Waarheid of leugen? Een hermeneutische benadering van het cannabisbeleid in de VS vanaf 1930.
Waarheid of leugen? Een hermeneutische benadering van het cannabisbeleid in de VS vanaf 1930.
1) Inleiding.
Indien filosofen een taak hebben is het wel om kritisch te zijn. Ze hoeven vanzelfsprekendheden niet te accepteren. In tegendeel ze moeten ze ondervragen. In ons hedendaags leven schuilen heel wat vanzelfsprekendheden die we min of meer zonder bevragen volgen en uitvoeren. Zo stellen we ons geen vragen meer bij de consumptie van dierenvlees. Of het wel nodig is om iedere dag te gaan werken? We kunnen ook de vraag stellen maar eerder oppervlakkig, zonder ze verder te onderzoeken. Of zoals vele mensen kunnen we na reflectie tot het besluit komen dat onze manier van leven niet de juiste is, om dan toch gewoon onze weg op dezelfde manier verder te zetten. Hen zou ik de hermeneutische weg willen voorstellen.
De Duitse filosoof Hans-Georg Gadamer gaat er in zijn boek Waarheid en methode van uit dat wat we verstaan als waarheid een deel van onze cultuur is. Het is onderdeel van de traditie waar we in leven en het is bij ons gekomen door overlevering, of de waarheid is onderhevig aan de historiciteit van een gegeven feit (Gadamer, 2014: 272-273).
Dit betekent dat wat we als waarheid aannemen veranderlijk is. De waarheid past zich aan aan de culturele omgevingsfactoren, waarden en normen die een cultuur vormt en bepaalt. Het is een constructie die in een democratie bloot staat aan erosie. De culturele wind waait er doorheen en maar weinig waarheden blijven overeind.
Met andere woorden vooraleer iets als juist bestempeld wordt moet het de filter van onze publieke opinie passeren. Maar wat als de publieke opinie misleid wordt? Wat als de publieke opinie te lui of te weinig kritisch is om de voorgestelde waarheid te onderzoeken? Wat als de waarheid onrecht wordt aangedaan en de leugen als waarheid naar voren geschoven wordt?
Wel deze mogelijkheid zou volgens Gadamer niet mogen bestaan "De hermeneutische taak gaat vanzelf over in een inhoudelijke vraagstelling [...]"beweert hij (Gadamer, 2014: 258). Met andere woorden niemand zou zomaar iets mogen geloven. Bewust van zijn vooringenomenheid en de vooringenomenheid van de auteur van een bewering zou men deze bewering moeten onderzoeken.
Het is de bedoeling van deze paper om hier bij stil te staan. Zou het kunnen dat politieke leiders of bewindvoerders ons 'iets' zouden doen geloven omdat ze ervan uitgaan dat dit 'iets' de waarheid moet zijn omdat het hen voor welke reden dan ook beter uitkomt? Aan de hand van de hermeneutiek van Gadamer gaan we dit onderzoeken.
Om deze paper werkbaar te maken moeten we het 'iets' meer concreter maken. We zullen dit doen aan de hand van cannabis en de cannabisgebruiker. De cannabisplant heeft de laatste eeuw op verschillende plaatsen ter wereld verschillende opvattingen doen oprijzen. Van verwerpelijk en gevaarlijk tot religieus en spiritueel. Het is onmogelijk om op een exhaustieve wijze het over cannabis en het cannabisbeleid te hebben. We zullen het hier in deze paper hebben over hoe cannabis in de Verenigde Staten werd en wordt gepercipieerd. De keuze om de VS te kiezen is niet neutraal. Het is onze overtuiging dat de VS een grote invloed heeft op de rest van de wereld en andere staten of naties aanzetten om hen te volgen.
