De niet erkende Bedoeïenendorpen in de Naqab of Negev
Opinie, Nieuws, Politiek, Palestina, Israël, Etnische zuivering, Negev, Bedoeïenen, Prawer-Begin-wet, Solidarity with Bedouins, Naqab, Judaïsering -

Bedoeïenen in de Naqab/Negev woestijn: dromen en nachtmerries

Donderdag 17 oktober kwam een honderdtal mensen samen in het Europees Parlement voor een seminarie over de Bedoeïenen in Israël. Op tafel lagen de plannen van de Israëlische overheid om de Bedoeïenenbevolking in de Negev/Naqab woestijn in zuidelijk Israël te herlokaliseren.

vrijdag 18 oktober 2013 13:59

Gastheren van het seminarie waren de Socialists & Democrats Group (S&D Group) in het Europees Parlement en Solidarity with Bedouins, een groep Belgen die in april 2013 een solidariteitsfietstocht maakten doorheen de Israëlische woestijn. Véronique De Keyser van de S&D Group zat het panel voor. Te gast waren twee vertegenwoordigers van de Bedoeïenen, Khalil Al Amour en Sanaa Ibn Bari, en de Israëlische journalist Michel Warschawski.

Bedoeïenen in de Naqab/Negev

Vooraleer het panel van start ging, kreeg het publiek een kort filmverslag te zien van de solidariteitsfietstocht. Deze tocht deed verschillende niet-erkende bedoeïenendorpen in de Naqab/Negev aan. De fietsers wilden hiermee hun solidariteit betuigen en de situatie van de 43 niet-erkende Bedoeïenendorpen onder de aandacht brengen.

In het filmpje zien we mensen uit deze dorpen zingen, bomen planten, water halen en samen een gemeenschap opbouwen. Maar we zien ook een culturele minderheid in Israël, die geen enkele ondersteuning krijgt vanwege de autoriteiten: geen infrastructuur, geen scholen, geen water, geen riolering, geen elektriciteit, geen…

“Israel wil van de Naqab een toeristische attractie maken”, vertelt een Bedoeïen voor de camera. “Elk huis loopt het risico vernietigd te worden en de bewoners dreigen geherlokaliseerd te worden”

De Joodse bewoners van de woestijn genieten een heel andere behandeling. Terwijl bestaande Bedoeïenendorpen niet erkend en met vernieling bedreigd worden, worden Joodse dorpen en boerderijen wel erkend en ondersteund. Zo ontstonden ondertussen al meer dan 100 Joodse nederzettingen in de Naqab/Negev.

Herlokalisatie naar de Sigay-zone

Khalil Al Amour, dorpsverantwoordelijke van het Bedoeïenendorpje Al Sira, geeft een korte presentatie over de geschiedenis en huidige situatie van de Bedoeïenen in de Israëlische woestijn.

Het bestaan van de Bedoeïenengemeenschappen in de regio gaat terug tot de 7de eeuw. De gronden werden sindsdien van generatie op generatie overgedragen, maar het eigendomsrecht is gebaseerd op tribale wetten en gewoonten. Het gebrek aan officiële registratie van eigendom maakt de Bedoeïenen vandaag kwetsbaar ten opzichte van het Israëlisch beleid.

Als gevolg van de Nakba en de stichting van Israël in 1948, bleven slechts 12 procent van de oorspronkelijke Bedoeïenenbevolking in de Naqab/Negev over. De 11.000 overblijvers werden samengedreven in de Sigay-zone, op 10 procent van de oorspronkelijke gronden van de Bedoeïenen.

Een ‘alomvattende aanpak’

In de twee decennia volgend op 1969 trachtte de Israëlische overheid in een ‘alomvattend aanpak’ de Bedoeïenen samen te drijven in zeven door de staat opgerichte townships. De overheid bood percelen grond aan in deze townships voor de Bedoeïenen die bereid waren om de aanspraak op hun landeigendom op te geven.

Vandaag wonen 105.000 Bedoeïenen in deze stedelijke townships. De resterende 95.000 Bedoeïenen in de Negev/Naqab leven in de 43 niet-erkende dorpen en in 10 dorpen die in het proces van erkenning zijn.

Niet-erkende Bedoeïendorpen

Khalil Al Amour, afkomstig uit het niet erkende Al Sira, legt uit wat het betekent om niet-erkend te zijn. Zijn dorp staat op geen enkele officiële kaart. De dorpsleden hebben daarom hun eigen kaart getekend. Er zijn ook geen plaatsborden. Het bord op de foto is geplaatst door de gemeenschap, in dezelfde stijl als de officiële borden. Maar niet-erkenning gaat over “to be or not be”, zegt Al Amour.

“Elke dag lopen we het risico dat ons huis vernield wordt.  We hebben geen infrastructuur, geen scholen, geen gezondheidszorg, geen elektriciteit, geen water en de levensomstandigheden zijn heel armoedig. Maar we hebben er genoeg van de rol van slachtoffer te spelen. We verenigen ons en demonstreren voor onze rechten. Verder versterken we de eigen gemeenschap. We bouwen onze eigen infrastructuur.”

Het Prawer-Begin-plan

Sanaa Ibn Bari, advocate bij het Negev Coexistence Forum, doet uit de doeken wat het Prawer-Begin-plan inhoudt. Het voorziet om rond de 70.000 inwoners van de niet-erkende dorpen onder dwang te verplaatsen naar geplande gemeenschappen. Daarbij zullen meer dan 8.000 dunums (800 vierkante kilometer) land geconfisqueerd worden door Israël.

