Nieuws, Economie, België, Arbeidersstatuut, Bediendestatuut -

Kost om alle arbeiders een bediendestatuut te geven is heel klein

Volgens de werkgevers zal het wegwerken van de discriminaties tussen arbeiders en bedienden voor een economische ramp zorgen. De loonhandicap met onze buurlanden zou stijgen met 2 tot 4 procent, aldus werkgeversorganisatie VBO. De christelijke vakbond ACV nuanceert met officiële cijfers in de hand.

maandag 6 mei 2013 17:33
Spread the love

“Een nivellering naar boven zou leiden tot een extra loonhandicap – alleen nog maar op interprofessioneel niveau van gemiddeld 2 tot 4 procent”, zegt het VBO. Nivellering naar boven betekent alle arbeiders en bedienden dezelfde opzegtermijn en de afschaffing van de zogenaamde carensdag, de eerste dag afwezigheid wegens ziekte waarop arbeiders geen loon krijgen.

De cijfers van het VBO lijken afkomstig van ramingen van enkele sectoren zoals de Bouw en de technologische industrie met veel arbeiders en relatief veel ontslagen de jongste jaren. Bovendien berekenen die sectoren niet de reële kost van de reële ontslagen, maar een theoretische kost die berekent wat de werkgevers zouden moeten betalen als alle werknemers tegelijkertijd zouden ontslagen worden.

Het ACV houdt bij een eigen schatting rekening met de gemiddelde anciënniteit van arbeiders bij ontslag (twee jaar en negen maanden bij arbeiders volgens gegevens van de sociale secretariaten en de Rijksdienst Sociale Zekerheid) en de huidige massa verbrekingsvergoedingen voor arbeiders op jaarbasis (214 miljoen euro op een totale loonmassa van 148 miljard euro).

De ontslagvergoedingen voor de arbeiders bedragen nu zo’n 0,15 procent van het totaal aan uitbetaalde lonen. “Om aan een loonkoststijging van 4 procent te geraken, moet je de huidige regeling al met 28 vermenigvuldigen”, zegt het ACV.

Maar liefst 60 procent van de werknemers heeft nu al een bediendencontract. De helft van de arbeiders heeft op sector- of bedrijfsniveau afspraken rond een verbeterde opzegtermijn. Dat betekent dat slechts 20 procent van de werknemers het naakte arbeidersstatuut heeft.

Als je daar allemaal rekening mee houdt, kom je aan een loonkosteffect van 0,07 procent, zegt het ACV. Tel daar ook nog de afschaffing van de carensdag bij en je komt aan 0,12 procent.

Compensatie

“We geven toe dat de meerkost in een paar sectoren groter zal zijn, maar een aantal sectoren zal de kosten net zien dalen”, zegt ACV-voorzitter Marc Leemans. Het ACV denkt aan wat solidariteit tussen de werkgevers en een compensatie in de vorm van de overheveling van de extra opbrengsten voor de sociale zekerheid die voortkomen uit de afschaffing van de carensdag.

De werkgevers stellen een minimumopzeg van 5 maanden na 20 jaar voor. Volgens het VBO zou België daarmee op het Europees gemiddelde komen. “Alleen wordt bij een internationale vergelijking nooit alleen maar rekening gehouden met de ontslagtermijn”, zegt Mathieu Verjans, nationaal secretaris van het ACV. “In andere landen moeten werkgevers die iemand willen ontslaan zich houden aan strikte procedures en moeten ze het ontslag ook motiveren”, aldus Verjans.

Volgens een index van de Oeso die de ontslagbescherming meet, scoort België minder goed dan de buurlanden. België behaalt 1,9 op 6 in de EPL-index (Employment Protection Legislation index waarbij 0 totaal flexibel is en 6 totaal rigide). Voor Duitsland is dat 2,85.

Van het Grondwettelijk Hof moet er op 8 juli een oplossing zijn. Het dossier ligt al enkele weken bij de regering. “Maar van die regering kregen we nog geen enkel teken van leven”, zegt Marc Leemans.     

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!