(foto flickr creative commons/javacolleen)
Opinie, Nieuws, Politiek, België, VS, Doodstraf, Humo, Piet Van Eeckhaut -

Een repliek op Piet Van Eeckhaut “Ik ben voor de doodstraf”

Topadvocaat Piet Van Eeckhaut zegt in een interview in het weekblad Humo dat hij voor de doodstraf is. Pas in 1996 werd de doodstraf in België officieel afgeschaft, hoewel ze al sinds 8 augustus 1950 niet meer werd toegepast. Lode Vanoost is het niet met hem eens.

woensdag 3 juli 2013 21:14

Beste mijnheer Van Eeckhaut,

We kennen elkaar niet persoonlijk. Ik ken u via de media die aan uw glansrijke loopbaan als strafpleiter meermaals terecht aandacht hebben besteed. U bent een man waar ik veel bewondering voor heb. Volgens mij bent u ook veel geloofwaardiger en menselijker dan die andere pleiter, over wie ik het hier niet zal hebben.

Juist omwille van dat respect voor uw onberispelijke carrière ben ik verbaasd en zelfs verbolgen over het standpunt  over de doodstraf, dat u inneemt in een recent interview in Humo deze week van 5 juli. U blijkt er immers een voorstander van.

In 1996 was ik één van de leden van de Kamer van Volksvertegenwoordigers die heeft gestemd voor de officiële afschaffing van de doodstraf. België was daarmee het allerlaatste land in de EU om dat te doen, hoewel de doodstraf in de praktijk al niet meer werd toegepast sinds 8 augustus 1950. Toen werd de Duitse oorlogsmisdadiger Philipp Schmitt geëxecuteerd in het kamp van Breendonk.

Voor burgerlijke misdrijven was executie zelfs al veel langer niet meer van toepassing. Emile Verfaille werd op 27 maart 1918 onthoofd in de gevangenis van Veurne. Daarna was het de gewoonte dat de Koning voor elk vonnis van de doodstraf automatisch gratie verleende zodat de straf werd omgezet in levenslang.

Ik kijk met gemengde gevoelens terug op mijn korte parlementaire loopbaan van acht jaar. Als er echter één ding is waar ik nog steeds met fierheid aan terug denk, is het net het feit dat ik één van de parlementsleden was die mee de gruwel van de doodstraf heeft afgeschaft.

Meerdere malen heb ik in die acht jaar standpunten ingenomen, resoluties ingediend, deelgenomen aan conferenties voor de wereldwijde afschaffing van de doodstraf. Dat bracht me onder andere naar verre oorden als het Japanse parlement. Een groep Japanse parlementsleden, voorstander van de afschaffing in hun land, wou van een aantal collega’s uit de EU horen hoe ze er in waren geslaagd de doodstraf in eigen land af te schaffen.

Het bracht me ook naar het parlement van de Amerikaanse deelstaat Illinois, waar toenmalig Republikeins gouverneur Ryan net een moratorium op alle uitstaande doodsvonnissen had afgekondigd (en waar onder andere ene onbekende Barack Obama zich als Democratisch lid van de Senaat van de staat Illinois met hand en tand tegen verzette).

Bij die initiatieven kreeg ik meermaals steun en volle medewerking van collega’s uit zowat alle partijen van meerderheid en oppositie, extreemrechts uitgezonderd. Die steun kwam er niet alleen voor uitspraken tegen de doodstraf in pakweg Iran, Saoedi-Arabië, China maar ook voor initiatieven gericht tegen de VS.

Zelfs de meest overtuigde atlantisten in de Kamer veroordeelden steeds zonder aarzelen het voortbestaan van deze ‘barbarij’ in de VS. Dit alles om maar te zeggen dat de verontwaardiging over de doodstraf totaal geen uniek standpunt van linkse of progressieve krachten in het Belgisch parlement was.

“Sommige mensen moeten verdelgd worden. Weinigen, maar ze zijn er.”

