Nieuws, Economie, Financiële crisis, Analyse, Federal Reserve, BRICS -

Opkomende landen zien massale uitstroom van kapitaal

Verschillende opkomende economieën worden verzwolgen door een nieuwe crisis nu investeerders massaal hun geld terugtrekken. Het einde is nog niet in zicht.

dinsdag 11 maart 2014 13:04

De “uitverkoop” heeft ook de Amerikaanse en Europese aandelenmarkten besmet, waardoor er wereldwijd onrust is ontstaan. Het begon in de tweede helft van januari, toen de valuta van Argentinië, Turkije, Zuid-Afrika, Rusland, Brazilië en Chili snel minder waard werden. De verhoging van de rentetarieven in Turkije en Zuid-Afrika, mocht tot op heden niet baten.

Een Amerikaanse analist noemde het de “opkomende marktkoorts” en ook verschillende journalisten benadrukken zwaktes in individuele ontwikkelingslanden. Toch is de belangrijkste oorzaak gewoon het afbouwen van het obligatie-opkoopprogramma van de Amerikaanse Federal Reserve (de centrale bank in de VS). De Fed beperkte het programma in december met 10 miljard per maand en in januari nog eens. Het totaal bedraagt nu per maar zo’n 65 miljard dollar.

Goedkoop geld

In totaal zijn er de afgelopen jaren honderden miljarden dollars in het banksysteem gepompt, in de hoop de Amerikaanse economie aan te zwengelen. Het goedkope geld werd door investeerders echter gestoken in aandelenmarkten en in opkomende markten, waar de opbrengsten hoger waren. Dat leidde tot sterkere munten (of valuta).

Sommige landen verwelkomden de instroom, maar anderen waren bezorgd dat het hoorde bij een concurrentie-oorlog. Als een munt meer waard wordt, neemt de import toe maar de export af. Dat komt omdat het kopen van producten met een andere munt, in reële termen duurder is geworden.

Nu is de richting van de stroom omgekeerd. Het is geen ongeluk, maar een voorspelbaar en onvermijdelijk deel van het economisch beleid van rijke landen. De cyclus van pieken en dalen heeft extra veel effect door de deregulering van financiële markten en de liberalisering van kapitaalstromen.

Slecht moment

Het begon al in 2013, door de crisis in Europa en de aankondiging van de Fed dat het afbouwen zou beginnen. Als reactie daarop was er een scherpe daling van de munten in Indonesië en India. Het moment was slecht, want veel opkomende markten kampten juist met een tekort op de lopende rekening en hadden kapitaalinjecties nodig. Zo kon het gebeuren dat krachtige opkomende landen, zoals Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika (de BRICS), door investeerders ineens “fragiele landen” werden genoemd. Er was alleen nog maar een trigger nodig om een massale uittocht in gang te zetten.

Dat gebeurde in januari, toen de productiecijfers van China tegenvielen, de Argentijnse peso ineens in waarde daalde en de Fed een verdere afbouw aankondigde. Dat tezamen veroorzaakte vanaf 23 januari een beroering die mondiaal de markten besmette en uiteindelijk leidde tot het omkeren van de kapitaalstroom, weg uit de opkomende landen.

Devaluatie van een munt en kapitaaluitstroom kunnen zorgen voor een verslechtering van de betalingsbalans en de valutareserves. Het heeft een positief effect op de export, maar een negatief effect op de inflatie – omdat de import duurder wordt – en op de schuld – omdat meer lokale valuta nodig zijn om schulden in vreemde valuta terug te betalen.

Martin Khor is directeur van het South Centre, een denktank voor ontwikkelingslanden.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!