De Oekraïne-crisis: een historische terugblik
Wereld, Politiek -

De Oekraïne-crisis: een historische terugblik

Al enige maanden domineert Oekraïne het nieuws. De ‘pro-Europese’ betogingen in Kiev (en Lviv) begin 2014 mondden op voor ons troebele wijze uit in een brede en diffuse volksopstand, waarin extreem-rechts een steeds grotere rol bleek te spelen. De huidige protesten in het oosten komen echter uit dezelfde onmin voort als de eerste volksopstand in het westen.

zondag 11 mei 2014 14:12

DeWereldMorgen.be

Een van de dingen die in de berichtgeving van de afgelopen maanden het meest
frappeert, is het historische vacuüm waarin de gebeurtenissen worden
gepresenteerd en gesitueerd. Vrijwel iedereen lijkt vergeten dat tien jaar
geleden, in 2004, Oekraïne al eens het toneel was van een van de grootste
revoluties uit de recente Europese geschiedenis: de Oranjerevolutie.

Zo’n twintig procent van de Oekraïense bevolking
nam destijds deel aan protesten die werden ingegeven door verkiezingsfraude,
een wijdverbreide cultuur van corruptie en een groeiende elite van oligarchen.
De maat was voor een deel van de bevolking meer dan vol. Een grootschalige
volksopstand was het gevolg.

Ontmanteling

Hoe is het destijds zo ver gekomen? Om die vraag te beantwoorden moeten we een stuk terug in de geschiedenis. Net
na de val van de Sovjet-Unie stond Oekraïne er redelijk goed voor. Tijdens de
Sovjet-periode had iedereen toegang tot gezondheidszorg en was er kwalitatief
hoogstaand en toegankelijk onderwijs.

Het resultaat was een relatief gezonde,
goed opgeleide bevolking aan het einde van de jaren tachtig, begin jaren
negentig. Na de val van de Sovjet-Unie werd de oude, sociale infrastructuur in
rap tempo afgebroken, voordat de nieuwe overheid volledig was geïnstalleerd en
voldoende georganiseerd. De nieuwe centrale overheidsdiensten waren wel
alomtegenwoordig maar opereerden weinig verantwoordelijk.

Dit resulteerde in een scherpe stijging van
de criminaliteit, allerhande corruptie, een versmelting van de bestuurlijke
macht met de private sector en een groeiende schaduweconomie. Bovendien
ontstond er al vrij snel een gezondheidscrisis door de ontmanteling van
publieke collectieve gezondheidsvoorzieningen en de snelle overgang naar een
vrije markteconomie.

Braindrain

Het communisme van weleer maakte vrijwel
direct plaats voor een nauwelijks gereguleerd kapitalisme. De oude elite uit de Sovjettijd
eigende zich na de val van de Sovjet-Unie de meeste grondstoffen toe en controleerde belangrijke
productiemiddelen. Deze ongecontroleerde liberalisering en privatisering zorgden
al snel voor een grote ongelijkheid.

Van een echte middenklasse was al snel
geen sprake meer.
In de jaren negentig ging Oekraïne gebukt onder een economische crisis die
aanhield tot 1998. In die periode was er sprake van een hoge werkloosheid. Met
name hoogopgeleide vrouwen met werkervaring raakten plots hun baan kwijt. Velen
van hen verlieten het land op zoek naar een betere toekomst elders.

Dit was het begin van een braindrain
die nog altijd aanhoudt. Een van de centrale redenen voor de crisis van de
jaren negentig was het plotse wegvallen van de diepe economische verbanden
tussen de oude Sovjet-staten. Oekraïne werd gedwongen om zich economisch te
heroriënteren.

Vanaf 1998 begon de economie weer aan te trekken. Deze groei had echter slechts
een beperkt trickle-down effect: de vruchten van de toenemende welvaart
konden niet door iedereen worden geplukt. Bovendien werden de extra inkomsten weinig efficiënt geïnvesteerd. Er
ging bijvoorbeeld geen geld naar de publieke gezondheidsdiensten, ondanks het
schrijnend tekort aan middelen.