Door eerst de historische context van het cannabisbeleid in de VS te schetsen willen we tegemoet komen aan wat Gadamer het 'historisch bewustzijn' noemt. Dit is essentieel bij de hermeneutiek. Begrijpen hoe een gegeven iets, in casu het cannabisbeleid in de VS, geworden is wat het is. Vervolgens gaan we door middel van een klein onderzoek nagaan of het gevoerde cannabisbeleid steek houdt. Besluiten doen we met enkele kritische bemerkingen en stellen we voor om het huidige repressieve cannabisbeleid te veranderen.
2) Het cannabisbeleid in de VS vanaf 1930.
Om het cannabis beleid in de VS te onderzoeken gaan we terug naar het jaar 1930. Dit is niet zomaar een willekeurig gekozen datum maar valt samen met de aanstelling van Harry Anslinger aan het hoofd van het Federal Bureau of Narcotics (FBN) waar hij tot 1962 zou blijven (Bewley-Taylor et al., 2014: 17). De figuur van Harry Anslinger zal een toonaangevende rol spelen en duidelijk zijn stempel drukken bij het uittekenen van het cannabisbeleid in de VS en de rest van de wereld. Hierbij schuwt hij niet om gebruik te maken van angstaanjagende taal om cannabis als een duivelse plant af te schilderen en de gebruikers ervan als gevaarlijke misdadigers. In 1937 beweert hij voor een commissie van het huis van volksvertegenwoordigers in de VS het volgende over cannabisgebruikers "some people will fly into a delirious rage and may commit violent crimes" (Bewley-Taylor et al., 2014: 17).
Historisch gezien verkeren de VS, en de rest van de wereld, op dat moment in een zeer labiele periode. We zijn kort na de beurscrash van 1929 en enkele jaren verwijderd van de uitbrak van de tweede wereldoorlog. Er heerst in de VS een economische crisis en er komen veel migratiestromen op gang. Mensen verhuizen van het platteland naar de stad, van het zwarte zuiden naar het blanke noorden en van het buitenland naar de VS. Deze laatste migratie houdt in dat Chinezen, opiumgebruikers, maar vooral Mexicanen, die na de Mexicaanse revolutie van 1910, hun heil in de VS komen zoeken. De komst van deze Mexicaanse boeren en arbeiders met hun traditionele gebruik van cannabis zorgt voor angst en argwaan bij de lokale Amerikaanse bevolking en speelt daarmee in de kaart van Anslinger die hen maar al te graag wil demoniseren (Schlosser, 2004: 19).
Anslinger was een notoir racist. Mexicanen, Chinezen, Afro-Amerikanen stonden voor hem gelijk aan misdaad en vooral bedreigden ze toen de klassiek blanke Amerikaanse samenleving (Elsner et al., 1998: 665; Gerber, 2004: 2-3). Tijdens bovengenoemde commissie getuigt hij dan ook dat de meeste cannabisgebruikers: "Negroes, Hispanics, jazz musicians, and entertainers" zijn. "Their satanic music is driven by marijuna[1], and marijuana smoking by white women makes them want to seek sexual relations with Negroes, entertainers, and others. It is a drug that causes insanity, criminality and death - the most violence-causing drug in the history of mankind" (Bewley-Taylor et al., 2014: 17-18).
