Vluchtelingen in Noord-Kivu op de loop voor het geweld van diverse gewapende groepen (foto: UNHCR).
Nieuws, Afrika, Politiek, België, Congo, Didier Reynders, VN, FARDC, Rwanda, Frankrijk, DRC, Kinshasa, Paul Kagame, Joseph Kabila, CENI, Monusco, Goma, Kampala, Analyse, M23, Kigali, FDLR - Thijs Van Laer, 11.11.11

Oost-Congo blijft kruitvat

Ook in de week van 26 augustus vonden er in het oosten van de Democratische Republiek Congo (DRC), ten noorden van Goma, hevige gevechten plaats tussen het Congolese regeringsleger (FARDC) en de rebellen van M23. Een overzicht van de situatie door 11.11.11.

woensdag 28 augustus 2013 11:19

Sinds midden juli zijn er wel vaker schermutselingen vast te stellen tussen beide kanten.  Steeds wijzen rebellen en regeringsleger elkaar met de vinger over wie het eerste schot zou hebben afgevuurd. Feit is dat de gevechten terug in alle hevigheid zijn losgebarsten, met als macaber hoogtepunt het landen van enkele granaten op delen van Goma, hoofdstad van de provincie Noord-Kivu, dat in november kort bezet werd door de rebellenbeweging.

Goma (nogmaals) onder vuur

De granaten, die donderdag insloegen, kostten vijf burgers het leven en zorgden prompt voor een nieuw rondje vingerwijzen. De Congolese hoofdstad Kinshasa, uit de mond van de hyperactieve minister van informatie Lambert Mende, wees Rwanda met de vinger. Tegelijk verweet de Rwandese hoofdstad Kigali Congo ook granaten op haar grondgebied te hebben afgeschoten.

De rebellenorganisatie M23, die zelf ook over een heuse communicatiemachine beschikt, beschuldigde een coalitie van de FARDC en de Forces Démocratiques de Libération du Rwanda (FDLR), een rebellengroep deels bestaande uit Rwandese Hutu’s en ex-genocidairs. Monusco, de VN-vredesmissie in het land, stelde dan weer dat M23 de granaten die op Goma vielen lanceerden en zo een oorlogsmisdaad begingen.

Al was Martin Kobler, de kersverse nieuwe chef van de Monusco, in een interview op Radio France Internationale wel iets dubbelzinniger. Hij zei te weten vanwaar deze obussen komen, maar een escalatie met buurlanden te willen vermijden, en benoemde M23 niet als dader. Vreemd, aangezien zijn woordvoerder eerder al had verklaard dat M23 achter de bombardementen zat. Zou Rwanda hier dan toch een hand in hebben, toegedekt door de VN om, inderdaad, escalatie te vermijden?

Rwanda steunt wel degelijk M23

Dit brengt ons bij een belangrijke factor in het conflict tussen de Congolese regering en M23: de rol van Rwanda in het ondersteunen van die laatsten. Die rol, samen met de beperktere steun van Oeganda, werd in oktober vorig jaar gedocumenteerd in een VN-rapport, met sancties van verschillende donorlanden tot gevolg. In juli verscheen een opvolgingsrapport, dat sprak van een voortdurende maar beperktere steun van Rwanda aan M23.

Andere bronnen zijn explicieter: Rwanda blijft een belangrijke broodheer van M23, ook al blijven Kagame en de zijnen dit ontkennen. Rwanda gebruikt ook haar zitje als tijdelijk lid in de VN-Veiligheidsraad om M23 uit de wind te zetten.

Een Frans resolutievoorstel om M23 sterk te veroordelen werd door Rwanda aangepast om ook het Congolese leger te veroordelen voor het geweld. Ook stelden ze voor om de passage te verwijderen dat geweld tegen VN-vredeshandhavers als een oorlogsmisdaad beschouwd wordt.

Dit laatste is onaanvaardbaar voor de andere leden van de VN-Veiligheidsraad en op zijn zachts gezegd vreemd voor een land dat zou willen bijdragen tot de vrede in haar buurland.

Een VN-interventiebrigade

Het is niet onlogisch dat dit stukje tekst over geweld tegen blauwhelmen op tafel ligt: het gebruik van geweld tegen en door Monusco is immers geleidelijk gestegen. Dit heeft alles te maken met de installatie van een zogenaamde interventiebrigade, 3.000 man sterk en samengesteld uit Zuid-Afrikanen, Tanzanianen en Malawiërs.

Na maanden van aankondigingspolitiek lijkt die brigade eindelijk ook functioneel te zijn, al zouden nog niet alle manschappen van Malawi aanwezig zijn.

