'Star Trek Into Darkness': militarisme in de ruimte.
Nieuws, Wereld, Cultuur, Recensie, Militarisme, Filmrecensie, Sciencefiction, Star Trek, J.J. Abrams, Blockbuster -

‘Star Trek Into Darkness’: wapengekletter in de ruimte

Met 'Star Trek Into Darkness' is de grote bioscoopzomerhit in de dvd-rekken beland. Onschuldig vertier op maat van 'geeks' of een onfraai staaltje donkere, cynische cinema voor de 'kids'? Helaas het tweede. In de handen van J.J. Abrams, de Amerikaanse nieuwe Steven Spielberg, worden kapitein Kirk & co de speelbal van luidruchtige actie en reactionair gedachtegoed. Militarisme in de ruimte.

woensdag 11 september 2013 10:50

Twee mannen rennen door een bloedrood landschap, achternagezeten door een horde beschilderde ‘wilden’ die behoorlijk woest zijn op de indringers. Dit hadden de openingsbeelden van Raiders of the lost Ark kunnen zijn, maar de avonturiers in kwestie blijken ruimtevaarders met een missie (de ‘Vulcan’ Spock moet een vulkaanuitbarsting voorkomen) en de Steven Spielberg van dienst is zijn gedoodverfde opvolger J.J. Abrams.

De kinetische intro zet meteen de toon van Star Trek Into Darkness. Het gaat er snel, luid, grimmig en chaotisch aan toe in dit sciencefiction actiespektakel.

Beam me up Scottie!

Heel anders dan in de meer contemplatieve 79 afleveringen van de sixties Star Trek-televisiereeks bedacht door Gene Roddenberry. Heel anders ook dan in de spin-off series, de strips, de videogames, de romans en de 10 speelfilms die gemaakt werden voor J.J. Abrams in 2009 op de proppen kwam met een reboot van Star Trek.

Logisch want de geeks, de Trekkies, die de reeks verankerden in een subcultuur vormen niet het enige publiek dat de filmindustrie viseert met de nieuwe franchise. Hollywood beseft maar al te goed dat de kassa nog meer rinkelt wanneer ook het ‘grote publiek’ (lees: de jongeren) overtuigd wordt.

Vandaar dat deze nieuwe film rust op twee pijlers: pure adrenaline en een liefdesverhaal (de vriendschap tussen kapitein Kirk en zijn assistent Spock).

De originele reeks (1966-1969) was als space opera vooral een variatie op de Odyssee van Homeros, met de bemanning van ruimteschip U.S.S. Entreprise die naar de uithoeken van de melkweg trekt om er nieuwe gebieden en onbekende beschavingen te ontdekken. Elk avontuur is geen militaire missie, maar een exploiratie, een ontdekkingstocht.

Af en toe duiken er vijandige aliens op – de Romulans en de Klingons zijn de Chinezen en Russen van dienst – maar de paranoia en het vijandsdenken staan op een laag pitje bij Roddenberry. De protagonisten behoren tot de ‘United Federation of Planets’, een utopische vereniging van naties die racisme, oorlog, armoede, religieus fanatisme en blind winstbejag hebben gebannen.

Met ook nog spirituele plots die draaien rond morele vraagstukken en intellectuele uitdagingen is de link met de tegencultuur evident.

Van trip naar game

Maar bijna een halve eeuw later blijkt de trip getransformeerd in een game die voor driekwart draait om actie. De twaalfde aflevering van de franchise, Star Trek Into Darkness, is bigger, louder & faster dan wat vooraf ging. Een actiespektakel boordevol gevechten, explosies en achtervolgingen. Wervelend en luidruchtig. Full of sound and fury zoals het heet.

Het publiek genoot, waardoor dit de Star Trek-film met de beste box office-resultaten werd, en ook de pers kon het spektakel en de fun wel pruimen. Dat is vreemd omdat de digitale effectenjagerij, de amper uitgewerkte personages en de op het randje van het ridicule balancerende dialogen snel gaan vervelen.

En dat is vooral jammer omdat onder het mom van entertainment een reactionaire boodschap geserveerd wordt in een mainstream jasje. De tegencultuur is wel heel ver weg.

Star Trek Into Darkness is een prequel, een soort proloog die dient als introductie (voor een publiek ruimer dan de ingewijden) voor een (nieuwe) reeks.

Wat regisseur J.J. Abrams interesseert, is de geboorte van een mythe. De bedenker van de tv-reeks Lost is dol op avonturenfilms (getuige Super 8) en grote franchises (na Mission Impossible 3 begint hij binnenkort aan Star Wars: Episode VII) en hij wil graag zijn filmspeelgoed uit elkaar halen. Om het daarna op een andere, eigen manier weer op te bouwen.

