Het schandaal van de 21ste eeuw: nog nooit was de kloof tussen rijk en arm zo groot
Nieuws, Samenleving, Armoede, Cuba, Economische crisis, Europese Unie, China, Tmd, Inkomensongelijkheid, Bezuinigingsbeleid, Kloof arm-rijk, Superrijken, Afbraak welvaartsstaat, Wereldkapitalisme -

Het schandaal van de 21ste eeuw: nog nooit was de kloof tussen rijk en arm zo groot

Schandalig rijken aan de ene kant en toenemende armoede aan de andere kant. De kloof tussen rijk en arm is geen uitspatting maar een system-error. Hoog tijd voor iets nieuws.

vrijdag 28 februari 2014 14:34

Rijker dan je denkt

Nog nooit heeft de wereld zoveel rijkdom geproduceerd als vandaag. Bij een gelijke verdeling van de rijkdom zou een gemiddeld gezin met twee volwassenen en drie kinderen wereldwijd een beschikbaar inkomen hebben van 2.870 euro per maand en een gezinsvermogen (spaargeld, waarde van een eigen huis, enz.) van 125.000 euro.[1]

Er is dus meer dan voldoende rijkdom om iedereen een meer dan fatsoenlijk leven te laten leiden, maar toch beschikt een op drie van de wereldbevolking over geen basis sanitair en een op vier over geen elektriciteit. Een op zeven leeft in een sloppenwijk, een op acht heeft honger en een op negen beschikt over geen drinkbaar water.[2] We kunnen het nog anders uitdrukken: bij een gelijke verdeling zou iedereen over 23 dollar per dag beschikken. Nochtans moeten 2,4 miljard mensen het doen met minder dan 2 dollar en 1,2 miljard zelfs met minder dan 1,25 dollar.

Het probleem is dus niet dat er te weinig rijkdom is, maar wel dat hij schandalig ongelijk verdeeld is. Het is bijna niet te geloven, maar 85 personen bezitten vandaag evenveel als 3,6 miljard mensen.[3] De 1 procent rijksten bezitten bijna de helft van alle rijkdom van deze wereld terwijl de 70 procent armsten het moeten stellen met 3 procent. Deze rijke stinkers hebben elk gemiddeld 1,6 miljoen dollar aan vermogen, dat is 700 maal zoveel als het gros van de wereldbevolking.[4]

De 1 procent rijksten bezitten bijna de helft van alle rijkdom van deze wereld terwijl de 70 procent armsten het moeten stellen met 3 procent.

Op de belastingparadijzen ligt een slordige 32.000 miljard dollar verborgen. Dat is 130 maal zoveel als wat jaarlijks nodig is om de millenniumdoelstellingen te bereiken en de ergste armoede uit deze wereld te helpen. Nooit eerder was de kloof tussen wat de wereldeconomie te bieden heeft en wat ze uiteindelijk aan behoeften vervult zo groot als vandaag.[5]

DeWereldMorgen.be

Het welvarende België

Dit schandaal beperkt zich niet tot de ontwikkelingslanden. In de rijke landen heb je een vergelijkbare kloof. In België is het gemiddelde beschikbare inkomen van een gezin met twee kinderen 8.000 euro per maand en is het gemiddeld vermogen van zo’n gezin een kleine 800.000 euro.[6] Ook dat zijn verrassend hoge bedragen. België is niet voor niets een zeer welvarend land, maar opnieuw, het zijn gemiddeldes die een extreem ongelijke verdeling verbergen.

Aan de ene kant bezit de 1 procent rijkste Belgen 40 maal zoveel als de gemiddelde Belg. De tien rijkste families van ons land beschikken samen over een vermogen van 42 miljard euro, ongeveer zoveel als de 2 miljoen armste Belgen. De families De Spoelberch, De Mévius en Vandamme hebben een vermogen dat precies evenveel is als het totale budget van de ziekteverzekering in 2012.

De tien rijkste families van ons land beschikken samen over een vermogen van 42 miljard euro, ongeveer zoveel als de 2 miljoen armste Belgen.

Aan de andere kant loopt 1 op 5 van de bevolking een risico op armoede of sociale uitsluiting. Eén op de 5 gezinnen met een laag inkomen moet medische zorg uitstellen omwille van financiële redenen.[7] En het is helemaal niet ongewoon dat mensen tegen een onmenselijk ritme moeten werken voor amper €1.300 per maand. Gezien de hoge welvaart en rijkdom van ons land is dat onaanvaardbaar.

