Pulpzusje - Girl
Opinie, Nieuws, Politiek, Cultuur, België, Identiteit, Rwanda, Kunst, Gender, Irak, Lieven DE CAUTER, Bart de wever, Libanon, Syrië, Culturele verschillen, Filosofie, Burgeroorlog, Politieke islam, Theodor Adorno, Identiteitsdenken, Alain de Benoist, Deltastichting, Joodse denkers, Amin Malouf, Historieromans -

Afscheid van de identiteit

Cultuurfilosoof Lieven De Cauter kant zich tegen het identiteitsdenken. "Identiteiten op basis van verschil leveren niets anders op dan clichés en gezwets." En erger: "Identiteit komt in een moordende logica terecht, zodra ze politiek wordt. Kijk naar Irak, kijk naar Libanon."

vrijdag 10 januari 2014 12:10

Dit stuk is een statement voor een debat met Peter De Roover, chef-politiek van Doorbraak en erevoorzitter van de Vlaamse Volksbeweging, en Andreas Tirez, van Liberales, in de Deltastichting – een denktank geïnspireerd door het nieuw-rechtse gedachtegoed van Alain de Benoist – in Leuven op 19 november 2013.

Natuurlijk is het ook en vooral een soort filosofische open brief aan Bart De Wever (N-VA) met het oog op de moeder van alle verkiezingen. De stelling luidt: ‘Identiteitspolitiek moet, zeker op dit moment in de geschiedenis, filosofisch uitgeroeid worden. Of anders zullen we elkaar uitroeien’.

“Identiteit bestaat op de keeper beschouwd niet. Het is een gevaarlijke fictie. Om drie redenen”

Ten eerste – simpel gezegd: je bent niet, je wordt. Het begrip ‘identiteit’ tracht die ‘wording’ te fixeren in een ‘zijn’. Hegel had dat goed begrepen. In zijn ‘logica’ herontdekt hij de oeroude dialectiek: dag en nacht zijn weliswaar oertegenstellingen (zoals in ‘dat is een verschil van dag en nacht’) maar, evenzeer is waar: dag is onderweg naar nacht, nacht naar dag. Dialectische wording.

De identiteit (op een hoger plan) inzien van de tegenstellingen (tussen materie en geest, tussen het vluchtige en het eeuwige, tussen man en vrouw, etc.) is wat sinds Lao Tze inzicht heet. Maar ook daar, in de diepste lagen en hoogste regionen van het denken (waar ik niet al te lang kan vertoeven zonder luisteraars te verliezen), is identiteit nog gevaarlijk.

Adorno (oei, Adorno, dat gaat hier moeilijk worden en ik heb daarover nog een appeltje te schillen met meneer De Wever, die tuut is, dat hij de handschoen niet opgenomen heeft! Nu goed, Adorno:) heeft van het niet-identieke, tegen Hegel in, een van de kernbegrippen van zijn denken gemaakt. Dus voor de duidelijkheid is het ook goed om te kiezen.

Ik kies in het debat over identiteit bewust voor de wording, voor het niet-identieke, voor de differentie van het verschil (met Derrida) het uitstellen van het verschil, het weigeren het verschil te fixeren tot een identiteit. Mannen zijn …, vrouwen zijn …, Vlamingen zijn …, Hollanders zijn … – dit soort identiteiten op basis van verschil leveren niets anders op dan clichés en gezwets.

Die tegenstelling tussen ‘zijn’ tegenover ‘wording’, komt terug in de al bijna even oude en verhitte discussie over natuur en cultuur. Natuurlijk zijn er de genen (natuur), maar er is toch vooral ook geschiedenis (cultuur). In het debat tussen nature and nurture moeten we kiezen voor nurture omdat vele stereotiepen worden genaturaliseerd (denk aan gender: man/vrouw-patronen zijn voor het overgrote deel culturele constructen en resultaat van een socialiseringsproces).

“Die tegenstelling tussen ‘zijn’ tegenover ‘wording’, komt terug in de al bijna even oude en verhitte discussie over natuur en cultuur”

Identiteit is de naturalisatie, de projectie, fixering in een ‘natuur’ van culturele socialisering en wordingsprocessen. Dat brengt ons bij het tweede punt: identiteit (ik verander niet elke dag, dus er is wel degelijk een permanentie, een ‘zijn’ in en onder de ‘wording’) is ‘meerlagig’, dus eerder een pluraliteit.

