'Feel my love', een warm portret van mensen met dementie.
Nieuws, Wereld, Samenleving, Cultuur, Documentaire, Recensie, Dementie, Griet Teck, Internationaal Film Festival Rotterdam, IFFR, Feel My Love -

‘Feel my love’, sterke Vlaamse documentaire verrast Rotterdam

Verbazing op het Internationaal Filmfestival van Rotterdam toen documentaire 'Feel my love', debuut van Vlaams cineaste Griet Teck, op weg leek om de publieksprijs te behalen. Uiteindelijk won Oscar-kandidaat 'Nebraska' van Alexander Payne. Met een vierde plaats hield Tecks liefdevol portret van mensen met dementie kleppers als Spike Jonze en Jim Jarmusch achter zich.

woensdag 5 februari 2014 16:30

“Je bent een monster maar je bent lief” zegt de dementerende bejaarde Anne tegen haar levenspartner Georges in Michael Haneke’s fictiefilm Amour. “Dat is een compliment” reageert een begeleidster die in Griet Tecks documentaire Feel my love van een bewoonster met dementie te horen krijgt “Gij zijt geen juste”.

Er is iets dat de Gouden Palmwinnaar Haneke verbindt met de publiekslieveling van Rotterdam. Aandacht voor de complexiteit van dementie, empathie voor mensen die dagelijks strijd voeren tegen de ziekte, respect voor fragiele menselijke wezens en een sobere regie die stijl in functie stelt van inhoud.

Haneke’s pijnlijk mooie kroniek van liefde, ziekte en ouderdom hakte er twee jaar geleden stevig in bij het arthousepubliek. Het is dan ook niet onverwacht dat Tecks intiem portret van mensen met dementie de Rotterdamse festivalgangers naar adem liet happen. Wie er in slaagt complexe gevoelens over te brengen weet een publiek te raken.

Verrassing en publiekslieveling

De Nederlandse pers staat nog altijd verbaasd (en verweesd) te kijken naar het recente succes van de Vlaamse film. Ze reageerde ook nu verrast toen een nobele onbekende – de aan het Gentse KASK afgestudeerde Griet Teck (1982) – uitpakte met een opmerkelijk volwassen debuut.

Deze door Wild Heart Productions[1] samen met enkele andere producenten geproduceerde documentaire Feel my love is geen eerste vingeroefening maar een stevig visitekaartje. Daar wou de Nederlandse geschreven en audiovisuele pers het fijne van weten. Het regende interviews. Het publiek schuurde van zijn kant massaal de (hoogste quotering) ‘vijf’ op de poll-kaartjes. In een persmededeling achteraf vond Teck dat “erg verrassend, omdat dementie niet bepaald een sexy onderwerp is”.

Meteen gaf ze ook een mogelijke verklaring: “Ik denk dat mensen de lichtheid waarderen waarmee ik een zwaar thema in beeld breng. Vaak wordt er gekeken naar wat mensen met dementie niet meer kunnen. Met deze film wil ik tonen wat er wèl mogelijk is, ik wil de mensen achter de beperking tonen”. Het is geen toeval dat Teck koos voor deze invalshoek, voor een positieve en empathische insteek en niet voor bijvoorbeeld de moraliserende, bewust verschrikking en walging oproepende, aanpak van de Oostenrijker Ulrich Seidl in Import/Export.

De cineaste heeft een broer bij wie op jonge leeftijd autisme en een ernstige mentale beperking werd vastgesteld en in haar relatie met hem leerde ze dat contact wèl mogelijk is wanneer men verder kijkt dan de ‘beperking’. Een visie waarin het glas half vol is en respect voor ‘anders zijn’ cruciaal blijft en gepaard gaat met tederheid.

De andere kant van de medaille

Deze eigen levenservaring leidde tot de kortfilm Johan én een kennismaking met Carla Molenberghs, directrice van het in Oosterlo gelegen Huis Perrekes, waar mensen met dementie begeleid wonen. Zij nodigde Teck uit voor een bezoek. Dat maakte zo’n indruk dat ze er als cineast mee aan de slag wou.

Hoewel de bewoners vaak in een parallel universum lijken te leven voelde Teck “een immense zee van rust, van ‘zijn’. Als je voorbij de afnemende mogelijkheden durft te kijken en te voelen, gaat er een wereld open waarbij een ontmoeting mogelijk is, op een totaal andere manier dan het gangbare”.

