Welcome to Israel

Welcome to Israel

zaterdag 31 augustus 2013 14:18

11 augustus

‘Welcome to Israël, the only real democracy in the Middle East…’ Welja, het is wat je verstaat onder een verwelkoming in een democratie als dit. Rond tien uur ’s avonds stappen we van het vliegtuig en begeven we ons naar de bagage. Er wacht ons nog een kleine hindernis die we in maart heel snel zijn gepasseerd. Gewoon de simpele toerist uithangen en dan loopt het nu ook wel vlot, denken we.

Ik begeef me naar het loket voor de visum-aanvraag:
– What is the purpose of your visit?
– Just travelling around.
– Are you travelling alone?
– No, my friends are also here.
– What are the names of your friends?
– Catherine and Delphine
– Is this your first visit?
– No I’ve been here before.

In tussentijd staat er een vrouw van de douane naast mij.

– What’s the name of your father?

De vrouw van de douane vraagt me haar te volgen en wijst me een afgesloten ruimte in de luchthaven aan. Het heeft wat weg van een goedgevulde wachtkamer in een ziekenhuis, voornamelijk met mensen van Arabische (ik vermoed vooral Palestijnse) afkomst. De ene zit er al wat verveelder dan de andere. Er staat een tv op en het nieuws, voetbalverslagen en reclame passeren de revue. Tegenover mij zitten drie Fransen met al hun bagage voor zich. Catherine en Delphine kregen ook niet meteen hun visum en zetten zich naast mij. Het wachten begint.

Beetje bij beetje krijgen mensen hun paspoort, gevolgd door een droge ‘enjoy your stay’, maar we zien meer mensen binnengeroepen worden voor ondervragingen. De ene al wat sneller en vaker dan de andere. En wij wachten. We laten ons niet meteen van ons stuk brengen en lachen er wat mee: ‘We hebben toch Belgisch bier bij, laten we er eentje opentrekken’. Tegelijk scheuren we van de honger. Als we vragen of we ergens iets te eten kunnen krijgen, is het antwoord ‘you’ll have to wait until you can leave the airport’. We zaten er nog geen uur. Intussen wandelt een jongen van een jaar of zestien-zeventien binnen. Hij lijkt al te weten wat hem te wachten staat.

Na meer dan een uur hoor ik mijn naam. Ik sta op en volg de douanier die me een kantoor aanwijst. Er zit een jonge vrouw. Een lach kan er bij niemand van de douaniers af. Ik zeg hallo, maar een antwoord krijg ik niet. Ze staart naar haar scherm en geeft me na een kleine minuut een blad papier met een kopie van mijn paspoort en een pen.

– I’m going to ask you some questions; just standard procedure and I want you to answer honestly.
– Ok
– Write down your home number, mobile number and your email addresses.
– I don’t have a home number.
– Ok, just write down what you have.

Ik schrijf mijn gsm-nummer en emailadres op. Ze werpt een blik op het blad en kijkt me vol ongeloof aan.

– You only have one email address?
– Euhh, yes.
– What about your work?
– I work in a bar, I don’t need one for that.
– And spam?
– What??
– Spam, you know everybody has that. (zegt ze eerder geïrriteerd)
– I don’t, Google filters it for me.
– I don’t believe you.
– Well I still have a very old address that I haven’t used in years.
– I don’t care, write it down.

Ik schrijf het op en terwijl ik mijn bizarre mail ‘fbiudsfg…’ ingeef, bedenk ik mij dat ik mij misschien nog meer verdacht maak, maar ja, te laat. Ze kijkt me heel het gesprek lang amper aan en typt druk verder.

– I’m going to ask you some questions now. What is the purpose of your visit?
– Just travelling.
– Do you know anybody in Israel?
– No.
– Do you know anybody in the Westbank or Gaza?
– No.
– Be honest you have to tell the truth.
– No I don’t know anybody.
– What do you do for a living?
– I told you, I work in a bar and I graduated recently.
– What did you study?
– History.
– So the reason of your visit is tourism?
– Yes.
– I’m going to ask you again, you still have a chance to be honest, do you know anybody in Israel?
– No, but maybe after the trip I will, I want to couchsurf, so I will meet people.
– I don’t care anymore (en zwaait met haar hand). Do you know anybody in the Westbank or Gaza?
– No.

Ze typt opnieuw in stilte verder. Draait zich een tijdje later naar mij en kijkt me voor het eerst echt aan.

– It’s your last chance to be honest, I’m warning you to tell the truth. Do you know anybody in the Westbank or Gaza?
– No, I don’t.
– I hope you’re not lying. You can go and send in your friend Delphine.

Ik kom terug in de wachtruimte en zeg Delphine dat ze naar binnen mag. Tegelijkertijd probeer ik te fluisteren: ‘zeg gewoon nee, nee blijven zeggen…’. Ik was best onder de indruk van de ondervraging en vraag me af hoe iemand zich zou voelen die werkelijk alleen maar komt reizen in Israël, laat staan hoe dit voor Palestijnen is. Tegelijkertijd was ik ook verbaasd van mezelf en hoe kalm ik bleef ontkennen ondanks de intimidatie. Om heel eerlijk te zijn dacht ik voor een enkele seconde dat ze mij doorhad en ik misschien best toegaf, gelukkig wist ik beter.

