Een provocatieve advertentie van de populaire banensite Vacature (foto: Flickr creative commons / just.Luc).
Nieuws, Economie, Samenleving, België, ABVV, ACV, Antidiscriminatie, Culturele diversiteit, Nahima Lanjri, Streefcijfers, Stefaan Peirsman, Philippe Diepvents -

Streefcijfers: de weg naar kleur op de werkvloer?

CD&V-Kamerlid Nahima Lanjri pleit voor de invoering van ‘slimme’ streefcijfers, waarmee de etnisch-culturele diversiteit op de werkvloer moet worden opgekrikt. Waar werkgeversfederaties nog altijd de voorkeur geven aan sensibiliseringscampagnes, staan de vakbonden beduidend positiever tegenover dit plan.

zaterdag 8 februari 2014 14:57

CD&V: streefcijfers, maar geen dwingende quota

Volgens Lanjri kan men de achterstandspositie van etnisch-culturele minderheden op de arbeidsmarkt niet wegnemen, als men vasthoudt aan een beleid dat louter gericht is op sensibilisering. De CD&V-politica pleit voor de invoering van streefcijfers die een afspiegeling zijn van de bevolkingssamenstelling, zowel in de publieke als de private sector.

In de resolutie waarin Lanjri met partijgenoot Stefaan Vercamer dit voorstel doet wordt stellig benadrukt dat het CD&V geen dwingende quota wil invoeren. Deze zijn volgens beide politici onvoldoende fijnmazig. Ook zouden quota een stigmatiserende werking kunnen hebben, doordat allochtonen om andere reden dan hun kwaliteiten worden aangenomen.  

Bovendien is het invoeren van dwingende quota volgens Lanjri eigenlijk niet noodzakelijk. “Als men niet direct een boete oplegt, wil dat niet zeggen dat het beleid niet gaat werken. Het gaat er vooral om dat men realistische doelstellingen maakt en die probeert na te streven”, stelt zij.

Dat streefcijfers die niet gekoppeld zijn aan sancties effect kunnen hebben, wordt volgens Lanjri bewezen door het aanwervingsbeleid van de stad Antwerpen. “In Antwerpen hebben we de afgelopen zes jaar een verdubbeling gekend van het aantal werknemers met een migratieachtergrond: van zes naar twaalf procent. We zijn er nog niet, maar het is een pak vooruit.”

Volgens Lanjri is inmiddels een op de drie werknemers die door de stad Antwerpen wordt aangeworven van allochtone afkomst. “Zonder dat we de lat lager leggen. Op alle niveaus zijn er immers genoeg mensen te vinden die de capaciteiten hebben. Of het nou om de aanwerving van juristen, of medewerkers van de veegdiensten gaat.”

Socio-economische monitoring

Ook de Vlaamse overheid hanteert een streefcijfer voor het aantal werknemers van allochtone afkomst: dit cijfer ligt momenteel op 4 procent. Eind 2012 lag het aantal werknemers met een migratieachtergrond op 3 procent.

Een anonieme en geautomatiseerde telling – ter aanvulling op de vrijwillige registratie van personeel van allochtone afkomst – door de dienst Emancipatiezaken van de Vlaamse Overheid toonde eind 2013 aan dat de teller inmiddels op 3,8 procent stond. Een veelbelovend resultaat, zo stellen Lanjri en Vercamer.

Bij deze nieuwe telmethode – ook wel socio-economische monitoring genoemd –  worden rijksregisternummers van personeelsleden gekoppeld aan federale databanken zoals de Kruispuntbank Sociale Zekerheid of het Rijksregister, om zicht te krijgen op de herkomst van de personeelsleden. Het voordeel van de methode is volgens Lanjri dat deze objectiever en nauwkeuriger is, aangezien niet iedere allochtoon zich vrijwillig registreert.

De CD&V-politica wil daarom dat deze telmethode, door medewerking van sociale partners, nu ook wordt ingevoerd in de private sector. Ook hier moeten concrete en realistische streefcijfers worden afgesproken voor het te behalen aandeel werknemers met een migratieachtergrond.

ACV: streefcijfer Vlaamse overheid sterk achterhaald

Stefaan Peirsman, coördinator diversiteit bij de christelijke vakbond ACV, plaatst echter een kanttekening bij het streefcijfer van de Vlaamse overheid. Dit cijfer is volgens hem allang niet meer representatief.

