taabad in praktijk

Taalbadmodel van Bart De Wever is diefstal

dinsdag 25 juni 2013 18:49

Alle structurele onderwijshervormingen worden weggefloten door Bart De Wever. Want de oorzaken van bestaande problemen zouden niet te wijten aan de structuren van het onderwijs, maar wel aan de gebrekkige kennis van de Nederlandse taal. Hij pleit daarom voor taalbaden, taalscreening voor de leerlingen, taalcursussen voor de ouders, etc. Bart De Wever zegt dus ‘taal, taal en taal’, maar eigenlijk bedoelt hij ‘Nederlands, Nederlands en Nederlands’.  En hiermee is het voorlopige hoogtepunt van taalracisme bereikt: de ongegronde overtuiging dat het gebruik en kennis van ‘witte’ talen superieur zijn aan het gebruik en kennis van ‘zwarte’ talen. In tijden waar het biologisch racisme alle politieke geloofwaardigheid heeft verloren, bedient het uitsluitingspolitiek zich uitvoerig van het taalracisme.

Niet alleen ontbreekt de wetenschappelijke evidentie dat taalachterstand het doorslaggevende element is, maar het is ook onduidelijk wat zo ‘hervormend’ is aan voorstellen van De Wever. Al meer dan twee decennia gaat alle aandacht naar de vermeende taalachterstanden van leerlingen. Het taalbadmodel is nagenoeg de enige manier waarmee scholen vandaag de dag omgaan met anderstalige leerlingen: in de meeste scholen is het gebruik van andere talen verboden en worden leerlingen gestraft voor het spreken van een ‘vreemde’ taal. Wat heeft het taalbadmodel ons opgebracht? Niet veel, buiten de positie van absolute wereldtop, maar dan op vlak van onderwijsongelijkheid.

Dat hoeft niet te verwonderen want het taalbadmodel is in conflict met een elementair pedagogische principe: voor een vruchtbaar onderwijs dienen de leefwerelden van de leerlingen aanwezig te zijn binnen de schoolmuren. Een primordiale voorwaarde voor een succesvolle schoolloopbaan is dat iedere leerling zich  thuis kan voelen op school. Doordat anderstalige leerlingen hun thuistaal moeten achterlaten aan de schoolpoorten, laten ze voor een stuk ook hun identiteit achter. Met andere woorden, het verbieden van de thuistaal vergroot de kloof tussen de thuiscultuur en de schoolcultuur. Allochtone leerlingen spelen dus nooit een thuismatch en zolang dit het geval is, zullen ze geen kampioen worden. Gezien de demografische kaart en de groei van etnische minderheden is het verlies niet alleen beperkt tot de minderhedengroepen zelf, maar op termijn is de Vlaamse kenniseconomie de grote verliezer.

Natuurlijk is het kennis van het Nederlands; niemand ontkent dat. Maar verhindert het spreken van de thuistaal het aanleren van het Nederlands? Dit is een hardnekkige mythe die evenmin ondersteund wordt door het wetenschappelijk onderzoek. Integendeel, internationaal zijn er meer dan 150 studies die aantonen dat het goed beheersen van de thuistaal een positief effect heeft op het aanleren van een tweede taal.

De eerste resultaten van Vlaams onderzoek bevestigen dit. In die zin is meertalig onderwijs een waardevolle alternatief voor het taalbadmodel. Meertalig onderwijs kan variëren van paar uren moedertaalonderwijs tot en met het aanbieden van een aantal reguliere vakken in verschillende talen. Via ICT ondersteuning is meertalig instructie ook mogelijk in scholen waar er heel veel talen aanwezig zijn. Maar meertalig onderwijs is niet enkel beperkt tot meertalige instructie. Ook het ontwikkelen van een meertalig bewustzijn is een vorm van meertalig onderwijs. Het principe blijft dus hetzelfde: in plaats van de thuistaal van de leerlingen systematisch uit te sluiten, kan deze actief worden ingeschakeld in het onderwijsproces.

Ten slotte gaat Bart De Wever voorbij aan de meerwaarde van meertaligheid voor onze economie.  Uit onderzoek blijkt meertalige migranten meer verdienen dan migranten die zich assimileren, zelfs wanneer we rekening houden met behaalde onderwijsniveau. In Zwitserland genereert meertaligheid ongeveer 10% van de bruto nationaal product. De groeiende economisch potentie van talen zoals Turks wordt duidelijk wanneer men rekening houdt met het feit dat er in Europa meer mensen zijn die Turks spreken dan Vlamingen. Zo krijg ik ongeveer iedere week de vraag van iemand die op zoek is naar een werknemer die het Turks beheert. Anders gesteld, meertaligheid is een economische troef terwijl het taalbadmodel waar Bart De Wever voor pleit diefstal is van cultureel kapitaal waar niemand baat bij heeft.

Kortom, het taalracisme en het taalbadmodel dat gepropageerd wordt door Bart De Wever is niet alleen inefficiënt, maar het ligt ook aan de basis van sociale ongelijkheid in het onderwijs en arbeidsmarkt. Deze onderwijshervorming is dan ook een gemiste kans om het taalbadmodel te hervormen en de meertalige capaciteiten van de leerlingen te benutten.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!