Na Delphine wordt ook Catherine binnengevraagd. We wachten opnieuw. Dezelfde beelden passeren op de tv en stilaan raken we geïrriteerd en vergaat het lachen ons. Hoe langer het duurt, hoe minder we geloven dat we binnen geraken. De zestien-zeventien jarige jongen die ondertussen ook een paar keer werd ondervraagd verliest zijn geduld. Hij heeft een hond bij zich die al bijna twee uur op zijn baasje wacht bij de bagage. Het helpt, want niet veel later kan hij vertrekken.

Delphine doet een praatje met de Fransen. De jonge vrouw van de drie was net te weten gekomen dat ze zou worden teruggestuurd. In haar gsm was een nummer gevonden van een Frans-Palestijnse politieke gevangene, ofzoiets… De andere twee wacht waarschijnlijk hetzelfde lot na meer dan dertien uur wachten en ondervragingen. We beginnen zelf onze gsm’s na te kijken. Sms’en, mails etc. met verwijzingen naar Palestina verwijderen we. De Facebook en Twitter applicatie verwijder ik ook, zodat ze er niet in kunnen via mijn gsm.

Ondertussen komt een nieuwe vlucht uit België toe en drie Belgische meisjes zetten zich in de wachtruimte. ‘Ik denk dat we terug naar België gaan’, zeg ik. ‘Catherine’ klinkt het plots. Of toch niet? We blijven zitten. ‘Catherine?’. Een man heeft drie paspoorten vast, zou het? We staan op en de man geeft me de paspoorten met, ja hoor, een visa voor Israël erin. ‘Have a nice stay in Israël’, zegt hij zonder veel enthousiasme. We pakken onze spullen en zeggen dag tegen de Belgische meisjes. ‘Veel succes nog’.

Ik bekijk mijn visa. 1.01 staat erop. Na iets meer dan drie uur wachten, kunnen we het land binnen. De Belgische meisjes hebben uiteindelijk zes uur moeten wachten op hun visum, vernemen we achteraf. De drie Fransen werden wel degelijk het land uitgezet.

12 augustus

Na amper drie uur slaap op het dak van New Palm Hostel in Oost-Jerusalem, check ik mijn mails. De eerste titelt ‘Verdachte login voorkomen’ en is gestuurd door no-reply@accounts.google.com.

“Hallo Charis, 

Iemand heeft onlangs uw wachtwoord gebruikt om te proberen in te loggen bij uw Google-account – c….b…@gmail.com

We hebben de inlogpoging geblokkeerd voor het geval dit een hacker was die toegang tot uw account probeerde te krijgen. Bekijk de details van de inlogpoging: 

zondag 11 augustus 2013 23:58:42 uur UTC 

IP-adres: 109.67.174.73 

Locatie: Tel Aviv, Israel.

Als u deze inlogpoging niet herkent, probeert iemand anders mogelijk toegang tot uw account te krijgen. Log in bij uw account en stel uw wachtwoord onmiddellijk opnieuw in. “

23.58, slechts enkele minuten na mijn ondervraging, dank aan Gmail om dit te verhinderen.

22 augustus

We wachten op de aankomst van Jep en Dorien. Ze landden ’s morgens vroeg in Tel Aviv. De hele dag verwachtten we een bericht, maar hoorden niets. Zelf hadden we geen gsm-nummer om te bellen en ook Mohammed, bij wie Jep en Dorien zouden logeren, had nog niets vernomen.

’s Avonds check ik mijn Facebook en vraag een vriendin in België of ze meer weet. ‘Jep wordt teruggestuurd, hij mag het land niet in! Ik heb jullie proberen te bereiken maar had geen gsm-nummer van jullie.’ We balen en maken ons zorgen om Jep en Dorien. Zouden ze iets gezegd hebben? Is hun mail gehackt of Facebook gevonden? Na wat over en weer gebel, hebben we zijn nummer. We bellen. Geen antwoord. Ik stuur een sms. Jep antwoordt: ‘ik durf niet te bellen, misschien nemen ze mijn gsm af. Ik zit in een cel die de naam ‘hotel’ niet waard is. Morgenvroeg worden we op een vliegtuig gezet’. In datzelfde ‘hotel’ verblijft al meer dan een maand een Ghanees gezin met vier kinderen.

Waarom werden Jep en Dorien het land uitgezet? Hij loog over het bestaan van zijn Facebookprofiel (waarvan hij de naam had veranderd) en zijn contacten in Palestina. Gevolg? Terug naar huis zonder een voet uit de luchthaven te hebben gezet en een ban voor Israël van tien jaar. Zelfs voor Dorien die nog nooit in Israël of Palestina is geweest.

Ik hoop dat dit goed illustreert wat voor beleid Israël voert. We hebben van heel nabij meegemaakt en gevoeld wat dit inhoudt. Alle bezoek in en steun aan Palestina wordt geweerd. Wat hebben ze te verbergen? Israël doet zich voor als enige democratie in het Midden-Oosten, maar gedraagt zich er niet naar. Wat de drie Fransen, Jep, Dorien en wij hebben meegemaakt bij de douane is absoluut niets in vergelijking met wat de Palestijnen hier dagelijks moeten dragen. Israël schuwt geen mensenrechtenschendingen en voert als supermacht een onmenselijk beleid tegen een onderdrukt volk. En ze slaagt er bovendien ook in belangrijke nieuwsfeiten in de omgekeerde richting te sturen of tegen te houden, waardoor onze media er zelden in slagen de realiteit aan het licht te brengen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!