Het partijpolitieke ellebogenwerk aan de linkerzijde is al een tijdje bezig. Wouter Van Besien haalde net nog in De Zondag uit naar PVDA+ en blijft hardnekkig beweren dat zijn partij de enige sociale en groene partij is. In verkiezingstijd was van Walter Lotens (Rood!), in navolging van De Morgen, ook nog een voorspelbare geste te verwachten (zie hier). Dat hij nergens kritisch is over het boek van Delwit, vriend aan huis bij Magnette, zegt eigenlijk genoeg. (Terzijde: De Morgen censureert nog steeds het boek ‘Het Vlaanderen van De Wever’ van Koen Hostyn, gewoon omdat dit van de studiedienst PVDA+ komt.)
De beweringen van Delwit werden al door Peter Mertens beantwoord (zie hier): (a) PVDA+ voert reeds beleid, o.a. in Borgerhout. Zeggen dat ze dat niet wil doen, is dus door de feiten achterhaald. Het is ook wel vrij absurd een partij te verwijten dat ze geen beleid wil voeren nog voor ze in het parlement zit. (b) Spreken van een ‘dubbel agenda’ is een intentieproces waartegen sowieso geen verdediging mogelijk is.
Oproepen voor een discussie over ‘het verleden’, vlak voor de verkiezingen, is natuurlijk een strategische truc: het is zoals iemand die van pedofilie beschuldigd wordt, zich steeds maar wil verdedigen, met als resultaat dat een breed publiek dan denkt dat er toch wel iets mis moet zijn, waarom praat die persoon daar anders zoveel over?
Ondertussen kan de nieuwe voorzitter het niet over zijn eigen partijprogramma hebben, hoewel hij al 2 boeken schreef waarin duidelijk met het verleden gebroken wordt, en dat blijkbaar in zowat elk interview steeds opnieuw moet doen. De valstrik: als je er niet op wil ingaan, volgt de gratuite beschuldiging dat je de discussie weigert of iets verzwijgt.
Evergreens
Het is trouwens uitkijken naar de moddercatch die in de weken voor de verkiezingen nog zal volgen. Wie wedt er mee dat bijvoorbeeld De Standaard en De Morgen vlak voor de verkiezingen nog flink de schuif zullen opentrekken, respectievelijk om Sp.a en N-VA wat tegemoet te komen? Helaas voorspelbaar allemaal, arm Vlaanderen. Hierbij alvast de te verwachten verwijten.
1_ PVDA+ is wel een interessante en sympathieke partij (eerst mouwvegen om redelijk over te komen...) maar electoraal verwaarloosbaar. Dat was het verhaaltje in aanloop 2012. Nu zit de schrik er goed in bij andere partijen: overal in raden van bestuur gaan partijsoldaten wellicht met de voeten vooruit. De Wever kreunt vandaag alvast onder de oppositiestem van PVDA+ in Antwerpen. Peter Mertens zit nog niet in het parlement, maar er wordt al gedaan alsof we op 26 mei in Havanna zullen wakker worden.
2_ PVDA+ verzwakt links. Vreemd toch, als blijkt dat zij nu al zo op het beleid wegen? (e.g. vermogensbelasting, 6% BTW op energie, en ook in het cultuurbeleid is er frontvorming met ABVV en Groen, tegen de vermarkting van de cultuursector en tegen Creative Europe, het EU-cultuurbeleid). Op naar de gezamelijke strijd, na 25 mei.
3_ Het is ‘extreem-links’. Maar blijkbaar wel minder extreem dat de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Bovendien is de enige gelijkenis die met extreemrechts opgaat deze: Vlaams Blok heeft sinds 1991 het programma van de andere partijen bepaald. PVDA+ doet dat nu al enkele jaren aan de linkerzijde.
4_ Het zijn autoritaire stalinisten, de wolf in schapenpak. Vreemd, als zowat alles dat PVDA+ doet, blijk geeft van een radicaal democratische strijd, van onder uit. Bottom-up organiseren, grassroots, betogen, petities, enquêtes, de troepen verzamelen, etc. Typisch aan een ‘stalinist’ is trouwens dat die de dissidente linkse stem monddood maakt. Ik denk dat we in dit opzicht de stalinisten vandaag bij de gevestigde linkse partijen kunnen zoeken.
