Sociale kosten vrijhandelsakkoord EU/VS zeer groot
Europa -

Sociale kosten vrijhandelsakkoord EU/VS zeer groot

De fractie Verenigd Links en Noordelijk Groen-Links in het Europees parlement liet een studie maken van de beweerde voordelen van het TTIP-vrijhandelsakkoord tussen de VS en de EU. Economische winsten blijken minimaal te zijn, sociale kosten zeer groot.

dinsdag 15 april 2014 14:55

DeWereldMorgen.be

De fractie van Gauche Unie Européenne/Nordic Green Left (GUE/NGL) in het Europees
Parlement liet een studie uitvoeren van de te verwachte effecten van
het TTIP-verdrag door het Oostenrijkse onderzoeksinstituut ÖFSE
(Österreichische
Forschingsstiftung für Internationale Entwicklung
– Oostenrijks
Onderzoeksinstituut voor Internationale Ontwikkeling).

Het ÖFSE is het
belangrijkste onderzoeks- en informatiecentrum over
ontwikkelingssamenwerking en ontwikkelingsbeleid in Oostenrijk. Voor
hun onderzoek werkten drie leden van het ÖFSE
samen met twee Amerikaanse economen.

De
prognoses die door de Europese Commissie – hoofdzakelijk door Europees
Commissaris voor Handel Karel De Gucht – worden geciteerd, zijn
gebaseerd op een aantal studies die de Commissie zelf bestelde bij een
aantal andere onderzoeksinstellingen.

Het ÖFSE
analyseerde de vier voornaamste en door de Europese Commissie meest
geciteerde rapporten. Wat zij vonden waren “beperkte en onzekere
economische voordelen maar belangrijke negatieve risico’s”
:

  1. De
    verwachte voordelen van het TTIP zijn zeer bescheiden. Alle
    onderzochte studies geven een positieve invloed aan voor het globale
    bruto nationaal product (bnp) van de EU, voor de handelsstromen en
    voor de reële lonen met 0,3 tot 1,3 procent. De werkloosheid zou
    onveranderd blijven of verminderen met 0,42 procent, wat volgens het
    ÖFSE
    een zeer onrealistische veronderstelling is. Het gaat hierbij
    alleen om langetermijneffecten over een periode van 10 à 20 jaar.
    Over de kortetermijneffecten spreken de onderzochte studies zich
    niet uit. Bovendien zal heel wat van de nieuw gecreëerde
    werkgelegenheid gaan naar slechter betaalde, minder zekere en
    flexibele banen en zullen vooral oudere en lager-opgeleide
    werknemers negatieve gevolgen ondervinden van het TTIP.
  2. Deze
    geschatte voordelen hangen voor 80 procent af van niet-tarief
    gerelateerde maatregelen (NTM). Omdat de tariefbarrières tussen de
    VS en de EU al zeer laag zijn (gemiddeld minder dan 5 procent)
    moeten meeste de voordelen komen van maatregelen die niet met
    tarifering van internationale handel te maken hebben, zoals
    wetgeving, regulering en standaardisering van producten. Deze
    veronderstelde NTM-voordelen zijn volgens het onderzoek van het
    ÖFSE
    echter “overdreven optimistisch”. Met meer realistische
    inschattingen worden de verwachte economische voordelen alleen maar
    kleiner.
  3. De
    verwachte veranderingen aan de wetgeving en de regelgeving zullen
    zware sociale kosten me zich meebrengen. Deze kosten worden in de
    door de Europese Commissie geciteerde studies volledig genegeerd.
    De NTM-maatregelen bedreigen het openbaar beleid op gebied van
    consumentenrechten, openbare gezondheid en leefmilieunormen, allemaal
    bevoegdheden waarbij de vrijwaring van algemene maatschappelijke
    rechten door de overheid cruciaal is.
  4. Er
    zijn ook aanzienlijke macro-economische kosten aan dit verdrag. Tijdens
    de eerste tien jaar van de invoering van het TTIP-verdrag worden
    bijkomende overheidskosten verwacht om nieuwe werkloosheid op te
    vangen voor een geschat bedrag van 5 tot 14 miljard euro. Daarnaast
    wordt een verlies van overheidsinkomsten verwacht uit belastingen en
    sociale afdrachten van 4 tot 10 miljard euro over dezelfde periode van tien jaar.
  5. De
    inkomsten voor het budget van de EU zelf door de bijkomende
    afschaffing van importtarieven zullen verminderen met 2 procent of
    ongeveer 2,6 miljard euro. Over tien jaar zal dat minstens leiden
    tot minder inkomsten ten bedrage van 20 miljard euro.
  6. De
    rapporten die de Europese Commissie citeert vermelden nergens de
    gevolgen die het TTIP zal hebben op de ontwikkelingslanden die
    handel drijven met de EU. Voor deze landen zal het TTIP resulteren
    in een gemiddelde vermindering van hun BNP met drie procent.
  7. De
    handel tussen EU-lidstaten onderling zal meer dan waarschijnlijk
    ook afnemen. ÖFSE heeft dit echter niet nader
    onderzocht.
  8. Het
    NAFTA-verdrag van 1994 tussen Canada, de VS en Mexico wordt regelmatig geciteerd als voorbeeld van een succesvol
    vrijhandelsakkoord. In werkelijkheid heeft dit verdrag geleid tot
    een verplaatsing van 600.000 tot 1,2 miljoen banen van de VS naar
    Mexico tussen 1993 en 1999. Voor Mexico werd het effect van die
    nieuwe banen volledig teniet gedaan door het feit dat deze banen
    veel slechter betaald, onzeker en flexibel werden terwijl
    ondertussen in de landbouwsector miljoenen boeren hun inkomen
    verloren. Alleen al de invoer van gesubsidieerde maïs uit de VS
    naar Mexico heeft tussen 1994 en 2004 geleid tot een verlies van 1
    miljoen banen in de maïsteelt (maïs is het basisvoedsel van
    Mexico).

Het
ÖFSE besluit dat de huidige gunstige prognoses niet op stevig onderbouwde
studies gebaseerd zijn en dat een grondige studie – die ook
rekening houdt met de hierboven vermelde aspecten – noodzakelijk is
alvorens dit verdrag kan worden goedgekeurd.

Volledige tekst van het ÖFSE-rapport

Persbericht GUE/NGL

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!