De kloof tussen rijken en armen in België is nog nooit zo groot geweest en neemt nog steeds verder toe. De laatste twintig jaar daalden de inkomsten van de 30 procent armsten met 10 procent terwijl die rijkste procent hun inkomen zagen toenemen met 30 procent. Het aantal armen is in die periode verdubbeld.[8] Dat is het gevolg van twee zaken: ten eerste worden de uitkeringen en lonen bevroren of stijgen minder snel dan de welvaart en ten tweede krijgt het kapitaal als maar meer fiscale voordelen. De laatste dertig jaar zakte het loonaandeel in het bnp (nationale rijkdom) van 67 procent naar 62 procent, terwijl het kapitaalaandeel zijn aandeel bijna zag verdubbelen van 6 procent naar 10 procent.[9]
 

Geen crisis voor iedereen

De crisis is hier de grote boosdoener. Binnen het kapitalisme komt een crisis neer op een brutale en chaotische uitzuiveringskuur van de economie. De factuur wordt steevast doorverwezen naar de werkende mensen en de zwaksten van de samenleving. Een economische crisis is m.a.w. een prima middel om een transfer te organiseren van arbeid naar kapitaal, van arm naar rijk. De looninleveringen als gevolg van de crisis van de jaren tachtig zijn daar een goed voorbeeld van. Indien de lonen vandaag een even groot deel van het bbp zouden uitmaken als in 1981, dan zou elke werknemer circa 950 euro per maand meer krijgen.

Een economische crisis is een prima middel om een transfer te organiseren van arbeid naar kapitaal, van arm naar rijk.

De financiële crash van 2008 is daar een herhaling van. Door de crisis gingen alleen al in Europa vier miljoen jobs verloren. Wereldwijd werden 64 miljoen mensen in de extreme armoede geduwd.[10] In bijna alle landen van de Europese Unie nam de kloof tussen rijk en arm toe. In Ierland en Spanje was dat een bijzonder sterke toename.[11] Momenteel telt Europa 120 miljoen armen. Nog eens 100 tot 150 miljoen leven op het scherp van de snede. Het gaat in totaal dus om 43 tot 53% van de bevolking! En, een job hebben is niet meer voldoende. Een op tien van de werkende mensen in Europa leeft vandaag onder de armoedegrens.[12] 

Vooral in de perifere landen richtte de bezuinigingspolitiek sinds 2008 een ware ravage aan. De middeninkomens blijven niet langer gespaard. In Italië daalde de koopkracht met 12 procent, in Spanje en in Groot-Brittannië (!) met 22 procent en in Griekenland zelfs met 33 procent. In Portugal zakten de lonen met 12 procent en Griekenland tuimelden de lonen van de ambtenaren zelfs met 35 procent naar beneden. Vandaag leven 31 procent van de Grieken onder de armoededrempel en loopt nog eens 27 procent het risico op armoede. In Spanje zou de armoede tegen 2022 kunnen oplopen tot 40%.

Ook in België neemt de armoede steeds verder toe. Vandaag krijgen in dit welvaartsland 24.000 landgenoten voedselhulp van het Rode Kruis.[13] Hier loopt het echter zo geen vaart als in de perifere landen omdat we 541 dagen zonder regering zaten en er in die periode niet kon bezuinigd worden. Ten tweede staan de vakbonden bij ons sterker dan in de meeste buurlanden.

De crisis is in elk geval voor velen een harde noot om kraken, maar ze was een zegen voor de superrijken. Nog nooit waren er zoveel superrijken (vermogen van meer dan 22 miljoen euro) in de wereld. In Europa kwamen er 4.500 bij, in België 60. 1% De ‘heel rijke individuen’ (high-net-worth individual, met een investeringsvermogen van meer dan 1 miljoen dollar) zagen hun rijkdom sinds 2008 groeien met liefst 41%. Het is blijkbaar geen crisis voor iedereen.

De ‘heel rijke individuen’ zagen hun rijkdom sinds 2008 groeien met liefst 41%.

