US sanctions hit 6 million lives in Iran (photo: Ismail Salami, PressTV)

35 jaar sancties tegen Iran op valse gronden: een droeve kroniek

Na de val van de Sovjet-Unie ontstond een unipolaire wereld: iedereen moest naar de pijpen van de VS dansen. Toen Iran een eigen koers bleef varen werd het land gedemoniseerd. Harde sancties moesten de dwarsligger in het gareel brengen. Het Anglo-Zionistische verhaal over een Iraans kernwapenprogramma blijkt op flagrante leugens te berusten. De sancties zijn onwettig, crimineel en onmenselijk. De wereld moet de schuldigen ter verantwoording roepen.

maandag 28 april 2014 16:00

In een omstandig
artikel in American Diplomacy

brengt gewezen landmachtkolonel Benjamin Landis de Amerikaanse
vervolgingswaanzin in kaart. De VS stond na de Tweede Wereldoorlog op het
toppunt van zijn macht, maar slaagde er mede onder invloed van het mccarthyisme niet in de
wereld naar een betere toekomst te leiden. De communistenvrees kreeg de
overhand op het naoorlogse optimisme. Naarmate de Koude Oorlog vorderde steeg de
paranoia en bereikte zijn hoogtepunt met de Cubacrisis. Als reactie op
de plaatsing van Amerikaanse kernwapens in Turkije hadden de Russen hetzelfde
gedaan in Cuba. Een dreigende kernoorlog kon worden afgewend: beide partijen
trokken hun kernwapens terug. Maar de paranoia nam toe: de Sovjet-Unie wilde de
wereld onderwerpen aan het communisme, zo kreeg de bevolking ingeprent.

In zo’n sfeer kon Washington wegkomen met de omverwerping
van de regeringen in Iran (1953), Chili (1973) en El Salvador (1980), en met
het Iran-contra
schandaal
(begin jaren 1980). De opgeklopte vervolgingswaanzin leidde tot
isolationisme en militarisme als middel om conflicten met het buitenland te
beslechten. Zo aanvaardde de Amerikaanse bevolking gedwee het agressieve
optreden van hun overheid: de (mislukte) Cuba-invasie
(1963), de Vietnam-oorlog
(1956-1975, met 58.000 Amerikaanse en 2,5 miljoen Vietnamese slachtoffers), de bezetting
van de Dominicaanse Republiek (1965), de invasie van Grenada (1983) en Panama (1989). Het
Pentagon kreeg de overhand op het ministerie van Buitenlandse Zaken, diplomatie
werd ondergeschikt aan militaire overwegingen.

Iran is voor Amerika hooguit bedreigend als rivaal van Israel

Met
de implosie van de Sovjet-Unie in 1991 verdween het spook van het
wereldcommunisme, maar de wereldvreemde vervolgingswaanzin bleef. Voor het militair-industrieel
complex
werden China,
Noord-Korea
en Iran de nieuwe vijanden. De wereld viel voor de propaganda, hoewel China
zich historisch eerder
defensief dan agressief
opstelt en sinds Deng Xiaopeng een
quasi-kapitalistische koers volgt, en op het Koreaans schiereiland niet
Noord-Korea maar de VS
de agressor is. Amerika wordt op geen enkele manier
bedreigd, en toch draait de propagandamachine op volle toeren, vandaag specifiek
rond Oekraïne
, maar eerder rond Syrië (“Assad
moet weg
”) en Iran,
dat voor Amerika hooguit
bedreigend
is als regionale rivaal van Israel en als zodanig de etnische
zuivering van Palestina en de sluipende annexatie van Palestijns gebied in de
weg staat.

Terwijl
men de eenzijdige
Amerikaanse beeldvorming
rond Oekraïne moet verwerpen en het optreden van
Washington in dat dossier omschrijven als roekeloos omdat Washington regelrecht
kernmogendheid Rusland
confronteert
, is de jaren aanslepende Anglo-Zionistische heisa rond de
niet-bestaande Iraanse kernwapens het toppunt van politieke spin en bovendien
ronduit crimineel. De alom gerespecteerde Amerikaanse onderzoeksjournalist
Gareth Porter zet in zijn recente boek Manufactured
Crisis: the Untold Story of the Iran Nuclear Scare
uiteen dat het
Amerikaanse verhaal over een Iraans kernwapenprogramma berust op flagrante
leugens. Washington en Tel Aviv bleven dit verhaal aan de wereld verkopen,
terwijl men heel goed wist dat het volstrekt gefingeerd was. De crisis werd gecreëerd, men zocht de confrontatie,
aldus Porter.

Dat Washington Irak heeft aangezet om oorlog te voeren tegen Iran (1980-1988)
is ronduit misdadig

Washington
deelde met Israel in het bedrog, hoewel daar geen enkel Amerikaans belang mee
gediend was. Het spande ijskoud samen met Israel in de verspreiding van vals
bewijsmateriaal. Terwijl het Iran vals beschuldigde kernwapens te ontwikkelen
lapte het zelf zijn verplichtingen onder het niet-verspreidingsverdrag
aan zijn laars en bracht het zichzelf gevaarlijk dicht bij een onnodige oorlog.
Het spelletje toneel over een Iraanse dreiging begon met Ronald Reagan, die na
de val van de Shah een verbod uitvaardigde op het Iraanse atoomenergieprogramma.
Na de gijzelingsaffaire van 1980 kan
men zich Reagan’s behoefte om Iran hiermee te straffen misschien nog
voorstellen, maar het feit dat Washington Irak op slinkse wijze heeft aangezet
om oorlog te voeren tegen Iran (1980-1988; 1,6 miljoen doden) en
Irak daarbij militair, logistiek en financieel volop steunde, is ronduit misdadig.