5_ Het zijn Marxist-leninisten. Tja, opnieuw een valstrik, want Lenin schreef zoveel over en vanuit Marx, dat je als marxist onmogelijk kan zeggen dat het allemaal onzin is. Dat zou intellectueel simpelweg oneerlijk, zelfs idioot zijn. Maar je bent als marxist toch niet meteen ook een orthodox leninist? Is gans ‘nieuw links’ sinds de jaren 1960 dan ook ‘leninistisch’? Dat PVDA+ zich duidelijk als marxistisch profileert, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Nederlandse SP, is net een troef.
Het is zoals bij Nietzsche of Darwin: er zijn nogal wat ‘nietzscheanen’ en ‘darwinisten’ die het heel bont hebben gemaakt, om het zacht uit te drukken. Erger nog: dat Hitler met beiden dweepte, zoals Pol Pot met Marx, betekent hopelijk niet dat we dan bijv. Darwin maar moeten dumpen.
Marx en Darwin zijn trouwens tijdgenoten. Maar blijkbaar kost het heel wat mensen minder moeite te geloven dat ze afstammen van een pantoffeldiertje dan dat de accumulatie van kapitaal en miserie hand in hand gaan.
Tips
Als je dan toch kritisch wil zijn, verwijs dan ten minste naar de juiste zwakke punten. Hierbij wat suggesties.
1_ Het is een partij van vrijwilligers en dus 'amateurs' zo je wil, (meer leden dan bijv. Groen) en heel weinig middelen. Dat maakt coördinatie moeilijk, mensen moeten na en voor hun werkuren meehelpen, er moet beroep gedaan worden op veel goeie wil, je kan moeilijk de aangeboden hulp weigeren, want er wordt een psychologie van ontvankelijkheid en open overleg verwacht, etc.
Vanwege de vele vooroordelen tegen deze nog vrij onbekende partij zit je tevens met het probleem dat er maar één iemand wat misvattingen of persoonlijke bizarre claims moet opperen waardoor meteen de hele winkel in diskrediet kan worden gezet. Eén foute opmerking kan onmiddellijk gegeneraliseerd worden naar de ganse ploeg. Andere partijen hebben echter zetelende politici die elkaar in de media compleet tegenspreken, ook bij Groen en zeker bij Sp.a. Maar dat vinden we blijkbaar al evident, zelfs een toonbeeld van ‘discussiecultuur’ en ‘consensusbereidheid’. Terwijl het uiteindelijk toch gewoon kiezersbedrog is.
2_ Een ruime meerderheid aan nieuwe en jonge leden. Groentjes dus, zo je wil. Groot probleem, want dat impliceert dat er veel geïnvesteerd moet worden om elkaar onderling te leren kennen, de nood aan vorming is hoog, met name de ontwikkeling van een politiek bewustzijn, etc. Daar komt bij dat veel van die leden vooral interesse hebben voor het marxisme.
En een must voor het marxisme is dat je onderling kritisch en radicaal de discussie aangaat. Marx riep zelf op om hem te contesteren met wetenschappelijke evolutie als doel. Heel boeiend en noodzakelijk allemaal, maar dat kost veel tijd en energie. Dat weegt onvermijdelijk op de efficiëntie en slagkracht.
3_ Een partij die kiest voor pertinente systeemkritiek. Dat betekent dat je niet alleen de andere partijen en het beleid tegen krijgt. Ook al de grote machtcentra zetten zwaar in om deze vereniging te neutraliseren (e.g. financiële elites, VOKA, rechtse en Vlaams-nationalistische denktanks, commerciële mediagroepen). Het strijdmiddel van deze systeemkritiek is het studiewerk. Dat impliceert dan weer inzetten op veel nieuw onderzoek tegen de gangbare propagandamachines in.
Dat is opnieuw een risico, als partij ten minste, want studaxen moeten de ruimte hebben om te kunnen discussiëren, het flink oneens te zijn, om zich te vergissen, om samen na te kunnen denken hoe een immens grote uitdaging als het socialisme 2.0 vorm kan krijgen.
Van een oppositiepartij wordt daarentegen eenstemmigheid verwacht, zelfs dat ze meteen met de conclusies naar buitenkomt. In tegenstelling tot andere partijen is een partijcongres hier geen mediagenieke verkiezingsstunt, maar het echte werk, het moeizaam uitzetten van de bakens voor de toekomst. In pre-electorale tijd is daar helaas gewoon amper ruimte voor.
