Lennerd (foto: Jonas Vincken).
Interview, Nieuws, Economie, Samenleving, België -

Werkloos: weerloos, waardeloos? Het verhaal van Lennerd

DeWereldMorgen.be bracht een tijd geleden een reeks portretten van werkloze mensen. Het leven door de ogen van wie geen werk heeft of vindt. In het licht van het actuele verkiezingsdebat, hier nogmaals het verhaal van Lennerd (27). Tachtig sollicitatiebrieven geschreven en tachtig keer afgewezen. Dat is zo’n beetje zijn leven samengevat het afgelopen jaar. "Voor je zelfvertrouwen doet dat geen deugd", merkt hij droogjes op."

maandag 19 mei 2014 21:12

Lennerd (27)

“Ik weet wat de oplossing is en die wil ik aanpakken. Alleen: de VDAB wil niet meewerken. Haar laatste advies voor mij was dat ik het best in een schoonmaakbedrijf aan de slag kan gaan. Kijk, zo’n advies voor iemand met een bachelordiploma, dat maakt mij boos.”

We zitten op een terras in de frisse herfstzon. In het uur dat we praten, raakt Lennerds glaasje water nog niet halfleeg: hij heeft veel te vertellen. Hij is teleurgesteld, nee, boos. Hij wil zijn verhaal kwijt.

Lennerd is 27 en studeerde vorig jaar in juni af als maatschappelijk adviseur. Hij is wat later begonnen aan zijn hogere studie: als rusteloze puber was hij schoolmoe en het heeft even geduurd voor hij dat allemaal bijgebeend had. Maar nu is hij gek op studeren en bijleren. Over zijn eindwerk en stageperiode praat hij met vuur, alsof hij zelf verbaasd is dat hij zo’n goede student is geworden.

“Maatschappelijke advisering is wat vroeger vakbondswerk heette. Je kunt er veel kanten mee op: je kunt bij de vakbond mensen die net ontslagen zijn, gaan adviseren over hun rechten en plichten; je kunt studenten helpen bij hun studiefinanciering; je kunt werklozen bijstaan met arbeidstrajectbegeleiding; of als beleidsmedewerker terecht bij onder meer Noord-Zuidorganisaties, zoals ik deed voor mijn stage. Inderdaad, het is vrij ironisch dat ik geen werk vind, en me nu zelf moet laten adviseren.”

Wachttijd

“Na je afstuderen kom je gedurende een jaar in een zogenaamde wachtperiode terecht. Dat betekent dat je een jaar werk moet zoeken voordat je recht krijgt op een uitkering. Ik weet niet hoe andere pasafgestudeerden overleven als ze geen werk vinden, zelf heb ik gelukkig begripvolle ouders die me financieel hebben bijgestaan.”

“Ik ken de procedures van de dienst voor arbeidsbemiddeling, de VDAB, heel goed, door mijn studie natuurlijk. Ik wist dat ik recht had op ondersteuning bij mijn zoektocht naar werk. Na een halfjaar vruchteloos solliciteren, heb ik de VDAB opgebeld. Daar kreeg ik te horen dat ik voorlopig goed bezig was, dat ik nog wat moest doorzetten. Dat ze met andere woorden weinig voor me konden doen. Toen ik na dat eerste jaar een uitkering aanvroeg, werd ik natuurlijk wel meteen op gesprek gevraagd.”

“Aan mijn cv of motivatiebrief kan mijn weinig succesvolle traject niet liggen: ik werd geregeld uitgenodigd voor een gesprek, een paar keer raakte ik zelfs in de laatste sollicitatieronde. Maar er waren altijd véél sollicitanten en steeds was er wel iemand met meer ervaring dan ik.”

“De sociale sector is heel gegeerd, we vissen met heel veel mensen in een vrij kleine vijver. Ik heb een diploma en ik ben supergeïnteresseerd in sociaal beleid en sociale actie, maar ik besef dat ik nu een ander pad op moet. Meer dan een jaar solliciteren is te lang. Hoe langer het duurt, hoe kleiner mijn kansen worden om nog aan werk dat aan mijn kwalificaties voldoet te geraken.”

Knelpuntberoepen

“Tijdens dat eerste gesprek bij de VDAB stelde ik zelf al meteen een oplossing voor: een bijkomende opleiding voor leraar lager onderwijs. Dat is een knelpuntberoep. Er is een groot tekort aan leraars.”

Opleidingen voor knelpuntberoepen garanderen honderd procent werkzekerheid. Vanuit de overheid (de RVA dus) worden zulke opleidingen aangemoedigd: werklozen kunnen tijdens hun studie van een uitkering blijven genieten. Een geweldige maatregel, die voor de overheid zelf weinig risico inhoudt: de werkende betaalt zijn leergeld later immers met belastingen terug.

Lennerd weet wel dat er voorwaarden aan verbonden zijn: je kunt pas minstens twee jaar na je oorspronkelijke opleiding aan zo’n knelpuntopleiding beginnen.

“Voor mij is het duidelijk dat ik met mijn huidige diploma op korte termijn niet aan werk zal raken en het lijkt me sowieso beter om nog bij te studeren dan thuis te zitten wachten tot ik nog eens een negatief antwoord krijg.”

Maar ondanks een uitgebreide motivatiebrief, wordt Lennerds verzoek afgewezen. Regels zijn nu eenmaal regels, daar kan niet van afgeweken worden. Wil hij studeren, dan moet hij nog een jaar langer falen op de arbeidsmarkt. 