Een kwestie van beschaving

De kloof is een waar schandaal. Voor topeconoom Jeffrey Sachs is een grondige herverdeling van de rijkdom een kwestie van ‘beschaving’.[14] Maar er zijn ook sociale, economische en zelfs politieke redenen om de radicale strijd ertegen aan te binden. Vooreerst veroorzaakt de ongelijkheid binnen een land een heleboel nadelige effecten. Het verkort o.a. het leven van mensen en maakt ze ongelukkiger. Het verhoogt ook de criminaliteit, het aantal tienerzwangerschappen en drugsverslavingen, en het stimuleert overmatige consumptie.[15]

Grote ongelijkheid tussen bevolking veroorzaakt economisch gesproken een crisis omdat lage inkomens minder koopkracht betekenen, wat nadelig is voor de globale consumptie en dus ook voor de investeringen. Er is een belangrijke parallel met de grote depressie van de jaren dertig. Tussen 1920 en 1928 steeg het aandeel van de 5% rijksten van 24% naar 34%. Een jaar later was het prijs. In 1983 bedroeg dat 22% en in 2008 33%, precies het niveau van het jaar vóór de grote crash.[16]Omwille van dezelfde reden zijn besparingen geen goed idee. Zij vergroten de kloof verder en verlengen en verergeren daarom de crisis. Maar, misschien is dat juist de bedoeling?[17]

Tenslotte schuilt ook een sluipend politiek gevaar bij een te grote kloof tussen rijk en arm. De toegenomen economische ongelijkheid en de achteruitgang van de midden- en laagste inkomens veroorzaakt onrust bij brede lage van de bevolking. Volgens The Economist bestaat in minstens 65 landen een hoge tot zeer hoge kans tot onrust en rebellie, te vergelijken met die van de Arabische lente. Geen wonder dat de topelite in Davos, net als president Obama en de chef van het IMF of zich ernstig beginnen zorgen te maken.[18]

In minstens 65 landen bestaat een hoge tot zeer hoge kans tot onrust en rebellie, te vergelijken met die van de Arabische lente.

Zij hebben echter nog niet door dat het hier niet om uitspattingen gaat, maar dat we te maken hebben met een system-error of een ingebouwde constructiefout. Hoog tijd voor iets nieuws.

Annex: Het kan anders

China

De afgelopen twintig jaar was er wereldwijd een sterke afname van de extreme armoede ($1,25). Die was echter voor het overgroot gedeelte te danken aan de inspanningen van China op dat vlak. Een dergelijke massale uitroeiing van de armoede als in China is ongezien in de wereldgeschiedenis.[19]

Een dergelijke massale uitroeiing van de armoede als in China is ongezien in de wereldgeschiedenis.

Die sterke terugloop van armoede is vooral het gevolg van de stijgende lonen. Momenteel verdubbelt het loon in China om de zes jaar. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat het aantal middeninkomens in China heel sterk is gestegen. Op twintig jaar tijd zijn er ongeveer 800 miljoen Chinezen in de categorie van ‘middeninkomens’ ($2-13) terechtgekomen. Dat is zowat de hele bevolking van zwart Afrika.[20]

De afgelopen dertig jaar was de toename van de sociale ontwikkeling van China, gemeten door de Human Development Index (HDI) de hoogste van de hele wereld. Ze was driemaal zoveel als het wereldgemiddelde.[21]

DeWereldMorgen.be

Cuba

Cuba heeft een inkomen per inwoner dat zesmaal lager is dan de rijkste landen. Het land ondergaat ook de langste economische blokkade uit de wereldgeschiedenis. Desondanks behoort zijn gezondheidszorg tot de beste van de wereld. In Cuba moet niemand een operatie of een bezoek aan de tandarts uitstellen omdat hij of zij dat niet kan betalen. Prothesen en andere, bij ons onbetaalbare ingrepen, zijn er gratis.

Ook op het vlak van onderwijs scoort het eiland bij de beste van de wereld. Het percentage van de volwassen Cubanen die hoger onderwijs volgen is het tweede hoogst ter wereld, namelijk 95%.[22] Dat komt omdat het onderwijs, ook aan de universiteit, volstrekt gratis is. Op Cuba speelt de koopkracht geen enkele rol bij het al dan niet volgen van (hoger) onderwijs.

Globaal gesproken haalt Cuba als arm land op het vlak van sociale ontwikkeling (HDI) een score vergelijkbaar met België en zelfs beter dan Groot-Brittannië.[23]

DeWereldMorgen.be

Noten

Voetnoten

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!