“Op basis van de socio-economische monitoring zou dit percentage inmiddels rond de 10 procent moeten liggen. We hebben erop aangedrongen het huidige streefcijfer wordt verhoogd, maar minister Geert Bourgeois heeft laten weten dat daarover deze legislatuur niet meer beslist zal worden.”

Een vergelijkbaar betoog werd eind vorig jaar gevoerd door de commissie Diversiteit van de Sociaal Economische Raad van Vlaanderen (SERV). “Uit cijfers van 2008 blijkt dat 9,1% van de Vlaamse werkende bevolking tussen 18 en 60 jaar van allochtone afkomst is. In 2013 is dit aandeel zeker nog toegenomen. De ambities van de Vlaamse overheid om deze doelgroep tewerk te stellen moeten dan ook dringend worden bijgestuurd”, stelde Ann Vermorgen, voorzitter van SERV.

Vakbonden: diversiteitsplannen te vrijblijvend

Het CD&V-voorstel om ook streefcijfers te introduceren binnen de private sector kan op steun rekenen van het ACV. “Nu gebeurt alles op vrijwillige basis: een bedrijf stelt een diversiteitsplan op en bepaalt met de natte vinger zijn doelstelling. Zeker nu we de socio-economische monitoring hebben, kunnen we per sector streefcijfers opstellen”, stelt Peirsman.

Volgens Philippe Diepvents, werkzaam bij studiedienst van de socialistische vakbond ABVV, bieden streefcijfers ook de mogelijkheid om de resultaten van diversiteitsplannen te meten. Via deze plannen kunnen werkgevers immers een subsidiebedrag van de Vlaamse overheid ontvangen, waarmee concrete acties rond het stimuleren van diversiteit moeten worden uitgevoerd.

“We kunnen nu te weinig zien wat het effect van de diversiteitsplannen is. Ook daarom is het wenselijk dat bedrijven een kwalitatief engagement voor de aanwerving van minderheden aangaan”, stelt Diepvents.

Het enthousiasme bij de werkgeversfederaties voor de introductie van streefcijfers is echter ver te zoeken. “Er zijn ook problemen met het aantal oudere werknemers, met gehandicapten… Gaan we daar allemaal streefcijfers voor maken?”, vroeg Karel Van Eetvelt van ondernemersorganisatie Unizo zich hardop af in het programma De Zevende Dag.

“Unizo geeft de voorkeur aan het sensibiliseren van werkgevers, maar dat doen we al zo lang”, reageert Peirsman. “Het blijft gewoon zo dat kansengroepen, niet alleen allochtonen, in België onderaan de ladder blijven bungelen. Ondanks diversiteitsplannen en een vrij goede wetgeving op discriminatie.”

Diepvents vindt de reactie van Unizo op het CD&V-plan voorspelbaar, aangezien de werkgeversfederaties een “allergie hebben voor alles wat ruikt naar verplichtingen”.

Het achterliggende probleem is volgens hem dat de oorzaken van het gebrek aan diversiteit nog altijd worden gezocht in het individu. “Word je niet aangeworven als allochtoon? Dan komt dat door je lage diploma, denkt men.”

“Ook de minister van Werk benadrukt telkens weer dat mensen de kansen moeten grijpen om zichzelf te ontwikkelen. Maar het probleem gaat veel verder dan wat je als individu kunt doen.”

“Het blijft vaak steken op sensibilisering. Maar als we geen enkele gradatie inbouwen, gaan we nooit ergens geraken”, stelt Diepvents.

Als de werkgeversorganisaties blijven tegenstribbelen, is het volgens Diepvents aan de overheid om streefcijfers in de private sector te introduceren. Bovendien heeft de federale overheid volgens hem al een precedent geschapen met de introductie van CAO 104. Deze overeenkomst, die per 2013 is ingegaan, verplicht bedrijven een doelstelling te formuleren met betrekking tot de aanwerving van 45-plussers.

De recente suggestie het Minderhedenforum om streefcijfers te koppelen aan een dwingend beleid voor werkgevers, wekt minder enthousiasme op bij de vakbonden. Peirsman: “Ik begrijp dat het Minderhedenforum ongeduldig wordt, maar als we de discussie op tafel willen leggen moeten we niet meteen beginnen met sancties.”

Diepvents geeft aan dat het ABVV door de geschiedenis heen nooit echt enthousiast is geweest over ‘echte’ quota. “We vragen ons ook af of dat werkt.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!