Halfweg een verloren decennium: sociaal Europa is er slecht aan toe

Halfweg een verloren decennium: sociaal Europa is er slecht aan toe

Wie wil weten waarom tienduizenden vakbondsleden vrijdag in Brussel op straat komen, bladert best eens door het jaarlijkse rapport over sociaal Europa van ETUI (European Trade Union Institute). Een onthutsende reeks cijfers en tabellen over werkloosheid en armoede die aantonen hoe Europa langzaam naar Amerikaans model hervormd wordt.

vrijdag 4 april 2014 08:38

DeWereldMorgen.be

Het einde van de tunnel is in zicht.
Daar proberen politici ons van te overtuigen. Maar het einde van de
crisis werd al eerder voorspeld. In 2010 bijvoorbeeld, maar toen werd
beslist om hard te snoeien om de overheidsschuld naar beneden te
krijgen.

Een overheidsschuld die er nota bene vooral gekomen is omdat
overheden in heel Europa de financiële sector te hulp moesten
springen. Tussen 2008 en 2012 vloeide 1.800 miljard euro van de
belastingbetalers naar de banken. Dat is 14,2 procent van het BNP van
de Europese Unie. 

Door de besparingen kwam de economie
opnieuw in ademnood. Van de 2 procent groei die de Europese Commissie
voor 2012 voorspelde, bleef nog 0,4 procent over. In de meeste landen
was er voor de tweede keer in een half decennium tijd een economische
krimp.

Landen waar het hardst gesnoeid werd,
zitten met een nationaal inkomen dat nu lager is dan in 2008. Dat is
het geval in Portugal, Cyprus, Italië, Spanje en Ierland.

Het rapport Benchmarking Working Europe 2014 brengt in kaart hoe het zover gekomen is en wat de concrete gevolgen zijn voor werknemers en mensen met een uitkering.

Europa 2020

In 2010 werd de Europa 2020-strategie
gelanceerd. Een lijst ambitieuze doelstellingen om Europa op het pad
van de duurzame groei te zetten. We zijn nu halfweg en het rapport
van ETUI bevat veel elementen om een tussentijdse evaluatie te maken.

In 2020 moet bijvoorbeeld 75 procent van de mensen tussen 20
en 64 aan het werk zijn. In 2013 zaten we aan 68 procent. Dat het
aantal werklozen tussen 2008 en 2013 met 10 miljoen steeg, hielp daar
niet bij. Momenteel zijn 26,1 miljoen Europeanen werkloos.

De werkloosheidsgraad was in 2008
gezakt tot 7 procent. Vijf jaar later is dat geëxplodeerd tot 11
procent. Die werkloosheid is bovendien heel ongelijk verdeeld. Onder
inwoners met roots buiten Europa is de werkloosheid gestegen tot 22
procent. Ook laaggeschoolden worden zwaar getroffen. Bij hen is de
werkloosheidsgraad 20 procent. 

In Spanje en Griekenland
bereikte de werkloosheidsgraad de triestige recordhoogtes van 26 en
27 procent. In Duitsland is de werkloosheid gedaald. Zorgwekkend is
dat bijna de helft van de werkzoekenden al tot de categorie van de
langdurig werklozen horen.

Armoede

Europa 2020 wou ook 20 miljoen
Europeanen uit de armoede tillen. Net geen 17 procent van de
Europeanen riskeert in de armoede terecht te komen. Dat is 2,4
procent meer dan in 2008. Opvallend is dat de armoede ook groeit bij
de groep die werk heeft (+ 11,4 procent). 

In de helft van de
Europese landen nam de ongelijkheid tussen de inkomens toe. De
ongelijkheid tussen mannen en vrouwen nam licht af, maar dat komt
vooral omdat mannen er op achteruit gingen. De meeste ontslagen (maar
liefst 8,5 miljoen) vielen in de industrie waar vooral mannen werken.
Gezondheidszorg en onderwijs – sectoren waar veel vrouwen werken –
werden gespaard. 

Deeltijds werk is nog altijd een
vrouwenkwestie. Maar liefst één op drie vrouwen werkt parttime.
Maar bij de mannen steeg het al tot 9 procent. Het aantal deeltijdse
jobs nam toe in Europa. Dat wijst er op dat het aantal beschikbare
jobs over meer mensen verspreid wordt.

Arbeidsmarkt hervormen

Er is geen enkele aanwijzing dat de
crisis te wijten is aan te strenge regels op de arbeidsmarkt,
schrijft ETUI. Toch werd dat één van de speerpunten van de Europese
Commissie. In de slipstream van de crisis ontstonden mechanismes
zoals het Europese semester die de Europa de macht geeft om
hervormingen van de arbeidsmarkt op te leggen.

Volgens ETUI dreigen die hervormingen
de jobs nog meer precair te maken. Sommige hervormingen gaan ook in
tegen internationale afspraken. In Griekenland wordt het recht op
vrije loononderhandelingen met de voeten getreden. Ook de Belgische
loonbevriezing is in strijd met de afspraken binnen de Internationale
Arbeidsorganisatie.

Europa hinkt ook achterop op vlak van
klimaatvriendelijke investeringen. Als Europa de doelstellingen van
2020 haalt, zal dat vooral liggen aan de kwakkelende economie.
Sommige regio’s in de rest van de wereld weten hun uitstoot van
broeikasgassen te doen dalen hoewel hun economieën groeien.

In
Europa groeide het energiegebruik van gezinnen met 12 procent de
voorbije kwarteeuw. Het aantal jobs in de bouwsector zakte in elkaar.
Door te investeren in bijvoorbeeld isolatie kan Europa zowel jobs
creëren als het klimaat redden.

Oplossing

Er is een mogelijke uitweg uit de
crisis. Landen als Zweden en vooral Duitsland hebben een groot
handelsoverschot. Zij voeren dus meer uit dan ze invoeren. Zij hebben
dus ruimte om de lonen te verhogen en om de openbare investeringen
aan te zwengelen. Dat zou de druk op landen met een handelstekort wat
verlagen.

Uit de cijfers blijkt alvast dat het
pad van de interne devaluatie niet leidt tot meer
exportmogelijkheden. Aangezien Griekenland en Spanje hun munt niet
kunnen verlagen (wat hun producten nochtans goedkoper zou maken),
moeten ze de absolute lonen maar verlagen, zo is de redenering van de
Trojka. De Griekse lonen zijn 23 procent lager dan in 2009. Toch
daalde de export met 15 procent. “De lagere lonen hebben blijkbaar
enkel tot hogere winsten geleid”, schrijft ETUI.

Er zijn ook positieve signalen. De
dalende syndicalisatiegraad kreeg in 2007 een knik. Franse en
Italiaanse vakbonden wisten op het hoogtepunt van de crisis hun
rangen te vergroten.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!