Teck besloot op zoek te gaan naar “de andere kant van de medaille” en volgde drie jaar lang de bewoners van Huis Perrekes. Niet met een grote crew maar alleen met een camera. Bescheiden en respectvol. Niet als een auteur maar als een getuige. Haar ‘fly on the wall’ aanpak toont ons het dagelijks leven in een huis waar mensen uit verschillende stadia van het dementieproces samenleven met begeleiders, familieleden en Bolleke, een vrolijk en sociaal hondje.

Daarbij komen ochtend- en avondrituelen in beeld, zien we mensen gewassen worden en afwassen, zijn we getuige van een verjaardagsfeestje-met-geschenk, worden er in stilte aardappelen geschild en leven bewoners (onder impuls van een muziektherapeute) op door zang en pianospel.

Muziek blijft wanneer het geheugen gaat

Muziek is belangrijk voor de bewoners maar speelt ook een belangrijke rol in deze rustig op het ritme van de seizoenen en de overgang van dag naar nacht meanderende documentaire. Feel my love is muzikale, emotionele cinema en sluit niet toevallig af met de ‘voel-mijn-liefde’-samenzang die aan de basis lag van de filmtitel.

Dit is een film die je vooral moet voelen. Het zou kunnen dat sommigen een beetje ‘expositie’ missen. Er is immers geen uitleg over de historiek, de filosofie en de werking van Huis Perrekes. De bewoners Louise, Bes, Denise, Louisa, Betty, Rosa en Jean krijgen geen background, op enkele foto’s van ‘mijn broertjes’ na. Ook die portretten illustreren echter vooral het gekrompen referentiekader van de bewoners.

Zo leven we mee met mensen die ook niet altijd ten volle lijken te beseffen waar ze zijn. Op “dit is je kamer” reageert een van hen “maar ik ben toch niet thuis”. “Nee, je bent in Oosterlo” zegt haar begeleider. “Waar is dat?” “In Oosterlo”. De dialogen hebben vaak iets surrealistisch. “Gij zijt mijne lieve vriend, weet ge dat” krijgt Jean te horen. Zijn repliek: “Ik ben blij voor u”. Ook hier klinken de emoties door. Vriendschap, liefde, tederheid, dankbaarheid.

“Ik ben blij dat ik u ken”. Maar ook “het is intriest”, “ik ben verward, ik onthou niets”, “wie heeft nu gèèn schrik van onweer” en “ik wou dat ik de pijn kon wegtoveren maar ik ben geen tovenaar”.

Tederheid en geluk

Vreugde en verdriet, geluk en pijn, leven en dood liggen dicht bij elkaar. Na de geboorte van een lammetje klinkt een even gelukzalig als melancholisch “ik zie toch zo graag dieren, liever dan mensen”. Gevolgd door een scherpe dialoog. “Je bent gelukkig hé?” “Ja, op mijn manier”. 

Op hun manier zijn alle bewoners van Huis Perrekes best wel gelukkig. Dat heeft veel te maken met de tedere, intieme band tussen bewoners, familieleden en personeel. Er wordt gepraat, gestreeld, gezongen, genoten en gelachen, samen. Er wordt echter ook getreurd. De dood komt immers op bezoek en Bolleke moet op zoek naar een nieuwe mensenvriend. Dat doet ie dartel in de sneeuw. Het leven gaat door, ook wanneer het even gestopt is.

Griet Teck benadert dit ‘zware onderwerp’ met een aanstekelijke lichtheid en toont ons een fascinerende wereld waar plaats is voor menselijke contacten, maar ook voor angst, vrolijkheid, stilte, sereniteit, pijn en tristesse. En voor nuance. Maar zeker ook voor humor. Vaak in kleine momenten. Zoals wanneer de muziektherapeute Gershwins ‘Summertime’ lanceert en “mmmmmmmmmm” murmelt i.p.v. “and the livin’ is easy” te zingen waarop een bewoonster inhaakt met “ja, da’s nogal zever, hé!”. Feel my love is wondermooie cinema. Iets voor de betere cinema of voor onze huisbioscoop.

Trailer van ‘Feel My Love’:

Voetnoten

  • [1]Wild Heart Productiorns is de drijvende kracht achter een andere briljante documentaire, de in 2013 Oscargenomineerde ‘The Gatekeepers’ van Dror Moreh.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!