en misdaad. Wanneer men cannabisgebruikers vrijwaart van als criminelen beschouwd te worden omdat ze roken of in het bezit zijn van cannabis blijkt er geen verband te zijn tussen gebruikers en criminaliteit. Het is de wetgeving, en dus de moraal van een samenleving, die door haar repressief beleid van deze mensen criminelen maakt. 

Tenslotte onderzoeken we of cannabis verslavend is. In zijn boek poneert Schlosser dat cannabis niet fysisch verslavend is maar bij sommige gebruikers een psychische afhankelijkheid kan teweeg brengen. Het verslavend effect van cannabis wordt door hem minder hoog ingeschat dan bij andere, legale en illegale, drugs zoals heroïne,cocaïne, cafeïne, alcohol of nicotine. Cannabis gebruikers hebben een grotere zin om te experimenteren met andere drugs maar hier is geen oorzakelijk verband gevonden. Schlosser legt dit verband eerder bij de culturele elementen die de cannabisgebruiker bepalen dan bij de farmaceutische of biologische elementen. De cannabisgebruiker is nieuwsgierig en gaat daarom meer met andere drugs experimenteren (Schlosser, 2004; 17). Professor in psychiatrie, dokter Grinspoon ging hem hier vooraf want concludeerde in 1971 reeds dat de 'stepping stone' theorie[5] niet klopte (Grinspoon, 1971: 252).

Over de medische waarde van cannabis willen we de lezer het volgende niet onthouden. Door Anslinger en zijn bondgenoten kregen we het beeld van cannabis als duivelse plant zonder enige medische waarde. Een klein onderzoek onthulde echter andere bevindingen. Voor deze paper geven we in het kort weer waar cannabis in de medische wereld voor kan gebruikt worden. In zijn boek Marijuana reconsidered verwijst dokter Grinspoon naar T.H. Mikuriya. Deze laatste heeft na het doornemen van de medische literatuur een lijst samengesteld waar cannabinol producten[6] bij zouden helpen. Ze kunnen ingezet worden als; pijnstiller, versterken de eetlust, zijn anti-epileptisch, werken tegen spasmen, tics en migraine en bij depressie. Daarnaast werken ze als tranquillizer, als hulp middel bij psychotherapie en bij astma, ze kunnen ingezet worden om de geboorte te provoceren, als hoestmiddel, plaatselijke verdoving, als middel om makkelijker af te kicken van alcohol en opiaten en het werkt als antibioticamiddel (Grinspoon, 1971: 226).

Ondertussen regent het onderzoeksresultaten die stellen dat cannabisolie helpt bij meerdere soorten kanker. De Nederlandse stichting 'Medi wiet', die in Nederland een kliniek runt, heeft op haar website een link gezet naar wetenschappelijke artikelen[7] die het medische gebruik van cannabis tegen kanker aantonen. Het helpt onder andere bij kanker in de hersenen, keel en mond, borst, long, baarmoeder, testikels, pancreas, ... De mogelijkheden lijken bij kanker onbeperkt. Het is dan ook onbegrijpelijk dat cannabis niet als medicijn gebruikt wordt. In een parlementaire speech eerder in 2014 noemde het sterk ontroerde Zuid-Afrikaanse parlementslid Oriani-Ambrisoni het een 'misdaad tegen de mensheid' om cannabis niet te gebruiken als medicijn bij kankerpatiënten, waaronder hij, en andere ziekten. Hij moest voor een behandeling naar Italië trekken, een reis dat niet iedere Zuid-Afrikaan zich kan veroorloven[8].  

Tenslotte schetsen we nog kort de hedendaagse gevolgen van het beleid in de VS. We beginnen met de stellen dat het complex is. Er is een verschil tussen de federale wetgeving en de statelijke wetgeving. Op federaal niveau is cannabis verboden. Maar op statelijk niveau is het nogal divers. Colorado en Washington zijn sinds kort de enige twee staten waar cannabis recreatief gebruikt mag worden en waar de productie, verkoop en gebruik geregeld is (DPA[9], 2013: 11). Daarnaast zijn er nog een twintigtal staten waar cannabis als medicijn kan voorgeschreven worden.