Verkiezingen

Een deel van de bevolking, vooral Oekraïeners uit het Westen en het midden
van het land, begonnen in 2004 serieus onrustig te worden. Ze keerden zich
tegen de oneerlijke verkiezing van Viktor Janoekovitsj en eisten nieuwe
verkiezingen. Veel mensen uit het oosten van land waren tegen de protesten
gekant.

Uiteindelijk werden er, zoals geëist en
ondanks de tegenstand, nieuwe presidentsverkiezingen uitgeschreven. Die nieuwe
verkiezingen werden gewonnen door Viktor Joesjtjenko en Julia Timosjenko.
Beiden hadden opgeroepen tot de protesten en genoten een grote aanhang onder de
betogers uit centraal en West-Oekraïne.

In 2007 werden er parlementsverkiezingen
gehouden. Ondanks de winst van de partij van Janoekovitsj wisten president
Joesjtjenko en Timosjenko een meerderheid te halen in het parlement en vormden
zij wederom samen een nieuwe regering.

Disfunctioneel

In 2008 besloot Joesjtjenko het
parlement te ontbinden. Timosjenko zou te veel aanschurken tegen de oppositie.
Daarbij zou zij voor een wet hebben gestemd gericht op de inperking van de
macht van president Joesjtjenko. Uiteindelijk kwam er na enige tijd toch een
nieuwe regering met Timosjenko. In 2010 keerde het tij en won Viktor
Janoekovitsj alsnog de presidentsverkiezingen. Hij werd na massale protesten in
het westen en het centrum van het land begin 2014 afgezet.

Vandaag zijn de voornaamste problemen in Oekraïne armoede, een disfunctioneel,
niet-onafhankelijk juridisch apparaat en een falende gezondheidszorg. Daarnaast
is er nog altijd sprake van een diepgewortelde cultuur van corruptie.

Welke krachten er precies hebben geleid tot de verspreiding van de protesten
die zich ditmaal niet beperken tot het midden en het westen van het land, is op
basis van de berichtgeving nauwelijks vast te stellen. Wel lijken de recente
ontwikkelingen te passen in een breder continuüm van onvrede en ongelijkheid
dat zijn oorsprong vindt in het begin van de jaren negentig.

De corruptie binnen de overheid en het
niet-onafhankelijke rechterlijke apparaat hebben gezorgd voor een diep
wantrouwen tegenover de overheid. Dit gevoel is mogelijk verder versterkt door
een reeks weinig daadkrachtige regeringen die geen komaf wisten te maken met
aanslepende problemen als corruptie en armoede.

Krachtenspel

De nieuwe overheid is mede vanwege dat
wantrouwen tegenover de overheid, dat een lange voorgeschiedenis
kent, niet in staat om de onrust te bezweren. Ze lijkt nauwelijks controle te
hebben over de situatie en is het brandpunt geworden van een krachtenspel
tussen twee grootmachten: de EU en Rusland. 

Rusland is er intussen in geslaagd om de Krim
te annexeren. De Krim was overigens al een uitzondering binnen Oekraïne, vanwege
haar grote autonomie als deelstaat en haar (historische) verwantschap met
Rusland.

Het is niet onwaarschijnlijk dat de
(dreiging van) de afschaffing van het Russisch als één van de officiële
landstalen de spreekwoordelijke lont in het kruitvat aangestoken heeft voor de Russischtalige
opstandelingen in het oosten en zuiden van Oekraïne.

Verzetshaarden

Momenteel probeert de overheid terug grip
te krijgen op centrale verzetshaarden in het zuiden en het oosten, zoals
Kramatorsk (wat volgens verschillende media zou zijn gelukt) en Marioepol. Haar
ingrijpen lijkt vooralsnog een druppel op een gloeiende plaat, waarvan de
temperatuur nauwelijks zakt, zo niet stijgt.

De roep om autonomie die uit
verschillende hoeken klinkt, is immers ook onverenigbaar met centraal
overheidsingrijpen. De opstandelingen willen in hoofdzaak meer autonomie, niet
nog meer overheidsbemoeienis van de centrale regering in Kiev, waavan ze de
legitimiteit betwisten. 

take down
the paywall
steun ons nu!