Deze interventiebrigade zou reeds ingezet zijn aan de zijde van de regeringsmilitairen en zou met haar gevechtshelikopters de vijandelijke linies bestookt hebben, met zelfs slachtoffers aan de kant van de blauwhelmen tot gevolg. Ook kondigde Monusco vorige maand een veiligheidszone af rond Goma, waarin gewapende elementen niet getolereerd maar ontwapend zouden worden.

De lange aankondigingspolitiek, met hoge verwachten van de Congolese bevolking tot gevolg, en de beperking van de veiligheidszone tot voor de linies van M23 zorgde echter voor heel wat onvrede bij de Congolese bevolking. VN-auto’s en installaties werden het mikpunt van protesten. Daarbij kwamen ook twee betogers om het leven, hetzij door kogels van de Congolese politie, hetzij door Urugayaanse VN-peacekeepers.

Het is daarom dat Monuscokopstukken ook straffere taal gebruiken, waarin ze beloven alle middelen in te zetten om de burgerbevolking te beschermen (stond dit niet al jaren in hun mandaat?) en ook een stuk actiever lijken te zijn tegen de M23. Langs de andere kant blijven Kobler, maar vooral ook de Speciale Vertegenwoordiger van de VN Mary Robinson, pleiten voor dialoog en een politieke oplossing.

Die dialoog, die in de Oegandese hoofdstad Kampala plaatsvindt onder de hoede van de Oegandese bemiddelaars, zit echter volledig vast. De spreidstand van de internationale gemeenschap lijkt onhoudbaar: militair sterker optreden, zoals ook minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) tijdens zijn recente reis in Congo vooropstelde, maar aan de andere kant het Kampala-proces blijven steunen.

Heel Oost-Congo ligt onder vuur

Ook dreigt het recente conflict met M23 weer de aandacht weg te nemen van de onveiligheid die er in heel Oost-Congo bestaat, reikend van de Ituri-regio in de noordoostelijke province Orientale tot in de rijke zuidelijke provincie Katanga, waar lokale milities voor afscheiding ijveren. Het probleem is groter dan M23 en kent diverse lokale, nationale en regionale oorzaken.

Een oplossing kan en zal dus niet louter militair zijn en al zeker niet alleen van de VN komen. Monusco-baas Kobler tempert ook die verwachting en stelt terecht dat Monusco geen ‘magische oplossing’ is. Het is vooral de verantwoordelijkheid van de Congolese overheid om haar bevolking te beschermen. Klopt, en dat staat ook met zoveel woorden in het fameuze kaderakkoord voor vrede, veiligheid en samenwerking, dat in februari door Congo en 10 landen van de regio ondertekend werd.

Dit kaderakkoord bepaalt dat de buurlanden van Congo moeten stoppen met zich te mengen in de interne keuken van dat land en dat Congo zelf interne hervormingen moet doorvoeren. Daar lijkt dan toch niet meteen veel van in huis te komen.

  • Ja, het regeringsleger gedraagt zich beter op het slagveld, maar straffeloosheid en plundering van de bevolking blijven het leger kenmerken.
  • Ja, er bestaat een nieuwe kiescommissie (CENI), maar die is toch niet erg neutraal en zal toch moeite hebben om die lang verwachte lokale en provinciale verkiezingen vlekkeloos te doen verlopen.
  • Ja, er wordt gewerkt aan een nationale dialoog met de verschillende maatschappelijke ‘aandeelhouders’.

Oppositie en middenveld twijfelen echter (terecht) aan de goede intenties van president Kabila om hier echt een forum van eenheid en verzoening van te maken. Broodnodige hervormingen nochtans als ook het huidige conflict in het oosten opgelost moet worden. Ook de internationale gemeenschap kan hier een rol in spelen. De VN, EU en België moeten pleiten voor hervormingen en duidelijke taal spreken.

Ook België heeft een rol te spelen

Sta me toe toch even een bruggetje te maken naar die rol van België hierin. Didier Reynders’ recente reis naar de regio lijkt niet de ‘verzoeningsmissie’ te zijn geweest die daarvoor werd aangekondigd.

We onthouden het planten van een boompje op het terrein van de nieuwe ambassade, zijn bezoek aan de controversiële energiecentrale Inga en aan de haven van Matadi, gesteund door die van Antwerpen. Ook het benoemen van drie economische raadgevers, in zijn armworsteling met Kris Peeters, kreeg aandacht, naast enkele uitspraken over de rol van Rwanda, de militaire oplossing van het conflict en de nood aan lokale verkiezingen.

Concrete acties, waar het Belgische middenveld voor gevraagd had, bleven achterwege.

Thijs Van Laer

Thijs Van Laer is beleidsmedewerker Centraal-Afrika bij 11.11.11, de koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!