“Een voltijdse opleiding mocht ik niet volgen, omdat ik wettelijk beschikbaar moet zijn voor eventuele jobs die zouden vrijkomen. Wat ik wel kon doen, bedacht ik, was ’s avonds en in het weekend naar de les gaan, zodat ik tijdens de week nog kan gaan werken. In de realiteit kun je wel maar deeltijds werken, omdat je sowieso één dag per week moet vrijhouden om stage te lopen.”

“Maar ook dat werd niet aangemoedigd, omdat je dan niet aan de slag kunt in de horeca en ook niet in supermarkten of andere winkels. ‘De enige optie voor jou’, zo zei de VDAB-consulente, ‘is met het systeem van dienstencheques gaan schoonmaken’.” Lennerd zwijgt en slikt een paar keer. “Hoe voelde je je toen je dat hoorde”, vraag ik. De stilte die volgt, zegt meer dan genoeg.

Regels zijn regels

“Ik heb natuurlijk respect voor mensen die schoonmaken”, zegt hij dan. “Het is hard werk, niets om op neer te kijken. Maar eerlijk: daar heb ik toch geen drie jaar voor gestudeerd?” En dan, zich bewust van de ironie: “Ik heb gestudeerd om de job te doen van de vrouw die voor mij nu als enige optie ziet dat ik ga schoonmaken. Mocht ik die consulent zijn, dan denk ik dat ik me toch wat flexibeler zou opstellen. Dit is heel ontmoedigend.”

“Kijk, ik heb geen kritiek op de VDAB en de RVA, zij leveren vaak echt goed werk en volgen ook maar gewoon de regels, maar ik vind het jammer dat die regels zo rigide toegepast worden. Je raakt vast in het systeem, je wordt er als het ware in gedwongen en je krijgt op die manier het gevoel dat je niet als een persoon wordt gezien, maar als een nummertje.”

“Een klein radertje in het systeem waarin je tegen wil en dank moet meedraaien, ongeacht je capaciteiten. Dat maakt mij triest en opstandig.”

“Nog zoiets. Ik ben ingeschreven als volledig werkzoekend en uitkeringsgerechtigde werkloze. Daarom mag ik niet solliciteren voor een deeltijdse job. Een vreemde logica: voltijds werkloos zijn betekent dat je enkel mag solliciteren voor een voltijdse baan.”

“Als de RVA je ter verantwoording roept, en je laat sollicitaties zien voor deeltijds werk, dan telt het niet als een sollicitatie. Als je aan een mogelijke werkgever laat vallen dat je buiten de uren nog bijstudeert (waarbij je één dag per week moet vrijhouden om stage te lopen), dan weiger je impliciet de vacature, en dan bekijkt de RVA dat ook als een niet-geldige sollicitatie. Met andere woorden, of ik voltijds studeer, of buiten de werkuren, het wordt door alle instanties afgeraden en tegengewerkt.”

Leren schoonmaken

Lennerd durft niet in te gaan tegen de adviezen van de VDAB, uit angst om helemaal geen steun meer te krijgen. Hij heeft wel een afspraak bij de vakbond om zich te informeren: mag hij jobs weigeren? Ook heeft hij zich toch ingeschreven voor de lerarenopleiding, hij volgt avondlessen en lessen in het weekend.

Als alles goed loopt, heeft hij tegen juni 2015 zijn diploma, en kan hij meteen aan de slag in het onderwijs. Maar eerst moet hij de komende twee jaar zien door te komen. Dus ging hij op gesprek bij een dienstenorganisatie. Om te gaan schoonmaken dus.

“Ik moest een schriftelijke proef afleggen: twee casussen met bepaalde handelingen die ik in volgorde moest zetten: afstoffen, stofzuigen, dweilen, dat soort dingen. Er was ook een test materiaalkennis: met welk product moet je welk oppervlak schoonmaken?”

“Eerlijk gezegd, daar had ik geen idee van. Ik ben nu bijna anderhalf jaar huisman geweest en heb het huis altijd netjes gehouden, op mijn manier en het is er schoon. Het is dan ook nooit mijn ambitie geweest om professioneel te gaan schoonmaken”, grinnikt hij.

“Verder moest ik ook pictogrammen van wasvoorschriften verklaren, en het beste van al: de test sociale vaardigheden. Wat doe je als je te laat komt en wat doe je als je een bepaald product in handen krijgt dat je niet kent, dat soort vragen. Het was onwerkelijk. Vernederend.”

“Nogmaals, alle respect voor schoonmakers, maar dit wil ik echt niet. Laaggeschoolde mensen zijn inderdaad geholpen met zo’n programma, voor hen is het ook bedoeld. Voor hooggeschoolden is er gewoon géén programma om je arbeidskansen te verbreden. Dat is het probleem. Als hoogopgeleide word je geacht vlot aan werk te raken. Maar dat is gewoon de realiteit niet meer.”

Statistiek boven alles

We nemen afscheid, Lennerd heeft nog les vanavond. Hij vindt het leuk, de lessen, heeft er zin om zelf les te gaan geven. Alsof het afgesproken is, komt er op dat moment een klasje voorbij: kinderen in de rij, een juf die er een beetje overspannen bijloopt. “Ik zie het al helemaal voor me”, lacht Lennerd.

Maar dan moet hij toch nog iets kwijt: “Waar ik boos van word, is dat die organisaties alleen maar naar hun statistieken kijken. Als ik ga schoonmaken, ja, dan is er weer een werkloze minder, en dan kan minister Muyters triomferen: kijk eens, we hebben weer iemand kunnen activeren!”

“Ik ben sociaal werk gaan studeren omdat dit soort toestanden me ergeren, omdat ik er iets aan wil doen. Dat motiveert mij om door te gaan.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!