4_ De grootste zwakke plek is de hedendaagse koudwatervrees voor idealisme en dus machteloosheid. Er is bijna geen strijdbaar links meer, dat moest van nul opgebouwd worden. De verzorgingstaat is er gekomen in een tijd van de Koude Oorlog, met het ‘rode gevaar’, een tijd met een sterke arbeidersbeweging, een tijd van naoorlogse wederopbouw waarin economische vooruitgaing nog mogelijk was, dus nog voor de overproductiecrisis vanaf de jaren 1970 de Westerse overheden aanzette tot het creëren van kunstmatige koopkracht (staatschuld, behoeftecreatie, financiële luchtkastelen en andere bubbels) waardoor wij nu allemaal met de rug tegen de muur staan. De tijdsgeest is vandaag helaas compleet omgeslagen.
De verzorgingstaat is nu een vogeltje voor de kat, en we leven ook nog eens in tijd van politieke 'linkse' hyperpragmatiek, van lifestyle-links met een aversie voor politisering, trendy maar tandeloze transitie-spitstechnologie die kiest voor het dweilen met de kraan open, van 'narcisme uber alles', en vooral een totaal gebrek aan solidariteit. Als marxistische partij moet je dus eerst het warm water heruitvinden en het vuur in de geesten aan proberen te krijgen, te midden van het hegemonische, neoliberale offensief.
Daarbij bots je op een muur van antipolitiek, van cynisme, conformistisch escapisme en défaitisme, en ook nog eens tegen clubjes van zelfverklaarde progressieve collega’s die voortdurend zelf het schrikbeeld van ‘de staat’ en ‘de politiek’ aanblazen, en zo de levensgevaarlijke illusie wekken dat je in een moderne samenleving ook wel zonder ‘staat’ verder kan. Terwijl de inzet er juist uit bestaat via een brede, transnationale politisering de geprivatiseerde overheden terug te veroveren van rechtse machten. Of er op zijn minst toch de dialectiek mee aan te gaan.
5_ Opboksen tegen uitsluiting en censuur. Het valt op dat heel wat Vlaamse media en publieke instituten, bijvoorbeeld in het organiseren van stemtests en verkiezingsdebatten, in democratisch opzicht falen door PVDA+ meer dan dikwijls te negeren. Om in de media in te breken, zijn daarom allerhande symbolische acties en slogans nodig. Dat creëert onvermijdelijk een imago van populisme, een noodzakelijk kwaad helaas.
Laten we er trouwens vanuit gaan dat deze censuur niet altijd door partijpolitieke netwerking is ingegeven. Om het calimero-verwijt alvast te voorkomen: het zal wel gewoon liggen aan dat conservatisme, die typische honkvaste Vlaamse behoudsgezindheid. Veel PVDA+ sympathisanten moeten daarom onder de radar blijven om op een andere manier dezelfde boodschappen over te brengen. In verkiezingstijd is dat wel een groot nadeel, het werkt systeembevestigend.
Tot slot, de 20ste eeuw is al even voorbij. Staatscommunisme, sociaaldemocratie, eco-liberalisme, een multitude aan p2p-anarchisme, het faalde allemaal. Want begin deze eeuw zitten we met een snel opkomende neoliberale wereldorde. Links miste de boot, heeft er met zijn huidige recepten en achterhoedegevechten vrijwel geen verweer tegen, en rechts weet dat helaas maar al te goed. Ze krijgen vrij spel.
Dat we intussen in de 21ste eeuw zitten, daar heeft getraumatiseerd links het nog moeilijk mee. Laten we daar gewoon begrip voor hebben, het liefdevol omarmen. Want we hebben elkaar nodig na 25 mei en de verkiezingstijd zal op zich nog genoeg gif en geruzie produceren, waardoor de anti-politieke gevoelens bij een breed publiek alleen maar harder worden aangewakkerd.
Uit een recent onderzoek bleek dat de helft van de jongeren geen interesse heeft in politiek, 1 op 3 vindt stemmen zinloos. Dat zet de deur voor nieuwe rechtse dictaturen wagenwijd open. Ondertussen is De Gucht van die partij voor 'de vrijheid', weet je wel, vlijtig in Brusselse achterkamertjes een vrijhandelsakkoord met de VS aan het bedisselen.
We mogen niet eens weten wat er in staat, laat staan dat we inspraak hebben. Laten we hopen dat er na 25 eindelijk eens een breed progressief front komt, waar bijzonder veel ruimte voor discussie is, maar ook de bereidheid om vooroordelen opzij te zetten.