Anslingers repressieve visie op cannabis en cannabisgebruikers werd in kranten, magazines, radio en televisie gretig overgenomen en herhaald. Onder andere William Randolph Hearst gaf hem zijn steun. Deze laatste bezat ongeveer 50 kranten en magazines waar Anslinger zijn visie zonder kritiek kon uitbrengen. Hearst had zo zijn eigen redenen om cannabis te demoniseren. De cannabisplant is met zijn vezelachtige structuur gekend om zijn capaciteit om papier te maken. Dit wou Hearst als bezitter van uitgebreide bosrijke, papierproducerende, gronden voorkomen (Gerber, 2004: 6-7). Anslinger schreef, als directeur van het FBN, zelf een aantal rapporten en boeken over cannabis. In 1937 schreef hij een boek met de niets verhullende titel Marihuana: assasin of youth. Dit geschrift begon met de zelfmoordsprong van een jonge dame. Uiteindelijk bleek ze vermoord te zijn door 'marijuana' want ze was onder invloed toen ze van vijf verdiepingen hoog haar dood tegemoet sprong. Het vervolg kleurt nog bloederiger wanneer beschreven wordt hoe een jong verslaafde, alweer onder invloed, zijn hele familie met een bijl uitmoordt (Speaker, 2001: 600). De opeenstapeling van moorden onder invloed kan nu grotesk klinken maar werd toen door een angstige publieke opinie gewillig geloofd. Cannabis werd omschreven als 'killer weed'. Gebruikers waren gevaarlijke psychopaten en moordenaars, vervielen in misdadig gedrag en hadden veel kans om gek te worden. Hierdoor werd cannabis 'loco weed' genoemd. Tevens deed het verhaal de ronde dat cannabisgebruikers in 50% van de gevallen hard drugs gebruikers zouden worden (Gerber, 2004: 4-9). Ook de film Reefer Madness, door de FBN uitgegeven, deed dienst als propagandamiddel om cannabis en zijn gebruikers te demoniseren. In de film vertelt de directeur van een school hoe het gebruik van cannabis het leven van kinderen vernield (Ferraiolo, 2007: 156). In 1937 zou via de Marijuna Tax Act (MTA) het politieke cannabisbeleid in de VS drastisch veranderen. Deze wet zou er voor zorgen dat cannabis illegaal werd. 'The war on drugs' begint feitelijk hier. De MTA kwam er op basis van Anslingers aantijgingen die nooit op hun validiteit gecheckt werden. Hierbij komt nog dat Anslinger de voorzitter van het Committee on Revision of the United States Pharmacopoiea, Dr. Ernest Cook, wist te overtuigen om cannabis uit het catalogus van erkende medicijnen te wissen. Zodoende werd cannabis ontdaan van zijn beschermende medische mantel (Gerber, 2004: 11, 14).
Al vlug werd het duidelijk dat de VS de strijd tegen cannabis wou mondialiseren. Ze gebruikten hun politieke macht om andere landen te overtuigen dat het gebruik van cannabis des duivels was. Dit lukte wonderwel en in 1961 werd de Single Convention door een commissie van de Verenigde Naties, de Commision on Narcotic Drugs (CND), aangenomen. Bijna al de VN-leden ratificeerden het verdrag en negentig staten hebben in 1971 zijn opvolger de Convention on Psychotropic Substances getekend (Nadelmann, 1990: 503). Binnen de Verenigde Naties hadden de VS voor een 'inner circle' gezorgd. Dit waren rabiate tegenstanders van drugs, ook cannabis, en zij zorgden mee voor het internationale repressieve beleid tegen cannabis[2]. Volgens de Single Convention zou cannabis geen enkele medische eigenschap hebben die niet door andere middelen zou kunnen vervangen worden[3].
In deze korte beschrijving zagen we dat het cannabisbeleid in de VS vooral van één instantie, het FBN, geleid door één man, Harry Anslinger, werd bepaald. De instrumenten om het beleid te versterken bestond uit krantenartikels, magazines, radioverschijningen, interviews, televisie, film etc. Vele van deze media verwezen daarbij hoofdzakelijk naar Harry Anslinger als primaire bron voor hun betoog (Speaker, 2001: 593).
Waren er dan geen tegenstemmen? Mensen die er anders over dachten? Ja die waren er wel degelijk en zij brengen ons naar ons het volgende deel van deze paper
[1] Een Mexicaanse naam voor cannabis.
[2] Enkele landen, zoals India en Pakistan, verzetten zich hier tegen maar dit maakte weinig indruk.
[3] Het mag duidelijk zijn dat deze stelling eerder ideologisch gekleurd was en het werk was van mensen die bepaalde machten, politieke en financiële, wilden behouden (Bewley-Taylor et al., 2014: 22-25).