Zo wordt de legendarische kapitein James T. Kirk (Chris Pine) in het begin van de film vernederd (ontheven van het commando van de USS Enterprise na door loyaliteit ingegeven politiek incorrect gedrag) en gepijnigd (zijn mentor wordt gedood tijdens een terroristische aanslag). Om daarna gedreven door wraak eerst een klopjacht te voeren op de dader en daarna de confrontatie aan te gaan met de (verantwoordelijke) corrupte machthebber.

De verwijzingen naar de actualiteit zijn duidelijk. Met het ‘Section 31’-gebouw dat in een futuristisch Londen wordt gebombardeerd komt de CIA in beeld (Section 31 wordt niet democratisch gecontroleerd en is verantwoordelijk voor diverse oorlogsmisdaden), terwijl aanslagen in het San Francisco van morgen een hoog 9/11-gehalte hebben.

Bovendien is de missie van Kirk – de intergalactische terrorist John Harrison (Benedict Cumberbatch) zonder proces uitschakelen – een variant van de jacht op Bin Laden. Compleet met de richtlijn de natie die de target herbergt niet voor het hoofd te stoten (volg de blik richting Pakistan).

Allemaal best interessant, zoals ook het feit dat de viriele en haast amoureuze vriendschap tussen de helden Kirk en Spock (Zachary Quinto) de leidraad door het verhaal vormt wel boeiend is. Maar Abrams doet weinig met de homoseksuele onderstroom en gebruikt de verwijzingen naar de war on terror niet om kritisch uit de hoek te komen.

Dit is geen Byzantium waar Neil Jordan een feministische twist geeft aan het erg mannelijke vampierengenre. Nee, dit is meer een companion piece van Zero Dark Thirty.

Oorlog als levenswijze

Sterker nog, Abrams gebruikt chaotische actie en verwarde personages om een heldere analyse uit te sluiten. Zo is Kirk vaak besluiteloos en wordt hij net als Harrison gedreven door wraak. Abrams laat Spock even opmerken tegen Kirk dat oorlog amoreel is, maar de regisseur tovert Star Trek Into Darkness meteen om in een oorlogsfilm. Een oorlogsfilm waarin oorlog een way of life wordt.

De wereld kan alleen maar een slagveld zijn en iedere mens wordt gedreven door haat, woede en frustratie. Zelfs de ’emotieloze’ Spock blijkt in de greep van gevoelens van pijn, angst en wraak. Dat Abrams Spock – een personage dat door zijn ‘genetische aard’ geschikt was om logica, moraliteit en utopieën te verstrengelen – ‘vermenselijkt’, is veelzeggend.

Er is volgens hem geen weg naast die van de wraak en de gewelddadige, militaire oplossing. De schuldige is ‘de ware menselijke natuur’.

“Zet je wapens niet op ‘verlammen’”, klinkt het wanneer een conflict dreigt, “die van hen zullen zeker niet zo ingesteld zijn”. Het vijandsdenken en de militaire logica gaan hand in hand. “Dit is een militaire operatie; ik dacht dat we ontdekkingsreizigers waren”, oppert Spock verbaasd, maar Abrams weigert alternatieven naar voren te schuiven. Zijn militarisme is stuitend.

Het is een militarisme dat gepaard gaat met een donker, maar conformistisch wereldbeeld. Alles klikt hier perfect in elkaar: de gewilde verwarring tussen wraak en gerechtigheid (in de lijn van Obama’s ‘justice is done’ na de executie van Bin Laden), de gewelddadige menselijke natuur en de corrupte samenleving (een complotterende leider verwijst het democratische en egalitaire karakter van de federatie in de tv-reeks naar de prullenmand).

Even wekt de regisseur de indruk hij het militarisme wil afzweren. Tijdens een speech aan het slot van de film zegt Kirk “er zijn altijd mensen die ons kwaad willen doen. Om hen te stoppen, dreigen we hetzelfde kwaad in ons op te wekken. Maar dat is niet wie we zijn”.

Om af te sluiten met de klassieke intro-woorden van de sixties-serie: “Space, the final frontier. These are the voyages of the starship Enterprise. Her five-year mission: to explore strange new worlds, to seek out new life and new civilizations, to boldly go where no one has gone before”.

Maar dat is te weinig en te laat. Na meer dan twee uur militarisme in de ruimte zijn het woorden in de wind. Woorden die haaks staan op wat voorafging en die bovendien teniet gedaan worden door andere woorden. Na de finale credits volgt immers nog een opdracht: “This film is dedicated to our post-9/11 veterans with gratitude for their inspired service abroad and continued leadership at home”. Gelukkig dat de meeste kijkers dit statement missen.

Dat Hollywood een utopische sciencefiction saga omtovert in een gezagsgetrouwe, cynische en militaristische game is schandelijk. Maar dat (bijna) niemand dit ‘onschuldig entertainment’ in vraag stelt, is helemaal hemeltergend. Niet enkel Vlaanderen mist een cultuur van kritiek.

take down
the paywall
steun ons nu!