Onder
Bill Clinton, onderhorig
aan de Israel-lobby
, werd Iran,in
navolging van Israel, aangeduid als “de grootste bedreiging van de
wereldvrede”. Porter laat zien dat Israel nooit van plan is geweest om Iran aan
te vallen, maar wel hoopte dat Uncle Sam
dat zou doen. Het voortdurend schermen met de Iraanse dreiging heeft
buitenlandse kritiek op kwalijk Israëlisch handelen, zoals de kolonisatie van
Palestijns gebied, goed kunnen afleiden. Het verbale geweld leidde uiteindelijk
tot de algemeen aanvaarde perceptie van de dreigende “Iraanse atoombom”, een
verhaal dat ook onder Bush jr. en Obama werd uitgedragen.

De druk werd opgevoerd: valse documenten, moord op kernwetenschappers, sabotage
van computers

Toen
de Amerikaanse en Israëlische geheime diensten geen enkel bewijs konden
aandragen voor een Iraans kernwapenprogramma werd moedwillig ontlastende
informatie achtergehouden, valse belastende documenten verspreid, Iraanse
kernwetenschappers vermoord en Iraanse computers gesaboteerd. De druk op Iran
had ook gevolgen voor de wereldgemeenschap: de steeds zwaardere sancties hebben
hun effect op de wereldeconomie niet gemist, maar vooral grote schade berokkend
aan de Iraanse economie, waarbij de meest kwetsbare bevolkingsgroepen de
grootste slachtoffers werden.

Achtereenvolgende
Amerikaanse presidenten hebben de eigen bevolking en de wereld misleid omdat
zij daar politiek voordeel mee konden doen. Leiders die samenspannen met een
vreemde mogendheid en onder valse voorwendselen het land aan de rand van een
oorlog brengen plegen verraad. Dat zij daar straffeloos mee wegkomen roept
vragen op over de Amerikaanse samenleving: heeft het de grondwet overboord
gegooid? De moorden op wetenschappers, de sabotage van computers en de steeds
zwaardere sancties zijn regelrechte oorlogsmisdaden, en ook daar staat
blijkbaar geen straf op. Volgens een studie
van de Amerikaanse politicologen Gilens en Page zijn het overwegend economische
belangengroepen die de dienst uitmaken. De VS is geen democratie maar een
oligarchie en daarmee volstrekt corrupt.

De sancties tegen Iran zijn onwettig, crimineel en onmenselijk

De
door dit Amerikaanse regime opgelegde sancties tegen Iran zijn onwettig,
crimineel en onmenselijk. De eigen geheime dienst bevestigt dat het Iraanse
kernprogramma vreedzaam is. De sancties treffen vooral Iraanse burgers. Die
hebben het niet alleen economisch zwaar te verduren, maar blijven ook verstoken
van levensreddende medicijnen
. Hoewel die theoretisch niet onder de
sancties vallen schrikken farmabedrijven terug van de complexe regels en zware
boetes voor overtreding. Iran is teruggevallen op parallelle importen uit China
en India, maar geraakt niet aan gepatenteerde medicijnen tegen ziektes als
hemofilie, kanker of multiple sclerose. Daarmee komen de op valse voorwendselen
opgelegde sancties neer op een doodvonnis voor de betrokkenen.

Iran
zucht al bijna 35
jaar
onder sancties. Met het aantreden van president Rohani kwamen de
onderhandelingen met de P5+1 in
een stroomversnelling. November 2013 werd een tussentijds akkoord
gesloten en uiterlijk januari 2015 moet er een definitief akkoord zijn. Maar
het ziet er niet goed uit. Het IAEA
dat het Iraanse kernprogramma opvolgt en strikt neutraal zou moeten zijn heeft blijkbaar
een eigen agenda
. Bovendien legt Washington plotsklaps een nieuwe Israëlische
eis
op tafel: de Iraanse ballistische raketten moeten op de agenda. De
regering-Obama weet heel goed dat zo’n eis een Iraanse rode lijn overschrijdt.
Nu ook Moskou heeft verklaard dat een totaaloplossing “enkel het vertrouwen in
een puur vreedzaam doel van het Iraanse kernprogramma moet herstellen” is de
vraag of de eis van tafel gaat, of de Israel-lobby
erin slaagt de onderhandelingen te torpederen.

De onthullingen roepen indringende vragen op. Zijn wij niet allemaal
medeplichtig als wij blijven zwijgen?

Gewezen
Brits ambassadeur bij de IAEA Peter Jenkins vatte het nuchter samen:
“het gedoe over een Iraanse nucleaire dreiging is prematuur en bijgevolg zijn
de sancties van de VS en zijn bondgenoten onredelijk en ongerechtvaardigd.”
Maar men moet ernstig betwijfelen of naast P2 (Rusland) ook P4
(Groot-Brittannië) bij de P5+1-onderhandelingen eens flink met de vuist op
tafel zal slaan. Net als het Israel-Palestina
vredesproces
heeft Israel blijkbaar belang bij handhaving van de sancties
tegen Iran.

De onthullingen van Gareth Porter roepen indringende vragen op. Waarom is zijn
boek geen voorpaginanieuws in de Westerse media? Hoe moeten wij het publieke
stilzwijgen uitleggen? Welke gewetensvolle Westerse parlementariër stelt de
leugens eens indringend aan de orde? Waarom wordt er geen stevige kritiek geuit
op de Israëlische machtshebbers die zich schuldig maken aan deze ergerlijke
verdraaiing van de waarheid? Waarom blijven wij de Israëlische premier met
zijden handschoenen aanpakken
? Zijn wij niet allemaal medeplichtig aan dit
onrecht als wij blijven zwijgen?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!