“Het Prawer-Begin-plan is het vervolg van het Israëlisch beleid sinds 1948: landconfiscatie, geforceerde urbanisering en concentratie van het Palestijnse volk.”

Het plan is in een wet gegoten, waardoor het verdrijven van de Bedoeïenen in de Naqab/Negev gelegaliseerd zal worden. Als de wet wordt aangenomen, zal het bestaan van de Bedoeïenengemeenschap in de zuidelijke woestijn van Israël ernstig bedreigd worden.

Alternatief masterplan

De betrokken Bedoeïenen zijn op geen enkele manier geconsulteerd in de Prawer-Begin-wet. Bovendien is de wet discriminerend, omdat ze specifiek en alleen de Bedoeïenen treft. Ibn Bari klaagt aan hoe deze bevolking steeds als een ‘probleem’ of een ‘gevaar’, dat ‘opgelost of ‘verdreven’ moet worden, wordt omschreven en behandeld.

De gemeenschap eist dan ook inspraak in het Israëlisch beleid. Daarom ontwikkelde ze zelf een alternatief masterplan voor de niet-erkende dorpen. Dit alternatief plan schetst een proces om deze dorpen in hun bestaande locaties te herkennen en hen de infrastructuur en diensten waarop alle Israëlische burgers recht hebben, te verschaffen. Het is gebaseerd op de Israëlische stedenbouwkundige voorschriften en op de rechten van inheemse volkeren voorzien in internationale verdragen.

Het alternatief masterplan werd formeel aan de Israëlische regering voorgesteld, maar die heeft het genegeerd.

Judaïsering van de Naqab

Michel Warschawski, Israëlisch journalist en oprichter van het Alternative Information Center in Jeruzalem, trekt het panelgesprek open naar de fundamentele strategie achter het Prawer-Begin-plan. Voor hem gaat hem om een politieke strategie die gegrond is in de zionistische plannen om een zuiver Joodse staat te stichten op Palestijnse grond.

Er bestaat volgens hem een ingebouwde spanning tussen de zionistische plannen voor een Joodse staat en het bestaan van niet-Joodse gemeenschappen in die staat. Dit geldt voor de beide kanten van de Groene Lijn: in Israël, in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever.

Als voorbeeld geeft hij het ‘Nieuw Ontwikkelingsplan voor Galilea’ van 1975. Dit plan is gericht op de judaïsering van Galilea[1] en is virtueel identiek aan het Prawer-plan. Het gaat om een demografisch beleid, met als doel het installeren van het grootst mogelijke aantal joodse inwoners en het verdrijven van het grootst mogelijke aantal Palestijnen. Het gaat dus, gisteren en vandaag, om de etnische zuivering van het Palestijnse volk, aldus Warschawski.

“De oorspronkelijke bevolking wordt gradueel verdreven en samengeperst in bepaalde zones. De Bedoeïenen worden gedwongen geürbaniseerd, zodat de vrijgemaakte zones vrij komen voor Joodse nederzettingen.”

Zwarte schapen en ‘sociocide’ in de Negev/Naqab

Warschawski merkt op dat het Israëlisch beleid ten opzichte van de Palestijnen in de 21ste eeuw verschilt met vroeger op één vlak. Waar vroeger veiligheidsredenen populair waren, worden vandaag milieu-argumenten aangehaald om de etnische zuivering te maskeren.

Als voorbeeld haalt hij de kwestie van het zwarte schaap aan. Volgens de Israëlische autoriteiten veroorzaken de zwarte schapen van de Bedoeïenen milieu-schade in de Negev/Naqab woestijn. Een verbod werd dan ook uitgevaardigd op het houden van deze schapen ten noorden van een bepaalde grens in de woestiijn. De Bedoeïenen die de zwarte schapen nodig hadden voor hun levensonderhoud, werden daardoor verdreven naar de zone ten zuiden van deze grens.

Een andere oplossing was het vervangen van de zwarte schapen door witte, zodat ze toch op hun gronden konden blijven. De Israëlische autoriteiten amendeerden daarop de wet op het verbod op zwarte schapen. Volgens dat amendement werden alle schapen beschouwd als zwarte schapen, onafhankelijk van hun kleur.

Op verschillende manieren pleegt het Israëlisch beleid volgens Warschawski een sociocide op de gemeenschap van de Bedoeïenen.

Goed nieuws

Maar er is ook goed nieuws. Ondanks de judaïseringsplannen voor Galilea is de regio vandaag meer Palestijns dan ooit. Warschawski meent dan ook dat de Israëlische pogingen om de demografie en de geschiedenis te manipuleren falen. Hij gelooft niet dat het Prawer-Begin-plan zal slagen. Al geeft hij aan dat de Bedoeïenen hiervoor de steun van de internationale gemeenschap en de internationale publieke opinie nodig zullen hebben.

Marco Abramowicz van Solidarity with Bedouins geeft het publiek nog mee dat de gemeenschap zelf vastberaden is om haar verhaal de wereld in te sturen. De solidariteitsgroep wil daarbij helpen door de media-aandacht voor de problematiek te verhogen, zowel in Israël als in België.

Zo hoopt de groep bewustzijn te creëren en politici in België en Europa aan te zetten niet langer apathisch te blijven ten aanzien van de Bedoeïenenkwestie.

Het seminarie werd afgesloten met een stukje zang door Lieve Franssen van de Checkpoint Singers en een vragenronde vanuit het publiek.

Tot en met zondag 20 oktober zullen verschillende solidariteitsactiviteiten rond het thema plaatsvinden, in het kader van een vierdaags programma van Solidarity with Bedouins (zie hier voor het programma).

Voetnoten

  • [1]Een regio in het noorden van Israël

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!