Sta me dus toe verontwaardigd te zijn over uw recente uitspraak. U kent de media al lang genoeg om te weten dat een dergelijk standpunt – ook al is het maar een klein deel van een lang interview – er uit wordt gelicht en nu prominent onder uw naam op de frontpagina van de Humo prijkt.

U bent bovendien wijs en verstandig genoeg om te weten dat deze uitspraak zijn eigen leven zal gaan leiden. Dit riskeert zelfs uw volledige loopbaan te overschaduwen. U windt er immers geen doekjes om. “Sommige mensen moeten verdelgd worden. Weinigen, maar ze zijn er.”

Ik herinner me net als u de verbijstering waarmee het land de gruwel van Freddy Horion vernam. De details van deze zaak zijn zo vreselijk dat geen redelijk mens ook maar enige mededogen kan voelen voor deze misdadiger.

Ook met de allerlaatste misdadiger die in dit land werd terechtgesteld, voel ik geen enkele sympathie of medelijden. Duits officier Philipp Schmitt was het monster dat het kamp van Breendonk inrichtte en leidde.

U vindt dat daders als Horion geen clementie verdienen? U weet geen blijf met Kim De Gelder?  U moet nochtans als geen ander weten dat rechtssystemen niet horen te functioneren op basis van emoties, maar op basis van wetten en al helemaal niet ‘à la tête du client’ dienen te oordelen. De doodstraf in uitzonderlijke omstandigheden? Welke omstandigheden? Kan u die in een sluitende wettekst gieten?

U hebt echter grote sympathie voor François Mitterrand, de Franse president die in 1981 de doodstraf in Frankrijk afschafte, vier jaar na de laatste executie in zijn land. Bovendien noemt U zichzelf ‘ook een kind van de joods-christelijke traditie, en van de humanistische traditie. We zijn dus tégen de doodstraf. Maar ik heb mijn bedenkingen’.

“Het is eersteklas barbarij. Kijk naar wat er in sommige Amerikaanse staten gebeurt: de wreedheden en de blunders die het gerecht maakt en die onherstelbaar zijn.”

Soit. Tegen dat éne emotionele argument van uzelf – ‘wat moet je met sommige hardcore misdadigers doen’ – (het argument notabene dat ook altijd het centrale argument is van de vurige voorstanders van de doodstraf) kan ik tientallen tegenargumenten geven. Ik ken ze nog steeds van buiten, maar u kent ze waarschijnlijk beter dan ikzelf.

Ik hoef maar uzelf in het interview te citeren: “Het is eersteklas barbarij. Kijk naar wat er in sommige Amerikaanse staten gebeurt: de wreedheden en de blunders die het gerecht maakt en die onherstelbaar zijn.”

Ik heb het ook dikwijls mogen horen, dat éne argument dat altijd maar weer opduikt, het ‘wat als’ argument. “Wat als u een wapen in de hand zou krijgen en de moordenaar van uw kind voor u zou hebben?” Mijn antwoord is altijd hetzelfde: “Rechtspraak is niet hetzelfde als wraak. Er is een reden waarom in geen enkele rechtstaat die naam waardig een mens zijn eigen rechter en strafuitvoerder mag zijn.”

Op de Verenigde Staten en Japan na, is in de hele wereld de doodstraf verworden tot een eigenschap van barbaarse dictaturen zoals Saoedi-Arabië.

U bent niet zomaar een burger als ieder ander die zijn mening geeft. Uw uitspraak in deze zaak is koren op de molen van zij die maar al te graag de klok willen terugdraaien.  Men kan immers niet een klein beetje zwanger zijn.

Met uw uitspraak in het weekblad Humo deze week hebt u zich honderd procent geplaatst in het kamp van degenen die de rechtstaat terug willen herleiden tot zijn middeleeuwse dimensie, oog om oog, tand om tand.

Ik hoop van ganser harte dat u hier op terug komt.

Lode Vanoost

Lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers (1995-2003) voor Agalev/Groen, sinds 2004 partij-ongebonden. Dit is een persoonlijk standpunt.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!