Het lijkt me bijna overbodig om dit uit te leggen aan de hand van een concreet voorbeeld, maar goed, hier gaan we: ik ben naast man, ook vader. Huisvader, maar ook bon vivant, misschien zelfs libertijn. Ik denk naast ‘Vlaams’ ook Grieks (want filosoof) en Joods (want veel Joodse denkers bestudeerd en natuurlijk ook het evangelie, ja van die Joodse goeroe uit Nazareth, over de kabbala – honderden bladzijden Scholem gelezen – tot Marx en Freud, en Benjamin en Adorno of Derrida).

Ik ben naast activist ook estheet. Ik ben weliswaar heteroseksueel, maar heb oog voor het biseksuele in ons allen en in al onze relaties. Enzoverder, enzovoort.

Om kort te gaan: identiteit moet je niet fixeren maar verrijken. Daarom ook is ‘identiteit’ een relationeel concept: het wordt opgebouwd in relatie tot anderen (dat benadrukt ook Alain de Benoist, bij de Deltastichting welbekend, in zijn lezing On identity, die ik gevonden heb via jullie website).

Identiteit is in feite een sociaal masker (een conventie). Daarom zeg ik aan de jongeren: “zoek niet zozeer uw identiteit, maar bevrijd er u van door zoveel mogelijk je identiteit te verrijken, andere identiteiten aan te nemen, je identiteit om te bouwen tot een pluraliteit. Probeer niet gelijk te worden aan het beeld van anderen van jezelf, maar breek die sociale spiegel open. Verzet je tegen conformisme, ook je eigen neiging om je te conformeren aan modellen, modes, enzovoort.”

Collectieve identiteit is, volgens onze (jullie) Alain de Benoist, onbewust tot de komst van de moderniteit, die oude tradities en overleveringen wegwist, dus pas in de moderniteit en zeker in het kapitalisme (dat alles wegwist door de equivalentie van het geld), wordt identiteit en vooral collectieve identiteit een probleem. Met de globalisering is het nog erger geworden: we beleven een epidemie van identiteitspolitiek.

En dat brengt ons bij dus ons derde punt: identiteit is een verboden woord omdat het de basis vormt van identiteitspolitiek. De onbewuste identiteit wordt in de identiteitspolitiek bewust ingezet voor politieke doeleinden en wordt zo een karikatuur van zichzelf.

“De onbewuste identiteit wordt in de identiteitspolitiek bewust ingezet voor politieke doeleinden en wordt zo een karikatuur van zichzelf”

Sociologische (of antropologische) pluraliteit (of plurale eigenheid) wordt politiek omgesmeed tot identiteit, in vele gevallen nationale (maar het kan ook een religieuze of etnische identiteit zijn), via ficties en fixaties. Fixaties: de hardwerkende Vlaming tegenover de luie Waal, de Bourgondische Belg tegen de krenterige Hollander.

Ficties: de heldhaftige nationale geschiedenis en de eigen grootste cultuurproducten worden ‘genationaliseerd’ – Bruegel [sic!] bestond voor België en heeft dus met België of zelfs Vlaanderen weinig of niks te maken. Zo worden ze politiek gebruikt om een (continue) identiteit door de eeuwen heen te creëren, te simuleren eigenlijk.

Niets aan de hand, zou je zeggen. Maar, identiteit die politiek wordt, is uiterst gevaarlijk. Identiteitspolitiek denkt in termen van wij en zij. De politieke islam, het fundamentalisme is een karikatuur van de islam, maar juist daarom zo gevaarlijk: heidenen of erger nog renegaten zijn erger dan Turken, dus uitmoorden die anderen om de zuivere identiteit te stichten van de religieuze heilsstaat, het kalifaat.

“Identiteitspolitiek denkt in termen van wij en zij. De politieke islam, het fundamentalisme is een karikatuur van de islam, maar juist daarom zo gevaarlijk”

Identiteitspolitiek wordt heel snel moordend (naar het prachtige essay van de grote romancier Amin Malouf: Identités meurtrières – als Libanese christen wist Malouf waarover hij het had). Voorbeelden (naast Libanon): Rwanda, Irak, Syrië.

Identiteitspolitiek voedt de burgeroorlog en voedt zichzelf met die burgeroorlog. En dat, juist dat, dames en heren, kunnen we op dit moment in de geschiedenis missen als kiespijn. Identiteit komt in een moordende logica terecht, zodra ze politiek wordt. In Irak trouwden soennieten en sjiieten onder elkaar, maar eens de identiteitspolitiek (ingevoerd door de Amerikanen) hen in de greep had, moesten die koppels scheiden en brak een burgeroorlog uit. Die is nog steeds latent, of volgens sommigen gewoon bezig.

