Plutocraten
Nieuws, Wereld, Cultuur, Recensie, Loonkloof, Boekrecensie, Plutocraten, Chrystia freeland, Extreem rijken -

‘Plutocraten’: decadentie van grootkapitalisme in zijn meest extreme vorm

Chrystia Freeland schrijft geregeld voor The Atlantic, een Amerikaans cultureel-literair magazine en heeft een wekelijkse column in de International Herald Tribune. Ze werkte eerder voor The Washington Post, The Economist en de Financial Times. In vroeger werk beschreef ze de omschakeling van het communisme in Rusland naar het kapitalisme. Het boek 'Plutocraten' gaat over de leefwereld van de extreem rijken en hun kijk op de mondiale economie.

woensdag 5 juni 2013 11:00

Veelal ligt de nadruk op de situatie in Amerika, maar het boek laat geen plutocraat ter wereld onvermeld.

De auteur komt hier en daar pocherig over als ze weergeeft waar en wanneer ze gesprekken heeft gehad met de allerrijksten. Maar die gesprekken, interviews en formele contacten geven haar en de lezer wel een inkijk in hun denken en van daaruit in een belangrijke economische en politieke ontwikkeling. Bovendien past ze de zo verkregen informatie in een groter geheel en geeft ze blijk van een professionele objectiviteit.

Dit is een boek dat je niet in één ruk uitleest, omdat het een opsomming is van anekdotes en feiten die je verbeelding ver voorbij gaan.

Ik had geregeld even tijd nodig om wat ik las echt op me te laten inwerken en om de reikwijdte ervan te doorgronden. Je hoofd gaat tollen van de vernoemde bedragen en je rechtvaardigheidsgevoel gaat opspelen bij het lezen van zoveel ongelijkheid.

Nergens wordt het saai, het is dan ook geen overzicht met tabellen en grafieken, maar een levendige vertelling.

Ik haal er enkele ‘vertellingen’ uit. Het is een boek dat zich moeilijk laat samenvatten vanwege de veelheid aan informatie. Nu en dan valt het boek even stil, om dan weer volop aan de slag te gaan met een volgend verhaal.

De dubbele vergulde tijd

Na de eerste industriële periode, bevindt de westerse wereld zich momenteel in een tweede of derde technologische revolutie.

Tegelijkertijd beleven de opkomende markten in Azië, Latijns-Amerika en Afrika hun eerste revolutie aan een razend tempo dat te danken is aan de technologische vooruitgang. Dit noemt de auteur de dubbele vergulde tijd, naar analogie met de eerste vergulde tijd tijdens de vorige eeuw. Dubbel verguld vanwege de groei van de plutocratie in het Westen én in de nieuwe markten.

Zo zijn onder meer de landen van de voormalige Sovjet-Unie omgeschakeld van een systeem van centrale planning naar een marktstelsel.

Al deze veranderingen hebben de levensstandaard van miljoenen mensen sterk verbeterd, maar scheppen vooral grenzeloze kansen voor personen met geld en macht. Niet zelden opent het geld de deuren van staatsapparaten die maar al te graag buitenkansen offreren aan the happy few. Zo werden de superrijken, de hoogopgeleide mannen en vrouwen, de aanjagers van de globalisering en de technologische revolutie.

De bovenste laag van de samenleving is in dit tijdperk van de dubbele vergulde tijd zeer succesvol, dit ten koste van de middenklasse, terwijl er voor de onderste lagen van de bevolking op de arbeidsmarkt weinig of niks wijzigt.

De cultuur van de plutocraten

We zouden ze kunnen omschrijven als een statenloze superklasse, die leeft van superdeals en voor wie nationaliteit minder belangrijk is dan de herkomst van hun MBA.

Veel belangrijker dan geboorteplaats is de plaats en de school waar ze hun opleiding genoten. Britse privéscholen tellen ettelijke Chinese, Russische en Oost-Europese studenten. Terwijl ze het Engels leren, de voertaal van de superelite, maken ze ook de juiste internationale vrienden, wat hen in hun verdere loopbaan van pas kan komen.