Maar het beleid heeft tevens catastrofale gevolgen. Naast het stigma dat de gebruiker riskeert,  riskeert hij ook nog een boete en/of een gevangenisstraf. Het beleid vernietigt hierdoor mensenlevens. In zijn boek Legalizing Marijuana geeft, rechter en professor recht aan de universiteit van Arizona, Rudolph Gerber enkele duizelingwekkende cijfers."In 2000, 734.497 people faced arrest on marijuna charges, twice the number arrested for the same conduct in 1991. Nine in ten of the arrestees were guilty only of simple possession. [...] Since 1970 over 13 million lesser-known Americans have faced arrest on marijuana-related charges " (Gerber, 2004: xv-xvi). Daarnaast mag duidelijk zijn dat het repressieve beleid handenvol geld kost. Zo heeft New York City, waar het beleid bijzonder repressief is, in 2011 meer dan 50.000 mensen gearresteerd voor het bezit van marijuana. De kosten van deze arrestaties worden op 75 miljoen dollar geraamd. Op tien jaar tijd heeft het cannabisbeleid de stad New York meer dan 600 miljoen dollar gekost (DPA, 2013: 12).

[1] Een psychose is onder andere een kenmerk bij schizofrenie (van Deth en Vandereycken, 2004: 103-117)

[2] Alan Greenspan, ex-president van het FED, kon bijvoorbeeld niet geloven dat het financieel systeem dat hij steunde voor een wereldwijde catastrofe had gezorgd. Hij zat dan ook met ongeloof in de ogen voor zich uit te staren wanneer hij moest komen getuigen in een Senaatscommissie. U kan hier een filmpje zien http://www.youtube.com/watch?v=YwpnH_OTZio

[3] We zijn er ons van bewust dat het hier maar een klein onderzoek betreft. Maar dit betekent niet dat het geen waarde zou hebben. Er zijn namelijk verschillende meningen over cannabis en cannabisgebruik maar die halen niet altijd de mainstream media.

[4] Schizofrenie is een psychische ziekte die gekenmerkt wordt door cognitieve stoornissen waaronder wanen en/of hallucinaties (psychoses), stoornissen in het emotioneel leven en stoornissen in het gedrag (van Deth en Vandereycken, 2004: 106).

[5] De stepping stone theorie gaat ervan uit dat de cannabisgebruiker nadien verslaafd geraakt aan hardere drugs, meestal wordt hier heroïne en cocaïne, bedoeld.

[6] Zit in cannabisplanten.

[7]  Dit is de link:  http://www.mediwiet.nl/info/34-medische-studies-die-de-werkzaamheid-van-cannabis-tegen-kanker-aantonen/

[8] U kan hier het audiovisueel document bekijken  http://stream.aljazeera.com/story/201402202130-0023496

[9] DPA staat voor Drugs Policy Alliance. Deze organisatie strijdt voor een ander cannabisbeleid dat steunt op legaliseren. Ze adviseren op hoog politiek niveau beleidsmakers. Ze willen de bevolking via documentaires en onderwijs opvoeden en tonen dat cannabis niet het 'killer weed' is waar het voor versleten wordt. Als adviseurs waren ze van kortbij betrokken bij de legalisering van cannabis in Colorado, Washington en Uruguay. Ze adviseren tevens het Global Commission on Drug Policy. Deze commissie herbergt onder andere Kofi Annan, Paul Volcker en Richard Branson samen met de ex-presidenten Fernando Henrique Cardoso (Brazil), César Gaviria (Colombia) en Ernesto Zedillo (Mexico) (DPA, 2013: 4).

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?