Dat is het probleem met de burgeroorlog: eens de geest uit de fles, blijft hij altijd latent smeulen. Denk aan Beiroet. Kan op elk moment ontploffen. In elk huis zijn wapens … Politiek is het vermijden van burgeroorlog. Het verschil tussen sjiieten en soennieten is voor buitenstaanders onbegrijpelijk. Dat noemt Appadurai (met Freud): ‘het narcisme van het kleinste verschil’: ik haat de ander omdat hij net niet is wat ik ben. Hij komt zo dicht bij mij dat hij mijn identiteit bedreigt.

“Dat is het probleem met de burgeroorlog: eens de geest uit de fles, blijft hij altijd latent smeulen”

Het verschil tussen Vlamingen en Walen? Ik zou het niet weten. Als ik in mijn geliefde Ardennen ben, kan ik werkelijk niet zeggen wat daar vreemd aan is. Wat is dat verschil? Probeer het maar eens aan een buitenlander uit te leggen. Good luck. Niet dat we verschillen moeten uitwissen, maar door ze te denken, niet in termen van identiteitsdenken, maar in termen van differentiedenken (differentie is niet alleen verschil, maar ook en vooral uitstel).

Bijvoorbeeld: man en vrouw zijn verschillend, maar laat ons in godsnaam dat verschil niet objectiveren, verdinglijken of naturaliseren tot een vaststaande identiteit maar ‘differeren’: uitstellen.

Een analoog debat als dat tussen wording en zijn of tussen natuur en cultuur, is dat tussen Romantiek en Verlichting. Moderniteit is, zoals gezegd, verlies van traditie, identiteitsverlies, daarom is de golf van identiteitspolitiek die we nu beleven een reactie op globalisering (als eenheidsworst). Ook ‘uw’ Alain de Benoist wijst het kapitalisme aan als grote boosdoener in het verlies aan (collectieve) identiteit. Het valt moeilijk te ontkennen.

“Ook ‘uw’ Alain de Benoist wijst het kapitalisme aan als grote boosdoener in het verlies aan (collectieve) identiteit”

In globalisering is er altijd een verlies aan identiteit. Wat we nodig hebben is echter een dialectiek tussen Romantiek en Verlichting. De ene kan niet zonder de andere, is Rousseau Verlichting of Romantiek? Beide. Het zou ons te ver leiden om dit verder uit te werken, maar u hebt een idee.

Wat we moeten doen, is niet romantisch vasthouden aan een verloren identiteit die we projecteren in een geïdealiseerd verleden of een utopische toekomst (als herstel van dat verleden, zoals in het nationalisme of mutatis mutandis in het fundamentalistisch kalifaat), maar onze identiteiten vermenigvuldigen door de rijkdom van de verscheidenheid te omhelzen en de wording van de globalisering te affirmeren. We moeten steeds opnieuw afscheid nemen van onze identiteit.

Identiteitspolitiek is altijd slechte romantiek: ze wil geen verbreding, maar een fixatie op een voor een groot stuk fictieve nationale, religieuze of etnische identiteit: de uitvinding van traditie, de uitvinding van een groots verleden met helden als Jan Breydel en Pieter Deconinck, … wee uw gebeente als je daar mee lacht. Cultuur moet een nationale identiteit voorspiegelen.

Tom Lanoye mag van De Wever De Leeuw van Vlaanderen geen ‘kutboek’ noemen, en de voorgestelde naamsverandering van het Deconinckplein (van Pieter naar Herman) maakte hem razend. Maar kunst leent zich niet tot nationale mythes en identiteitsbouw. Omdat, om bij ons voorbeeld te blijven, romans juist het genre bij uitstek zijn van de innerlijkheid, van dubbelzinnigheid, van de twijfel.

Nationalistische romans zijn als de historieschilderijen die in de kelders van onze musea liggen te verschalen als oude draken: slechte kunst. Kunst in dienst van een culturele nationale identiteit is nepkunst (meneer De Wever).

Culturele identiteitspolitiek wil kunstenaars en intellectuelen vroeg of laat het zwijgen opleggen voor het politieke doel. En dat is verwerpelijk. Kunst en cultuur zijn geen glijmiddel.

“Culturele identiteitspolitiek wil kunstenaars en intellectuelen vroeg of laat het zwijgen opleggen voor het politieke doel. En dat is verwerpelijk”

Daarom, drie conclusies, drie programmatische strijdpunten: 1) tegen identiteitsdenken (of identiteitsfilosofie) 2) voor ‘pluraliteits-denken’ (denken niet in identiteit, maar in wording, differentie en meervoudigheid), en 3) vierkant tegen elke vorm van identiteitspolitiek!

Identiteitspolitiek moet, zeker op dit moment in de geschiedenis, filosofisch (!) uitgeroeid worden. Of anders zullen we elkaar uitroeien. (Ik dank u.)

Lieven De Cauter is cultuurfilosoof en lid van de Vooruitgroep.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!