De plutocraten vertoeven in hun eigen kringen, de superelite.

Filantrokapitalisme

Superrijken weten al geruime tijd dat liefdadigheid niet alleen in moreel opzicht bevredigend is, maar ook de maatschappelijke acceptatie vergemakkelijkt en de gulle schenker soms zelfs onsterfelijk maakt door zijn naam te verbinden aan een stichting of aan een universiteit, bibliotheek of cultuurhuis. Denk maar aan de Carnegiehall of de Nobelprijs.

Maar wat de huidige elite doet, gaat nog een stap verder. Ze schenken niet alleen aan goede doelen, ze steunen niet alleen bestaande instellingen, maar ze gebruiken hun rijkdom ook om nieuwe oplossingen voor grote problemen uit te testen.

Bill Gates noemt het creatief kapitalisme, hij bemoeit zich met het besteden van het geld dat hij schenkt, en heeft zo het denken over liefdadigheid veranderd, en soms ook het overheidsbeleid.

En zo komen we op het ingewikkelde verhaal waarbij kapitalisten hun geld gebruiken om politieke plannen te steunen die hun eigen zakelijke belangen verdedigen of de belangen van de plutocratie in het algemeen.

Plutocratie creëert supersterren

In het zog van plutocraten kunnen advocaten opklimmen tot ze een sterrenstatus bereiken. Briljante pleiters verdedigen de enorme economische belangen van hun rijke cliënten, kunnen zo hun gage optrekken en maken naam in elitaire kringen.

Maar ook pakweg binnenhuisarchitecten en zelfs tandartsen kunnen deze beweging maken. Bernard Touati, een Marokkaans-Franse tandarts, vloog op vraag van een Russische oligarch geregeld over naar Moskou en verzorgt nu ook het gebit van bankiers en oliebaronnen.

Maar ook andere supersterren als Lady Gaga en Elton John strijken exuberante gages op voor een optreden tijdens een verjaardagsfeest van bedrijfsleiders.

De grootste supersterren vormen echter de bankiers met hun wansmakelijke hoge lonen, bonussen én opzegvergoedingen. Een diepgaande analyse van de allerhoogste inkomensgroep vertelt ons dat 18 procent van de plutocraten in 2005 een baan in de financiële sector had.

In tijden van grote beursgenoteerde ondernemingen met talrijke wijdverspreide eigenaren en een directie die de tijd en kennis en deskundigheid ontbeert om invloed uit te oefenen op de werking van de onderneming, zijn de managers de echte supersterren. Veel minder zichtbaar dan de beroemde entertainers, vormen zij de grootste groep die de laatste decennia is veranderd van loontrekkenden tot multimiljonairs.

De dubbele loonkloof

Eind vorige eeuw, begin deze eeuw, maakten de steeds hogere CEO-salarissen de loonkloof almaar groter tussen de baas en de arbeider of het loonniveau van het administratief personeel. In de jaren zeventig verdienden CEO’s minder dan dertig keer meer dan het loon dat de gemiddelde werknemer verdiende.

In 2005 verdiende de baas gemiddeld 110 keer meer dan de doorsnee werknemer. Niet alleen de inkomensongelijkheid tussen de top en de rest van het bedrijf nam toe, ook die tussen de baas en zijn directe ondergeschikten. Tot begin van de jaren tachtig verdiende de hoogste baas ongeveer 40 procent meer dan de volgende twee best betaalde managers, aan het begin van deze eeuw verdiende hij tweeënhalf keer zoveel.

Tot slot

Toch wel vreemd om te lezen over de strijd tussen de rijken en de walgelijk rijken, terwijl armoede overal ter wereld terrein wint. Hele landen gaan naar de haaien, maar ondertussen verrijken de al exuberant rijken zich ten koste van de werkende mens die braaf belastingen betaalt.

In deze tijden waarin de rijken hun geld parkeren op exotische bestemmingen en de superrijken gewoon een eiland kopen en daar een belastingparadijs van maken, biedt dit boek stof tot reflectie zonder te verzanden in afgunst en goedkope, platte sensatie.

‘Plutocraten’ is te koop in onze shop.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!